Juridische onderbouwing Energy Store

EU-subsidie voor innovatie en de EU-staatssteunregels

Met de Europese Structuur- en Investeringsfondsen (ESIF) wil de Europese Unie het regionale concurrentievermogen en de werkgelegenheid verbeteren, samenwerking tussen regio’s bevorderen en economische verschillen op interne markt verkleinen. Daarom worden subsidies verstrekt voor bijvoorbeeld onderzoeks- en innovatieve projecten, duurzaamheid en natuurbeheer, plattelandsontwikkeling, de aanleg van breedband, werkgelegenheid, etc.

Om subsidie aan te vragen moet er niet alleen een procedure onder één van de Europese fondsen worden doorlopen. Omdat er publiek geld wordt geïnvesteerd, moeten bij het aanvragen en verlenen van deze subsidies naast de ESIF-procedures ook de Europese aanbestedings- en staatssteunregels worden toegepast. Dit maakt het gehele proces juridisch complex en tijdrovend. Vaak moeten er dubbele procedures worden doorlopen en komen regels en termen in sommige gevallen niet goed met elkaar overeen.

Dit illustreren we aan de hand van een voorbeeld:

  1. Energy Store is een projectteam dat bestaat uit negentien organisaties, namelijk gemeenten, provincies, MKB-bedrijven en een wetenschappelijk instituut (triple helix) uit Nederland en België.
  2. Energy Store wil een nieuw innovatief systeem ontwikkelen dat windenergie kan opslaan. Zo kan op elk moment gebruik worden gemaakt van de opgewekte windenergie en gaat de energie niet verloren. Op momenten dat er niet genoeg windenergie kan worden gegenereerd, hoeven burgers en bedrijven niet meer terug te vallen op het reguliere energienet, dat gebruik maakt van stroom opgewekt door middel van fossiele brandstoffen. Het nieuwe systeem zal worden getest in een living lab, ook wel een proeftuin.
  3. Om dit te bekostigen wil Energy Store een Europese subsidie aanvragen. Met de Europese fondsen wil de Europese Unie onder andere innovatie en duurzaamheid stimuleren om te komen tot een ‘slimmere, duurzame en inclusieve’ economie. Het project past goed bij dit doel. Daarom dient Energy Store een aanvraag in bij de managementautoriteit (MA) onder Interreg, één van de fondsen onder ESIF. De MA is verantwoordelijk in de betreffende regio van de lidstaat voor de uitvoering en dagelijkse leiding van het subsidieprogramma. Zij beoordeelt of het project en de activiteiten van alle partners subsidiabel zijn onder het fonds. De subsidieaanvraag wordt goedgekeurd aan de hand van het Samenwerkingsprogramma (SP) van de MA, een kader voor de besteding van Interreg middelen in een bepaalde regio. Dit SP is goedgekeurd door DG Regio, dat verantwoordelijk is voor de Europese fondsen.
  4. De MA moet ook beoordelen of het project aan de staatssteunregels voldoet. Deze regels zijn opgesteld door DG Mededinging, een ander DG met eigen regels. De MA bekijkt hoeveel steun Energy Store volgens de staatssteunregels voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie (O&O&I) mag ontvangen. Deze regels eisen onder andere dat per projectpartner wordt gekeken welke activiteiten zij verrichten, of zij voor die activiteiten subsidie mogen krijgen onder de staatssteunregels, en zo ja, hoe hoog het steunpercentrage voor die activiteit mag zijn. Die beoordeling moet de MA dus niet op projectniveau, maar voor alle negentien partners maken. Vervolgens moet er een staatssteunprocedure worden doorlopen bij DG Mededinging.
  5. Naast het doorlopen van de aanvraag- en staatssteunprocedure, krijgt Energy Store mogelijk ook met de Europese aanbestedingsregels te maken. Deze regels zijn opgesteld door weer een ander directoraat-generaal, DG Interne markt. Mocht de subsidie in de uitvoering van het project vervolgens ook worden ingezet voor de bekostiging van overheidsopdrachten, dan kunnen de aanbestedingsregels meebrengen dat de aanschaf van onderzoeksmaterialen of de bouw van windmolens moet worden aanbesteed. Dit kan het geval zijn bij gemeenten, provincies en universiteiten in het project. De MA moet achteraf controleren of er goed is aanbesteed. Echter, Europese fondsen vereisen dat Energy Store de subsidie binnen een bepaalde termijn besteedt. De aanbestedingsprocedures nemen veel tijd in beslag en werken vertragend. Energy Store loopt het risico dat zij de Europese subsidie niet binnen de door Interreg gestelde deadlines kan uitgeven en dat de subsidie moet worden terugbetaald.

Concluderend:

Omdat Energy Store en de MA zowel de regels van het Europese fonds als de staatssteun- en aanbestedingsregels moeten toepassen, ervaren zij dus extra administratieve lasten. Projecten worden minder goed beheersbaar en er ontstaan risico’s in de praktische uitvoering, de administratie en facturering:

  • Ze moeten regels toepassen van verschillende DG’s, die elk hun eigen beleid en terminologie hanteren.
  • De staatssteunregels en de regels van het Europese fonds kunnen strijdig zijn met elkaar. Terwijl de Europese fondsen living labs juist stimuleren, mag er volgens de staatssteunregels niet zoveel subsidie voor dit type activiteit worden gegeven en soms zelfs helemaal geen subsidie.
  • Energy Store en de MA ervaren rechtsonzekerheid. Terwijl er formeel wordt ingestemd met een subsidieaanvraag op basis van de regels van de ene DG, doet de andere DG geen formele toezegging en kan achteraf terug komen om subsidie terug te vorderen.
  • De specifieke regelgeving en deadlines met betrekking tot de uitvoering van door EU-fondsen gesubsidieerde projecten sluiten soms niet goed aan bij de interne marktregels en procedures omtrent staatssteun en aanbesteden.
X