Definitief akkoord toekomstig landbouwbeleid

Op woensdag 26 juni werd een definitief akkoord tussen Raad en Europees Parlement gesloten over het toekomstig gemeenschappelijk Landbouw Beleid (GLB). Er is bijna twee jaar onderhandeld over het in Brussel gesloten akkoord voor de periode 2014-2020. De hervorming omvat vier grote wetgevende voorstellen: directe inkomenssteun, marktmaatregelen, plattelandsontwikkeling en horizontale en financiële bepalingen.

De structuur van het beleid, zoals in oktober 2011 werd voorgesteld door Eurocommissaris Dacian Ciolos is grotendeels overeind gebleven. De directe inkomenssteun aan boeren wordt anders verdeeld en leidt tot een andere verdeling tussen en binnen lidstaten. Dat resulteert in een verschuiving van rijke naar arme lidstaten en er wordt binnen landen toegewerkt naar een gelijke hectarepremie. Daarnaast zijn in het nieuwe GLB elementen opgenomen zoals vergroening, mogelijke uitsluiting van niet-agrarische ondernemers voor subsidies en een regeling voor kleine en jonge boeren.

Positie Nederland

Voor Nederland betekent deze hervorming een aanzienlijk budgetverlies met mogelijk grote gevolgen voor enkele sectoren, zoals de kalverhouderij, aardappelzetmeelteelt en de melkveehouderij. Ook de vergroeningseisen zullen hogere eisen aan de agrarische ondernemers stellen, waardoor boeren vanaf 2015 (volgend jaar is een overgangsjaar) met nieuwe duurzaamheidseisen te maken krijgen. Wie hier niet aan voldoet, loopt het risico om 30 procent van zijn bedrijfstoeslagen mis te lopen en bovendien een boete opgelegd te krijgen.

Nieuw in het hervormde GLB is een verplichte steunregeling voor jonge boeren, meer macht voor producentenorganisaties voor alle sectoren en afschaffing van de suikerquotering in 2017. Tegelijkertijd is afgesproken dat directe betalingen per bedrijf boven de 150.000 euro worden beperkt. Er is een zwarte lijst opgesteld met soorten ondernemingen die niet in aanmerking komen voor steun (zoals vliegvelden).

Inbreng HNP/IPO

De provincies hebben zich de afgelopen twee jaar sterk gemaakt voor het belang van de primaire sector. Inzet bij de hervorming van het GLB was het bepleiten van een ‘zachte landing’ bij de terugval in budget en flexibilisering van de vergroeningseisen. Staatssecretaris Dijksma heeft deze punten overgenomen en bepleit in de Raad en ook in Brussel is hier door de provincies op ingezet. De terugval in directe inkomenssteun zal geleidelijk worden ingevoerd waardoor boeren die het betreft de gelegenheid krijgen de inkomensdaling op te vangen. En de vergroeningseisen kunnen ook collectief worden ingezet voor zowel de 1e als 2e peiler wat in de Nederlandse situatie wenselijk is.; ook dit hebben de provincies bepleit, Daarnaast is gepleit voor meer aandacht voor de verhouding en interactie tussen stad-platteland (zgn. peri-urbane gebieden). Het akkoord zoals het er nu ligt biedt perspectief voor de agrarisch ondernemer, maar de terugval in budget zal effect hebben op de innovatieve slagkracht van de sector in Nederland.

Vervolg

Het politieke akkoord zal de komende maanden definitief worden vastgelegd door publicatie van de wetgevende teksten in het Europees Publicatieblad, na controle op juridisch, technisch en taalkundig vlak. Een aantal elementen van het akkoord dienen nog verder verankerd te worden in de zogenaamde uitvoeringsbepalingen; deze worden tegen het najaar verwacht. De bepalingen inzake directe inkomenssteun treden op 1 januari 2015 in werking, de andere bepalingen op 1 januari 2014. Daarnaast is het nog van belang hoe de invoering en interpretatie per lidstaat vorm gaat krijgen.

Door:

Tytsy Willemsma en Alexander van den Bosch, Huis van de Nederlandse Provincies, Brussel

Bron:

Nieuwe Oogst, ‘Maat: ‘GLB groener en socialer’, 26-6-2013

Meer informatie:

Landbouwleven: toelichting op het akkoord
Eurocommissaris Dacian Ciolos