Doorbraak in Brexit-onderhandelingen

11 december 2017Brexit, Structuur onderhandelingen, Uittredingsovereenkomst

De Europese Commissie heeft de Europese Raad aanbevolen te concluderen dat voldoende vooruitgang is geboekt in de eerste fase van de Brexit-onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk. De Commissie kwam tot dit oordeel nadat Commissievoorzitter Juncker en premier May een uiterste poging deden om nog voor de laatste Europese Raad van dit jaar tot een akkoord te komen. 

Vooruitgang op de drie prioritaire gebieden

De Commissie kwam op 8 december 2017 tot de conclusie dat er voldoende vooruitgang is geboekt op elk van de drie prioritaire gebieden:

  • de rechten van burgers;
  • de Ierse grenskwestie;
  • de financiële afwikkeling van het Britse vertrek uit de EU.
Rechten van burgers

EU-onderhandelaar Barnier heeft onder meer bedongen dat de rechten van EU-burgers in het VK en de rechten van burgers van het VK in de 27 EU-lidstaten ongewijzigd zullen blijven. Verder heeft de Commissie er voor gezorgd dat eventuele administratieve procedures voor EU-burgers in het VK goedkoop en eenvoudig zullen zijn.

De Ierse grenskwestie

Het VK zal de unieke situatie van Ierland erkennen en heeft toezeggingen gedaan om een harde grens te vermijden. In het gezamenlijk verslag van de onderhandelaars komt duidelijk naar voren dat beide partijen het belang van het goedevrijdagakkoord erkennen en dat deze overeenkomst te allen tijde beschermd moet worden. Eerder in de week bleek de Ierse grenskwestie nog het grootste struikelblok voor de onderhandelaars.

De financiële afwikkeling van de brexit

Het VK heeft ermee ingestemd dat de verbintenissen die tijdens het EU-lidmaatschap zijn aangegaan, zullen worden nagekomen door de EU-28, dus ook door het VK. Onder meer zal het VK blijven bijdragen aan de programma’s die gefinancierd worden uit het Meerjarig Financieel Kader (MFK). Ook heeft het VK meegedeeld dat het graag deel uit wil blijven maken (als niet-lidstaat) van enkele programma’s van het nieuwe MFK van na 2020.

Onderhandelingen May en Juncker in impasse

Op 4 december jl. leek het er nog op dat de onderhandelingen zouden stranden. May en Juncker ontmoetten elkaar in de hoop door te kunnen naar de tweede fase van de onderhandelingen. De grens tussen EU-lidstaat Ierland en Noord-Ierland, dat onderdeel uitmaakt van het VK, bleek echter het grootste struikelblok. Een afspraak over het afstemmen van Ierse en Noord-Ierse wetgeving, om zo een harde grens te voorkomen, leek dichtbij. De minderheidsregering van premier May werd echter teruggefloten door de Noord-Ierse gedoogpartner DUP, waardoor de onderhandelingen vastliepen.

Vorige maand berichtte Europa decentraal dat er in de zesde onderhandelingsronde wederom onvoldoende vooruitgang was geboekt. EU-onderhandelaar Michel Barnier benadrukte in de zesde ronde juist twee andere kwesties: de rechten van burgers en de financiële afwikkeling van het Britse vertrek uit de EU.

Europese Raad 14 en 15 december 2017

Later deze week zal de Europese Raad in EU27-samenstelling (dat wil zeggen: zonder het VK) spreken over de meest recente ontwikkelingen in de Brexit-onderhandelingen. De Europese regeringsleiders zullen opnieuw de vorderingen beoordelen en bepalen of er voldoende vooruitgang is geboekt op de drie belangrijkste onderwerpen. Op de bijeenkomst op 15 december 2017 zal de Europese Raad beslissen of er voldoende vooruitgang is geboekt, waarna de onderhandelingen de tweede fase kunnen ingaan.

Premier Rutte waarschuwt land- en tuinbouwsector

Tegen de achtergrond van deze moeizame onderhandelingen en de groeiende onrust in de Nederlandse land- en tuinbouwsector waarschuwde premier Mark Rutte afgelopen week dat bedrijven zich moeten voorbereiden op eventuele problemen die gepaard gaan met de Brexit. Gezien het moeizame verloop van de Brexit-onderhandelingen, bestaat volgens Rutte de kans dat het niet lukt om tot een akkoord te komen met de Britten. De premier deed deze uitspraken voordat de May en Juncker vrijdagochtend bekend maakten dat zij het eens waren geworden over een deelakkoord.

Als er uiteindelijk geen overeenstemming kan worden bereikt over een uittredingsakkoord, dan volgt er op 29 maart 2019 een zogenaamde ‘harde Brexit’. Tenzij de onderhandelingstermijn voor die tijd formeel verlengd wordt, zal het VK na die datum niet langer EU-lidstaat zijn. Dat volgt uit artikel 50 VEU. In het geval van een harde Brexit, moet worden teruggevallen op de regels van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) omdat de interne marktregels van de EU niet meer gelden. Dat betekent onder meer dat er dan weer invoertarieven gaan gelden – die zijn tussen EU-lidstaten verboden. Decentrale overheden moeten er daarom ook rekening mee houden dat een harde Brexit mogelijk gevolgen heeft voor de regionale economie.

Brexit-loket voor decentrale overheden

Medewerkers van gemeenten, provincies, waterschappen, de koepelorganisaties Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Interprovinciaal Overleg (IPO), Unie van Waterschappen (UvW) en ministeries kunnen met hun vragen over de Brexit terecht bij het Brexit-loket voor decentrale overheden.

Door:

Chris Koedooder en Fenna Eerenberg, Europa decentraal

Bron:

Gezamenlijk verslag van de onderhandelaars van de Europese Unie en de regering van het Verenigd Koninkrijk
Brexit: aanbeveling van de Europese Commissie aan de Europese Raad (artikel 50) wijst op voldoende vooruitgang, persbericht Europese Commissie

Meer informatie:

Brexit, Europa decentraal
Brexit-loket, Europa decentraal
Uittredingsprocedure, Europa decentraal
Structuur onderhandelingen, Europa decentraal
Stand van zaken onderhandelingen, Europa decentraal
Rekening Brexit veel hoger dan May eerder wilde betalen, nieuwsbericht NRC

X