Zoeken

ALTIJD OP DE HOOGTE?

Welke ontwikkelingen in de EU zijn van belang voor gemeenten, provincies en waterschappen? En wat betekent dat voor de dagelijkse praktijk?

Hoge Raad: naheffing motorrijtuigenbelasting buitenlands kenteken is geen discriminatie

15 april 2019Vervoer

Het opleggen van een naheffing voor de motorrijtuigenbelasting (mrb) aan een auto met een buitenlands kenteken is geen discriminatie op grond van nationaliteit. Dat oordeelt de Hoge Raad in antwoord op prejudiciële vragen van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant. Een dergelijke naheffing is daarom ook niet in strijd met Europese non-discriminatiebeginsel.

Naheffing mrb

Omdat het doorgaans moeilijk vast te stellen is hoelang een voertuig met een buitenlands kenteken al ter beschikking staat van een inwoner van Nederland, is het opleggen van een naheffing vaak nodig om de verschuldigde mrb te vorderen. In 2014 werd er in Nederland een nieuwe wettelijke regeling ingevoerd die bepaalt dat wanneer iemand in Nederland over een auto met buitenlands kenteken beschikt, er wordt aangenomen dat deze persoon mrb verschuldigd is vanaf het moment dat hij in het basisregister personen (BRP) is opgenomen.

Discriminatie

Het gevolg van deze regeling is dat de periode waarover de mrb wordt geheven veel langer kan zijn dan de vijf jaar die normaal gesproken geldt voor het naheffen van belastingen. De Rechtbank Zeeland-West-Brabant vroeg daarom aan de Hoge Raad of een dergelijke naheffing geen discriminatie is op grond van nationaliteit, zoals beschreven in het EU-werkingsverdrag (artikel 18 VWEU).

Volgens de Hoge Raad is dit niet het geval, mits de periode waarop de naheffing betrekking heeft niet langer is dan vijf jaar. In het geval van een naheffing heeft de belanghebbende ook het recht om aan te tonen dat er in de tussentijd periodes zijn geweest waarin het voertuig niet in Nederland ter beschikking heeft gestaan. Een naheffing voor de mrb aan een voertuig met een buitenlands kenteken is dus volgens de Hoge Raad verenigbaar met het Europese non-discriminatiebeginsel. Dit betekent dat de rechtbank artikel 24 lid 2 van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994 dus niet buiten toepassing hoeft te laten wegens strijd met artikel 18 VWEU.

Door:

Erwin de Pagter en Chris Koedooder, kenniscentrum Europa decentraal

Bron:

Hoge Raad 5 april 2019, ECLI:NL:HR:2019:482

Meer informatie:

Vervoer, kenniscentrum Europa decentraal
Kan ik problemen met het innen van parkeerboetes van toeristen uit andere EU-landen centraal melden?, praktijkvraag kenniscentrum Europa decentraal
Mag Wallonië straks tol gaan heffen?, kenniscentrum Europa decentraal
De onzichtbare slagbomen bij de Duitse grens, kenniscentrum Europa decentraal

X