Zoeken

ALTIJD OP DE HOOGTE?

Welke ontwikkelingen in de EU zijn van belang voor gemeenten, provincies en waterschappen? En wat betekent dat voor de dagelijkse praktijk?

Internationale conferentie: ‘subsidiariteit en proportionaliteit belangrijk voor decentrale overheden’

26 mei 2014Europees recht en beleid decentraal, Inleiding Europees recht en beleid

Door decentralisaties worden gemeenten en provincies geconfronteerd met (belastende) EU regelgeving waarbij zij verantwoordelijk zijn voor de uitvoering. Daardoor is niet alleen subsidiariteit, maar zeker ook proportionaliteit van belang voor decentrale overheden. Dit werd duidelijk tijdens een bijeenkomst over subsidiariteit en proportionaliteit en het belang voor het openbaar bestuur op 7 mei bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die bijgewoond werd door ruim 80 deelnemers uit 20 lidstaten. De bijeenkomst vond plaats voorafgaand aan de internationale conferentie over ’EU Smart Regulation, better business’ op het ministerie van Economische Zaken

Subsidiariteit en proportionaliteit

Het subsidiariteitsbeginsel moet garanderen dat de EU alleen optreedt als dat noodzakelijk is, en dat beslissingen zo dicht mogelijk bij de burger worden genomen. Dit beginsel is vastgelegd in het EG-Verdrag. De EU en de lidstaten moeten dus voortdurend controleren of actie op Europees niveau gerechtvaardigd is ten opzichte van de mogelijkheden op nationaal, regionaal of lokaal niveau. Het proportionaliteitsbeginsel schrijft voor dat het optreden van de Unie niet verder gaat dan nodig is om de doelstellingen te verwezenlijken.

Dialoog

De ochtendbijeenkomst werd geopend door de directeur generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties, de heer Gert-Jan Buitendijk. De DG onderstreepte daarbij het belang van de dialoog over subsidiariteit en proportionaliteit. ‘Europa en de lidstaten zijn continue in ontwikkeling en aan verandering onderhevig. Er is sprake van meer samenwerking in Europees verband. Steeds meer nationale wetgeving heeft een Europese grondslag. Tegelijkertijd is sprake van een decentraliserende beweging. Deze toenemende invloed, hervormingen in het openbaar bestuur, het huidige economische klimaat, de publieke opinie zorgen voor een actuele discussie over de verdeling van taken tussen de decentrale overheden, de nationale overheid en de Europese Unie. Een debat over het subsidiariteitsbeginsel. En daar waar taken terecht op Europees niveau zijn belegd, hoe zorgen we dat deze proportioneel en uitvoerbaar zijn? Wat kan het EU Smart Regulation (waaronder het verminderen van regeldruk valt, red.) beleid hierin betekenen?’

Subsidiariteitstoets

In 2012 heeft het kabinet Rutte II in het regeerakkoord ‘Bruggen bouwen’ het voornemen opgenomen om een inventarisatie uit te voeren naar Europese regelgeving waarvan we in Nederland willen dat die voortaan (weer) op nationaal niveau wordt ingevuld. Dit op basis van het beginsel van subsidiariteit. Het gaat daarbij om regelgeving die in de ogen van Nederland is ingevuld of dreigt te worden ingevuld op een wijze die verder gaat dan nodig is op basis van het beginsel van proportionaliteit. Deze inventarisatie wordt momenteel gecoördineerd door de heer Joop Nijssen van Buitenlandse Zaken.

Op de conferentie gaf Nijssen een toelichting op de inventarisatie. De exercitie heeft een aanzet gedaan te werken aan een ‘agenda’ gericht op een bescheidenere, soberdere en tegelijkertijd effectievere EU, met als uitgangspunt: ‘Europees wat moet, nationaal wat kan’. Het raakt en geeft input voor tal van discussies. Een goed voorbeeld hiervan is Smart Regulation.

VNG en IPO

De VNG en het IPO gaven tijdens de conferentie de visie van de lokale en regionale overheden op de subsidiariteitsexercitie. Daarbij werd nog eens het belang van proportionaliteit onderstreept. Gemeenten en provincies worden in toenemende mate, met oog op de decentralisaties, geconfronteerd met (belastende) EU regelgeving waarbij zij verantwoordelijk zijn voor de uitvoering. Het uitgangspunt van de exercitie: ‘Europees wat moet, nationaal wat kan’ sluit aan bij de uitgangspositie in Nederland: ‘nationaal wat moet, decentraal wat kan’. Niet enkel subsidiariteit, maar ook zeker het aspect van proportionaliteit, is voor de lokale en provinciale overheden van belang. Gemeenten en provincies worden in toenemende mate, met oog op de trends van decentralisatie en Europeanisering, geconfronteerd met (belastende) EU regelgeving waarbij zij verantwoordelijk zijn voor de uitvoering.

Oostenrijkse aanpak

De ochtend werd afgesloten met een presentatie van Dr. Klemens H. Fischer, uit Oostenrijk. Fischer lichtte toe hoe in Oostenrijk om wordt gegaan met de principes van subsidiariteit en proportionaliteit in het EU besluitvormingsproces. In Oostenrijk, een federatie met negen deelstaten (de bundesländer) vraagt dit om een afstemmingsproces.
Enkele belangrijke bevindingen van Fischer zijn:

– Het EU besluitvormingsproces is complex maar onderhevig aan duidelijke regels.
– De toets van subsidiariteit vindt nu enkel in het begin van het besluitvormingsproces plaats;
– De naleving van het subsidiariteitsbeginsel moet worden gemonitord gedurende het gehele besluitvormingsproces;
– Het subsidiariteitsbeginsel is van belang voor alle overheidslagen. Het is een onderdeel van de nationale Multi-level approach richting de Europese Unie;
– De länder in Oostenrijk hebben een uitgebreide ‘toolbox’ aan mogelijkheden om hun standpunt naar voren te brengen;
– Het Oostenrijkse proces wordt gekarakteriseerd door het gebruiken van alle mogelijke informatie en kanalen voor het positioneren van hun standpunt.

De ochtend bracht een levendige discussie met zich. Niet alleen in Nederland is interesse en aandacht voor het vraagstuk, zeker ook op Europees niveau.

Door:

Gabriëlle Metz, BZK en Emile Perton, Europa decentraal

Meer informatie:

Verslag van ochtendbijeenkomst
Speech van DG Gert-Jan Buitendijk
Presentatie van de VNG/IPO
Presentatie Oostenrijk
Lokale autonomie, Europees recht en beleid decentraal, Europa decentraal
Vereenvoudiging EU-regelgeving, Europees recht en beleid decentraal, Europa decentraal
Mededeling van de Commissie over slimme regelgeving (Smart Regulation), Europese Commissie

X