Kabinet presenteert structurele aanpak stikstofproblematiek

6 mei 2020Klimaat

Het kabinet stelt € 5 miljard beschikbaar voor de structurele aanpak van de stikstofproblematiek. Dat staat in een Kamerbrief van landbouwminister Schouten. Het bedrag wordt beschikbaar gesteld voor een pakket maatregelen voor de periode tot en met 2030 die de uitstoot en neerslag van stikstof vermindert, de natuur herstelt en de vergunningsverlening verder op gang brengt.

Landelijke staat van instandhouding en ruimte voor projecten

De voorgestelde structurele aanpak stelt zowel een een aanpak van de bron als herstelmaatregelen voor. Ongeveer de helft van het bedrag wordt dan ook uitgetrokken voor natuurherstel, zodat de doelstellingen van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn worden behaald.

Landelijke staat van instandhouding

Het hoofddoel van het kabinet is het realiseren en behouden van een gunstige landelijke staat van instandhouding (SVI) van stikstofgevoelige soorten en habitats onder de Vogel- en Habitatrichtlijnen. Samen met de Vogelrichtlijn (2009/147/EG) zorgt de Habitatrichtlijn (92/43/EEG) voor de instandhouding van aangewezen beschermingszones, de zogenaamde Natura 2000-gebieden. De flora en fauna in deze Natura 2000-gebieden moeten worden beschermd door lidstaten. Hiervoor kunnen instandhoudingsmaatregelen worden getroffen, waarbij elk Natura 2000-gebied in stand moet worden gehouden afhankelijk van de flora en fauna in dat gebied.

Streefwaarde

Om bovenstaande doelen te behalen legt het kabinet een streefwaarde vast: in 2030 dient de stikstofdepositie in ten minste 50 procent van de hectares met stikstofgevoelige natuur onder de kritische depositiewaarden zijn gebracht. Vervolgens moet deze staat worden behouden.

Gebiedsgerichte aanpak

Omdat de landelijke staat van instandhouding regionaal verschilt, net als de schadelijkheid van de stikstofdepositie en het effect van nationale bronmaatregelen, wordt er ingezet op een gebiedsgerichte aanpak. Op die manier moeten de meest effectieve (herstel)maatregelen worden genomen. De uitwerking van de gebiedsgerichte aanpak betreft een gezamenlijke inzet van het Rijk en provincies in samenspraak met andere decentrale overheden, natuurbeheerders en maatschappelijke partners.

Ondanks de voorgestelde maatregelen om de stikstofbelasting te verlagen kan de stikstofdepositie voor bepaalde gebieden een knelpunt blijven. Het kabinet meldt dat in dat geval er aparte aanvullende maatregelen komen. Deze worden in samenwerking met de provincie opgesteld.

Ruimte creëren voor projecten door verleasen van stikstofruimte

Naast het verbeteren van de landelijke staat van instandhouding moeten de investeringen en maatregelen ruimte creëren voor onder meer woningbouw, infrastructuur, defensie, waterveiligheid en de energietransitie. Voor vergunningverlening kan stikstof vanwege regionale omstandigheden nog een beperkende factor blijven. Het kabinet kijkt daarom naar het uitbreiden van mogelijkheden voor vergunningverlening. Het verleasen van stikstofruimte zou volgens de brief binnenkort al tot de mogelijkheden behoren. Hiermee kan aan activiteiten met een tijdelijke en relatief beperkte stikstofdepositie een vergunning worden verleend. Ook wordt er bekeken of projecten met tijdelijke kleine stikstofdeposities mogelijk kunnen worden gemaakt.

Maatregelen voor natuurbehoud

Het kabinet treft zowel maatregelen die gericht zijn op structurele stikstofreductie als maatregelen ten behoeve van natuurbehoud en -herstel.

Natuurbehoud en herstelmaatregelen

Er wordt bijna € 3 miljard uitgetrokken voor maatregelen gericht op natuurbehoud en -herstel. Deze maatregelen leiden tot een langdurige aanpak die erop gericht is de negatieve gevolgen van overmatige stikstofdepositie op de natuurkwaliteit te verminderen. Daarnaast moeten de maatregelen de natuur en biodiversiteit verbeteren. De maatregelen betreffen onder andere het versnellen van natuurherstel, het verbeteren van de waterkwaliteit en kwantiteit in en rondom natuurgebieden, het verhogen van de natuurbeheervergoeding, het versneld verwerven en inrichten van gronden ten behoeve van het Natuurnetwerk Nederland en het aanplanten van nieuw bos ter compensatie van bomenkap als gevolg van Natura 2000-beheerplannen.

Bronmaatregelen landbouwsector

Verschillende voorgestelde bronmaatregelen zijn toepassing op de landbouwsector. Deze is immers voor 40% verantwoordelijk voor de totale stikstofdepositie. Het betreft hierbij de volgende maatregelen:

  • Verlagen van ruwe eiwitgehalte in het veevoer
  • Vergroten van aantal uren weidegang
  • Mest verdunnen
  • Doorvoeren centrale mestverwerking
  • Doorvoeren van stalrenovaties
  • Oprichten van een omschakelfonds voor duurzame landbouw

Verder is er € 1 miljard beschikbaar gesteld voor de landelijke beëindigingsmaatregel. Locaties met de hoogste stikstofdepositie zullen als eerste in aanmerking voor een subsidie komen.

Bronmaatregelen mobiliteits- en bouwsector

Ook zijn er verschillende bronmaatregelen voorgesteld die betrekking hebben op de mobiliteitssector. Het kabinet zet met name in op het verminderen van de emissie van voertuigen. Zo wil het kabinet bijvoorbeeld elektrisch taxiën stimuleren, en komt er een innovatieregeling voor pilots met zero-emissie mobiele werktuigen in de bouwsector. Er wordt daarnaast rekening gehouden met de emissiedaling door de verdere aanscherpingen Europese emissienormen voor nieuwe voertuigen (Verordening 2019/631).

Bronmaatregel Best Beschikbare Technieken industriële installaties

Onder de Richtlijn Industriële Emissies is het voor industriële installaties verplicht te investeren in Best Beschikbare Technieken (BBT). Het kabinet bekijkt welke mogelijkheden er zijn om de BBT-aanpak voor vergunningplichtige industriële installaties verder te optimaliseren om aanvullende kosteneffectieve stikstofreductie te realiseren. Op onze website vindt u meer informatie over de richtlijn industriële emissies.

Het beschikbaar gestelde bedrag van € 5 miljard komt bovenop reeds aangekondigde financiële middelen. In februari maakte minister Schouten bijvoorbeeld bekend dat er € 125 miljoen beschikbaar kwam voor het oprichten van een natuurbank om de vergunningsverlening voor nieuwe projecten op gang te brengen. Ook werd er al € 125 miljoen uitgetrokken voor natuurherstel en -verbetering.

Beweiden en bemesten

De minister liet zich ook uit over de problematiek inzake beweiden en bemesten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in mei 2019 dat de categoriale uitzondering in de provinciale verordening voor bemesten niet is toegestaan. Sindsdien is het ministerie bezig met het uitwerken van een praktisch voorstel om beweiden en bemesten juridisch mogelijk te maken.

De minister stelt in de brief dat beweiden en bemesten noodzakelijk is voor een goede bedrijfsvoering en benadrukt dat dit niet vergunningsplichtig wordt. De provincies bekrachtigden dit standpunt eerder deze maand.

Door:

Laura Weemering en Fabian Wondergem, Kenniscentrum Europa decentraal

Bron:

Voortgang Stikstofproblematiek: structurele aanpak, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Meer informatie:

Natuurbank: compensatienatuur voor projecten met groot openbaar belang, Kenniscentrum Europa decentraal
Overheid presenteert eerste oplossingen in aanpakken stikstofproblematiek, Kenniscentrum Europa decentraal
Stikstofproblematiek: eerste oplossingen kabinet, Kenniscentrum Europa decentraal
Einduitspraak: pas niet verenigbaar met de habitatrichtlijn, Kenniscentrum Europa decentraal