Nederlandse rechters stellen minder prejudiciële vragen

12 juni 2017Aanbestedingen, Duurzaamheid, milieu en klimaat, Informatiemaatschappij, Staatssteun, Vrij verkeer

In 2016 heeft het Hof van Justitie (Hof) zich over 57 prejudiciële uitspraken uitgesproken waar (ook) Nederland inbreng heeft geleverd. Dit zijn zaken over onderwerpen als aanbestedingen en staatssteun. Uitspraken van het Hof dragen bij aan de rechtsontwikkeling van de Europese Unie en zijn dus ook van invloed zijn op het Nederlandse recht en beleid.

Nederlandse vertegenwoordiging bij het Hof van Justitie van de EU

In het Jaarbericht 2016 van de Nederlandse procesvertegenwoordiging Hof wordt verslag gedaan van de inbreng van de Nederlandse regering en de werkzaamheden van de Nederlandse procesvertegenwoordigers bij het Hof. In 2016 werden 57 prejudiciële zaken behandeld waar Nederlandse inbreng werd meegenomen. 27 uitspraken zijn gewezen naar aanleiding van een Nederlandse prejudiciële vraag. Daarnaast was de Nederlandse regering betrokken bij twee inbreukzaken en in drie zaken trad een Nederlander op als verzoeker.

Jaarverslag Hof van Justitie

Nederland behoort niet meer tot de landen die de meeste prejudiciële vragen stellen. Tijdens een presentatie over het jaarverslag op 16 mei 2016 gaf Sacha Prechal, rechter bij het Hof van Justitie aan dat zij dit een zorgwekkende ontwikkeling vindt. Volgens Prechal is het stellen van prejudiciële vragen namelijk de aangewezen methode om duidelijkheid te verkrijgen over de uitlegging van het Europese recht. Zij roept de Nederlandse rechters op om weer meer prejudiciële vragen te stellen.

Ontwikkeling Europees recht 2016 door Nederlandse inbreng

Een aantal uitspraken van het Hof in 2016 met decentrale relevantie, geordend naar onderwerp, worden hieronder uiteen gezet:

Vrij verkeer van diensten

  • Arrest van het Hof van 16 november 2016, Hemming, zaak C-316/15 (Verenigd Koninkrijk): Het Hof van Justitie heeft zich in deze zaak uitgelaten over de vraag of de beheer‑ en handhavingskosten van het vergunningstelsel als kosten van de vergunningsprocedure mogen worden beschouwd. Mogen zijn dus in rekening mogen worden gebracht bij de aanvrager? Volgens het Hof is dit in strijd met artikel 13 lid 2 van de dienstenrichtlijn. Europa decentraal schreef hier een EUrrest over.
  • Arrest van het Hof van 14 juli 2016, Promoimpresa, gevoegde zaken C-458/14 en C- 67/15 (Italië): Deze gevoegde zaken zien op concessieverleningen door Italiaanse autoriteiten voor het gebruik van openbare grond. Het Hof acht in deze gevallen de concessierichtlijn 2014/23 van toepassing en niet de bepalingen over vergunningstelsels onder de dienstenrichtlijn. Het gaat namelijk om een uitoefening van een economische activiteit in een bepaald gebied en niet om een door een aanbestedende dienst bepaalde dienst. Lees hier.

Aanbestedingen

  • Arrest van het Hof van 14 december 2016, Connexxion Taxi Services, zaak C-171/15 (Nederland, Hoge Raad): In deze zaak verduidelijkte het Hof van Justitie EU het gebruik van facultatieve uitsluitingsgronden. Volgens het Hof is het niet toegestaan een opdracht aan een inschrijver te gunnen, indien een aanbestedende dienst vooraf heeft bepaald dat inschrijvers zonder meer moeten worden uitgesloten wanneer zij een ernstige beroepsfout hebben begaan. In dit geval mag niet worden getoetst of de uitsluiting wel proportioneel is. Lees hier.

Privacy

  • Arrest van het Hof van 21 december 2016, gevoegde zaken C-203/15 Tele2 Sverige (Zweden) en C-698/15 Watson (Verenigd Koninkrijk): In deze gevoegde zaken gaat het over de vraag of een algemene bewaarplicht van verkeers- en locatiegegevens van burgers door communicatiediensten, in strijd is met richtlijn 2002/58. Het Hof oordeelt dat de richtlijn zich verzet tegen een dergelijke algemene regeling. De bewaring ter bestrijding van de criminaliteit mag alleen onder bepaalde voorwaarden, evenals de toegang van de overheid tot deze gegevens. Europa decentraal schreef hier een EUrrest over.

Milieu

  • Arrest van het Hof van 23 november 2016, Bayer CropScience SA-NV en Stichting De Bijenstichting, zaak C-442/14 (Nederland, College van Beroep voor het Bedrijfsleven): Deze zaak gaat het over het recht op toegang tot documenten met betrekking tot het milieu. Het Hof werd verzocht uitleg te geven over de betekenis van het verkrijgen van ‘’informatie over emissies in het milieu’’. Hieraan heeft het Hof een ruime uitleg gegeven. Lees hier verder in het nieuwsbericht van Europa decentraal.

Staatssteun

  • Arresten van het Hof van 21 september 2016, C-139/15P en C-140/15P Commissie tegen Spanje: Deze zaken gaan over de te volgen procedures door de Commissie in het geval de Commissie de financiële bijstand uit de EU-fondsen vermindert. Het Hof bevestigt in deze uitspraak dat de Commissie bij het nemen van een besluit tot toepassing van financiële correcties gehouden is aan de vastgelegde termijnen. De Commissie heeft in deze zaak getracht dat het Hof terugkomt op zijn vaste rechtspraak, maar dus zonder succes.
  • Arrest van het Gerecht van 28 oktober 2016, T-437/14 Verenigd Koninkrijk ondersteund door Nederland tegen Commissie: Deze zaak gaat over de regeling voor steunverlening aan landbouwers. Om als landbouwer steun te ontvangen, moet worden voldaan aan randvoorwaarden. De Commissie is van mening dat het Verenigd Koninkrijk op een te beperkte wijze controle heeft uitgeoefend op de uitvoering van de artikelen 3, 4 en 5 van Verordening 21/2004. De Commissie voert naar aanleiding van haar constatering financiële correcties door. Het Gerecht oordeelt echter dat in het kader van de controle op de handhaving van de randvoorwaarden voor steunverlening kan worden volstaan met de door het Verenigd Koninkrijk voorziene beperkte toets.

Bron:

Jaarbericht 2016, Ministerie van Buitenlandse Zaken

Door:

David Schutrups en Tessa de Vries, Europa decentraal

Meer informatie:

Hof van Justitie van de EU, Europa decentraal
Staatssteun, Europa decentraal
Milieu en klimaat, Europa decentraal
Privacy, Europa decentraal
Aanbesteden, Europa decentraal
Vrij verkeer van diensten, Europa decentraal

X