Toegang tot EU universiteiten vereenvoudigd voor niet-Europese studenten en onderzoekers

23 mei 2016Vrij verkeer

Het Europees Parlement heeft op 11 mei 2016 ingestemd met een nieuwe verordening om het makkelijker te maken voor niet Europese studenten en onderzoekers om verbonden te zijn aan een Europese universiteit. De regels verruimen de voorwaarden voor toegang en verblijf, waardoor het aantrekkelijker wordt voor hoger opgeleiden om naar de EU te komen.

Harmonisatie

De nieuwe verordening vervangt twee eerdere verordeningen. Eén omtrent studenten en de andere omtrent onderzoekers. Cecilia Wikström, rapporteur in de commissie voor burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken van het Europees Parlement, is blij met de nieuwe regels. Met de harmonisatie van deze regelgeving zijn de voorwaarden voor toegang en verblijf voor de betreffende groepen hetzelfde in alle EU-lidstaten. Dit uniforme systeem maakt het gemakkelijker voor niet Europese studenten en onderzoekers om naar de EU te komen en hier ook te blijven.

Nieuwe regels

De volgende regels zijn opgenomen in de nieuwe verordening:

  • Studenten en onderzoekers van buiten de EU mogen tenminste negen maanden blijven na het afronden van studie of onderzoek om te zoeken naar een baan of om een bedrijfje te starten;
  • studenten en onderzoekers kunnen makkelijker reizen binnen de EU tijdens hun verblijf. Het is bijvoorbeeld niet meer nodig dat zij een visum aanvragen voor een uitwisseling voor de duur van een semester. In dat geval volstaat het dat zij de betreffende lidstaat hiervan op de hoogte stellen;
  • onderzoekers mogen hun familie meebrengen naar de EU en deze familieleden mogen ook werken tijdens hun verblijf in Europa; en
  • studenten mogen voortaan tenminste 15 uur per week werken.

Concurrentievermogen

Het doel van de nieuwe verordening is om het aantrekkelijker te maken voor ambitieuze en hoogopgeleide studenten en onderzoekers van buiten de EU om verbonden te zijn aan Europese universiteiten. Volgens Wikström betekenen deze verbeteringen ongetwijfeld dat Europese universiteiten hun concurrentievermogen ten opzichte van andere landen aanzienlijk kunnen versterken.

Hoewel de regels vooral zijn gericht op studenten en onderzoekers, verduidelijken en verbeteren zij ook de omstandigheden voor toegang en verblijf van stagiairs, vrijwilligers, leerlingen en au pairs van buiten de EU. Het is voor het eerst dat er Europese regels voor deze groep worden opgesteld.

Decentrale overheden

Decentrale overheden krijgen vooral te maken met Europese regelgeving op het gebied van vrij verkeer bij de uitgifte van geldige identiteits-, reis- en verblijfsdocumenten. Daarom zullen vooral gemeenten deze nieuwe regelgeving moeten toepassen. Met het recht op toegang en verblijf krijgen studenten en onderzoekers ook andere rechten, die door de overheid gewaarborgd dienen te worden.

De nieuwe verordening zal de dag na publicatie in Publicatieblad van de EU in werking treden. Daarna hebben de lidstaten twee jaar de tijd om deze regelgeving om te zetten in nationale wetgeving.

Door:

Petra Werkman en Madeleine Broersen, Europa decentraal

Bron:

Persbericht, Europees Parlement

Meer informatie:

Resolutie, Europees Parlement
Vrij verkeer van personen, Europa decentraal
Grondbeginselen vrij verkeer, Europa decentraal