Nieuwe staatssteunrichtsnoeren goedgekeurd door de Europese Commissie

1 juli 2013Staatssteun

Decentrale overheden die vanaf 1 juli 2014 ondernemingen in achtergebleven regio’s willen steunen krijgen te maken met nieuwe Europese regels. De Europese Commissie heeft op 19 juni een nieuw pakket staatssteunrichtsnoeren aangenomen die per 1 juli 2014 van kracht worden. Op sommige punten laten de richtsnoeren een verruiming van de mogelijkheden voor decentrale overheden, maar in Nederland zijn maar weinig regio’s die binnen de bepalingen van de richtsnoeren vallen.

Steunkaarten

Onder de huidige regionale steunkaart komen slechts enkele gebieden in Nederland in aanmerking voor regionale steun. Deze steunkaart wordt aangepast op basis van de nieuwe richtsnoeren.

Spelregels

In de nieuwe richtsnoeren staan de spelregels voor het vaststellen van steunkaarten door lidstaten voor de periode 2014-2020. Aan de hand van de steunkaarten wordt bepaald in welke regio’s de ondernemingen in aanmerking komen voor steunmaatregelen en voor welke bedragen. Het pakket is onderdeel van de modernisering van het staatssteunbeleid in de EU.

Stimulering achtergebleven regio’s

Decentrale overheden kunnen ondernemingen in achtergebleven regio’s – onder de 75 % van het gemiddelde BBP in de EU – tegemoet komen in hun investeringen. Kenmerkende eigenschappen voor deze regio’s zijn dat deze zich vaak bevinden in afgelegen delen van lidstaten en dat deze dunbevolkt zijn. Het doel van de steunmaatregelen is de economische ontwikkeling en werkgelegenheid te stimuleren om uiteindelijk de regio’s naar een hoger plan te tillen.

Staatssteun

Overheden mogen ondernemingen in beginsel geen steun verlenen vanwege de nadelige gevolgen voor concurrentie op de markt. Hoewel het in principe is verboden, bestaan er een aantal uitzonderingen en vrijstellingen. Dit zijn bijvoorbeeld de De-minimisverordening, de Algemene Groepsvrijstellingsverordening en vrijstellingen voor diensten van algemeen economisch belang. Hierdoor wordt het voor decentrale overheden in enkele gevallen toch mogelijk om ondernemingen te steunen.

Kenmerken regionale steun

Oorspronkelijk verlopen de huidige richtsnoeren 31 december 2013. De werking hiervan is echter verlengd tot en met 30 juni 2014. Hieronder volgen de belangrijkste kenmerken van de nieuwe richtsnoeren die per 1 juli 2014 gelden.

– De regionale steunkaarten worden in samenspraak met de Lidstaten aangepast;
– Het aantal regio’s in de EU die ontvankelijk zijn voor steun neemt toe;
– Meer categorieën worden uitgezonderd van de meldingsplicht;
– Grote steunmaatregelen worden via een grondige beoordeling door de Commissie getoetst op hun stimulerende werking, proportionaliteit, bijdrage aan regio-ontwikkeling en het effect op concurrentie;
– Steunmaatregelen voor investeringen van grote ondernemingen in meer ontwikkelde regio’s worden onderworpen aan een strenger beleid;
– In afgelegen en dunbevolkte regio’s wordt het voor overheden gemakkelijker om exploitatiesteun te verlenen aan ondernemingen;
– Het steunplafond (de maximaal uit te keren gelden in de EU) blijft voor de meest achtergebleven regio’s onaangetast. In de overige categorieën
– anders dan de regio’s onder de 75 % gemiddelde van het BBP in de EU – wordt dit met 5 % naar benedengeschroefd;
– Ter ondersteuning van de transparantie en betrouwbaarheid moeten overheden de begunstigde van de steunmaatregel en de hoogte van de verleende steun publiceren op het internet.

Door:

Maarten Aalbers en Ronald Heuts, Europa decentraal

Bron:

State aid: Commission adopts Guidelines on regional aid for 2014-2020, 19 juni 2013, Europese Commissie

Meer informatie:

Staatssteun: Commissie neemt richtsnoeren regionale steun aan, Vlaams Europees Verbindingsagentschap
Staatssteun, Europa decentraal
Regionale steun, Staatssteun Europa decentraal
Procedures, Staatssteun Europa decentraal