×
Europees recht en beleid

Laatste update: 11 december 2023

Contact:


Wanneer moeten de aanbestedingsprocedures zoals beschreven in de richtlijn worden toegepast?

Overheidsopdrachten waarbij Richtlijn 2014/14 van toepassing is dienen Europees te worden aanbesteed. In artikel 26 (e.v.) van Richtlijn 2014/24 en artikel 2.25 (e.v.) van de Aanbestedingswet 2012 worden de te volgen procedures beschreven. De meest voorkomende procedures zijn de openbare en de niet-openbare procedure. Van aanbestedende diensten wordt verwacht dat zij op objectieve gronden een procedure kiezen. Op verzoek van een inschrijver is de aanbestedende dienst verplicht om de keuze voor een bepaalde procedure schriftelijk toe te lichten.

Welke procedures mag een aanbestedende dienst altijd toepassen?

De Europese openbare procedure en niet-openbare procedure worden het meest toegepast, wanneer de richtlijn in acht moet worden genomen. Beiden beginnen met een aankondiging in het Europese publicatieblad en op TenderNed. Het verschil tussen deze procedures is dat de niet-openbare procedure een voorselectie kent waarbij de op basis van de selectiecriteria gekozen inschrijvers worden uitgenodigd om een offerte in te dienen. De selectie vindt derhalve in twee rondes plaats. De openbare procedure kent slechts één ronde waarbij de inschrijving en de offerte tegelijk worden ingediend. De procedures worden in artikel 26 e.v. Richtlijn 2014/24 en artikel 2.25 e.v. Aanbestedingswet 2012 behandeld.

Kent Richtlijn 2014/24 aanbestedingsprocedures die in specifieke gevallen kunnen worden toegepast?

De openbare en niet-openbare procedures worden de Europese standaardprocedures genoemd en mogen in principe altijd worden toegepast. Onderstaande aanbestedingsprocedures kunnen in specifieke gevallen worden toegepast.

  • Mededingingsprocedure met onderhandeling (artikel 29 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.30 Aanbestedingswet 2012)
    Deze procedure bestaat uit meerdere rondes. Hierbij kunnen aanbestedende diensten onderhandelen met inschrijvers om de inhoud van hun inschrijvingen beter aan te laten sluiten op de behoeften van de decentrale overheid.
  • Concurrentiegerichte dialoog (artikel 30 Richtlijn 2014/24 en 2.28 artikel Aanbestedingswet 2012)
    Deze procedure biedt de aanbestedende dienst ruimte om in gesprek te gaan met marktpartijen over de beste manier om aan de behoefte van de aanbestedende dienst te voldoen.
  • Innovatiepartnerschap (artikel 31 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.31a e.v. Aanbestedingswet 2012)
    Deze procedure kan gebruikt worden voor overheidsopdrachten die gericht zijn op de aanschaf of ontwikkeling van innovatieve producten, werken of diensten die nog niet op de markt beschikbaar zijn.
  • Onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking (artikel Richtlijn 2014/24 en artikel 2.32 Aanbestedingswet 2012)
    Deze procedure kan alleen in zeer uitzonderlijke omstandigheden toegepast worden.

De aanbestedingsrichtlijn kent ook een vereenvoudigde procedure voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor sociale en andere specifieke diensten (artikel 74 Richtlijn 2014/24 en 2.38 e.v. Aanbestedingswet 2012). Over deze procedure schreef Europa decentraal een praktijkvraag.

U kunt meer informatie over bovenstaande procedures en wanneer u deze kunt toepassen op de desbetreffende webpagina’s vinden. De procedurele regels voor concessieovereenkomsten voor werken en diensten zijn te vinden in Richtlijn 2014/23.

Wat zijn de bijzondere aanbestedingsprocedures?

Richtlijn 2014/24 benoemt ook een aantal aanbestedingstechnieken. Deze worden in de Aanbestedingswet 2012 deels aangemerkt als bijzondere aanbestedingsprocedures. Van belang hierbij is dat decentrale overheden deze procedures alleen mogen toepassen indien er sprake is van aantoonbare bijzondere omstandigheden. Het onterecht toepassen van een bijzondere aanbestedingsprocedure leidt tot een overtreding van de aanbestedingsregels. Het gaat om de volgende procedures:

  • Het uitschrijven van prijsvragen (artikel 78 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.42 e.v. Aanbestedingswet 2012);
  • De raamovereenkomst (artikel 33 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.44 e.v. Aanbestedingswet 2012);
  • Het dynamisch aankoopsysteem (artikel 34 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.48 e.v. Aanbestedingswet 2012).

 U kunt meer informatie over bovenstaande bijzondere procedures en wanneer u deze kunt toepassen op de desbetreffende webpagina’s en op pagina 31 e.v. van notitie Implementatie nieuwe aanbestedingsrichtlijnen van 15 juni 2016

Welke instrumenten kent de aanbestedingsrichtlijn?

Richtlijn 2014/24 kent een aantal instrumenten voor gegroepeerd en elektronisch aanbesteden. Het om de volgende instrumenten:

  • De elektronische veiling (artikel 35 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.117 e.v. Aanbestedingswet 2012);
  • De elektronische catalogus (artikel 36 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.109b e.v. Aanbestedingswet 2012);
  • De aankoopcentrales (artikel 37 e.v. Richtlijn 2014/24 en artikel 2.11 e.v. Aanbestedingswet 2012);
  • De gezamenlijke aanbesteding (artikel 38 en 39 Richtlijn 2014/24 en artikel 2.11a en 2.11b Aanbestedingswet 2012).

Een uitgebreidere beschrijving van de regulering van elektronische veilingen, elektronische catalogi, aankoopcentrales en gezamenlijke aanbesteding, vindt u op pagina 26 e.v. van bovengenoemde notitie.

Kent Nederland een lichter aanbestedingsregime?

Lidstaten kunnen een lichter aanbestedingsregime introduceren voor niet-centrale overheden (artikel 2 en 26 Richtlijn 2014/24). Nederland maakt hier echter geen gebruik van.

Nationale aanbestedingsprocedures

Nationale aanbestedingsprocedures zijn met de komst van de Aanbestedingswet 2012 in Nederlandse regelgeving verankerd. In het zogenaamd flankerend beleid bij de Aanbestedingswet 2012, zoals de Gids Proportionaliteit en het ARW 2016, zijn voorschriften omtrent de nationale aanbestedingsprocedures opgenomen.

Onder de Aanbestedingswet 2012 bestaan er geen nationale aanbestedingsprocedures die wettelijk verplicht zijn. De procedures die kunnen worden toegepast bij aanbestedingen onder de Europese drempel zijn:

  • Enkelvoudige onderhandse procedure;
  • Meervoudige onderhandse procedure;
  • Nationale openbare procedure;
  • Nationale niet-openbare procedure.

Meer informatie over nationale aanbestedingsprocedures vindt u op de pagina Aanbestedingswet 2012.