Aanbestedingen

Om opdrachten voor bijvoorbeeld werken, diensten of leveringen aan een ondernemer te kunnen vergeven, moeten decentrale overheden eerst nagaan of er een Europese aanbestedingsprocedure gevolgd moet worden. De regels voor aanbesteden staan al sinds 1973 in Europese Aanbestedingsrichtlijnen en sinds 1 april 2013 ook in de nationale Aanbestedingswet. In dit dossier krijgen decentrale overheden inzicht in de belangrijkste aanbestedingsrechtelijke onderwerpen, waarmee zij – in het kader van EU regelgeving en beleid – in de praktijk te maken krijgen.

Europese Aanbestedingsrichtlijnen

De belangrijkste Europese richtlijnen waar decentrale overheden op het gebied van aanbesteden mee te maken krijgen, zijn:

  • richtlijn 2014/24 (van toepassing op overheidsopdrachten binnen de klassieke sectoren: werken, leveringen en diensten);
  • richtlijn 2014/25 (van toepassing op overheidsopdrachten binnen de speciale sectoren: water- en energievoorziening, vervoer en postdiensten);
  • richtlijn 2014/23 (van  toepassing op bepaalde concessieovereenkomsten die overheden sluiten).

De Europese aanbestedingsrichtlijnen worden gemiddeld om de vijf jaar herzien en ge-update. De laatste herziening vond plaats in 2014. Toen is ook een nieuwe Europese concessierichtlijn, richtlijn 2014/23, geïntroduceerd.

Implementatie Nederlandse wetgeving

De Europese richtlijnen werden in het verleden in Nederland geïmplementeerd via Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB). De laatst geldende AMVB’s betroffen de besluiten Bao en Bass. Op 1 april 2013 vervielen deze besluiten. Sindsdien vindt de implementatie van de Europese aanbestedingsrichtlijnen plaats via de Aanbestedingswet 2012. Deze wet is aangepast naar aanleiding van de nieuwste versies van de Europese aanbestedingsrichtlijnen en de Concessierichtlijn uit 2014. De aangepaste Aanbestedingswet 2012 is op 1 juli 2016 in werking getreden.

Doel Aanbestedingsrichtlijnen

De aanbestedingsrichtlijnen zijn onder andere opgesteld om binnen de EU, en ten behoeve van het tot stand komen van een goed functionerende interne markt, eerlijke en vrije concurrentie te stimuleren. De EU wil daarom een Europese ruimte voor overheidsopdrachten tot stand brengen, waarbij in overeenstemming met de beginselen uit het Verdrag betreffende de Werking van de EU (VWEU) wordt gehandeld. Omdat overheidsopdrachten een groot deel van het inkoopvolume op de EU interne markt beslaan, is regulering vanuit de EU (door middel van richtlijnen) en harmonisatie van regelgeving op nationaal (lidstaat) niveau gewenst.

Een goede toepassing van de richtlijnen moet daarnaast zorgen voor een professioneel inkoopproces door opdrachtgevers. Belangrijke doelstellingen hierbij zijn:

  • integriteit van bestuur;
  • transparantie;
  • het bevorderen van duurzaamheid en innovatie;
  • het verkrijgen van de beste prijs-kwaliteitsverhouding tegen de economisch meest voordeligste inschrijving.

Definitie aanbesteden

Bij de herziening van de aanbestedingsrichtlijnen in 2014, is voor het eerst een definitie van aanbesteden vastgesteld: “Aanbesteding is de aankoop door middel van een overheidsopdracht van werken, leveringen of diensten door één of meer aanbestedende diensten van door deze aanbestedende diensten gekozen ondernemers, ongeacht of de werken, leveringen of diensten een openbare bestemming hebben of niet” (art. 1 lid 2 en overweging 4 richtlijn 2014/24).

Regelgeving en beleid

De regels voor Europees aanbesteden kunnen als complex ervaren worden. De richtlijnen moeten kritisch bekeken worden, onder meer om te beoordelen of een opdracht van een decentrale overheid onder de werking van de Europese aanbestedingsrichtlijnen valt. Naast de regels uit de richtlijnen, vormen ook de uitspraken van het Hof van Justitie EU een belangrijke bron bij de interpretatie van de regels.

Niet alleen wordt er gestuurd via EU-regelgeving, maar ook via EU-beleid wordt gestuurd op gewenste ontwikkelingen op de overheidsopdrachtenmarkt. Bij de toepassing van de Europese regels en de interpretatie hiervan kan dus ook Europees beleid van belang zijn voor decentrale overheden. Onder alle onderwerpen onder het dossier Aanbesteden treft u meer informatie over de betreffende regelgeving, jurisprudentie en het beleid dat voor dat onderwerp relevant is.

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

Beleid

Aanbestedingen

Aanbestedingsrichtlijnen beleid

De belangrijkste Europese beleidsontwikkelingen op het gebied van aanbestedingen worden beschreven in de volgende documenten:

Feuilleton voorstellen nieuwe aanbestedingsrichtlijnen, met de richtlijnvoorstellen uit 2011 van Europese Commissie;
Single Market Act 2011 en Single Market Act 2012;
Interpretatieve Mededelingen, Europese Commissie;
Werkprogramma’s, Europese Commissie;
EU 2020 strategie.

Beleidsdocumenten

Deze beleidsdocumenten staan in verbinding met elkaar en bevatten verwijzingen naar elkaar. De documenten:

– Schetsen de belangrijkste doelstellingen waar aanbestedingsbeleid en regelgeving op is gericht;
– Geven een beeld van de voornaamste probleemgebieden waar overheden en het bedrijfsleven bij de uitvoering van aanbestedingsregels momenteel mee te maken hebben;
– Geven richting aan te ontwikkelen aanbestedingsbeleid voor de nabije toekomst.

Onderwerpen

Onderwerpen die hierbij een belangrijke rol spelen, zijn:

– Het meedoen van Europa met een goed functionerende interne markt op mondiaal niveau;
– Duurzaamheid;
– Innovatie;
– Sociale doelstellingen;
– Samenwerking;
– Prijs-kwaliteitsbenadering;
– Professionalisering.

Aanbestedingswet

Om aanbestedende diensten – waaronder decentrale overheden – te helpen beter aan te besteden, heeft het ministerie van EZ beleidsmaatregelen vastgesteld. Deze golden al onder de Aanbestedingswet 2012, en een aantal beleidsmaatregelen is aangepast met de inwerkingtreding van de herziene Aanbestedingswet 2012. De maatregelen moeten de herziene Aanbestedingswet 2012 aanvullen en geven meer richting aan de aanbestedingspraktijk en ondersteunen en stimuleren professionalisering.

Onderdelen beleidsmaatregelen

De beleidsmaatregelen, ook wel flankerend beleid, omvatten onder andere de volgende elementen:

AMvB naast de Wet: Aanbestedingsbesluit

Het Aanbestedingsbesluit is tegelijk met de herziene Aanbestedingswet 2012 in werking treden (per 1 juli 2016). In de AMvB wordt een aantal zaken uit de Aanbestedingswet nader geregeld:

  • Verplicht gebruik ARW (art. 11 A-besluit, art. 1.22 herziene Aanbestedingswet 2012);
  • Eigen verklaring, ook wel Uniform Europees Aanbestedingsdocument (art. 2 A-besluit, art. 2.84 herziene Aanbestedingswet 2012);
  • Verplicht gebruik van de Gids proportionaliteit (art. 10 A-besluit, art. 1.10 lid 3 e.v. herziene Aanbestedingswet 2012);
  • Gedragsverklaring Aanbesteden (GVA) (art. 8 A-besluit, art. 4.7 herziene Aanbestedingswet 2012);
  • Gebruik van elektronische communicatiemiddelen/accreditatie gedurende het aanbestedingsproces (art. 3 t/m 7 A-besluit, art. 2.52a herziene Aanbestedingswet 2012).

Aspecten beleid

Het beleid omvat de volgende aspecten:

Gids proportionaliteit

De Gids Proportionaliteit geeft invulling aan het beginsel van proportionaliteit, dat bij aanbesteden in acht moet worden genomen. Deze gids wordt in een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) (art. 10 Aanbestedingsbesluit) bij de herziene Aanbestedingswet 2012 (art. 1.10 lid 3) als verplicht te volgen richtsnoer aangewezen.

ARW

Het Aanbestedingsreglement Werken 2016 (ARW 2016) is als verplichte richtsnoer voor het aanbesteden van werken onder de Europese aanbestedingsdrempel aangewezen. Boven de Europese drempel is het gebruik van het richtsnoer niet verplicht gesteld. Op basis van ervaring die is opgedaan met het ARW 2005 en 2012, wordt verwacht dat aanbestedende diensten het richtsnoer ook zullen toepassen bij aanbestedingen boven de drempel.

Model inkoop- en aanbestedingsbeleid VNG

Een (model) beleid komt de doelmatigheid, rechtmatigheid en integriteit van de inkoop- en aanbestedingspraktijk ten goede. Het leidt naast besparingen tot een betere kwaliteit van opdrachten en mogelijkheden voor innovatie. Dit heeft ten grondslag gelegen aan het model inkoop- en aanbestedingsbeleid voor gemeenten in juni 2012 (VNG). Het model beleid is ook door de UvW gebruikt voor de vaststelling van het model beleid voor waterschappen en is op bepaalde punten aangepast.

AMvB

De gewijzigde AMvB zal tegelijk met de herziene Aanbestedingswet 2012 in werking treden. In de AMvB wordt een aantal zaken uit de Aanbestedingswet geregeld:

  • Verplicht gebruik ARW;
  • Model Eigen verklaring;
  • Verplicht gebruik Gids proportionaliteit.

Uniform inkoop- en aanbestedingsbeleid UvW

Eind juni 2013 heeft het bestuur van de UvW een uniform inkoop- en aanbestedingsbeleid vastgesteld. De UvW zet zich continu in voor een verdere professionalisering van de inkoop- en aanbestedingspraktijk. Met het uniforme beleid kunnen de waterschappen op een goede en verantwoorde wijze inkopen en aanbesteden.

Uniform Europees Aanbestedingsdocument

Onder de Aanbestedingswet 2012 konden ondernemers gebruik maken van de Uniforme Eigen Verklaring. De nieuwe Europese Aanbestedingsrichtlijnen introduceren een nieuw Europees standaardformulier: het Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA). Dit is vastgelegd in artikel 59 van richtlijn 2014/24 en artikel 2.84 van de herziene Aanbestedingswet 2012. Het UEA moet de in Nederland bestaande Eigen Verklaring (EV) vervangen (art. 2.84 Aanbestedingswet 2012).

Evaluatie Aanbestedingswet 2012

De Aanbestedingswet 2012 is geëvalueerd. Hieronder kunt u de documenten met betrekking tot deze evaluatie vinden.

Circulaire grensbedragen onder de drempelwaarde, per 1 september 2015

Deze circulaire bepaalt voor de Rijksoverheid op basis van de waarde van de opdracht, welke nationale aanbestedingsprocedure in een concreet geval de aangewezen procedure is.

Decentralisaties en aanbesteden

Wmo-Vragen VWS aan Europese Commissie

In oktober 2009 zond het ministerie van VWS (naar aanleiding van de motie Kant) een brief naar de Europese Commissie met vragen over de mogelijke Europese aanbestedingsverplichting ten aanzien van huishoudelijke zorg. Op 8 april 2010 gaf de Commissie aan dat er bij de meeste Wmo-opdrachten sprake is van IIA-diensten. Deze moeten daarom Europees aanbesteed worden.

In de brief van 7 mei 2010 rapporteert het ministerie van VWS aan de Tweede Kamer over deze visie van de Commissie. Onder de aanbestedingsrichtlijn 2014/24 is het onderscheid tussen IIA- en IIB-diensten komen te vervallen. Er geldt een nieuwe categorie sociale en andere specifieke diensten. De verwachting is dat Wmo-diensten die voorheen onder het IIB-regime vielen nu grotendeels kwalificeren als sociale en andere specifieke diensten. Een vergelijking van de diensten onder het huidige regime van richtlijn 2014/24 en het voormalige regime onder richtlijn 2004/18 vindt u op de website van PIANOo.

Bestuurlijk aanbesteden

Bestuurlijk aanbesteden is een concept dat via de particuliere adviesmarkt is ontstaan.  Gemeenten, provincies en waterschappen gebruikten het concept voorheen vooral als procedure voor het aanbesteden van IIB-diensten. Deze procedure zal waarschijnlijk ook gebruikt gaan worden voor het aanbesteden van sociale en andere specifieke diensten. Het wordt bijvoorbeeld veel gebruikt voor diensten in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Het instrument bestuurlijk aanbesteden is niet in de Aanbestedingswet of Europese aanbestedingsrichtlijnen beschreven en is daarom geen wettelijke en officieel erkende aanbestedingsprocedure. De procedure wordt in de praktijk wel door gemeenten gebruikt, al blijkt de wijze waarop dit instrument wordt ingezet nog niet volledig uniform met de regels.

Wederzijdse afhankelijkheid

Bij bestuurlijk aanbesteden is er sprake van wederzijdse afhankelijkheid tussen de opdrachtgevende aanbestedende diensten en de marktpartijen die bijvoorbeeld zorg aanbieden. Vanuit dit uitgangspunt maken gemeenten onder meer via flexibele convenants vormen – vaak nog nader uit te werken – afspraken met diverse dienstverleners over door hen te verlenen zorg- en welzijnsdiensten.

Fases bestuurlijk aanbesteden

Het proces van bestuurlijk aanbesteden bestaat uit meerdere fases: voorbereiden, onderhandelen en contracteren en uitvoeren. Het zwaartepunt ligt in de onderhandelings- en contracterende fase. Het enige dat doorgaans vastligt, is de prijs die de aanbestedende dienst wil betalen voor de diensten.

Veelvoorkomende vragen

Gemeenten stellen veel vragen over de toepassing van het concept bestuurlijk aanbesteden en de wijze waarop dit proces kan worden vormgegeven. Bijvoorbeeld met betrekking tot de voorschriften die de huidige Europese aanbestedingsrichtlijnen stellen. Ook vragen gemeenten zich af in hoeverre het concept onder de nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen en de daarin verdwenen IIB-diensten procedure nog houdbaar is. Hebt u ook een vraag, stel deze dan aan onze helpdesk.

Duurzaam aanbesteden

Manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen

Op 8 december 2016 hebben vertegenwoordigers van allerlei (decentrale) overheidsorganisaties hun handtekening gezet onder het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen 2016-2020. Hiermee verplichten zij zich met veel scherpere eisen voor de inkoop van goederen en diensten. Deze eisen variëren van effecten die de producten en diensten hebben op het milieu tot aan arbeidsomstandigheden in de fabrieken waar de producten worden gemaakt.

In het manifest bepalen overheden zelf doelstellingen, op basis van hun eigen ambities. Iedere organisatie maakt binnen zes maanden na ondertekening een concreet actieplan, dat wordt gepubliceerd.

Mededeling overheidsopdrachten voor een beter milieu

In 2008 publiceerde de Europese Commissie de Mededeling Overheidsopdrachten voor een beter milieu. Deze mededeling biedt een leidraad om de gevolgen voor het milieu van de consumptie van de overheidssector te reduceren en de innovatie in milieutechnologie, producten en diensten door middel van groen aanbesteden te bevorderen.

GPP

Green Public Procurement (GGP) is een vrijwillig instrument. GPP wordt door de Commissie gedefinieerd als: ‘een proces in het kader waarvan overheidsdiensten goederen, diensten en werken beogen te verkrijgen die gedurende de volledige levenscyclus ervan een minder belastend milieueffect hebben dan vergelijkbare goederen, diensten en werken met dezelfde primaire functie.’

Doelstellingen Europese Commissie

De doelstellingen van de Commissie op het gebied van duurzaam aanbesteden zijn:

  • het vaststellen van gemeenschappelijke criteria voor groen aanbesteden;
  • het verschaffen van informatie over de levenscycluskosten van producten;
  • het geven van juridische en operationele richtsnoeren;
  • het bieden van politieke ondersteuning door middel van beleidsdoelstellingen, gekoppeld aan indicatoren en een systeem voor follow-up.

In 2010 moest volgens de mededeling 50% van alle aanbestedingen groen zijn, dat wil zeggen in overeenstemming met de vastgestelde gemeenschappelijke kerncriteria voor GPP. In 2012 was dit doel nog niet behaald.

EU2020-strategie

De EU2020-strategie bevat verschillende doelen op het gebied van milieu, innovatie en sociaal beleid en biedt de langetermijnvisie van de EU op de sociale markteconomie.

Internationale richtlijn duurzaam inkopen

In 2013 is de Commissie gestart met de ontwikkeling van een nieuwe internationale richtlijn Duurzaam Inkopen (Sustainable Procurement). Deze ISO-richtlijn zal zowel publieke als private organisaties praktische handvatten bieden bij het inrichten en verrichten van een Maatschappelijk Verantwoord Inkoopproces (MVI). De basis hiervan is de bestaande richtlijn ISO 26000; de internationale richtlijn voor Maatschappelijk Verantwoorde Organisaties (MVO). Naar verwachting is de vernieuwde richtlijn ISO 26000 in 2016 gereed.

E-Aanbesteden

1. Het Uniform Europees Aanbestedingsdocument

Met de invoering van richtlijnen 2014/23, 2014/24 en 2014/25 introduceert de Europese Commissie een Europees standaardformulier geïntroduceerd: het uniform Europees aanbestedingsdocument (art. 59 richtlijn 2014/24 en art. 2.84 Aanbestedingswet 2012). Dit document vervangt de in Nederland bestaande Eigen Verklaring (EV) (art. 2.84 Aanbestedingswet 2012).

Uitvoeringsverordening

Op 6 januari 2016 heeft de Commissie het standaardformulier voor het uniform Europees aanbestedingsdocument (UEA) in de Uitvoeringsverordening 2016/7 gepubliceerd. Hiermee sluit de Commissie aan op de doelstellingen die voortvloeien uit de nieuwe aanbestedingsrichtlijnen, namelijk het verlichten van de administratieve lasten van aanbestedende diensten en ondernemers. In bijlage II (p. 7 e.v.) van de Uitvoeringsverordening is het standaardformulier voor het UEA opgenomen.

Elektronisch invullen UEA

Voor het UEA heeft de Commissie een tool ontwikkeld, waarmee kopers, inschrijvers en andere partijen het document online in kunnen vullen. Dit formulier kan bij offline aanbestedingen ook worden afgedrukt en vervolgens samen met de overige onderdelen van de inschrijving aan de koper worden gestuurd. Bij e-aanbestedingen kan dit document elektronisch worden geëxporteerd, opgeslagen en ingediend. Een UEA dat in een eerdere openbare aanbestedingsprocedure is verstrekt, kan worden hergebruikt, zolang de daarin vermelde informatie nog steeds correct is.

De Commissie heeft een e-UEA – Veelgestelde Vragen opgesteld, met daarin een toelichting op het gebruik van het document.

2. Mededeling eind-tot-eind e-aanbesteding

Op 26 juni 2013 bracht de Commissie de mededeling Eind-tot-eind e-aanbesteding ter modernisering van het openbaar bestuur uit. Deze mededeling bevat de stand van zaken met betrekking tot de overgang naar “eind-tot-eind e-aanbesteding” (van de elektronische bekendmaking van aankondigingen tot de elektronische betaling) in de EU. De Commissie beschrijft maatregelen die de EU en de lidstaten moeten ondernemen met het oog op de overgang naar eind-tot-eind e-aanbesteding.

3. Strategie e-Aanbesteden

Op 20 april 2012 maakte de Commissie haar strategie voor e-Aanbesteden bekend. Volgens deze strategie moeten aanbestedingen in 2016 volledig digitaal verlopen. Hiervoor noemt de Commissie enkele maatregelen:

  • het bieden van technische en financiële ondersteuning;
  • bestaande goede voorbeelden zoeken en delen;
  • het gebruik en de voordelen van e-Aanbesteden monitoren;
  • een promotiestrategie opzetten om te informeren over kansen, mogelijkheden en voordelen.

4. Groenboek e-Aanbesteden

Op 18 oktober 2010 presenteerde de Commissie het Groenboek elektronisch aanbesteden, waarinde richting van de Commissie met betrekking tot e-aanbesteden wordt aangegeven. De geleidelijke invoering van e-aanbesteden maakt deel uit van de Digitale Agenda.

Obstakels en risico’s

In het Groenboek worden obstakels en risico’s genoemd die het invoeren van e-Aanbesteden kunnen vertragen:

  • terughoudendheid en angst bij aanbestedende diensten;
  • onvoldoende standaardisering;
  • het ontbreken van hulpmiddelen die wederzijdse erkenning van nationale elektronische oplossingen vergemakkelijken;
  • lastige technische vereisten;
  • het omgaan met de variërende snelheid van de overstap naar e-aanbesteden.

Bevordering e-Aanbesteden

In het Groenboek worden verschillende opties genoemd voor een beter gebruik van e-Aanbesteden en om grensoverschrijdende deelname aan aanbestedingsprocedures te bevorderen:

  • het verplichten van e-aanbesteden middels Europese wetgeving;
  • vastleggen dat lidstaten e-aanbesteden in eigen land verplicht kunnen stellen;
  • het neerleggen van de verantwoordelijkheid voor het goede verloop van het aanbestedingsproces bij de organisatie van het e-aanbestedingssysteem.

5. PEPPOL en Open e-PRIOR

Pan European Public Procurement Online (PEPPOL) is een project dat grensoverschrijdend e-aanbesteden mogelijk wil maken en wil verbeteren. Daarbij wordt gebruik gemaakt van Open e-PRIOR, open source software voor e-Aanbesteden, e-Factureren en bestellen. Open e-PRIOR is de schakel tussen PEPPOL en degene die aanbesteedt. De software is hier te downloaden.

6. E-CERTIS

E-CERTIS is een online referentiebron en database met documenten en certificaten die bedrijven nodig hebben om in te mogen schrijven op EU aanbestedingen. Via e-CERTIS kunnen aanbestedende diensten nagaan welke documenten zij van inschrijvers moeten vragen of mogen accepteren. Meer informatie leest u in de brochure over e-CERTIS.

7. TED en Tenderned

Via Tenders Electronic Daily (TED) worden aankondigingen van overheidsopdrachten online gepubliceerd. In Nederland is Tenderned het marktplein voor digitaal aanbesteden. Decentrale overheden kunnen hier hun aanbestedingen en bijbehorende documenten onderbrengen. Deze informatie wordt automatisch naar TED doorgestuurd.

Vanaf 1 januari 2012 gebruiken alle ministeries Tenderned voor aanbestedingsopdrachten. Zodra de aanbestedingswet van kracht gaat, zijn decentrale overheden verplicht Tendernet te gebruiken.

8. Aanbestedingskalender

De Aanbestedingskalender helpt Nederlandse ondernemers bij hun inschrijvingen. Daarop staan onder andere standaardteksten die te gebruiken zijn voor de formulieren die nodig zijn om aanbestedingen in te schrijven.

Maatschappelijk aanbesteden beleid

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) stimuleert in opdracht van het ministerie van BZK de verdere invulling van het relatief nieuwe fenomeen maatschappelijk aanbesteden. Bij die invulling blijkt er in sommige gevallen ook overlap te bestaan met bijvoorbeeld de rol van sociale-, milieu-, duurzaamheids– en innovatieve eisen in het aanbestedingsproces. RVO heeft een agenda opgesteld om maatschappelijk aanbesteden bekend te maken en te promoten bij gemeenten en lokale partijen. Daarnaast ondersteunt RVO specifieke projecten die maatschappelijk aanbesteden. In dat kader wordt ook gewerkt aan diverse producten die in de voorlichting van overheden ter stimulering van maatschappelijk aanbesteden een nadere rol kunnen spelen.

Milieucriteria

DOELSTELLINGEN DUURZAAM INKOPEN

Verschillende overheden hebben afspraken gemaakt over de doelstellingen voor duurzaam inkopen. Voor 2010 bijvoorbeeld was de doelstelling van het Rijk om 100% duurzaam in te kopen. Ook decentrale overheden hebben zichzelf doelen opgelegd:

Er zijn door de gemeenten en provincies na 2011 geen nieuwe akkoorden gesloten met het Rijk. In 2010 zouden gemeenten 75% duurzaam inkopen, waterschappen en provincies 50%. In 2015 moesten alle overheden voor 100% duurzaam inkopen. De Monitor Duurzaam inkopen laat zien in hoeverre overheden hun doelstellingen hebben gehaald.

DUURZAAMHEIDSCRITERIA

Voor een groot deel van de producten, diensten en werken die overheden inkopen zijn duurzaamheidscriteria ontwikkeld, die zijn bedoeld als handvat om duurzaam in te kopen. De meest actuele stand omtrent het duurzaam inkopen van overheden, vindt u op de websites van RVO en PIANOo.

Europees niveau

Op Europees niveau worden ook criteria ontwikkeld om duurzaam inkopen te stimuleren. Op de EU-website vindt u meer achtergrondinformatie en de meest actuele stand van zaken. Ook vindt u er criteriadocumenten. Momenteel zijn er negentien productgroepen gereed, waarop criteria zijn vastgesteld om duurzaam in te kopen.

MKB en aanbesteden

European Code of Best Practices

In 2008 stelde de Commissie de European Code of Best Practices op. Deze moet ervoor zorgen dat aanbestedende diensten de mogelijkheden van de aanbestedingsrichtlijnen volledig benutten. Zo kan iedereen deelnemen aan een openbare aanbesteding. De code kan decentrale overheden helpen om strategieën en programma’s te ontwikkelen om de toegang van het MKB tot aanbestedingscontracten te verbeteren.

Aanbestedingen MKB-vriendelijker

Uit de code volgen praktische voorbeelden en richtlijnen die lidstaten en aanbestedende diensten in staat stellen om hun aanbestedingen MKB-vriendelijker te maken. De code geeft antwoord op vragen vanuit het MKB, zoals:
– Moeilijkheden met betrekking tot de omvang van het contract;
– Het verzekeren van toegang tot relevante informatie;
– Het verbeteren van kwaliteit en het begrip van de gegeven informatie;
– Het stellen van proportionele kwalificaties en financiële vereisten;
– Het verlichten van administratieve lasten;
– Het benadrukken van kwaliteit voor geld in plaats van alleen de prijs;
– Het geven van voldoende tijd om een inschrijving voor te bereiden; en
– Het verzekeren van tijdige betaling.

Overheidstelecommunicatie

OT2010

Het programmateam van OT20120 heeft in 2010 vier clusters van telefoondiensten aanbesteedt:

  1. Vast;
  2. Mobiel;
  3. Inbound;
  4. EUD.

1. Vast

OT2010 vaste telefonie voorziet in de levering van vaste telefonieaansluiting met het openbare netwerk. Dit contract is gegund aan Tele2.

2. Mobiel

OT2010 mobiel voorziet in de levering van mobiele spraak en/of data-aansluitingen voor mobiele gebruikers, inclusief voorzieningen voor het verbeteren van de dekking en capaciteit van draadloze toepassingen in gebouwen. Dit contract is gegund aan Vodafone.

3. Inbound

OT2010 inbound voorziet in de afhandeling van verkeerstromen via vaste aansluitingen, waarin de ontvanger een rol speelt in de te verrekenen kosten, en waar sprake is van een groot volume. Denk hierbij aan 0800- en 0900-nummers, maar ook aan nummers gereserveerd voor de klantcontactcentra van de overheid (de zogenaamde 14-serie). Dit contract is gegund aan KPN.

4. EUD

OT2010 End User Devices (EUD) voorziet in de levering van end user devices voor mobiel gebruik, zoals mobiele telefoons en pda’s, inclusief aanvullende diensten als de beveiliging van deze apparatuur, software updates en logistieke diensten. Dit contract is gegund aan BTC teleconsult.

VERVOLG OT2010

OT2010 heeft in 2011 een vervolg gekregen. Dit met onder meer de aanbesteding van de:

  1. Cluster 14+netnummers;
  2. VoIP-telefooncentrales;
  3. InhouseDekking;
  4. 0800-crisisnummer.

1. Cluster 14+netnummer

Dit cluster draait om het afleveren van telefoonverkeer aan de klantcontactcentra van gemeenten. Een belangrijk onderdeel van de dienstverlening die wordt aanbesteed is Interactive Voice Response (IVR). Dit is software waarmee de beller op basis van spraakherkenning doorgeschakeld wordt naar het juiste klantcontactcentrum.

UPC Business heeft de aanbesteding gewonnen. UPC Business en het Kwaliteitsinstituut Nederlandse Gemeenten ondertekenden op 15 maart 2012 een contract. KING beheert de overeenkomst namens de Nederlandse gemeenten. Het contract kent een maximale looptijd van acht jaar.

2. Cluster VoIP-centrales

Het clusterVoIP-centrales draait om de leveringen van Voice-over-IP telefooncentrales en de basisdienstverlening die nodig is voor de inrichting, de implementatie en het beheer van de bedrijfstelefonieomgeving. Dit contract is gegund aan Detron. Van het contract gaan honderd (rijks)overheidsorganisaties gebruik maken. Zij verwachten, over de gehele looptijd van maximaal acht jaar, bijna 100.000 VoIP-poorten af te nemen.

3. en 4. Cluster InhouseDekking en cluster 0800-crisisnummer

Met het cluster Inhouse Dekking (IHD) worden aanvullende diensten voor inhouse dekking verworven, voor zover die niet door het cluster Mobiel kunnen worden ingevuld. Het cluster 0800-crisisnummer draait om de aanbesteding van een gratis telefoonnummer dat de overheid inzet in geval van crisis. Het Ministerie van Veiligheid en Justitie is in 2012 gestart met een aanbesteding voor het crisisnummer 0800-1351. Deze opdracht is gegund aan SpeakUp B.V.

OT2017

Enkele van de huidige contracten onder OT2010 lopen in 2017 af. Welke contracten dat zijn is te vinden in het Interdepartementaal Contractregister. Omdat enkele contracten aflopen, wordt gestart met de opvolging van het programma, onder de naam OT2017. De telefoniedienstverlening valt onder de categorie ICT Werkomgeving Rijk en is toegewezen aan het ministerie van BZK.

Op 19 april 2016 is er een Concept Strategiedocument OT2017 uitgebracht. Momenteel is het nog een conceptversie van het strategiedocument OT2017. Het verzoek aan de markt om suggesties ter verbetering aan te dragen.

Gemeentelijke Telecommunicatie

Het project stond open voor alle gemeenten. Deze konden zich tot mei 2015 inschrijven. De raamovereenkomst is gesloten en vanaf de tweede helft januari 2016 kunnen deelnemers onder de Raamovereenkomst GT Mobiele Communicatie hun eigen nadere overeenkomst gaan gunnen. Indien uw gemeente niet heeft meegedaan met de eerste collectieve aanbesteding, kunt u meedoen aan de tweede ronde. VNG/KING organiseert een tweede, bijna identieke gezamenlijke aanbesteding: GT Mobiele Communicatie 2.

Onder de GT Mobiele Communicatie zijn er door de samenwerkende gemeenten vier raamovereenkomsten gesloten met vier aanbieders. Gemeenten kunnen onder GT zelf een verdere minicompetitie uitschrijven om een verdere lokale keuze te maken voor één van de vier providers. Er kan worden gekozen uit de volgende vier aanbieders:

  1. KPN;
  2. Tele2;
  3. T-Mobile;
  4. Vodafone.

Sociale criteria

Europees recht en beleid

In 2001 heeft de Europese Commissie een Interpretatieve Mededeling uitgebracht over de mogelijkheden om sociale aspecten in overheidsopdrachten te integreren. In 2001 verschenen al interpretatieve mededelingen over sociale criteria en milieucriteria.

In 2005 verscheen het Handboek Groen kopen (milieuoverwegingen) en in 2011 het Handboek Sociaal kopen (sociale overwegingen).

Doelstellingen overheden bij duurzaam inkopen

Verschillende overheden hebben afspraken gemaakt over de doelstellingen voor duurzaam inkopen. In 2010 had het Rijk tot doel 100% duurzaam inkopen, gemeenten 75% en waterschappen en provincies 50%. In 2015 moeten alle (decentrale) overheden 100% duurzaam inkopen. De Monitor Duurzaam Inkopen laat zien in hoeverre de doelstellingen zijn behaald.

Sociale voorwaarden

De overheid wil met sociale voorwaarden internationaal bijdragen aan betere arbeidsomstandigheden in de productieketen. Daarom heeft de Rijksoverheid sociale voorwaarden opgesteld voor aankopen boven de Europese aanbestedingsdrempels.

Jurisprudentie

Aanbestedingen

Accor Services France

HvJ-EU, 16 juli 2010. Prejudiciële zaak C-269/10. Deze zaak gaat over het verzoek om vernietiging van het besluit om een opdracht voor de levering van maaltijdcheques te gunnen aan Le Chèque Déjeuner CCR. Gesteld wordt dat het opgenomen voorkeursrecht in strijd is met de doelstellingen van richtlijn 2004/18/EG.

Acoset SpA

HvJ-EU, 15 oktober 2009. Zaak C-196/08. In deze zaak moet het Hof beslissen of het Europees recht zich verzet tegen het rechtstreeks gunnen van een openbare dienst aan een gemengde publiekprivate vennootschap, via een (quasi-)inbesteding. De vennootschap was speciaal opgericht voor de verlening van de dienst en de private onderneming is geselecteerd via een aanbestedingsprocedure. In een dergelijk geval is dubbel aanbesteden niet nodig.

Lees meer

Aeroporto Valerio Catullo di Verona Villafranca

HvJ-EU, 3 november 2015. Prejudiciële zaak C-485/15. In deze zaak gaat het om een ministerieel besluit van de ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur en Milieu in Italië voor het toewijzen van het volledige beheer van een luchthaven voor de duur van veertig jaar. Deze concessie is toegewezen zonder aanbestedingsprocedure met mededinging. De verwijzende rechter vraagt zich daarop het volgende af: ‘Staan de beginselen van non-discriminatie, gelijke behandeling, transparantie, bekendmaking, mededinging in de weg aan het ministerieel besluit?’

AGESP/Carbothermo

HvJ-EG, 11 mei 2006. Zaak C-340/04. In deze zaak stelt het Hof voorwaarden op om aan het zogenaamde merendeelcriterium (het tweede Teckelcriterium) bij quasi-inbesteden te voldoen.  Lees meer

Ahrend Inrichten BV tegen CBS

Voorzieningenrechter rechtbank ’s-Gravenhage, 2 juni 2009. Zaak KG ZA 09-650. In deze zaak werd een beroep op dwingende spoed goedgekeurd. De levering van kantoormeubilair werd door het CBS aanbesteed. Kembo schreef zich in met eigen spullen en spullen van onderaannemer Gispen. Kembo kreeg de opdracht, maar ging failliet. CBS sloot daarop een overeenkomst met Gispen, de afspraken die gemaakt waren met Kembo konden worden voortgezet. Het CBS beriep zich op spoedeisendheid.

Lees meer

Ambisig

HvJ-EU, 28 januari 2014. Prejudiciële zaak C-601/13. Deze zaak gaat over de vraag of het verenigbaar is met richtlijn 2004/18/EG dat bij de aanbesteding van intellectuele diensten een factor wordt opgenomen die strekt tot beoordeling van de teams die de inschrijvers specifiek voorstellen voor de uitvoering van de opdracht. Hierbij wordt rekening gehouden met de samenstelling van de respectievelijke teams en de ervaring en curricula van deze leden.

Ambisig tegen Nersant (POR)

HvJ-EU, 25 maart 2015. Zaak C-601/13. In deze zaak gaat het Hof in op de vraag of de kwaliteit van het team als gunningscriterium gehanteerd mag worden. Bij dit criterium wordt rekening gehouden met de samenstelling, de ervaring en de curricula van (de leden van) het team. Het Hof maakt duidelijk dat de kwaliteit van het team als gunningscriterium mag worden opgenomen in de aankondiging van de opdracht.

Lees meer

Ambisig-AICP

Conclusie AG Wathelet, 3 maart 2016. Zaak C-46/15. In deze conclusie van de Advocaat-Generaal (AG) Wathelet geeft de AG het HvJ-EU in overweging de prejudiciële vraag die het Portugese gerecht voorlegde over mogelijke rechtstreekse werking van artikel 48 van richtlijn 2004/18 (over technische bekwaamheid) stelde, als volgt te beantwoorden: ‘Artikel 48, lid 2, onder a, ii, tweede streepje van richtlijn 2004/18 moet aldus worden uitgelegd dat, bij gebreke van omzetting daarvan in nationaal recht, particulieren er rechten aan kunnen ontlenen die zij tegenover de aanbestedende diensten kunnen inroepen in het kader van geschillen die bij de nationale rechter aanhangig zijn, op voorwaarde dat de betrokken aanbestedende dienst voldoet aan het begrip staat in de zin van de rechtspraak van het Hof.’

Ambsig

HvJ-EU, 13 mei 2015. Prejudiciële zaak C-601/13. Deze zaak gaat over de artikelen 44 tot en met 48 en 53 van richtlijn 2004/18/EG. Bij een aanbesteding is in de voorwaarden opgenomen dat de opdracht zal worden gegund aan de economisch voordeligste inschrijver, en zijn de wegingsfactoren beschreven. Ambsig doet mee maar wint de aanbesteding niet. Zij constateert dat het gunningscriterium in strijd is met richtlijn 2004/18. De Portugese rechter vraagt het volgende aan het Hof: Is het verenigbaar met richtlijn 2004/18/EG dat bij een aanbesteding wordt voorzien in een factor die strekt tot de beoordeling van de teams die de inschrijvers specifiek voorstellen voor de uitvoering van de opdracht, waarbij rekening wordt gehouden met de samenstelling, de aangetoonde ervaring en de curricula van de leden van die teams?

Nederlandse standpunten

Aanbestedingen

Inbesteden

Position paper, VNG, IPO en UvW over de voorstellen voor een nieuwe aanbestedingsrichtlijn

Nieuws

Aanbestedingen

Vervolgstappen Maatschappelijk Verantwoord Inkopen

Begin juli heeft de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu de Tweede Kamer geïnformeerd over de laatste ontwikkelingen op het gebied van Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI). De staatssecretaris gaat in de Kamerbrief in op de stand van zaken en de vervolgstappen in het kader van het Plan van Aanpak MVI overheden 2015-2020. Lees het volledige bericht

Commissie beoordeelt Nederlandse implementatie aanbestedingswetgeving

Nederland presteert gemiddeld, als het gaat om de implementatie en uitvoering van de Europese aanbestedingsregels. Dit blijkt uit het onlangs gepubliceerde Single Market Scoreboard 2017 van de Europese Commissie. Hoewel Nederland goed scoort op het gebied van aanbestedingen zonder inschrijvers, blijft het percentage gepubliceerde opdrachten ten opzichte van het bruto binnenlands product (bbp) bijvoorbeeld beneden gemiddeld.

Lees het volledige bericht

Digitale versie Uniform Europees Aanbestedingsdocument beschikbaar

Het ministerie van Economische Zaken (EZ) heeft begin juli een digitale versie van het Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA) online geplaatst. Vorig jaar publiceerde de Europese Commissie Uitvoeringsverordening 2016/7 met het standaardformulier. Het ministerie van EZ heeft hier nu een gebruiksvriendelijke pdf-formulier voor ontwikkeld. Met het formulier wordt getracht de administratieve lasten van aanbestedende diensten en ondernemers te verlichten. Het UEA vervangt het Nederlandse model Eigen Verklaring.

Lees het volledige bericht

1 juli 2017: alle Europese aanbestedingen digitaal

Vanaf 1 juli 2017 zijn Nederlandse overheden ingevolge de aanbestedingsregels verplicht om Europese aanbestedingen volledig digitaal uit te voeren (E-aanbesteden). Dit geldt voor alle opdrachten waarvan de aankondiging op of na 1 juli gepubliceerd wordt. Andere lidstaten die nog niet over zijn gegaan naar elektronisch aanbesteden dienen dit voor 18 oktober 2018 verplicht te stellen.

Lees het volledige bericht

ACM is machtsmisbruik op het spoor

De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft de Nederlandse Spoorwegen (NS) een boete opgelegd van € 40 miljoen wegens machtsmisbruik bij een aanbesteding. Justitie is van plan zo snel mogelijk een rechtszaak aan te spannen tegen de betrokken verdachten.

Lees het volledige bericht

Nederland op vierde plek van Europese innovatieve koplopers

Uit het European Innovation Scoreboard (EIS) van de Europese Commissie blijkt dat Nederland op de vierde plaats staat voor innovatieve koploper van Europa. Vorig jaar behaalde Nederland nog de vijfde plek. Het scoreboard meet op 27 indicatoren de innovatiekracht van de Europese landen. Nederland vormt samen met Denemarken, Duitsland, Finland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk de kopgroep. Nederland scoort goed op terreinen als: wetenschappelijk onderzoek, innovatieve samenwerking, intellectueel eigendom en innoverende mkb’s.

Lees het volledige bericht

Nederlandse rechters stellen minder prejudiciële vragen

In 2016 heeft het Hof van Justitie (Hof) zich over 57 prejudiciële uitspraken uitgesproken waar (ook) Nederland inbreng heeft geleverd. Dit zijn zaken over onderwerpen als aanbestedingen en staatssteun. Uitspraken van het Hof dragen bij aan de rechtsontwikkeling van de Europese Unie en zijn dus ook van invloed zijn op het Nederlandse recht en beleid.

Lees het volledige bericht

Jeugdbescherming: kan dit zonder Europese aanbesteding?

Kan het inkopen van jeugdbescherming en jeugdreclassering worden uitgezonderd van de Europese aanbestedingsplicht? Op deze vraag willen het ministerie van Veiligheid en Justitie (VenJ), het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) antwoord.

Lees het volledige bericht

Wat betekent globalisering voor de Europese Unie?

Wat zijn de uitdagingen van globalisering voor de Europese Unie? De Europese Commissie heeft op 10 mei 2017 een discussienota gepubliceerd waarin nader in wordt gegaan op wat globalisering betekent voor de Europese Unie en haar burgers.

Lees het volledige bericht

Grensoverschrijdende gezamenlijke aanbestedingen: waar liggen de mogelijkheden?

Recentelijk publiceerde de Europese Commissie een studie waar onderzoek is gedaan naar grensoverschrijdende gezamenlijke aanbestedingen. Daarin is, aan de hand van vier projecten, onderzocht waar de mogelijkheden liggen en welke belemmeringen er bestaan bij gezamenlijke aanbestedingen die de grenzen van lidstaten overschrijden.

Lees het volledige bericht

Praktijk

Aanbestedingen

Breedband en aanbesteden

Decentrale overheden kunnen veel van elkaar leren op het gebied van aanbestedingsvraagstukken die in breedbandprojecten kunnen spelen. In de handreikingen breedband en in het onderstaande treft u een aantal praktijkvoorbeelden van breedbandzaken in Nederland.

Om aan te kunnen geven hoe de Europese Commissie over staatssteun oordeelt in breedbandzaken, is het noodzakelijk haar beschikkingen over dit onderwerp te bestuderen. Zie verder het dossier breedband en staatssteun.

Praktijkvoorbeelden breedband in Nederland

Breedband Eindhoven (Eindhoven)
Community Network (Groningen)
ICT Center (Leeuwarden)
Wireless Leiden (Leiden)
Ons Net Nuenen (Nuenen)
Pilot Nesselande en BBnet
Breedband Tilburg (Tilburg)
Breedband Zwolle (Zwolle)

Inbreukprocedures praktijk

2009, Noord-Holland:

De Europese Commissie grijpt in bij koffiecontract van de provincie Noord-Holland. De Commissie stelt dat de openbare aanbestedingsprocedure die de provincie Noord-Holland heeft uitgeschreven voor de levering en het beheer van koffieautomaten niet voldoet aan de regels inzake overheidsopdrachten die voortvloeien uit Richtlijn 2004/18/EG.

Inbreuk provincie

Noord-Holland heeft naar de mening van de Commissie inbreuk gepleegd op de bepalingen betreffende de technische specificaties en de selectie- en gunningscriteria uit deze richtlijn. Met name het stellen van eisen aangaande keurmerken betreffende duurzame inkoop staat in deze zaak onder de aandacht (biologische of fairtradeproducten). In mei 2010 bericht de Commissie dat zij Nederland voor het HvJ EU daagt.

Conclusie

Op 15 december 2011 is de conclusie van Advocaat Generaal Kokott verschenen (zie zaak C-368/10 onder jurisprudentie Milieucriteria).

2009, Eindhoven:

De Commissie spreekt gemeente Eindhoven aan op een gebiedsontwikkelingsproject. Het gaat om de gunning van een concessieovereenkomst voor openbare werken betreffende de bouw van een gemeenschapscentrum dat bekend is als het “Doornakkers Centrum”. De Commissie is van mening dat dit contract is gegund zonder openbare aanbestedingsprocedure, die door de EU-regels inzake overheidsopdrachten is voorgeschreven.

Concessieovereenkomst voor werken

Volgens de Commissie is het contract een concessieovereenkomst voor openbare werken betreft en daarom op grond van Richtlijn 2004/18/EG inzake openbare aanbestedingen had moeten worden gegund na de publicatie van een aankondiging in het Officiële Publicatieblad van de EU en het voltooien van een aanbestedingsprocedure. De Commissie merkt op dat de concessieovereenkomst niet alleen de verkoop van grond als voorwerp heeft en dat het werk aan de door de gemeente bepaalde voorwaarden voldoet.

Realisatie gebouwen en parkeerplaatsen

De overeenkomst verbindt de ontwikkelaar er onder meer toe een bepaald aantal gebouwen van een bepaalde omvang en een bepaald aantal parkeerplaatsen te realiseren. De vraag of de betrokkenheid van de gemeente bij het project op het publiek recht is gebaseerd, heeft volgens de Commissie voor de EU-regels inzake openbare aanbestedingen geen belang.

Hoewel de ontwikkelaar het vastgoed op eigen risico en voor eigen rekening bouwt en van de gemeente geen betaling ontvangt, is de Commissie van oordeel dat de gemeente Eindhoven de ontwikkelaar een exploitatierecht heeft verleend in de betekenis van Richtlijn 2004/18/EG. De ontwikkelaar krijgt namelijk een op maat gesneden bouwvergunning die hem het recht geeft de in de samenwerkingsovereenkomst bepaalde werken te realiseren en te exploiteren.

In juni 2010 bericht de Commissie dat zij Nederland voor het HvJ EU daagt in deze zaak. Op 11 april 2013 is de conclusie van Advocaat Generaal Wathelet verschenen (zaak C-576/10). De uitspraak van het Hof van Justitie EU is gedaan op 11 juli 2013. De Commissie wordt door het Hof in het ongelijk gesteld.

2010, Ede:

De Commissie vraagt Nederland de EU regelgeving na te leven bij vastgoedproject in Ede. De gemeente Ede heeft verschillende contracten voor het project “Het Nieuwe Landgoed” aan één ontwikkelaar gegund zonder een Europese aanbesteding uit te schrijven. De ontwikkelaar kreeg de opdracht een centrum met commerciële en sociale functies te bouwen. Dit omvat onder meer een sporthal, 1 168 parkeerplaatsen en 648 woningen, waaronder 60 sociale woningen. De totale waarde van de contracten bedroeg ongeveer € 140 miljoen.

Overheidsopdrachten voor werken

De Commissie is van oordeel dat hier sprake is van overheidsopdrachten voor de uitvoering van werken en van een concessieovereenkomst voor openbare werken en dat aan de gunning van deze contracten een aankondiging in het Publicatieblad van de EU en een aanbestedingsprocedure hadden moeten voorafgaan. Volgens de Commissie heeft Nederland door het niet volgen van een dergelijke aanbestedingsprocedure niet voldaan aan zijn verplichtingen uit hoofde van de EU-regels inzake openbare aanbestedingen.

Het hoofddoel was van de contracten niet de verkoop van grond, maar wel de uitvoering van werken, wat onder de EU-wetgeving inzake overheidsopdrachten valt. Aangezien de ontwikkelaar bepaalde zones diende te ontwikkelen, besliste de gemeente welke gebouwen moesten worden opgetrokken.

Initiatief door gemeente

Bovendien heeft de gemeente Ede het initiatief voor de realisatie van het project genomen en ging de invloed van de gemeente op het project veel verder dan de loutere uitoefening van haar stedenbouwkundige bevoegdheden. Hoewel de ontwikkelaar het project op eigen risico en voor eigen rekening moet realiseren en van de gemeente geen rechtstreekse betaling ontvangt, is de Commissie van oordeel dat de gemeente Ede de ontwikkelaar een exploitatierecht heeft verleend in de zin van de EU-wetgeving inzake overheidsopdrachten, aangezien de ontwikkelaar een op maat gesneden bouwvergunning krijgt die hem het recht geeft de in het contract bepaalde werken te realiseren en te exploiteren.

Bepaalde delen van het project – de sporthal en een aantal parkeerplaatsen – worden rechtstreeks gefinancierd door de gemeente. Volgens de Commissie levert de opdracht de gemeente Ede bovendien een duidelijk en rechtstreeks economisch voordeel op in de zin van de rechtspraak van het Hof van Justitie in een vergelijkbare zaak (Helmut Muller).

Beëindiging inbreukprocedure

Op 19 mei 2011 laat de Europese Commissie weten dat de ingebrekestellingsprocedure wordt beëindigd. Naar aanleiding van het met redenen omkleed advies van de Commissie (IP/10/1233) hebben de Nederlandse autoriteiten besloten de contracten met betrekking tot de bouw van de sporthal en de aanleg van de parkeerplaatsen te annuleren. Ook de verplichtingen inzake de bouw van de woningen en het centrum met commerciële en sociale functies zijn uit het contract verwijderd.

Herziene contract

Het herziene contract heeft daardoor nu nog alleen betrekking op de verkoop van grond en niet op werken. In het licht van het arrest van het Hof van Justitie in de zaak Helmut Müller (zaak C-451/08) moet het contract dan ook niet meer als een concessieovereenkomst voor openbare werken worden beschouwd. Een soortgelijke inbreukprocedure in verband met een grondontwikkelingsproject in de Nederlandse gemeente Eindhoven is momenteel in behandeling door het HvJ EU (IP/10/679).

Verklaring BZK

Op 31 mei 2011 brengt het ministerie van BZK een verklaring uit in reactie op het persbericht van de Commissie van 19 mei 2011. Nederland heeft als standpunt dat de realisatieovereenkomst met betrekking tot Het Nieuwe Landgoed geen overheidsopdracht tot de uitvoering van een werk en ook geen concessieovereenkomst voor openbare werken is, zoals door de Europese Commissie betoogd.

2010, Nederland:

De Commissie vraagt Nederland de EU-regelgeving na te leven bij openbare aanbestedingen van brandverzekeringen. In Nederland bestaat er een algemene administratieve praktijk om openbare brandverzekeringscontracten te gunnen via onderhandelingen na bekendmaking van een aankondiging van een opdracht. Hoewel een dergelijke procedure in principe open staat voor alle belangstellenden, zorgt het feit dat er wordt onderhandeld tussen de overheid en individuele kandidaten voor aanzienlijk meer risico’s wat de gelijke behandeling van de kandidaten betreft dan een openbare of niet-openbare aanbestedingsprocedure, de standaardprocedures waarin het EU-recht voorziet. Bovendien is een gunning via onderhandelingen veel minder transparant.

EU-regels inzake overheidsopdrachten

Op grond van de EU-regels inzake overheidsopdrachten mogen overheden slechts in uitzonderlijke gevallen een contract via onderhandelingen gunnen. Het algemene gebruik van deze procedure voor brandverzekeringen strookt volgens de Commissie niet met deze regels.

Bovendien merkt de Commissie op dat de Nederlandse autoriteiten niet alle verplichte informatie, zoals de naam van de onderneming waaraan het contract is gegund en de totale waarde van het contract, bekend maken in de gunningsberichten in het Publicatieblad van de EU. De Commissie is van oordeel dat de openbare aanbesteding hierdoor minder transparant verloopt.

Beëindiging inbreukprocedure

Op 19 mei 2011 laat de Europese Commissie weten dat de ingebrekestellingsprocedure wordt beëindigd. Naar aanleiding van het met redenen omkleed advies van de Commissie (zie IP/10/1233) hebben de Nederlandse autoriteiten publiekelijk verklaard dat zij deze algemene administratieve praktijk in strijd met de EU-aanbestedingsregels achten.

De Nederlandse aanbestedende diensten dienen voortaan de correcte procedures te volgen en alle dienstige informatie te vermelden in de gunningsberichten die in het Publicatieblad van de EU worden bekendgemaakt.

2011, Nederland:

De Commissie heeft Nederland verzocht de EU-regelgeving inzake overheidsopdrachten na te leven bij de gunning van overheidsopdrachten voor de verwerking en het vervoer van oud papier. Dat zou ervoor zorgen dat alle bedrijven in de EU die oud papier verwerken en vervoeren, de kans krijgen het contract binnen te halen en dat de Nederlandse belastingbetaler meer waar voor zijn geld kan krijgen. 

Niet nagekomen verplichtingen

De Commissie is van oordeel dat Nederland zijn verplichtingen niet is nagekomen door de twee betrokken aanbestedende diensten (Coöperatieve Vereniging VAOP u.a., en Vaop Oud Papier B.V.) toe te staan overheidsopdrachten ter waarde van € 15 miljoen per jaar rechtstreeks aan bepaalde ondernemingen te gunnen, zonder een open en concurrerende pan‑EU openbare aanbestedingsprocedure te volgen.

Het verzoek van de Commissie aan Nederland neemt de vorm aan van een “met redenen omkleed advies”; dat is de tweede fase van de inbreukprocedure. Indien Nederland de Commissie uiterlijk over twee maanden niet in kennis heeft gesteld van maatregelen die waarborgen dat de EU‑regelgeving wordt nageleefd, kan de Commissie deze zaak aanhangig maken bij het Hof van Justitie.

Maatschappelijk aanbesteden praktijk

Maatschappelijk aanbesteden in Eindhoven

In WijEindhoven selecteert de wijkbewoner zelf de welzijnsorganisatie. In 2014 heeft WIJeindhoven op allerlei manieren steeds meer samengewerkt met bewoners. De rol van de bewoner in de werving- en selectiegesprekken voor nieuwe WIJmedewerkers kwam aan de orde en er waren verschillende sessies met bewoners om te komen tot een organisatievisie voor de nieuwe WIJorganisatie in wording. Daarnaast heeft een grote groep bewoners meegedacht over de ontwikkeling van een instrument om de tevredenheid van bewoners in beeld te brengen en te meten. Bovendien wordt momenteel met diverse bewoners onderzocht hoe WIJeindhoven een klankbordgroep met bewoners kan opzetten.

Maatschappelijk aanbesteden in Arnhem

Resto VanHarte serveerde vorig jaar ruim 120.000 maaltijden op meer dan 34 locaties in aandachtswijken in heel Nederland. Van het imago ‘gezellig eten en dijenkletsen’ naar de maaltijd als bindmiddel voor een compleet programma gericht op het terugdringen van eenzaamheid en sociaal isolement. Samen met onder andere de gemeente Arnhem maakte Resto VanHarte een verdiepingsslag.

Milieucriteria

Gemeente Nijmegen: Duurzame catering en een schoon wagenpark

Nijmegen heeft een aantal budgethouders aangewezen, die zelfstandig inkopen en goed op de hoogte zijn van nieuwe eisen van productgroepen. Hiermee wilde Nijmegen de doelstelling halen om in 2010 volledig duurzaam in te kopen. De catering is voor een deel biologisch en minder milieubelastend. Binnenkort volgt de vervanging van het wagenpark en moeten stadsbussen op aardgas gaan rijden.

Gemeente Utrecht: Elektrische bierboot

Sinds 2010 worden onder andere horecagelegenheden bevoorraadt met de bierboot. Er rijden minder vervuilende vrachtwagens in de stad en de boot is voorzien van een elektromotor met oplaadbare accu’s. Na een hele dag varen, laden en lossen worden de accu’s met groene stroom opgeladen.

Waterschap Rivierenland: Duurzame mindset medewerkers

Pas als duurzaamheid geïntegreerd is in het beleid, geeft iedere ambtenaar en bestuurder er de verdiende aandacht aan. Waterschap Rivierenland heeft daarom een duurzaamheidbeleid aanvaard. Maximale betrokkenheid wordt gestimuleerd door duurzaamheid middels een puntensysteem persoonlijk voordeel op te laten leveren. Zo kunnen medewerkers punten verdienen door op de fiets naar het werk te komen. In praktijk leidt dit systeem tot bruikbare ideeën voor duurzaamheid en duurzaam inkopen.

Meerdere gemeenten: Samen nog duurzamer

In de omgeving van Amersfoort hebben een aantal samenwerkende gemeenten een multifunctionele brandweerauto aangeschaft. Deze voldoet aan de duurzame eisen van alle gebruikers, door innovatieve oplossingen in te zetten. Het is verstandig om ambitieuzere criteria met meerdere aanbestedende diensten af te stemmen. Voor ondernemers is het hinderlijk om iedere aanbesteding met andere eisen en bewijsmiddelen te worden geconfronteerd.

Praktijkvragen

Aanbestedingen

Moet collectieve zorgverzekering worden aanbesteed?

Onze gemeente wil voorzien in een collectieve zorgverzekering voor de specifieke doelgroep van minima. Het idee is dat minima dan via de gemeente gebruik maken van een collectieve zorgverzekering tegen gunstige voorwaarden. Moet de gemeente bij het maken van dergelijke afspraken met een zorgverzekeraar rekening houden met de Europese aanbestedingsregels?

Bekijk het antwoord

Welke Europese verplichtingen gelden bij elektronisch aanbesteden?

De Europese Aanbestedingsrichtlijnen uit 2014 en de implementatie daarvan in de Nederlandse Aanbestedingswet in 2016 verplichten ons als waterschap om vanaf juli 2017 volledig elektronisch aan te besteden. Wat houden deze elektronische aanbestedingsverplichtingen concreet in en aan welke (Europese) verplichtingen moeten decentrale overheden hierbij exact voldoen?

Bekijk het antwoord

Moeten financiële en bancaire diensten worden aanbesteed? (vervolg)

Mijn gemeente wil extra kapitaal aantrekken om de uitvoering van een project te realiseren. Ten behoeve van een efficiënte financiële afwikkeling wil de gemeente hierbij tevens geadviseerd worden door een bank. In hoeverre moet een gemeente bancaire diensten in het algemeen en het aangaan van leningen specifiek aanbesteden onder de nieuwe richtlijn 2014/24?

Bekijk het antwoord

Moeten financiële en bancaire diensten worden aanbesteed?

Mijn gemeente wil extra kapitaal aantrekken om de uitvoering van een project te realiseren. Ten behoeve van een efficiënte financiële afwikkeling wil de gemeente hierbij tevens geadviseerd worden door een bank. In hoeverre moet een gemeente bancaire diensten, zowel in het algemeen als bij het aangaan van leningen specifiek aanbesteden onder de nieuwe richtlijn 2014/24?

Bekijk het antwoord

Wat is de aanbestedingsprocedure voor sociale en andere specifieke diensten?

Onze gemeente wil een opdracht voor sociale en andere specifieke diensten aanbesteden. De opdracht heeft een waarde van meer dan € 750.000,- en is dus boven de Europese drempelwaarde voor sociale en andere specifieke diensten. Welke aanbestedingsprocedure moet onze gemeente onder de nieuwe Europese Aanbestedingsrichtlijnen toepassen? En welke regels zijn van toepassing, wanneer de opdracht onder de drempel op de markt gezet wordt?

Bekijk het antwoord

Mogen waterschappen grondstoffen rechtstreeks inkopen?

Ons waterschap koopt de levering van energie, gas en elektriciteit, in via de Endex, een grondstoffenmarkt. Kan een waterschap dit rechtstreeks op de grondstoffenmarkt voor energie inkopen, zonder een verplichte aanbestedingsprocedure te volgen?

Bekijk het antwoord

Publicaties

Aanbestedingen

Aanbestedingsrichtlijnen

Publicatie Veelgestelde vragen Aanbesteden

Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 1 (Aanbestedingsrecht algemeen)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 2 (Opdrachten die (gedeeltelijk) buiten de EU Aanbestedingsrichtlijnen vallen)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 3 (Alleenrecht, bijzonder recht en uitsluitend recht)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 4 (Inbesteden en quasi-inbesteden)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 5 (Contractsduur en waardebepaling van een opdracht)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 6 (Raamovereenkomsten)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 7 (Geschiktheidseisen, uitsluitingsgronden, selectiecriteria en gunningscriteria)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 8 (Rechtsbescherming)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 9 (Subsidie of opdracht?)
Veelgestelde vragen Aanbesteden, hoofdstuk 10 (Duurzaam aanbesteden; sociale- en milieucriteria)

Nieuwe aanbestedingsrichtlijnen 2012/2014

Voorstel klassieke aanbestedingsrichtlijn 2011/896 (ter vervanging van richtlijn 2004/18), december 2011
Voorstel speciale sectoren aanbestedingsrichtlijn 2011 895 (ter vervanging van richtlijn 2004/17), december 2011
Notitie voorstellen nieuwe aanbestedingsrichtlijnen, Europa decentraal, begin 2012
Compromistekst van juli 2013 over het voorstel voor een Directive on public procurement (Classical Directive)
Compromistekst van juli 2013 over het voorstel Directive on procurement by entities operating in the waterenergy, transport and postal service sectors
Compromistekst van juli 2013 over het voorstel voor een Directive on the award of concession contracts (‘Concessions’ Directive)
Zie deze pagina voor de vastgestelde, definitieve teksten van de richtlijnvoorstellen
17 factsheets Europese Commissie
Notitie nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen
, Europa decentraal (juli 2014)
Notitie nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen, Europa decentraal (januari 2016)
Notitie nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen, implementatie in Aanbestedingswet, Europa decentraal (juni 2016)
FAQ Voorlichtingsbijeenkomsten herziening Aanbestedingswet 2012, publicatie Europa decentraal

Single market act

Single Market Act I
Single Market Act II

Definitie van bijzondere of speciale rechten

Explanatory note nutssectorenrichtlijn (93/38 EG en 2004/17/EG)

Concurrentiegerichte dialoog

Explanatory note klassieke richtlijnen (werken, leveringen en diensten en 2004/18/EG)

Diensten van algemeen belang

Groenboek, diensten van algemeen belang
FAQ, over de toepassing van aanbestedingsregels op SDAB
Gids, voor toepassing van EU-regels voor staatssteun, overheidsopdrachten en de een gemaakte markt op DAEB, met name SDAB

Elektronisch aanbesteden

Groenboek, over de bevordering van e-aanbesteden in de EU

Modernisering van de aanbestedingsrichtlijnen

Groenboek, over modernisering van de Europese markt voor overheidsopdrachten

PPS en Concessies

Groenboek, over PPS en concessieovereenkomsten
Interpretatieve mededeling, over concessieovereenkomsten in het Communautaire recht
Mededeling, over PPS en concessieovereenkomsten
Interpretatieve Mededeling, over geïnstitutionaliseerde PPS

Publiek publieke samenwerking

Werkdocument, over toepassing van aanbestedingsrecht op publiek publieke samenwerking

Raamovereenkomsten

Explanatory note raamovereenkomsten (richtlijn 2004/18/EG)

Sociale- en milieucriteria

Interpretatieve mededeling, over de mogelijkheden om sociale criteria in overheidsopdrachten te integreren
Interpretatieve mededeling, over de mogelijkheden om milieucriteria in overheidsopdrachten te integreren
Handboek Groen Kopen, over milieuvriendelijke overheidsopdrachten en een Engelstalige update
Handboek Sociaal Kopen, om sociale overwegingen mee te nemen in aanbesteding

Transparantie

Interpretatieve mededeling, over het plaatsen van opdrachten die niet/gedeeltelijk onder de richtlijnen inzake overheidsopdrachten vallen

Handleidingen voormalige aanbestedingsrichtlijnen

Handleiding bij voormalige richtlijn Diensten (92/50/EEG)
Handleiding bij voormalige richtlijn Werken (93/37/EEG)
Handleiding bij voormalige richtlijn Leveringen (93/36/EEG)

Vragen over aanbesteden en inkopen

Overzicht, waar kunt u terecht met vragen over aanbesteden en inkopen

Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten

Elsevier Overheid, J.W.A. Bergevoet, 2006. Bevat de tekst van Bao en toelichting, voor iedereen betrokken bij de aanbesteding van overheidsopdrachten

Besluit aanbestedingen speciale sectoren

Elsevier Overheid, J.W.A. Bergevoet, 2006. Bevat de tekst van Bass en toelichting, voor iedereen betrokken bij de aanbesteding van overheidsopdrachten in de speciale sectoren.

Aanbestedingsrecht voor overheden

‘Naar een verantwoord aanbestedingsbeleid onder het nieuwe aanbestedingsrecht’, Mr. M.J.J.M. Essers, 3e druk 2009, Reed Business.

Aanbestedingsrecht

‘Aanbestedingsrecht’, mr. E.H. Pijnacker Hordijk, mr. G.W. van der Bend, mr. J.F. van Nouhuys – 4e druk 2009. Hét handboek van het Europese en Nederlandse aanbestedingsrecht.

Praktijkboek aanbesteden

‘Praktijkboek aanbesteden’, mr. S.C. Brackmann, mr. J.C. Verlinden-Bijlsma, 2e druk 2011

Privatiseringen en bestrijding corruptie en georganiseerde criminaliteit

‘EG-aanbestedingsrechtelijke problemen bij privatiseringen en bij de bestrijding van corruptie en georganiseerde criminaliteit’ mr. dr. E.R. Manunza, diss. Amsterdam VU, Europese Monografieën, deel 68, 2001.

De Leidraad aanbesteden voor de bouw

Handleiding voor aanbesteden in de bouw. Breed perspectief en inzetbaar voor de hele bouwsector.

Pluk de vruchten van de interne markt

Europees beleid als kans voor decentraal beleid, Bart Hessel, Ann-Marie Kühler, Emile Perton, 2011, hoofdstuk 3.

Contractmanagement

Handreiking contractbeheer en contractmanagement

Concessies

Richtlijn 2014/23
Voorstel concessierichtlijn (december 2011)
Werkprogramma 2010 Europese Commissie met een initiatief voor een concessierichtlijn
Mededeling (november 2005) over PPS en gemeenschapsrecht voor overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten
Groenboek (april 2004) PPS en concessies
Interpretatieve mededeling (april 2000) over concessies

Notitie Europa decentraal over de nieuwe richtlijnvoorstellen (versie 15 juli 2014 en versie 15 januari 2016), hoofdstuk 5
Feuilleton voorstellen van Europa decentraal over de nieuwe aanbestedingsrichtlijnen (februari 2012) hoofdstuk 4 over concessierichtlijn
Handboek Aanbestedingsrecht, Pijnacker Hordijk, Nouhuys en van der Bend
Aanbestedingsrecht voor overheden, Essers
Artikel: De Concessierichtlijn, Implementatie in Nederland en België. mr. R.S. Damsma, prof. mr. G.W.A. van de Meent en mr. F. Vlassembrouck, Tijdschrift voor Staatssteun, Jaargang 6, December 2015

Decentralisaties en aanbesteden

Veelgestelde vragen aanbesteden, Europa decentraal
Notitie Nieuwe aanbestedingsrichtlijnen 2014, Europa decentraal
Overzicht handreikingen Wmo, Rijksoverheid
Wijziging van Europees aanbestede contracten en subsidies (contracten Jeugdzorg en Wmo), VNG
Productencatalogus Drie Decentralisaties, VNG
Op weg naar maatschappelijke meerwaarde in het sociaal domein (Toepassingen en lessen van maatschappelijk aanbesteden in de gemeentelijke Wmo-aanbestedingen 2015), ministerie van BZK
Bestuurlijk aanbesteden: mag het nu wel of niet onder de gewijzigde aanbestedingsregelgeving?, Mr. E.E. Zeelenberg en mr. T.T.A. Oudenhoven (Gst. 2016/63)

Wet- en regelgeving

Aanbestedingen

Aanbestedingsrichtlijnen

De Europese Aanbestedingsrichtlijnen 2004/17 en 2004/18 bevatten de Europese aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten voor respectievelijk speciale sectoren dan wel de zogenaamde klassieke sectoren van werken, leveringen en dienstenopdrachten.

Nieuwe aanbestedingsrichtlijnen

In december 2011 heeft de Europese Commissie drie nieuwe voorstellen voor aanbestedingsregels voor klassieke sectoren, speciale sectoren en concessies uitgebracht.
Voorstel klassieke aanbestedingsrichtlijn 2011 896 (ter vervanging van richtlijn 2004/18) van december 2011
Voorstel speciale sectoren aanbestedingsrichtlijn 2011 895 (ter vervanging van richtlijn 2004/17) van december 2011
Voorstel concessierichtlijn 2011 897 (nieuw) van december 2011

In juli 2013 zijn de compromisteksten uitgebracht:
Compromistekst van juli 2013 over het voorstel voor een Directive on public procurement (Classical Directive)
Compromistekst van juli 2013 over het voorstel voor een Directive on procurement by entities operating in the water, energy, transport and postal service sectors 
Compromistekst van juli 2013 over het voorstel voor een Directive on the award of concession contracts (Concessions Directive)

Op 15 januari 2014 zijn de voorstellen voor nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen door het Europees Parlement aangenomen en op 11 februari zijn de nieuwe richtlijnen definitief vastgesteld door de Raad van Ministers. De definitief vastgestelde teksten zijn gepubliceerd in het Publicatieblad van 28 maart 2014 (L94):
Nieuwe richtlijn klassieke sectoren (2014/24)
Nieuwe richtlijn speciale sectorbedrijven (2014/25)
Nieuwe richtlijn concessies (2014/23)

De nieuwe richtlijnen moeten uiterlijk 18 april 2016 door het Ministerie van Economische Zaken worden geïmplementeerd via nationale regelgeving. Dit zal via een aanpassing van de Aanbestedingswet gebeuren.

Aanbestedingswet

Op 1 juli 2016 is de herziene Aanbestedingswet 2012 in werking getreden. Met deze wijzigingen zijn de Europese aanbestedingsrichtlijnen 2014/23, 2014/24 en 2014/25 geïmplementeerd, die in april 2014 zijn vastgesteld.

Verslag behandeling wetsvoorstel

Het ministerie van EZ heeft op 29 oktober 2015 het wetsvoorstel tot wijziging van de Aanbestedingswet naar de Tweede Kamer gestuurd. Zie ook de Memorie van Toelichting op het wetsvoorstel. Ook is er een advies van de Raad van State over het wetsvoorstel gepubliceerd.

De vaste commissie Economische Zaken is belast met het voorbereidend onderzoek naar het wetsvoorstel tot wijzigingen van de Aanbestedingswet 2012. Zij bracht op 7 december 2015 een verslag uit van haar bevindingen ter voorbereidingen van de openbare behandeling van het wetsvoorstel. Het ministerie van EZ heeft vier Nota’s van Wijziging van het wetsvoorstel uitgebracht:

Consultatie Aanbestedingswet 2012

In april 2015 heeft het ministerie van EZ concept wetsvoorstellen voor de gewijzigde Aanbestedingswet 2012 in consultatie gebracht. Hier vindt u het consultatiedocument gewijzigde Aanbestedingswet 2012 en het concept Memorie van Toelichting.

Aanbestedingsbesluit

U kunt hier het aanbestedingsbesluit 2012 vinden.

Overige wet- en regelgeving

Geschiedenis Aanbestedingswet

In december 2002 is, naar aanleiding van de aanbevelingen van de Parlementaire Enquête Bouwnijverheid, aangegeven dat een nationaal aanbestedingskader gewenst zou zijn. In 2006 werd het concept wetsvoorstel van het ministerie van EZ door de Tweede Kamer aangenomen. Hierbij kwam ook een Memorie van Toelichting. Deze had in 2009 in werking moeten treden. De Eerste Kamer heeft in 2008 echter het wetsvoorstel verworpen. De Aanbestedingswet is uiteindelijk aangenomen en in werking getreden in 2012.

CPV

De CPV Verordening

In de CPV Verordening zijn zeven bijlagen opgenomen, wat is bedoeld als een classificatiesysteem voor alle soorten opdrachten voor leveringen, diensten en werken.

Bij de Verordening hoort een transponeringstabel, die een omnummering weergeeft van de codes uit de voormalige CPV-Verordening uit 2003 naar de codes uit 2007 en vice versa. Ook zijn er vier tabellen toegevoegd, die een omschrijving geven van oude CPV-codes uit 2003 en de bestaande CPV-codes uit 2007.

Decentralisaties en aanbesteden

Wmo 2015

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 – aangenomen in Eerste Kamer 14 juli 2014 – Parlementaire stukken nr. 33841 (Staatsblad 2014, 280, zie artikel 8.11 voor moment van inwerkingtreding bij nader Koninklijk Besluit (kan per onderdeel verschillen) te bepalen tijdstip)

Met de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) verschuift het inkopen van langdurige, niet intensieve zorg van het Rijk naar de gemeenten. De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) wordt vervangen door nieuwe regelingen. Lichtere vormen van zorg en ondersteuning uit de AWBZ gaan dan over naar de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Zorgverzekeringswet. Bijvoorbeeld begeleiding, hulpmiddelen, thuiszorg, dagbesteding en verzorging en verpleging thuis.

Na 1 januari 2015 valt alleen langdurige, intensieve zorg nog onder de Algemene Wet Bijzondere ziektekosten (AWBZ).

Participatiewet

Invoeringswet Participatiewet – aangenomen in Eerste Kamer 1 juli 2014 – Parlementaire stukken nr. 33161 (treedt in werking op 1 januari 2015)

In de Participatiewet komen drie bestaande regelingen over werk en inkomen samen: de huidige wet werk en bijstand (WWB), de wet sociale werkvoorziening (WSW) en een deel van de Wajong. Met de Participatiewet is er voortaan één regeling om meer mensen, ook met een arbeidsbeperking, naar vermogen aan het werk te krijgen.

Jeugdwet

Jeugdwet – aangenomen in  Eerste Kamer 18 februari 2014 – Parlementaire stukken nr. 33684.

Aanbestedingsrichtlijn 2014/24

De nieuwe aanbestedingsrichtlijn voor overheidsopdrachten in de klassieke sector (richtlijn 2014/24) heeft ook consequenties voor Jeugdhulp en Wmo. Meer informatie hierover vindt u in een factsheet van Europa decentraal en de VNG.

E-Aanbesteden

AANBESTEDINGSRICHTLIJNEN EN E-AANBESTEDEN

Aanbestedingsrichtlijnen 2014/23, 2014/24 en 2014/25 moeten lidstaten helpen om volledig over te gaan op elektronische aanbestedingen. Ook moet het voor ondernemers beter mogelijk worden om deel te nemen aan (online) aanbestedingsprocedures binnen de gehele EU. Om dat voor elkaar te krijgen, voorziet richtlijn 2014/24 in:

  • een verplichte verzending van aankondigingen in elektronische vorm;
  • de verplichte elektronische beschikbaarstelling van aanbestedingsdocumenten;
  • een verplichte overgang naar volledige elektronische communicatie.

De Europese Commissie heeft een tijdspad opgesteld waarbinnen e-aanbesteden moet worden uitgerold in de EU.

VOLLEDIG ELEKTRONISCHE COMMUNICATIE

Onder volledig elektronische communicatie wordt verstaan: “het overbrengen van informatie langs elektronische weg in alle fasen van de procedure, met inbegrip van de verzending van verzoeken om deelneming en de verzending van inschrijvingen via elektronische indiening” (overweging 52 van richtlijn 2014/24).

VERPLICHTING E-AANBESTEDEN

Richtlijn 2014/24 is op 1 juli 2016 in Nederland geïmplementeerd middels een aanpassing in de Aanbestedingswet. De overgang naar volledig elektronisch aanbesteden kan volgens de richtlijn worden uitgesteld tot 18 april 2018 (art. 90), maar wordt in de Aanbestedingswet 2012 verplicht gesteld per 1 juli 2017. Deze verplichting geldt voor aanbestedende diensten en speciale-sectorbedrijven. Volledig digitaal aanbesteden kan via TenderNed, of een van de andere aanbestedingsplatforms.

TenderNed

Sinds de inwerkingtreding van de Aanbestedingswet 2012 moeten Nederlandse overheden aankondigingen van Europese opdrachten (elektronisch) publiceren via TenderNed. Dit Nederlandse online-aankondigingssysteem is bedoeld voor alle Nederlandse overheids- en publiekrechtelijke instellingen die een aanbestedingsplicht hebben of ondernemingen die overheidsopdrachten willen uitvoeren.

Gunningscriteria

Nieuwe aanbestedingsrichtlijn – selectie en gunning

Artikel 56 lid 2 van richtlijn 2014/24 geeft een implementatiekeuze aangaande de selectie en gunning waarbij lidstaten ten aanzien van openbare procedures kunnen besluiten:
In openbare procedures kunnen aanbestedende diensten besluiten tot onderzoek van de inschrijvingen over te gaan voorafgaand aan de controle op het ontbreken van gronden tot uitsluiting en het voldoen van de selectiecriteria overeenkomstig artikelen 57 t/m 64. Wanneer zij van deze mogelijkheid gebruikmaken, zien zij erop toe dat de verificatie van het ontbreken van redenen voor uitsluiting en het voldoen aan de selectiecriteria op onpartijdige en transparante wijze plaatsvindt zodat er geen opdracht wordt gegund aan een inschrijver die had moeten worden uitgesloten overeenkomstig artikel 57 of die niet voldoet aan de selectiecriteria van de aanbestedende dienst.

De lidstaten kunnen besluiten het gebruik van de in de eerste alinea bedoelde procedure uit te sluiten of te beperken tot bepaalde soorten aanbestedingen of bepaalde omstandigheden.

Nieuwe aanbestedingsrichtlijn – abnormaal lage inschrijving

In de nieuwe richtlijn 2014/24 is de regeling over abnormaal lage inschrijving opgenomen in artikel 69. De nieuwe aanbestedingsrichtlijn  moet voor 18 april 2016 via een aanpassing van de Aanbestedingswet in Nederland geïmplementeerd zijn.
Het nieuwe artikel 69 in richtlijn 2014/24 komt grotendeels overeen met het huidige artikel 55 van richtlijn 2004/18. Er is wel een bepaling toegevoegd in de nieuwe richtlijn. De aanbestedende dienst wijst volgens de nieuwe richtlijn de inschrijving af indien hij heeft vastgesteld dat de abnormaal lage prijzen of kosten het gevolg zijn van niet-nakoming van dwingende sociaal-, arbeids- of milieurechtelijke voorschriften van het Unierecht, van met het Unierecht verenigbare voorschriften van nationaal recht, of van internationale arbeidsrechtelijke voorschriften.

Innovatief aanbesteden

Innovatiepartnerschap

In de nieuwe aanbestedingsrichtlijn 2014/24 wordt aan de innovatiedoelstelling uit de EU2020-strategie tegemoetgekomen: het invoeren van het innovatiepartnerschap. Het gaat om de ontwikkeling en de daaropvolgende aankoop van nieuwe, innovatieve producten, werken en diensten. Deze moeten geleverd kunnen worden tegen overeengekomen kwaliteit- en prijsniveaus.

Fasen

Het partnerschap bepaalt tussentijdse streefdoelen en voorziet in betaling van de vergoeding in passende termijnen. Op basis van deze streefdoelen kan de aanbestedende dienst na elke fase besluiten het partnerschap op te zeggen. Als de aanbestedende dienst daarvoor intellectuele eigendomsrechten heeft verkregen, kan hij voor de resterende fasen een nieuwe aanbestedingsprocedure opzetten.

Artikel 31 van richtlijn 2014/24 beschrijft de procedurestappen van deze innovatiepartnerschap. In het kort worden onder meer de volgende stappen beschreven:

  • elke ondernemer kan een verzoek om deelname indienen door verstrekking van door de aanbestedende dienst gevraagde informatie voor kwalitatieve selectie;
  • de aanbestedende dienst geeft aan dat er behoefte is aan innovatieve producten, diensten of werken en dat met de aanschaf van reeds op de markt beschikbare producten (etc.) niet in die behoefte kan worden voorzien;
  • de aanbestedende dienst geeft aan welke elementen de minimumeisen zijn;
  • de toepasselijke termijnen voor ontvangst van verzoeken tot deelname staan, net als bovenstaande eisen, ook in lid 1 van artikel 31;
  • het partnerschap is gericht op de ontwikkeling van innovatieve producten (etc.) en de daaropvolgende aankoop van daaruit resulterende leveringen (etc.), mits ze voldoen aan de afgesproken prestatieniveaus en onder de maximumkosten blijven;
  • de procedure bestaat uit opeenvolgende fasen, die de reeks stappen in het onderzoeks- en innovatieproces volgen. Er worden ook tussentijdse doelen bepaald en er wordt voorzien in betaling in passende termijnen;
  • de aanbestedende dienst kan na elke fase besluiten het innovatiepartnerschap te beëindigen of het aantal partners te verminderen (artikel 31 lid 2);
  • er wordt onderhandeld om de inhoud van de inschrijving te verbeteren. Over de minimumeisen en gunningscriteria wordt niet onderhandeld (lid 3);
  • tijdens de onderhandelingen waarborgt de aanbestedende dienst de gelijke behandeling van alle inschrijvers en maakt deze vertrouwelijke inlichtingen niet bekend zonder toestemming (lid 4);
  • er kunnen onderhandelingen plaatsvinden om het aantal inschrijvingen waarover moet worden onderhandeld te beperken (lid 5);
  • bij het selecteren van de gegadigden hanteren aanbestedende diensten criteria inzake het potentieel van de kandidaten en hun vermogen om nieuwe oplossingen te ontwikkelen;
  • in de aanbestedingsstukken bepalen aanbestedende diensten welke regelingen op intellectuele eigendomsrechten van toepassing zijn (lid 6):
  • lid 7 van artikel 31 geeft nog voorschriften voor de structuur van de partnerschap, de duur en de waarde van de verschillende fasen en de geraamde waarde van de leveringen, diensten of werken, die in verhouding moet staan met de investering voor de ontwikkeling ervan.

Integriteit

In art. 57 van aanbestedingsrichtlijn 2014/24 staan ‘dwingende en facultatieve’ uitsluitingsgronden benoemd. Decentrale overheden kunnen hiermee inschrijvende partijen uitsluiten van een aanbestedingsprocedure, bijvoorbeeld wanneer zij fraude hebben gepleegd.

WET BIBOB

Decentrale overheden kunnen ervoor kiezen om de wet Bibob (Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur) toe te passen op een aanbestedingsprocedure. Het doel van deze wet is om te voorkomen dat overheden overeenkomsten aangaan met criminele elementen betrekkingen . Op basis van de wet Bibob kan de integriteit van ondernemers worden gecontroleerd en kan, indien nodig, worden besloten om gegadigden voor een overheidsopdracht uit te sluiten.

AANBESTEDINGSWET

De herziene Aanbestedingswet 2012 voert een verplichte toetsing van de integriteit van ondernemers door aanbestedende overheden in. Voordat aanbestedende overheden een opdracht aan een onderneming gunnen, moeten zij ondernemers vragen om een VOG-verklaring.

Milieucriteria

Nieuwe aanbestedingsrichtlijnen

Op 15 januari 2014 heeft het Europees Parlement 3 nieuwe Europese aanbestedingsrichtlijnen aangenomen welke op 11 februari 2014 door de Raad van Ministers zijn vastgesteld. De definitieve tekst is op 28 maart 2014 gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie. Het betreft een nieuwe richtlijn voor de klassieke sectoren (2014/24/EU), een richtlijn voor de nutssectoren (2014/25/EU) en een concessierichtlijn (2014/23/EU). Nederland moet voor 18 april 2016 de nieuwe richtlijnen implementeren in de Aanbestedingswet.
De nieuwe aanbestedingsrichtlijnen bevatten geen verplichtingen om sociale-, milieu-, of innovatiedoelstellingen te integreren in het aanbestedingsproces. Gezien de grote verschillen tussen sectoren en markten, heeft de Europese wetgever het niet raadzaam gevonden voor overheidsopdrachten algemene verplichtingen voor ecologisch en sociaal  verantwoorde en innovatieve aanbestedingen vast te stellen. Daarom is ervoor gekozen om via sectorspecifieke wetgeving sectorspecifieke verplichtingen vast te stellen.
Wel bevatten de richtlijnen een aantal nieuwe mogelijkheden om behalve prijs ook kwaliteit, milieueffecten, sociale factoren en innovatiepotentieel een rol te laten spelen bij de selectie.
Zie voor meer informatie ook de notitie nieuwe aanbestedingsrichtlijnen van Europa decentraal.

Sectorspecifieke regelgeving met milieucriteria

In de volgende regelgeving zitten de milieucriteria verwerkt:

1. Richtlijn schone en energiezuinige wegvoertuigen

Met de richtlijn schone en energiezuinige wegvoertuigen geeft de Commissie aan dat zij wil dat decentrale overheden bij de aanschaf van wegvoertuigen meer rekening houden met het milieu. Vanaf 2012 is het verplicht om milieuoverwegingen op te nemen in de aanbesteding van vervoersmiddelen.

2. Richtlijn energieprestaties gebouwen

Volgens de richtlijn energieprestaties gebouwen moeten alle gebouwen waar overheden eigenaar van zijn, vanaf 2019 bijna energieneutraal zijn. Dit in kader van de voortrekkersrol van decentrale overheden. Vanaf 31 januari 2020 moeten alle nieuwe gebouwen bijna energieneutraal zijn en sinds 2013 moet al aan een aantal minimumeisen worden voldaan.

3. IT-producten

IT-producten die aanbestedende diensten kopen, moeten voldoen aan de minimum eisen die beschreven worden in de EU Energie Star Verordening.

MKB en aanbesteden

Ter voorbereiding van de Europese aanbestedingsrichtlijnen 2014/23, 24 en 25 heeft de Europese Commissie de Europese aanbestedingssystematiek geëvalueerd. Hieruit is het Groenboek modernisering aanbestedingsrichtlijnen voortgekomen. Daarin staat dat één van de hoofddoelstellingen van de EU-wetgeving inzake overheidsopdrachten is om ondernemingen de kans te geven daadwerkelijk te concurreren om overheidsopdrachten in andere lidstaten binnen te halen.

Aanbestedingsrichtlijn 2014/24 bevat dan ook verschillende artikelen die de toegang, van met name kmo’s en starters, tot de Europese aanbestedingsmarkt moeten verbeteren. Deze worden hieronder nader besproken.

Uniform Europees Aanbestedingsdocument

Het standaard Europees Uniform Aanbestedingsdocument (UEA) is een bewijsmiddel voor het ontbreken van gronden voor uitsluiting. Het UEA vervangt in Nederland de Eigen Verklaring. Het UEA bestaat uit een formele verklaring van de ondernemer dat de betrokken grond tot uitsluiting niet van toepassing is en/of dat aan het selectiecriterium is voldaan en bevat de relevante informatie die door de aanbestedende dienst wordt verlangd (art. 59 lid 1 richtlijn 2014/24).

Opdelen in percelen

Aanbestedende diensten moeten ertoe worden aangezet om opdrachten in percelen te verdelen. Zij krijgen de verplichting toe te lichten waarom zij dit niet doen (art. 46 richtlijn 2014/24). Hier leest u meer informatie over het opdelen van een aanbestedingsopdracht in percelen.

Beperking eisen voor deelname

Aanbesteden diensten kunnen niet van ondernemers verlangen dat zij een minimale omzet hebben die niet in verhouding staat tot het voorwerp van de opdracht. Als vuistregel geldt dat de omzeteis maximaal twee keer de geraamde waarde van de opdracht mag zijn (art. 58  lid 3 richtlijn 2014/24). Op goede gronden moet het echter mogelijk zijn strengere eisen op te stellen. In Nederland geldt sinds inwerkingtreding van de Aanbestedingswet een omzeteis van maximaal drie keer de geraamde waarde van de opdracht (art. 2.90 Aanbestedingswet).

Meer informatie hierover leest u in het Factsheet 2 ‘Simplifying the rules for bidders’ van de Commissie.

AANBESTEDINGSWET

Ook op nationaal niveau is er toenemende aandacht voor het aandeel van het MKB bij overheidsopdrachten. De Tweede Kamer heeft op 14 februari 2012 ingestemd met de Aanbestedingswet. Deze wet moet ervoor zorgen dat overheidsopdrachten eenvoudiger en transparanter zijn. Op grond van de Aanbestedingswet (art. 1.5) mogen opdrachten bijvoorbeeld niet meer zonder goede reden worden geclusterd. Zo moeten kleinere bedrijven meer kans maken om in aanmerking te komen voor overheidsopdrachten.

X