Samenloop opdrachten

Wanneer een (overheids)opdracht elementen bevat die binnen de toepassingssfeer van meer dan één soort opdracht vallen (werken, leveringen en diensten), is er sprake van samenloop van opdrachten (ook wel gecombineerde opdrachten of gemengde opdrachten genoemd). Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn bij baggerwerkzaamheden of wegonderhoud, moeten dit soort opdrachten als werk of als dienst worden aanbesteed? Onder praktijkvragen leest u het antwoord op deze vraag.

een opdracht of samenloop van opdrachten

Een decentrale overheid moet bij een gemengde opdrachten bepalen of alle elementen deel uitmaken van één aanbestedingsplichtige opdracht, of dat er sprake is van meerdere losse opdrachten. Wanneer er sprake is van één opdracht, moet worden gekeken naar wat het hoofdvoorwerp is. Zo kan bepaald worden of een opdracht als werk, levering of dienst moet worden aanbesteed. De intentie en de grootste waarde bepalen het hoofdvoorwerp van de opdracht. Is er sprake van een samenloop van opdrachten, dan moeten deze apart worden aanbesteed.

Hoofdvoorwerp van de opdracht

Het Hof van Justitie EU bepaalde in de zaak C-412/04 (Europese Commissie tegen Italië) dat: ‘Het hoofdvoorwerp van een opdracht moet worden bepaald op basis van de essentiële verplichtingen die primeren en als zodanig kenmerkend zijn voor de betrokken opdracht, en niet op basis van die welke slechts bijkomstig of aanvullend zijn en uit het voorwerp zelf van de overeenkomst voortvloeien’.

De eis om het hoofdvoorwerp van de opdracht te bepalen, is inmiddels vastgelegd in art. 3 lid 2 richtlijn 2014/24. In het geval van opdrachten voor leveringen en diensten wordt het hoofdvoorwerp van de opdracht volgens dit artikel bepaald door de hoogste prijs van de respectieve diensten of leveringen. Het is dus van belang vast te stellen wat de hoofdinsteek van de opdracht is: een werk, levering of dienst.

Werk, levering of dienst

Om te bepalen wat de hoofdinsteek van de opdracht is, kunt u de definities van werk, levering en dienst in art. 2 lid 6-9 richtlijn 2014/24 raadplegen. De definities geven soms al een indicatie van onder welk regime moet worden aanbesteed. Zo wordt bijvoorbeeld een overheidsopdracht die betrekking heeft op ‘de leveringen van producten en in bijkomende orde op werkzaamheden voor het aanbrengen en installeren’ beschouwd als een overheidsopdracht voor leveringen.

Wanneer de waarde van een dienst hoger is dan die van de in de opdracht opgenomen producten, moet deze opdracht als een overheidsopdracht voor diensten worden beschouwd. Onder overheidsopdrachten voor werken vallen ook opdrachten die, naast de uitvoering van werken als zodanig, mede het ontwerp daarvan omvatten. Dit alles is uit de definities van werk, levering en dienst op te maken.

Criterium Hoogste waarde

De ‘hoogste waarde component’ is leidend om te bepalen wat het hoofdvoorwerp van de opdracht is (art. 3 lid 2 van richtlijn 2014/24). De component met de hoogste waarde bepaalt welk aanbestedingsregime van toepassing is bij een samenloop van opdrachten. De totale waarde van de verschillende componenten dient wel bij elkaar opgeteld te worden voor de totale waardebepaling van de opdracht. Als een opdracht bijvoorbeeld voor een gedeelte bestaat uit een opdracht voor diensten en een gedeelte uit een opdracht voor werken, en het dienstengedeelte heeft de hoogste waarde, dan is de drempelwaarde voor diensten leidend.

Het hoofdvoorwerp van de opdracht wordt dus bepaald aan de hand van de intentie en de hoogste waarde van de opdracht.

Niet-samenhangende opdrachten

De aanbestedingsrichtlijn verplicht aanbestedende diensten niet om niet-samenhangende opdrachten samen te voegen. Zij moeten echter duidelijk kunnen motiveren dat een opdracht niet is gesplitst om onder de werking van de richtlijn uit te komen (art. 5 lid 3 richtlijn 2014/24). De opdrachten mogen niet (zowel qua aard als in de tijd) een opeenvolgend, samenhangend geheel zijn, als de aanbestedende dienst deze opdrachten als separate, van elkaar losstaande opdrachten zou willen aanbesteden.

De aanbestedende dienst mag dus niet bewust opdrachten splitsen om onder de aanbestedingsplicht uit te komen. Wanneer er wel sprake is van separate, onsamenhangende opdrachten, dan kunnen de opdrachten wel als twee zelfstandige, losse opdrachten behandeld worden.

Gemengde aanbestedingen

Art. 3 richtlijn 2014/24 onderschrijft wat er onder een gemengde aanbesteding moet worden verstaan. Een gemengde opdracht kan deels betrekking hebben op sociale en andere specifieke diensten en deels op andere diensten. Daarnaast kan een gemengde opdracht deels betrekking hebben op diensten en deels op leveringen.

Art. 3 lid 2 legt voor deze gemengde opdrachten de regeling ‘objectieve deelbaarheid van opdrachten’ neer. Dit betekent dat aanbestedende diensten kunnen kiezen om opdrachten die objectief deelbaar zijn samengevoegd aan te besteden, waarbij het onderdeel van de opdracht met de hoogste waarde leidend is, dan wel gesplitst aan te besteden (lid 4). Zijn de onderdelen van de opdracht niet objectief deelbaar, dan wordt het toepasselijke juridische kader bepaald door het hoofdvoorwerp van die opdracht (lid 6).

Voorbeelden van samenloop van opdrachten vindt u onder praktijkvragen.

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


Jurisprudentie Samenloop opdrachten

Commissie/Frankrijk (Electrification Vendée)

HvJ-EG, 5 oktober 2000. Zaak C-16/98. In deze zaak gaat het om opdrachten voor onderhouds- en uitbreidingswerkzaamheden aan elektriciteits- en straatverlichting. Het Hof buigt zich over de vraag of verschillende verstrekte opdrachten als één werk moeten worden aangemerkt.

Lees meer

Europese Commissie tegen Italië

HvJ-EU, 21 februari 2008. Zaak C-412/04. Het Hof oordeelt in deze zaak dat de waarde van de verschillende soorten opdrachten slechts één van de criteria is die moeten worden toegepast om te kunnen beoordelen of het hoofdvoorwerp van de opdracht een werk is of een levering/dienst is.

Lees meer

Felix Swoboda GmbH

HvJ-EG, 14 november 2002. Zaak C-411/00. In de zaak ging het om een opdracht voor het uitvoeren van een verhuizing. Het Hof buigt zich over de vraag of een opdracht die één doel beoogde, maar bestond uit afzonderlijke diensten die deels vielen onder bijlage IA van de richtlijn diensten en deels onder 1B worden aangemerkt als één dienst? En kan de opdracht dan worden ingedeeld aan de hand van het hoofdvoorwerp van de opdracht?

Lees meer

Impresa Pizzarotti & C. SpA tegen Comune di Bari

HvJ-EU, 10 juli 2014. Zaak C-213/13. In deze zaak gaat het om een gerechtsgebouw dat nog gebouwd moet worden. In deze zaak speelde de vraag of een overeenkomst, die een aantal kenmerkende eigenschappen van een huurovereenkomst vertoonde, voor een nog te bouwen gebouw kwalificeerde als (aanbestedingsplichtige) overheidsopdracht.

Lees meer

KölnMesse en Keulen/GKM

HvJ-EG, 29 oktober 2009. Zaak C-536/07. Het gaat in deze zaak om de bouw van expositiehallen en de latere verhuur van die expositiehallen. Het Hof buigt zich over de vraag wat het hoofdvoorwerp van de opdracht is en of er in deze zaak sprake is van een overheidsopdracht voor werken.

Lees meer

Krinkels BV tegen Moerdijk

Voorzieningenrechter Rechtbank Breda, 30 december 2004. Zaak KG ZA 04-668. Het gaat in deze zaak om de definitie van een IA-dienst en een IB-dienst (volgens de nieuwe aanbestedingsrichtlijn 2004/18: IIA en IIB-diensten). Is plantsoenonderhoud aan te merken als 1A of 1B dienst? Klik hier voor meer informatie.

Lees meer

Tögel

HvJ-EG, 24 september 1998. Zaak C-76/97. Deze zaak gaat over de inroepbaarheid van de richtlijn diensten als het gaat om overeenkomsten van onbepaalde tijd. Het Hof buigt zich onder andere over de vraag of ziekenvervoer  een IA of IB dienst is (volgens de aanbestedingsrichtlijn 2004/18: IIA en IIB-diensten).

Lees meer

Praktijkvragen Samenloop opdrachten

Wat zijn de regels voor overheidsopdrachten met samenhang tussen werken en diensten?

Wat zijn de kaders waarbinnen een bouwteamopdracht voor ontwerp en bouw van een multifunctioneel schoolgebouw, een gymnastieklokaal, peuterspeelzaal en 18 schoolappartementen moet worden aanbesteed. De bouwkosten bedragen ongeveer € 5,5 miljoen. ag je het ontwerpgedeelte en de bouw als een opdracht zien of moet je altijd splitsen? Of hangt dit af van bijvoorbeeld de Europese drempelbedragen voor werken en diensten?

Bekijk het antwoord

Hebben we bij de aanbesteding van wegonderhoud te maken met een werk of dienst?

Onze gemeente wil een opdracht voor het onderhoud van wegen aanbesteden. Het gaat om het aanbrengen van een nieuwe asfaltlaag. Volgens de CPV-woordenlijst zijn er zowel CPV-codes waarbij onderhoud van wegen als een werk wordt aangemerkt (denk aan bijvoorbeeld 45233141-9 Wegenonderhoud en 45233220-7 Wegdekwerkzaamheden voor wegen) als CPV-codes die onderhoud van wegen als een IIA-dienst typeren (bijvoorbeeld 50230000-6 Reparatie, onderhoud en aanverwante diensten voor wegen en andere uitrusting).

Bekijk het antwoord

Is de aanbesteding van een verkeersregelinstallatie een werk of levering?

Als gemeente moeten we de levering en aanleg van een verkeersregelinstallatie aanbesteden. We hebben het altijd als een werk beschouwd, maar vragen ons af of het toch niet een levering is. De CPV-code is 31623900-8. Het betreft zowel het materiaal (kabels, lampen, etc.) als het aanbrengen ervan (kabels ingraven, mantelbuizen persen, etc.).

Bekijk het antwoord

Onder welk aanbestedingsregime moet een opdracht voor werken en leveringen vallen?

Voor het vervangen van lichtmasten is een bestek gemaakt waarin ook de levering van de lichtmasten is opgenomen. Moet deze opdracht worden aanbesteed volgens het leveringsregime? De kosten van het leveren van de masten is namelijk hoger geraamd dan de kosten voor het plaatsen en aansluiten. Of moet voor het bepalen van de juiste aanbestedingsprocedure naar de drempelbedragen voor werken gekeken worden?

Bekijk het antwoord

Publicaties Samenloop opdrachten

Samenloop opdrachten

Aanbestedingsrecht voor overheden

‘Naar een verantwoord aanbestedingsbeleid onder het nieuwe aanbestedingsrecht’, Mr. M.J.J.M. Essers, 3e druk 2009, Reed Business.

Aanbestedingsrecht

mr. E.H. Pijnacker Hordijk, mr. G.W. van der Bend, mr. J.F. van Nouhuys – 4e druk 2009. Hét handboek van het Europese en Nederlandse aanbestedingsrecht.

X