Verdragsbeginselen

Binnen de EU is de interne markt opgezet, een ruimte zonder binnengrenzen waar vrij verkeer plaatsvindt. Vrij verkeer binnen de EU is gestoeld op achterliggende fundamentele vrijheden. Decentrale overheden moeten in hun inkoop- en aanbestedingspraktijk met name rekening houden met de waarborging van de volgende fundamentele vrijheden/verdragsbeginselen:

  • het vrij verkeer van goederen;
  • de vrijheid van vestiging;
  • het vrij verlenen van diensten.

Meer informatie over de fundamentele vrijheden leest u in het dossier vrij verkeer.

Rechtsbeginselen

In het verlengde van deze fundamentele vrijheden, is in richtlijn 2014/24 (overweging 1 e.v. en art. 18) een aantal rechtsbeginselen opgenomen. De volgende rechtsbeginselen moeten bij aanbestedingen altijd in acht genomen worden, ook als de Europese richtlijnen niet van toepassing zijn:

  1. non-discriminatie en gelijkheidsbeginsel;
  2. transparantiebeginsel;
  3. evenredigheids-/proportionaliteitsbeginsel;
  4. beginsel van wederzijdse erkenning;
  5. objectiviteitsbeginsel.

1. Non-discriminatie en gelijke behandeling

Het beginsel van gelijke behandeling van alle inschrijvers is het basisbeginsel van het aanbestedingsrecht (C-243/89 Storebaelt). Dit beginsel bevordert de ontwikkeling van de mededinging en zorgt er voor dat alle inschrijvers dezelfde kansen krijgen (C-496/99 Succhi di Frutta). Meer informatie over deze zaken leest u onder jurisprudentie.

Discriminatie naar nationaliteit is in het Verdrag betreffende de Werking van de EU (VWEU) expliciet uitgesloten. Er mag geen ongerechtvaardigd onderscheid gemaakt worden tussen lidstaten en tussen EU-burgers op basis van nationaliteit (art. 18 VWEU). Non-discriminatie moet ervoor zorgen dat deelnemers niet bevoordeeld of benadeeld worden ten opzichte van derden of elkaar.

Verboden, discriminerende voorwaarde

Een voorbeeld van een verboden, discriminerende voorwaarde is de eis dat ondernemers die interesse hebben in de opdracht in dezelfde lidstaat of regio als de aanbestedende dienst gevestigd moeten zijn (C-324/98 Telaustria).

2. Transparantiebeginsel

Het transparantiebeginsel is gericht op gelijke kansen voor alle deelnemers bij het formuleren van de offerte die zij opmaken. Het is afgeleid van het beginsel van gelijke behandeling en non-discriminatie. Aan potentiële deelnemers moet een voldoende mate van openbaarheid gegarandeerd worden. Zo staat de markt open voor mededinging. Een onderneming die gevestigd is in een andere lidstaat krijgt toegang tot relevante criteria en eisen, zodat deze interesse voor de opdracht kan tonen.

Grensoverschrijdend belang

Het transparantiebeginsel speelt een grote rol in de jurisprudentie over de vraag of er sprake is van grensoverschrijdend belang. Arresten C-324/98 (Telaustria) en C-458/03 (Parking Brixen) leken te concluderen dat aanbestedende diensten er steeds vanuit moeten gaan dat er sprake kon zijn van een grensoverschrijdend belang. Hieruit volgde een verplichting tot transparantie en het waarborgen van non-discriminatie. Dit is een vergaande interpretatie van het transparantiebeginsel. Het Hof is hier later op teruggekomen. Meer informatie over deze arresten leest u onder jurisprudentie.

Interpretatieve mededeling

Volgens deze interpretatieve mededeling van de Europese Commissie, is een aanbestedende dienst verantwoordelijk om te beslissen of ondernemingen uit andere lidstaten mogelijk geïnteresseerd zijn in een opdracht. Volgens de Commissie moet deze beslissing zijn gebaseerd op:

  • een evaluatie van de individuele omstandigheden van het geval in kwestie, zoals het onderwerp;
  • de geschatte waarde van de opdracht;
  • de kenmerken van de sector (omvang en structuur van de markt, handelspraktijken, etc.);
  • de geografische ligging van de plaats van uitvoering.

Bekendmaking opdrachten

Aanbestedende diensten moeten zelf besluiten welk medium het meest geschikt is voor de bekendmaking van opdrachten. Hoe groter het belang van de opdracht voor potentiële inschrijvers uit andere lidstaten, hoe meer ruchtbaarheid eraan moet worden gegeven. Passende media hiervoor kunnen zijn: het internet, nationale staats-, dag- en vakbladen, lokale media, het publicatieblad van de Commissie.

Voor opdrachten buiten de aanbestedingsrichtlijnen moet een onderhandelingsprocedure met voorafgaande oproep tot mededinging gevolgd worden. De publicatie kan eventueel plaatsvinden op de website van de aanbestedende dienst.

3. Evenredigheid- /proportionaliteitsbeginsel

Decentrale overheden moeten bij aanbestedingen het minst ingrijpende middel kiezen om het doel te bereiken (evenredigheidsbeginsel art. 5(4) VWEU). Er moet gekeken worden of de gekozen maatregel tot het doel kan leiden en of dat het doel bereikt kan worden zonder de maatregel of met minder vergaande maatregelen.

Zo gaat het optreden niet verder dan noodzakelijk om de doelstellingen van het VWEU te bereiken. De toets aan dit beginsel richt zich daarom op de invulling die gegeven wordt aan de bevoegdheid en niet op de bevoegdheid op zich.

Proportionaliteit

In zaak C-358/12 (Consorzio Stabile Libor Lavori Pubblici tegen Comune di Milano) wordt de definitieve gunning van een opdracht aan Libor nietig verklaard, omdat blijkt dat Libor achter liep met het storten van socialezekerheidsbijdragen. Het Hof bekijkt of deze beperking geschikt is om de verwezenlijking van het doel te verzekeren, en of de beperking niet verder gaat dan noodzakelijk om het doel te bereiken.

Meer over deze zaken leest u onder jurisprudentie. Meer informatie over proportionaliteit binnen nationale aanbestedingen vindt u in de Gids Propotionaliteit.

4. Wederzijdse erkenning

Op basis van wederzijdse erkenning laat een lidstaat goederen of diensten van een andere lidstaat toe op zijn grondgebied, als deze in die lidstaat op rechtmatige wijze zijn geproduceerd en op de markt gebracht. Het beginsel maakt vrij verkeer van goederen en diensten mogelijk, zonder dat nationale regelingen van lidstaten geharmoniseerd moeten worden.

Het beginsel is van toepassing als er geen harmonisatiewetgeving vanuit Europa is, of als producten niet in de toepassingssfeer van deze wetgeving vallen. Als inschrijvers of bieders certificaten of andersoortig bewijs moeten indienen, moeten documenten uit andere lidstaten die een soortgelijk niveau aanbieden geaccepteerd worden.

Ontbreken certificaten

Zie bijvoorbeeld zaak C-199/07 (Commissie tegen Griekenland) over het beginsel van wederzijdse erkenning. In deze zaak ging het om het ontbreken van bepaalde certificaten op grond waarvan buitenlandse adviesbureaus werden afgewezen. Meer informatie over deze zaak leest u onder jurisprudentie.

5. Objectiviteitsbeginsel

Bij het gunnen van een overheidsopdracht moet het objectiviteitsbeginsel in acht genomen worden. Het optreden van de decentrale overheid moet niet alleen transparant maar ook objectief en (op de inhoudelijke merites) controleerbaar zijn.

Verjaringstermijn

Zie bijvoorbeeld zaak C-469/11 (Evropaïki Dynamiki tegen Commissie) over het objectiviteitsbeginsel. In deze zaak gaat het om het vaststellen van een verjaringstermijn. Deze termijn moet op basis van objectieve criteria worden vastgesteld. Meer informatie hierover leest u onder jurisprudentie.

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


Jurisprudentie Verdragsbeginselen

Consorzio Stabile Libor Lavori Pubblici tegen Comune di Milano

HvJ-EU, 10 juli 2014. Zaak C-358/12.  In deze zaak wordt een prejudiciële vraag gesteld aan het Europese Hof van Justitie over de uitlegging van het evenredigheidsbeginsel bij plaatsing van overheidsopdrachten.

Lees meer

Verdragsbeginselen

HvJ, 6 oktober 2016, Tecnoedi Costruzioni Srl tegen Comune di Fossano

Zaak C-318/15. Het Europese Hof van Justitie heeft in dit arrest geoordeeld dat de aanwezigheid van een duidelijk grensoverschrijdend belang niet snel moet worden aangenomen. Dit heeft tot gevolg dat er voor onderdrempelige opdrachten geen Europese  aanbestedingsplicht geldt. Om het grensoverschrijdend belang aan te nemen moeten er concrete aanwijzingen zijn. De enkele omstandigheid dat het werk moet worden uitgevoerd 200 km nabij de grens en er nationale inschrijvers zijn die verder dan 200 km (in hetzelfde land) zijn gevestigd, is onvoldoende.

Lees hier verder.

HvJ EU, 8 mei 2014. Idrodinamica Spurgo Velox srl e.a. tegen Acquedotto Pugliesa SpA

Zaak C-161/13. In deze zaak gaat het om de gunning van een opdracht voor rioolwaterzuivering door een Italiaans overheidsorgaan aan een tijdelijk samenwerkingsverband. Het Hof buigt zich over de rechtmatigheid van de procedure en het rechtszekerheidsbeginsel.

Lees hier verder.

HvJ EU, 10 juli 2014. Consorzio Stabile Libor Lavori Pubblici tegen Comune di Milano

Zaak C-358/12.  Deze zaak gaat over het evenredigheidsbeginsel. Het Hof buigt zich over de vraag of dat beginsel in de weg staat aan een nationale regeling die verplicht stelt dat een inschrijver die een inbreuk heeft begaan op het gebied van de storting van sociale zekerheidsbijdragen moet worden uitgesloten van de gunningsprocedure.

Lees hier verder.

HvJ EU, 15 juli 2010. Europese Commissie tegen Bondsrepubliek Duitsland

Zaak C-271/08. In deze zaak gaat het om een aantal gemeenten die een dienstenovereenkomst voor bedrijfspensioenvoorziening Europees hadden moeten aanbesteden. Het Hof gaat in op de vraag of verzekeringsovereenkomsten aanbestedingsplichtige opdrachten zijn. Hierbij gaat het Hof ook in op het evenredigheidsbeginsel.

Lees hier verder.

HvJ EU, 23 december 2009. Serrantoni en Consorzio stabile edili

Zaak C-376/08. In deze zaak ging het om een geding tussen de bouwonderneming Serrantoni en de gemeente Milaan. Milaan had Serrantoni uitgesloten van deelneming aan een procedure voor het plaatsen van een overheidsopdracht voor werken. Deze had namelijk een Italiaanse regeling overtreden. Het Hof gaat onder andere in op de beginselen van gelijke behandeling en evenredigheid.

Lees hier verder.

HvJ EU, 19 mei 2009. Assitur

Zaak C-538/07. In Italiaanse wetgeving waren andere uitsluitingsgronden opgenomen dan die in de Europese aanbestedingsrichtlijnen staan. Volgens Italiaanse wetgeving mogen ondernemingen die een afhankelijkheidsrelatie tot elkaar hebben, niet tegelijk aan een aanbesteding deelnemen. Het Hof beoordeelt of deze regeling in strijd is met het evenredigheidsbeginsel.

Lees hier verder.

HvJ EG, 15 mei 2008. Torine tegen Secap en Santorso

Gevoegde zaken C-147/06 en C-148/06.
Op grond van een Italiaanse wet moesten abnormaal lage inschrijvingen automatisch worden uitgesloten. In deze zaak ging het om een opdracht met een waarde lager dan de Europese drempelwaarden. Het Hof gaat in op grensoverschrijdend belang en de toepassing van fundamentele verdragsbeginselen.

Lees hier verder.

HvJ EU, 29 maart 2012. SAG ELV Slovensko e.a. tegen NDS

Zaak C-599/10. In deze zaak zijn 2 ondernemingen, na nadere toelichting op de technische aspecten en abnormaal lage prijzen van hun inschrijving, uitgesloten van een aanbestedingsprocedure omdat de toelichtingen tekort schoten. Het Hof gaat in op de vraag of aan de ingeschreven partij om nadere toelichting kan of moet worden gevraagd, met oog op art. 2 (beginselen van gelijkheid en transparantie) en art. 55 (abnormaal lage inschrijvingen) richtlijn 2004/18.

Lees hier verder.

HvJ EG 14 juni 2007. Medipac tegen Venizeleio-Pananeio

Zaak C-6/05. In deze zaak gaat het om een openbare aanbesteding voor de levering van chirurgische hechtingsmaterialen. Deze moesten zijn voorzien van een bepaald certificaat. De waarde van de opdracht lag beneden de Europese drempelwaarden. Het Hof gaat verder in op de beginselen van gelijke behandeling en transparantie en evenredigheid.

Lees hier verder.

HvJ EG, 12 november 2009. Commissie tegen Griekenland (ERGA OSE)

Zaak C-199/07. In deze zaak gaat het om een maatregel van Griekenland op grond waarvan buitenlandse adviesbureaus konden worden uitgesloten van een aanbestedingsprocedure. Het Hof gaat in deze zaak in op het correct toepassen van de aanbestedingsregels en de verdragsbeginselen (vooral non-discriminatie) bij het gunnen van overheidsopdrachten.

Lees hier verder.

HvJ EG, 21 februari 2008. Commissie tegen Italiaanse Republiek

Zaak C-412/04. In dit arrest sluit Italiaanse wetgeving opdrachten onder een zekere drempel uit van de regeling tot openbaarmaking. Het Hof gaat in op grensoverschrijdend belang en de beginselen van transparantie en non-discriminatie.

Lees hier verder.

HvJ EG, 29 april 2004. Succhi di Frutta

Zaak C-469/99. In deze zaak ging het om het wijzigen van een voorwaarde die was vastgelegd in het bestek. In deze zaak worden door het Hof de beginselen van gelijke behandeling en transparantie uitgelegd.

Lees hier verder.

HvJ EG, 4 december 2003. Wienstrom

Zaak C-448/01.In een aanbesteding tot levering van elektriciteit werd vereist dat de stroom voor 45% moest worden opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen. Het Europees recht verzet zich hier in principe niet tegen. In deze zaak gaat het om het gelijkheids- en transparantiebeginsel.

Lees hier verder.

Gerechtshof Den Bosch 24 juli 2001. CSU schoonmaak B.V. tegen Politieregio Brabant Zuidoost

Zaak KG c0100285/HE.  In deze zaak ging het om een te laat ingediende offerte. Het gelijkheidsbeginsel is een belangrijke leidraad bij aanbestedingsprocedures. Op grond hiervan mocht de politieregio de betreffende offerte niet eenvoudigweg in aanmerking nemen.

Toen de offerte binnenkwam waren de andere inschrijvingen nog niet geopend. Deze omstandigheid doet echter niet af aan het in acht nemen van het gelijkheidsbeginsel.

Strikte naleving aanbestedingsregels
Het is natuurlijk ongelukkig voor CSU dat haar offerte slechts 7 minuten te laat is ingediend, maar het gelijkheidsbeginsel vereist strikte naleving van de voor aan aanbestedingsprocedure geldende regels. Andere partijen mochten erop vertrouwen dat de inschrijvingstermijn op 8 december 2000 om 12 uur gesloten was. Voor een nadere afweging van belangen is in deze zaak geen ruimte.

HvJ EG, 7 december 2000. Arge

Zaak C-94/99. Het Hof stelt dat een inschrijver in de loop van een selectieprocedure kan worden uitgesloten wanneer de aanbestedende dienst van oordeel is dat hij onrechtmatige staatssteun heeft ontvangen. De verplichting de onwettige steun terug te betalen zou een risico voor zijn financiële gezondheid kunnen zijn. Daardoor kan deze inschrijver niet de financiële en economische vereisten bieden (art. 55 Richtlijn 2004/18).

Gelijke behandeling
Het beginsel van gelijke behandeling van de inschrijvers wordt niet geschonden, als een aanbestedende dienst lichamen toelaat, die van de betrokken dienst of van andere aanbestedende diensten subsidies ontvangen. Ook al kunnen die lichamen hierdoor aanbiedingen doen waarvan de prijzen veel lager zijn dan die van hun mededingers, die niet een dergelijke subsidie ontvangen.

HvJ EG, 25 april 1996. Commissie/België, Waalse bussen

Zaak C-87/94. Het Hof stelt dat de beginselen van transparantie en gelijkheid als algemene beginselen van aanbestedingsrecht gelden.

HvJ EG, 22 juni 1993. Commissie/Denemarken, Storebaelt

Zaak C-243/89. In deze zaak was een besteksbepaling opgenomen waarin inschrijvers werden verzocht zoveel mogelijk Deens personeel in te schakelen. Het Hof verwijst hier naar art. 39 van het EG-Verdrag (verbod op (in)directe discriminatie naar nationaliteit van werknemers uit EG-lidstaten).

Gelijkheidsbeginsel
Het beginsel van gelijke behandeling van de inschrijvers wordt niet uitdrukkelijk genoemd in de richtlijnen. Toch volgt uit de hoofddoelstelling van de richtlijnen (mededinging) de verplichting om dit beginsel toe te passen. Alle offertes moeten voldoen aan de voorschriften van het bestek. Hierdoor is een objectieve vergelijking mogelijk van de verschillende ingediende offertes.

In deze zaak oordeelde het Hof dat een lidstaat die in het kader van een procedure voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor de uitvoering van werken, een oproep tot inschrijving doet uitgaan waarbij als voorwaarde gesteld wordt dat zoveel mogelijk nationale (in casu Deense) materialen, verbruiksgoederen, arbeidskrachten en materieel worden gebruikt, niet de op hem rustende verdragsbeginselen nakomt.

HvJ EG, 20 september 1988. Beentjes tegen Nederlandse staat

Zaak 31/87. In een aanbesteding was de eis opgenomen dat 70% van het totale arbeidspersoneel bij uitvoering van de opdracht ingeschreven werklozen uit Nederland betrof. Het Hof geeft aan dat dergelijke voorwaarden aan de Verdragsbeginselen moeten worden getoetst.

Lees hier verder.

HvJ EU, 10 oktober 2013. Ministeriet Forskning tegen Manova

Zaak C-336/12. Aanbestedende diensten moeten zich aan bepaalde voorwaarden houden wanneer zij een verzoek doen om nadere toelichting bij een inschrijving in een aanbestedingsprocedure. In deze zaak past het Hof de criteria uit het Slovensko arrest toe.

Lees hier verder.

Hoge Raad, 7 december 2012. Staat der Nederlanden tegen KPN

Zaak LJN BW9233. In deze zaak werd de vraag gesteld of de Nederlandse Staat KPN als inschrijver op een aanbesteding heeft mogen uitsluiten. Het Hof past de beginselen van gelijkheid en transparantie toe op uitsluitingsgronden en de motivatie van de gunningsbeslissing.

Lees hier verder.

Het Gerecht, 20 oktober 2011. Alfastar Benelux SA tegen de Raad van de EU

Zaak T-57/09. De Raad van de EU was een niet-openbare aanbestedingsprocedure begonnen voor technisch onderhoud en supportdiensten voor computer en printers voor het secretariaat. Alfastar-Siemens (consortium) was een van de inschrijvers. De Raad was voornemens de opdracht aan een andere inschrijver te gunnen. Het Hof buigt zich over de motiveringsplicht.

Lees hier verder.

Gerecht, 15 april 2011. IPK tegen Commissie

Zaak T-297/05. In deze zaak is er sprake van geheime afspraken tussen een ambtenaar van de Commissie en een onderneming die Europese subsidie heeft ontvangen. Het Gerecht overweegt dat de beginselen van transparantie en gelijkheid ook van toepassing zijn bij de verdeling van subsidies en hanteert hiervoor nagenoeg dezelfde overwegingen als die in aanbestedingsrechtelijke jurisprudentie worden gehanteerd.

Lees hier verder.

HvJ EU, 17 maart 2011. Strong Segurança SA tegen Município de Sintra

Zaak C-95/10. Gemeente Sintra maakte een internationale aanbesteding bekend voor de aankoop voor bewakings- en beveiligingsdiensten. Hiervoor werd een minimale financiële draagkracht gesteld. In deze zaak wordt aan het Hof gevraagd in hoeverre de verplichtingen uit richtlijn 2004/18 van toepassing zijn op IIB-diensten.

Lees hier verder.

Het Gerecht, 8 juli 2010. Evropaïki Dynamiki vs Europees Milieu Agentschap

Zaak T-331/06. In deze zaak gaat het om het toepassen van het transparantiebeginsel bij de gunning van overheidsopdrachten. Het ging om de vraag of de aanbestedende dienst ten onrechte na de inschrijving gewicht aan de sub-gunningscriteria had gehangen, zonder dat de inschrijvers hiervan op de hoogte waren.

Lees hier verder.

Het Gerecht, 20 mei 2010. Duitsland tegen Europese Commissie

Zaak T-258/06. Duitsland is in beroep gegaan tegen een interpretatieve mededeling van de Europese Commissie. Deze gaat over de gemeenschapswetgeving en verdragsbeginselen die van toepassing zijn op het plaatsen van opdrachten die niet of gedeeltelijk onder de richtlijn overheidsopdrachten vallen.

Lees hier verder.

HvJ EU, 29 april 2010. Commissie tegen Duitsland (Ambulancediensten)

Zaak C-160/08. In deze zaak gaat het om het toepassen van het transparantiebeginsel bij de gunning van een overheidsopdracht voor ambulancediensten.

Lees hier verder.

Het Gerecht, 28 januari 2009. Centro Studi

Zaak T-125/06. In 2004 schreef de Raad van de EU een niet-openbare aanbesteding voor het beheer van een crèche uit. De aanbesteding wordt ingetrokken en het beheer van de crèche wordt overgedragen aan een aan de Raad gelieerde dienst. Het Hof beoordeelt in deze zaak of de motiveringsplicht en het gelijkheidsbeginsel zijn geschonden door de Raad.

Lees hier verder.

HvJ EG, 18 december 2007. Ierse ambulancediensten

Zaak C-532/03. Zonder enige publicatie gunde de gemeente Dublin een opdracht voor spoedeisende ambulancediensten aan de Eastern Regional Health Authority. In deze zaak gaat het om het toepassen van het transparantiebeginsel bij de gunning van ambulancediensten.

Lees hier verder.

Conclusie AG Stix-Hackl, 14 september 2006

Conclusie van de AG in de zaak C-532/03. Volgens de Advocaat-Generaal is er in deze zaak geen sprake van een overheidsopdracht. Er is namelijk geen schriftelijke overeenkomst onder bezwarende titel. Per specifiek geval moet er gekeken worden naar wat de passende mate van openbaarheid is (zie ook Coname-zaak).

HvJ EG, 29 november 2007. Commissie tegen Italië (ambulancevervoer)

Zaak C-119/06 In deze zaak gaat het om het toepassen van het transparantiebeginsel bij de gunning van overheidsopdrachten voor ambulancevervoer.

Lees hier verder

HvJ EG, 13 november 2007. An Post

Zaak C-507/03. In deze zaak gaat het om postkantoordiensten die als IIB-dienst kunnen worden aangemerkt. Het Hof buigt zich over de toepassing van het transparantiebeginsel.

Lees hier verder.

Conclusie AG Stix-Hackl, 14 september 2006

Conclusie van de AG in zaak C-507/03. De Advocaat-Generaal gaat in op de vraag of het primaire Europese recht (EG-Verdrag) ook supplementair van toepassing kan zijn naast het secundaire Europese recht (richtlijnen).

HvJ EG, 26 april 2007. Finse keuken-zaak

Zaak C-195/04. In deze zaak gaat het om het toepassen van het transparantiebeginsel bij de gunning van overheidsopdrachten, die onder de Europese aanbestedingsdrempel liggen.

Lees hier verder.

Opinie AG Sharpston, 18 januari 2007

Zaak C-195/04. De Advocaat-Generaal bepaalt dat de transparantieverplichting van het EG-recht geen verplichting meebrengt voor contracten, die onder de Europese aanbestedingsdrempel liggen. Volgens de Advocaat-Generaal is het bepalen van een passende mate van openbaarheid voor contracten van lage waarden, een zaak van nationaal recht.

Lees hier verder.

HvJ EG, 13 oktober 2005. Parking Brixen

Zaak C-458/03. Het gaat in deze zaak vooral om de uitleg van het zogenaamde toezichtcriterium (het eerste Teckelcriterium) bij quasi-inbesteden. Volgens dit criterium oefent de concessieverlenende overheidsinstantie toezicht uit op de concessiehouder, zoals op haar eigen diensten. Als aan dit criterium en het criterium van merendeel wordt voldaan is er sprake van een gezagsstructuur.

Lees hier verder.

HvJ EG, 21 juli 2005. Coname

Zaak-231/03. Deze zaak gaat over een concessie voor het beheer van de gasdistributie en het onderhoud van de installaties voor de distributie van methaangas. Het Hof buigt zich over de vraag of bij het direct toewijzen van de concessie is voldaan aan de eisen van transparantie.

Lees hier meer.

HvJ EG, 7 december 2000. Telaustria

Zaak C-324/98. In deze zaak gaat om de rol van het primair unierecht bij overheidsopdrachten.

Primair recht bij aanbesteden
Het Gemeenschapsrecht op het gebied van overheidsopdrachten bestaat niet alleen uit de aanbestedingsrichtlijnen. Ook bepalingen van primair recht, zoals vastgelegd in het EG-Verdrag, zijn essentieel. Deze bepalingen zijn van toepassing op alle overheidsopdrachten. Dus ook op opdrachten die niet onder de toepassing van de aanbestedingsrichtlijnen vallen. Te denken valt aan opdrachten in de vorm van een dienstenconcessie en/of opdrachten onder het Europese drempelbedrag.

Non-discriminatie en transparantie
Om aan de vereisten van transparantie en non-discriminatie te voldoen zal de gemeente de overheidsopdracht moeten publiceren. Deze publicatie werd door het Hof in de betreffende zaak nogal cryptisch uitgelegd: aan elke potentiële inschrijver dient ‘een passende mate van openbaarheid’ te worden gegarandeerd (r.o. 62).

HvJ EU, 8 november 2011. Evropaïki Dynamiki tegen Commissie

Zaak C-469/11. In mei 2004 heeft ED ingeschreven op een offerteaanvraag van de Commissie. ED eist schadevergoeding voor de schade die zij heeft geleden door de onrechtmatige afwijzing van haar offerte. In deze zaak gaat het Hof gaat in op de verjaringstermijn voor schadevorderingen.

Lees hier verder.

HvJ EU, 10 juli 2014. Consorzio Stabile Libor Lavori Pubblici tegen Comune di Milano

Zaak C-358/12. In deze zaak wordt opdracht voor werken aan Libor gegund. De definitieve gunning Libor wordt echter nietig verklaard omdat Libor op het moment van inschrijving achter liep met de betaling van socialezekerheidsbijdragen. In dit kader wordt een prejudiciële vraag gesteld aan het Europese Hof van Justitie over de uitlegging van het evenredigheidsbeginsel.

Lees hier verder.

Nieuws Verdragsbeginselen

Europees akkoord voor standaard e-factuur

Er komt een nieuwe standaard voor e-facturen. Een eenduidige uitwisseling van e-facturen tussen (decentrale) overheden en leveranciers wordt hiermee geïntroduceerd. Het European Committee for Standardisation (CEN) heeft onlangs de nieuwe standaard ontwikkeld. Op den duur zal deze ook gaan gelden voor bedrijven onderling.

Lees het volledige bericht

Praktijkvragen Verdragsbeginselen

Publicaties Verdragsbeginselen

Verdragsbeginselen publicaties

Op het raakvlak van aanbesteden en de Dienstenrichtlijn, Karin van den Brand, Tender nieuwsbrief
De toepassing van het transparantiebeginsel bij niet-gereglementeerde opdrachten nader beschouwd, mr. J.W.A. Bergevoet, tijdschrift voor Europees recht
Europa op het grensvlak van recht en beleid, hoofdstuk 2.1 Beginselen van (Europees) aanbestedingsrecht, SDU Uitgevers, Mr. Dr. E. Manunza

X