Zoeken
Brexit
Subonderwerpen

Brexit

Algemene Vragen

Wat moet u weten om de Brexit te begrijpen? Lees onze vragen en antwoorden en u bent op de hoogte van het Brexit-proces.

Wat is het standpunt van het Europees Parlement over de Brexit?

Het Europees Parlement is nauw betrokken geweest bij de onderhandelingen over het terugtrekkingsakkoord. Volgens artikel 50 VEU moet het Parlement goedkeuring verlenen aan het uiteindelijke akkoord. Het Parlement heeft op 5 april 2017 een resolutie aangenomen waarin sleutelvoorwaarden voor de Brexit-onderhandelingen zijn uiteengezet. Europarlementariërs hebben de EU en het Verenigd Koninkrijk opgeroepen om de onderhandelingen in te gaan op basis van volledige transparantie en goed vertrouwen. De Brexit-stuurgroep coördineert de besluiten en resoluties met betrekking tot de Brexit namens het Europees Parlement.

ALGEMENE PUNTEN

In de sleutelvoorwaarden voor de Brexit-onderhandelingen, die in de aangenomen resolutie van 5 april 2017 staan, worden een aantal belangrijke zaken benadrukt:

  • Gelijke en eerlijke behandeling van EU burgers die in het VK wonen en burgers uit het VK die in EU landen wonen moet gegarandeerd worden.
  • Het VK blijft lid van de EU tot het officiële vertrek. Dit brengt uiteraard rechten en plichten met zich mee. Dit houdt ook in dat financiële verplichtingen die aangegaan zijn vóór vertrek uit de EU maar doorlopen tot na de datum van het officiële vertrek moeten worden voldaan.
  • De vier vrijheden van de interne markt: vrij verkeer van goederen, kapitaal, diensten en personen zijn ondeelbaar.

STANDPUNT OVER TOEKOMSTIGE RELATIE

Op 14 maart 2018 heeft het Europees Parlement richtlijnen aangenomen voor de toekomstige relatie. Hierin benadrukt het zijn officiële rol en merkt daarnaast onder andere op dat:

  • Een derde land niet dezelfde rechten en voordelen mag hebben als een lidstaat van de EU;
  • De interne markt en zijn werking beschermd moet blijven; en
  • Het VK een belangrijke partner blijft van de EU.

Verder stelt het Europees Parlement in de toekomst een goede relatie tussen de EU en het VK te willen opbouwen, gebaseerd op vier waarden:

  • Handel en economische relaties
  • Buitenlands beleid, veiligheidssamenwerking en ontwikkelingssamenwerking
  • Interne veiligheid
  • Thematische samenwerking
Wat is het standpunt van het Comité van de Regio’s over Brexit?

Het Europees Comité van de Regio’s (CvdR) heeft een resolutie over de gevolgen van de Brexit voor Europese steden en regio’s aangenomen. Formeel is het CvdR niet betrokken bij de onderhandelingen tussen het VK en de EU.

RELEVANTIE VOOR NEDERLANDSE (DECENTRALE) OVERHEDEN

Naast de algemene standpunten, benoemt het Comité ook punten die relevant zijn voor lokale en regionale Nederlandse overheden:
• Het Comité benoemt dat Britse decentrale overheden en lokale bestuursorganen na 2020 ook aan programma’s voor territoriale samenwerking moeten kunnen deelnemen.
• Er moet daarnaast bijzondere aandacht worden besteed aan de samenwerking van lokale en regionale overheden in gebieden die aan de Ierse Zee, het Kanaal en de Noordzee liggen.
• Er moet vermeden worden dat de daling van het gemiddelde bbp per inwoner in de EU (als gevolg van de Brexit) resulteert in een uitsluiting van bepaalde regio’s voor Europese structuur- en investeringsfondsen.
• Er moet worden ingezet op het verzachten van de consequenties voor alle betrokken regio’s en lokale overheden met betrekking tot het Europees maritiem- en visserijbeleid.

Wat zijn de gezamenlijke standpunten van de andere Europese lidstaten over de Brexit?

In de Brexit-onderhandelingen is door de Europese Raad besloten dat de 27 Europese lidstaten in eenheid naar buiten treden en handelen. Dit betekent dat de lidstaten niet individueel mee doen in de onderhandelingen. De werkwijze van de 27 Europese lidstaten – ook wel de EU27 genoemd – is uitgewerkt in twee onderhandelingsrichtsnoeren van de Europese Raad.

De Europese Raad vertegenwoordigt en verenigt het standpunt van de EU27. De EU27 steunt een ordelijk vertrek van het VK uit de EU met een terugtrekkingsakkoord en een bijbehorende transitieperiode. Omdat de kans op een Brexit zonder terugtrekkingsakkoord aanwezig blijft, legt de Raad nadruk op de benodigde noodmaatregelen.

Wat zijn de bevoegdheden van de instituties van de EU?

De Europese Unie bestaat uit verschillende instituties. Zo sluit de Raad, namens de EU, een akkoord over de voorwaarden van de terugtrekking van een lidstaat, en wordt er een Politieke Verklaring aangehecht, die de ambities voor de toekomstige relatie tussen het VK en de EU beschrijft. Wanneer zowel het terugtrekkingsakkoord als de Politieke Verklaring geaccepteerd worden door alle partijen, zal er een transitieperiode volgen, waarin het VK de EU-instituties verlaat maar het complete EU-acquis nog wel zal volgen. Tijdens deze periode zal onderhandeld worden over een vrijhandelsakkoord. Welke formele rol de Europese instituties hebben in het uittredingsproces en het sluiten van EU-handelsovereenkomsten, wordt hieronder uiteengezet.

DE EUROPESE RAAD

Over het terugtrekkingsakkoord wordt besloten door de Raad door middel van een stemming met gekwalificeerde meerderheid. De regels voor deze gekwalificeerde meerderheid zijn vastgelegd in art. 238 lid 3 sub b VWEU.

Met betrekking tot de Brexit is een gekwalificeerde meerderheid bereikt als ten minste 72% van de leden van de Raad instemt met de overeenkomst, en als de bevolking van de lidstaten die de instemmende Raadsleden vertegenwoordigen bij elkaar ten minste 65% uitmaakt van de bevolking van de hele EU.

Oftewel, minstens 20 lidstaten moeten instemmen met de overeenkomst. Deze 20 lidstaten moeten gezamenlijk minimaal 65 % van de EU-bevolking vertegenwoordigen. Bij een terugtrekkingsakkoord hoeft dus niet elke lidstaat toestemming te verlenen, in tegenstelling tot het sluiten van een toetredingsakkoord van een nieuwe lidstaat.

Onderhandelingen nieuw handelsakkoord met het VK na de Brexit (toekomstige relatie)

In de transitieperiode zal worden onderhandeld over een vrijhandelsakkoord, zoals beschreven in de herziene Politieke Verklaring. Deze onderhandelingen volgen de wetgeving overeenkomstig artikel 218, lid 3, van het VWEU, met betrekking tot internationale overeenkomsten tussen de Unie en derde landen. De Europese Raad verleent hierbij machtiging tot het openen van onderhandelingen, stelt de onderhandelingsrichtsnoeren vast, verleent machtiging tot ondertekening en sluit de overeenkomsten.

Lees meer over de onlangs door de Raad aangenomen conclusies over de onderhandelingen over- en de sluiting van handelsovereenkomsten van de EU in dit persbericht.

EUROPESE COMMISSIE

De Europese Commissie heeft van de Raad het mandaat gekregen om de uittredingsonderhandelingen met het VK te voeren. Hiervoor is de Taskforce Artikel 50 (beter bekend als de Brexit-taskforce) opgericht, geleid door Michel Barnier, de hoofdonderhandelaar. De taskforce is gebonden door onderhandelingsrichtsnoeren, die zijn vastgesteld door de Raad. Als er een akkoord is bereikt, zal de Europese Raad zich daar vervolgens over uitspreken. Hij moet aan de Raad en de Europese Raad rapporteren over de voortgang en het Europees Parlement op de hoogte houden.

Onderhandelingen nieuw handelsakkoord met het VK na de Brexit (toekomstige relatie)

Tijdens de transitieperiode zal worden onderhandeld over een vrijhandelsakkoord, zoals beschreven in de herziene Politieke Verklaring. De Europese Commissie wordt via een mandaat gemachtigd door de Raad om namens de EU over een nieuwe handelsovereenkomst te onderhandelen. Vervolgens zal de Commissie namens de EU met het VK onderhandelen, in nauw overleg met de Raad en het Europees Parlement. Hierbij geldt ook dat als er een akkoord is bereikt, de Europese Raad zich daar vervolgens over zal uitspreken.

EUROPEES PARLEMENT

Een positieve uitkomst van de stemming van de Raad over een terugtrekkingsakkoord is niet voldoende. Het Europees Parlement moet ook instemmen met het akkoord. Het Parlement besluit bij eenvoudige meerderheid over goedkeuring van een akkoord inzake de terugtrekking.

Onderhandelingen nieuw handelsakkoord met het VK na de Brexit (toekomstige relatie)

Het Europees Parlement moet ook bij de onderhandelingen over een nieuwe handelsovereenkomst een ondertekend akkoord goedkeuren. Na goedkeuring van het Parlement neemt de Raad het besluit tot sluiting van de overeenkomst aan.

HOF VAN JUSTITIE

Het Hof van Justitie (Hof) van de Europese Unie houdt toezicht op de juiste toepassing van de EU-wetgeving en verdragen, dus ook ten aanzien van artikel 50 VEU. De uittredingsovereenkomst wordt gesloten tussen de EU en het VK, niet tussen de lidstaten en het VK. Het krijgt de status van een internationale overeenkomst, waardoor het uittredingsverdrag onderwerp kan zijn van rechterlijke toetsing door het Hof.

In de Politieke Verklaring van 17 oktober 2019 wordt het Hof een enkele keer genoemd met betrekking tot haar rol binnen de onderhandelingen over een nieuwe handelsovereenkomst. Indien een geschil tussen de onderhandelende partijen over de interpretatie van bepalingen en concepten van het Unierecht plaatsvindt, moet dit worden doorverwezen naar het Hof om een bindende uitspraak te doen met betrekking tot de interpretatie van het Unierecht.

COMITÉ VAN DE REGIO’S

Het Comité van de Regio’s heeft geen formele rol binnen de Brexit onderhandelingen. Het Comité heeft zich echter wel toegelegd op actieve betrokkenheid bij het proces.

Wat verandert er aan het Meerjarig Financieel Kader na de Brexit?

Elke zeven jaar wordt er een nieuw Meerjarig Financieel Kader afgesloten, waarin de EU besluit wat ze gaan uitgeven en hoe ze dat gaan doen. Het uittreden van het VK uit de EU zal effect hebben op de EU-begroting, aangezien de bijdrage van het VK zal wegvallen na de Brexit.

LOPEND MFK

Het huidige MFK loopt van 2014 tot en met 2020. Dit is opgesteld toen het VK nog lid was. Het nakomen van de betalingsverplichtingen van het VK was onderdeel van de eerste fase van de Brexit-onderhandelingen. Het VK heeft toegezegd om zijn betalingsverplichtingen na te komen, het gaat om een bedrag van 40 miljard euro. Mede dankzij deze toezegging stemde de Europese Raad in december 2017 in met het opstarten van de tweede fase van de onderhandelingen. Inmiddels zijn de onderhandelingen van de tweede fase in volle gang, maar uit deze onderhandelingen zijn nog geen nieuwe conclusies gekomen betreffende het MFK.

NIEUWE MFK

De onderhandelingen over het nieuwe MFK zijn eind februari begonnen op een informele top. Aangezien het VK de Europese Unie wil verlaten, maken zij geen onderdeel uit van de onderhandelingen. Of er eventueel een transitieperiode komt en of dit leidt tot een verdere bijdrage van het VK aan het nieuwe MFK was onder andere onderwerp van de onderhandelingen. De voorkeur van de Europese Raad is een overeenkomst tot 31 december 2020, een dag voordat het nieuwe MFK ingaat (1 januari 2021). Het VK heeft dus geen formele invloed op de nieuwe Regio- en Structuurfondsen, maar de Brexit wel, aangezien het VK een bijdrager is aan de begroting

BREXIT EFFECT

Het vertrek van het VK zorgt er dus mogelijk voor dat er minder geld beschikbaar is voor de nieuwe begroting. Volgens een studie, uitgevoerd in Oktober 2017 in opdracht van de commissie landbouw en plattelandsontwikkeling (AGRI) van het Parlement, zal de uittreding van het VK leiden tot een jaarlijks tekort van € 10,2 miljard in de EU-begroting. De inschatting is dat dit leidt tot een disproportionele toename in de bijdrages van de grootste nettobetalers van de EU. Nederland is een van de grootste nettobetalers.

NIEUW VOORSTEL

Op 2 mei 2018 publiceerde de Commissie een voorstel voor het nieuwe MFK. Hierin stelt de Commissie dat het vertrek van het VK uit de EU inderdaad een financiële impact gaat hebben en dat het nieuwe MFK hier passend op moet reageren. In het voorstel staat dat de bijdrages van alle lidstaten verhoogd moeten worden, maar dat het budget ook efficiënter besteed moet worden. Ook moet het tekort veroorzaakt door het vertrek van de VK gecompenseerd worden met nieuwe eigen middelen, en besparingen en herindelingen van bestaande programma’s. De meeste lidstaten staan welwillend tegenover een verhoging van de eigen bijdrage aan het EU-budget. Naast Nederland zijn er nog enkele lidstaten die van mening zijn dat de eigen bijdrage niet omhoog zou moeten gaan. Meer informatie over het Nederlandse standpunt vindt u hier.

Wat betekent de Brexit voor de samenstelling van EU-instellingen en -organisaties?

VRAAG:

Elke lidstaat heeft een aantal zetels in EU-instellingen zoals het Europees Parlement, het Comité van de Regio’s en het Europees Economisch en Sociaal Comité. Wanneer het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie verlaat, komen er binnen deze instellingen verschillende zetels vrij. Hoe verandert de verdeling van de zetels en daarmee de samenstelling van deze instellingen na de Brexit?

ANTWOORD IN HET KORT:

De zetels die vrijkomen wanneer het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie verlaat, worden (al dan niet gedeeltelijk) herverdeeld over de 27 EU-lidstaten. Zo krijgt Nederland na de Brexit drie extra zetels in het Europees Parlement, maar blijft het aantal Nederlandse zetels gelijk in het Comité van de Regio’s en het Europees Economisch en Sociaal Comité. Ook de samenstelling van diverse andere Europese-samenwerkingsverbanden waar ook decentrale overheden in actief zijn, kan na de Brexit mogelijk veranderen.

Lees het volledige antwoord


Praktijkvragen

Waar kan u als decentrale overheid mogelijk tegen aanlopen bij de Brexit?  Lees onze praktijkvragen voor meer informatie.

Praktijkvraag: Inkoopcontracten met dienstverleners uit het VK, wat verandert er na de Brexit?

Vraag:

Onze gemeente heeft inkoopcontracten voor dienstverlening uit het VK, en we zijn mogelijk voornemens om in de toekomst nieuwe inkoopcontracten af te sluiten bij dienstverleners uit het VK. Wat gaat er veranderen na de overgangsperiode van de Brexit? En kan hier op worden voorbereid?

ANTWOORD IN HET KORT:

De EU en het VK hebben afspraken gemaakt over de uittreding van het VK uit de EU in het terugtrekkingsakkoord. In dit akkoord is een overgangsperiode afgesproken tot en met 31 december 2020. Er verandert in deze periode vrijwel niets: alle relevante EU-wet- en regelgeving blijft van toepassing op het VK. In principe kan deze overgangsperiode éénmalig worden verlengd met één of twee jaar mits het VK en de EU dit besluiten vóór 1 juli 2020. Naar verwachting zullen het VK en de EU in deze periode afspraken maken over de toekomstige betrekkingen na 31 december 2020. Wanneer er geen nadere afspraken gemaakt worden tussen het VK en de EU voor het aflopen van de overgangsperiode kan dat betekenen dat er een nieuw no-deal-scenario zal plaatsvinden en zal alle relevante EU-wetgeving na de overgangsperiode niet langer gelden in het VK. Het is daarom raadzaam uw huidige en toekomstige inkoopcontracten te bestuderen en mogelijke die kunnen ontstaan bij een no-deal scenario in kaart te brengen.

LEES HET VOLLEDIGE ANTWOORD

Praktijkvraag: Moeten ondernemers uit het VK na de Brexit worden toegelaten tot Europese aanbestedingsprocedures?

Vraag:

Ons samenwerkingsverband van gemeenten koopt voor drie gemeenten werken, leveringen en diensten in. Het samenwerkingsverband is aanbestedingsplichtig. Incidenteel ontvangen wij bij Europese aanbestedingsprocedures inschrijvingen van ondernemers uit het VK. Hoe gaat dat na overgangsperiode van de Brexit? Moeten wij die ondernemers uit het VK blijven toelaten tot Europese aanbestedingsprocedures?

ANTWOORD IN HET KORT:

Ja. Met betrekking tot zowel lopende als toekomstige aanbestedingsprocedures verandert er tijdens de overgangsperiode in beginsel weinig. Na de overgangsperiode zijn er twee scenario’s denkbaar: een akkoord over de toekomstige betrekkingen tussen het VK en de EU of géén akkoord. Ook in deze beide gevallen verandert er voor reguliere aanbestedingsprocedures in beginsel weinig. Dat betekent dat ondernemers uit het VK moeten worden toegelaten tot Europese aanbestedingsprocedures. Ook als er geen akkoord komt, zullen ondernemers uit het VK echter moeten worden toegelaten, omdat het VK en de WTO hebben afgesproken dat het VK na de Brexit aangesloten blijft bij de GPA-overeenkomst.

Lees het volledige antwoord

Praktijkvraag: Kan er in onze regio nog samengewerkt worden met VK-partners in een door de EU gefinancierd project na de Brexit?

vraag:

Onze provincie is betrokken bij diverse projecten die financiering ontvangen vanuit Europese fondsen. In enkele projecten zijn ook VK-partners betrokken. Gaan er door de Brexit zaken veranderen, en kunnen wij in de toekomst nog met VK-partners financiering vanuit Europese fondsen aanvragen?

ANTWOORD IN HET KORT:

Door de Brexit zal het VK een ‘derde land’ (een land buiten de EU) worden, waardoor Europese financiering voor begunstigden uit het VK zou kunnen veranderen. In het terugtrekkingsakkoord zijn onder meer afspraken gemaakt over de voortzetting van de bijdrage aan het Meerjarig Financieel Kader (MFK) door het VK na de Brexit vanaf de uittreding tot en met het einde van de overgangsperiode (31 december 2020).  Het is mogelijk dat het VK, na de overgangsperiode niet of slechts gedeeltelijk betrokken zal blijven bij EU-fondsen. Wanneer het VK en de EU geen afspraken hebben gemaakt over blijvende deelname aan EU programma’s zullen VK-partners in principe niet kunnen deelnemen en financiering ontvangen van EU programma’s. Indien u samenwerkt met VK-partners in een door de EU gefinancierd project is het raadzaam om te informeren bij het secretariaat van het betreffende EU-fonds om eventuele problemen voor te zijn.

Lees het volledige antwoord

Praktijkvraag: Hoe verschillen de verblijfsrechten van VK-burgers in een Nederlandse gemeente bij een deal of no-deal Brexit?

DE VERBLIJFSRECHTEN VAN VK-BURGERS VOOR de breixt:

VK-burgers die in een Nederlandse gemeente als EU-burger verblijven en verblijfsrecht hebben, zullen dit verblijfsrecht behouden tot de Brexit indien hun situatie ongewijzigd blijft.
Wanneer VK-burgers die als EU-burger in een gemeente verblijven nog vóór de Brexit Nederlander worden en zij op de Brexit-datum in het bezit zijn van een geldige, nationale vergunning, dan zal de Brexit geen invloed hebben op hun verblijfsrecht.

DE RECHTEN VAN VK-BURGERS NA de brexit:

VK-burgers die verblijf hebben in een Nederlandse gemeente zullen na de Brexit geen EU-burgers meer zijn. Dit zal gevolgen hebben voor de verblijfsrechten van VK-burgers in de gemeente na de Brexit.
Op 13 november 2018 hebben de onderhandelaars van het VK en de EU een voorlopige uittredingsovereenkomst gesloten. Hierin zijn onder andere afspraken gemaakt over de verblijfsrechten van VK-burgers in de EU en van EU-burgers in het VK na de Brexit. De voorlopige uittredingsovereenkomst is pas definitief als deze is goedgekeurd door het Britse en Europees Parlement.
Wanneer de voorlopige uittredingsovereenkomst niet wordt goedgekeurd, zal er sprake zijn van een zogenaamde no-deal Brexit. Dit zal andere gevolgen hebben voor de verblijfsrechten van VK-burgers na de Brexit in gemeenten. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) heeft VK-burgers in Nederland hierover een informatiebrief gestuurd waarin staat wat een mogelijke no-deal Brexit betekent voor hun verblijfsrechten.

Lees het volledige antwoord

Praktijkvraag: Dataopslag in het Verenigd Koninkrijk, hoe zit dat met de AVG na de Brexit?

Vraag:

Onze gemeente heeft delen van haar administratie, waarin ook persoonsgegevens zijn verwerkt, ondergebracht bij een databedrijf dat is gevestigd in het VK. Het databedrijf geeft aan dat het per 25 mei 2018 zal voldoen aan de voorwaarden van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Ook heeft het bedrijf de intentie om aan de AVG te blijven te voldoen na de Brexit-datum. Kan de gemeente er vanuit blijven gaan dat het verwerken van persoonsgegevens bij het databedrijf in het VK ‘AVG-proof’ zal blijven ondanks de Brexit?

Antwoord in het kort:

Nee, de gemeente kan hier niet zonder meer vanuit gaan. Het is waarschijnlijk dat het VK na de Brexit het Europese Hof van Justitie niet aanvaardt. Dit betekent dat het VK wordt gezien als derde land binnen het wettelijke kader van de AVG. Persoonsgegevens mogen dan alleen geoorloofd worden verwerkt in het VK, mits de Europese Commissie (EC) een zogenaamde adequaatheidsbeslissing neemt of dat de verwerker in het VK toeziet op passende waarborgen.

Lees het volledige antwoord


Voorbereiden op de Brexit

Gemeenten, provincies, waterschappen en de Rijksoverheid zullen gevolgen ondervinden van de Brexit. De Brexit Impact Scan voor overheden biedt overheden inzicht op dit gebied.  Overheden die al begonnen zijn met het voorbereiden op de gevolgen van de  Brexit kunnen de impactscan gebruiken als een checklist om na te gaan of zij niet iets over het hoofd hebben gezien.

Daarnaast kunnen gemeenten, provincies en waterschappen via het Brexit-loket voor decentrale overheden op de hoogte blijven van nieuwe ontwikkelingen omtrent de Brexit. Ook kunnen zij via de helpdesk kosteloos vragen stellen over de Brexit.

 

Nieuws Brexit

Begin onderhandelingen Brexit: burgerrechten

Op 19 juni 2017 zijn de onderhandelingen over het uittreden van het Verenigd Koninkrijk (VK) uit de Europese Unie (EU) officieel van start gegaan. De eerste fase van de onderhandelingen gaat voornamelijk over het lot van EU-burgers die in het VK wonen en andersom. Hoewel het VK gestemd heeft voor Brexit, groeit de populariteit van de EU onder EU-burgers.

Lees het volledige bericht

Wat te doen met de EU-begroting na 2020?

Tijdens een publieke hoorzitting, georganiseerd door de budgetcommissie van het Europees Parlement, werd gesproken over de sterke en zwakke kanten van de Europese begroting. De sessie is onderdeel van de voorbereiding op het nieuwe meerjarig financieel kader na 2020. Eurocommissaris Günther Oettinger, verantwoordelijk voor de begroting, schoof aan om een toelichting te geven.

Lees het volledige bericht

Bodemassen, Brexit milieuminister en classificatie biotoxisch afval

Nederland wordt geroemd door Europese Commissie voor succesvolle innovatieve ontwikkelingen met betrekking tot bodemassen. Daarnaast krijgt het Engelse House of Commons Brexit-voorstander Michael Gove als milieuminister. En, de Europese Raad neemt classificatie biotoxisch afval aan. Veel nieuwe ontwikkelingen op het gebied van afval- en milieuwetgeving. Hieronder kunt u een kleine samenvatting van de gebeurtenissen vinden.

Lees het volledige bericht

Commissie doet aanbeveling voor Brexit onderhandelingen

De Europese Commissie heeft de Raad een aanbeveling toegestuurd over de opening van de artikel 50-onderhandelingen. In deze aanbeveling vallen onder andere de ontwerp-onderhandelingsrichtsnoeren te lezen. Eerder werden de politieke richtsnoeren vastgesteld door de Europese Raad, onderhavige ontwerp-onderhandelingsrichtsnoeren vormen het wettelijk mandaat.

Lees het volledige bericht

Naderende Brexit: wat zijn de gevolgen?

Nu de Brexit-datum is uitgesteld tot 31 oktober 2019 heeft de regering van het VK extra tijd gekregen om het terugtrekkingsakkoord goed te laten keuren door het Britse Lagerhuis. Zolang dit niet is gebeurd, is de kans nog aanwezig dat er een Brexit plaatsvindt zonder terugtrekkingsakkoord. De mogelijke gevolgen van de Brexit op de lokale en regionale economie, zowel met als zonder een terugtrekkingsakkoord, zijn door verschillende instanties in kaart gebracht in publicaties en rapporten. In dit artikel worden de gevolgen voor de primaire, secundaire en tertiaire sector uiteengezet.

Lees het volledige bericht

Brits referendum op 23 juni: wat zijn de consequenties van een Brexit?

Aanstaande donderdag 23 juni stemmen de Britten in een referendum over het lot van het Verenigd Koninkrijk als lidstaat van de Europese Unie. Na een lange periode van campagnevoering en debatten wijzen de laatste polls nu op een waarschijnlijke Brexit. Ongeacht de uiteindelijke uitkomst, er zullen ingrijpende gevolgen uit het referendum voortvloeien. Wat betekent dit voor Nederland en de regio’s en steden?

Lees het volledige bericht

Praktijkvragen Brexit

Wat betekent de Brexit voor de samenstelling van EU-instellingen en -organisaties?

Elke lidstaat heeft een aantal zetels in EU-instellingen zoals het Europees Parlement, het Comité van de Regio’s en het Europees Economisch en Sociaal Comité. Wanneer het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie verlaat, komen er binnen deze instellingen verschillende zetels vrij. Hoe verandert de verdeling van de zetels en daarmee de samenstelling van deze instellingen na de Brexit?

Bekijk het antwoord

Moeten ondernemers uit het VK na de overgangsperiode van de Brexit worden toegelaten tot Europese aanbestedingsprocedures?

Ons samenwerkingsverband van gemeenten koopt voor drie gemeenten werken, leveringen en diensten in. Het samenwerkingsverband is aanbestedingsplichtig. Incidenteel ontvangen wij bij Europese aanbestedingsprocedures inschrijvingen van ondernemers uit het VK. Hoe gaat dat na overgangsperiode van de Brexit? Moeten wij die ondernemers uit het VK blijven toelaten tot Europese aanbestedingsprocedures?

Bekijk het antwoord

Dataopslag in het Verenigd Koninkrijk, hoe zit dat met de AVG na de Brexit?

Onze gemeente heeft delen van haar administratie, waarin ook persoonsgegevens zijn verwerkt, ondergebracht bij een databedrijf dat is gevestigd in het VK. Het databedrijf geeft aan dat het per 25 mei 2018 zal voldoen aan de voorwaarden van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Ook heeft het bedrijf de intentie om aan de AVG te blijven te voldoen na de Brexit. Kan de gemeente er vanuit blijven gaan dat het verwerken van persoonsgegevens bij het databedrijf in het VK ‘AVG-proof’ zal blijven ondanks de Brexit?

Bekijk het antwoord