DAEB en mededinging

Overheden moeten bij het uitvoeren van DAEB rekening houden met de mededingingsregels. Denk hierbij aan het kartelverbod van artikel 101 VWEU en het misbruikverbod van artikel 102 VWEU. Ondernemingen die een DAEB beheren vallen onder de mededingingsregels ‘voorzover de toepassing ervan de vervulling van de hun toevertrouwde bijzondere taak (lees: de uitvoering van de DAEB) niet verhindert’ (art. 106 lid 2 VWEU).

Uitzonderingen verboden mededingingsrecht

Om een DAEB goed in de praktijk te kunnen uitvoeren, bieden de mededingingsregels ondernemingen enige bewegingsvrijheid. Daarom geldt een aantal uitzonderingen op de verboden uit het mededingingsrecht. Zo kan een DAEB soms alleen uitgevoerd worden door het opleggen van mededingingsbeperkende maatregelen, zoals een alleenrecht.

Voorwaarden voor afwijking mededingingsregels bij DAEB

Onder de volgende voorwaarden mag bij het belasten van een onderneming met een DAEB van de mededingingsregels afgeweken worden:

  • De beperking van de mededinging moet noodzakelijk zijn. De beperking van de mededinging mag niet zwaarder wegen dan het publieke belang dat gediend is met de op gelegde dienst. Bekeken moet worden of de dienst zonder het opleggen van een DAEB niet uitgevoerd kan worden.
  • De beperking van de mededinging moet proportioneel zijn. Dit betekent dat de beperking niet verder mag gaan dan nodig is om het doel te bereiken.
  • De onderneming moet daadwerkelijk belast zijn met een DAEB.
  • De taak moet duidelijk zijn omschreven en zijn opgelegd.
  • Kruissubsidiëring mag worden toegepast als het geld dat via de commerciële weg binnenkomt, nodig is voor het verrichten van de DAEB (zie zaak Ambulanz Glöckner). Let hierbij goed op dat kruissubsidiëring niet plaatsvindt tussen compensatiegelden voor DAEB en de financiering van economische activiteiten die niet onder de DAEB vallen.

Wet Markt en Overheid

Diensten van Algemeen Belang (DAB) vallen niet onder de gedragsregels die ingevolge de wet Markt en Overheid (art. 25 g t/m m Mededingingswet) voor overheden gelden. De wet Markt en Overheid en de gedragsregels zijn in beginsel van toepassing op ‘economische activiteiten’ van overheden en overheidsbedrijven.

Gemeenten, provincies en waterschappen krijgen niet bij al hun economische activiteiten te maken met de Wet Markt en Overheid. De Wet is niet van toepassing op economische activiteiten die plaatsvinden in het algemeen belang. Decentrale overheden kunnen onder voorwaarden voor dergelijke activiteiten een algemeen belang besluit nemen. Meer informatie vindt u op de pagina over het algemeen belang besluit.

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


Praktijkvragen DAEB en mededinging

X