Toezicht en naleving

Zowel de centrale en decentrale overheden, als de EU-instellingen moeten het Europees recht naleven. Daarom bestaan in het EU- en nationaal recht regels om toezicht te houden op de naleving van het EU-recht. Decentrale overheden zijn zelfs verplicht tot toezicht en naleving van het Europees recht.

Toezicht en naleving lidstaat

Wanneer Europa constateert dat de lidstaat Europees recht overtreedt, spreekt Europa de Rijksoverheid hierop aan. De Europese Commissie kan de lidstaat voor het Hof van Justitie-EU dagen. Dit is de zogenaamde inbreukprocedure, meer hierover leest u onder Aansprakelijkheid decentrale overheid.

Toezicht op decentrale overheden

Wanneer lagere overheden Europese regels niet naleven, kan de rijksoverheid deze overheden aanpakken. Om hen te kunnen dwingen meer werk te maken van de toezicht en naleving van Europees recht, is de wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten (Wet NErpe) aangenomen. De wet voorziet in een aantal instrumenten waarmee het Rijk de naleving van het Europese recht door publieke entiteiten kan bevorderen. Meer informatie over deze wet leest u onder wet- en regelgeving.

De instrumenten

Het Rijk heeft instrumenten om te zorgen dat publieke entiteiten (waaronder decentrale overheden) het Europees recht naleven. Een minister kan een lagere overheid tot actie verplichten als schending van Europees recht plaatsvindt (dreigt). Bijvoorbeeld wanneer decentrale overheden onterecht Europese subsidies hebben verkregen of wanneer zij Europese aanbestedingsregels niet (of onjuist) hebben nageleefd. Er zijn twee instrumenten die verdere uitleg behoeven, namelijk:

  • aanwijzingsbevoegdheid;
  • bevoegdheid van verhaalsrecht.

aanwijzingsbevoegdheid

De aanwijzingsbevoegdheid (art. 2 en 3 wet NErpe) houdt in dat wanneer een publieke entiteit niet (of onjuist) aan de Europese regels voldoet, een aanwijzing kan worden gegeven dat daar alsnog binnen een bepaalde termijn aan moet worden voldaan. Deze aanwijzing voor betere toezicht en naleving wordt gegeven door de betrokken minister.

Wordt de aanwijzing niet opgevolgd, dan kan de minister namens en op de kosten van de publieke entiteit er in voorzien dat daaraan alsnog overleg moet plaatsvinden tussen minister en publieke entiteit. Tegen een aanwijzing kan beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

verhaalsrecht

Europa houdt de Nederlandse staat altijd aansprakelijk voor schendingen van Europees recht, of die schending nu is gepleegd door het Rijk of door decentrale overheden. In art. 7 wet NErpe krijgt het Rijk/de betrokken minister de mogelijkheid om een boete of dwangsom die haar door Europa is opgelegd, te verhalen op de decentrale overheid die de regels geschonden heeft.

De minister heeft deze mogelijkheid wanneer de betalingsverplichting het gevolg is van een verzuim van deze entiteit. Hetzelfde geldt ook voor de terugbetaling van een Europese subsidie. Op een besluit tot verhaal bestaat wel de mogelijkheid om in beroep te gaan overeenkomstig de bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht.

Verhouding met andere (toezichts)instrumenten

De hierboven genoemde instrumenten zijn uiterste middelen voor toezicht en naleving van Europese regels, zoals in de Memorie van Toelichting (MvT) bij de wet NErpe te lezen valt. Door het ingrijpende karakter is het van belang dat de toepassing ervan zorgvuldig wordt voorbereid. Uitgangspunt is dat de betrokken minister de instrumenten pas hanteert nadat is gebleken dat met de beleidsmatige instrumenten informatievoorziening, voorlichting en (ambtelijk en bestuurlijk) overleg niet het gewenste resultaat wordt bereikt.

Volgens de MvT streeft het Rijk er altijd naar om publieke entiteiten beter in staat te stellen het Europees recht na te leven door het verstrekken van informatie of het geven van voorlichting.

Instrumenten uit de Gemeentewet en Provinciewet

Instrumenten die voortvloeien uit de Gemeentewet en Provinciewet hebben voorrang op instrumenten uit de Wet NErpe. Dit betekent dat bij een schending van het Europees recht door een provincie of gemeente voorrang wordt gegeven aan de generieke toezichtinstrumenten van schorsing, vernietiging en indeplaatsstelling bij taakverwaarlozing. Alleen als deze instrumenten tekort schieten kan de betrokken minister een aanwijzing geven of verhaalsrecht inroepen.

Het toezichtsinstrumentarium voor alle andere publieke entiteiten dan provincies en gemeenten hebben geen voorrang van die instrumenten boven de instrumenten van onderhavige wetsvoorstel per geval anders zou uitpakken. Om die reden is ervoor gekozen om aan die bestaande instrumenten geen expliciete voorrang te verlenen.

Toezicht en naleving EU-instellingen

Tegen besluiten van de instellingen van de EU is een ruime sortering aan acties beschikbaar. De belangrijkste directe acties op het gebied van toezicht en naleving, tegen EU-instellingen zijn:

  • beroep tot nietigverklaring van Europese regels (art. 263 VWEU);
  • beroep tot schadevergoeding (art. 268 en 340 VWEU).

Ook zijn er indirecte mogelijkheden om de rechtmatigheid van besluiten van Europese instellingen door het Hof te laten toetsen. Dit kan door:

  • het inroepen van zogenoemde exceptie van onwettigheid (art. 277 VwEU);
  • of door middel van het stellen van een prejudiciële geldigheidvraag voor de nationale rechter (art. 267 VWEU).

(Bron: Europees recht- Algemeen deel. Sinds het Verdrag van Lissabon, W.T. Eijsbouts, J.H. Jans, L.A.J. Senden en A. Prechal, Europe Law Publishing Groningen 2010, p. 302 ev.)

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


Nederlandse standpunten Toezicht en naleving

Toezicht en naleving

Brief IPO en VNG aan Eerste Kamer met betrekking tot wet NErpe, 19 oktober 2010

Nieuws Toezicht en naleving

Europese Rekenkamer: Toezicht op naleving EU-recht door overheden kan beter

De Europese Rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar het toezicht van de Europese Commissie op de naleving van het EU-recht door de lidstaten. Dit op verzoek van het Europees Parlement. In het onderzoeksrapport behandelt de Europese Rekenkamer de uitdagingen die de Commissie hierbij tegenkomt, stelt zij mogelijke oplossingen voor en manieren waarop de Commissie haar toezicht kan versterken. Lees het volledige bericht

Praktijkvragen Toezicht en naleving

Hoe werken klacht- en inbreukprocedures?

Kan onze gemeente zelf een klacht indienen tegen de overheid in verband met het niet naleven van het beginsel van de Unietrouw? Daarnaast is volgens ons Europese regelgeving door een ander overheidsorgaan incorrect geïmplementeerd of uitgelegd, kunnen wij een inbreukprocedure starten? Hoe werken dergelijke procedures?

Bekijk het antwoord

Publicaties Toezicht en naleving

Wet- en regelgeving Toezicht en naleving

Toezicht en naleving

Wet NErpe

Om naleving van Europese regels beter te waarborgen, is in mei 2012 de wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteit (Wet NErpe) aangenomen. Met de wet NErpe krijgt de rijksoverheid nu instrumenten in handen om de naleving van Europese regelgeving af te dwingen jegens organen en instanties (‘publieke entiteiten’) die het Europese recht niet (juist) naleven. Hieronder vallen dus ook decentrale overheden.

De wet is gepubliceerd in het Staatsblad 2012, 245 op 12 juni 2012 en ingevolge artikel 12 van wet NErpe een dag later in werking getreden.

Toezicht op decentrale overheden door de rijksoverheid is primair gericht op het voorkomen van inbreukprocedures. Daarnaast bevat het de mogelijkheid om eventuele aan de staat opgelegde boetes en dwangsommen te kunnen verhalen op decentrale overheden.

Wet TES en Dienstenwet

De Wet toezicht Europese subsidies (TES) is met inwerkingtreding van de wet NErpe vervallen. In de Dienstenwet was een apart hoofdstuk opgenomen als tijdelijke regeling in afstemming met het wetsvoorstel NErpe. Met inwerkingtreding van de wet NErpe is ook hoofdstuk 6A van de Dienstenwet vervallen.

Wetsvoorstel Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten (Kst. 32157 nr. 2 TK)
Memorie van toelichting bij wetsvoorstel (Kst. 32157 nr. 3 TK)
Eerste nota van wijziging wetsvoorstel (Kst. 32157 nr. 7 TK)
Tweede nota van wijziging wetsvoorstel (Kst. 32157 nr. 8 TK)

X