Geautomatiseerde individuele besluitvorming (profilering)

Betrokkenen hebben volgens artikel 22 lid 1 AVG  in beginsel het recht om niet te worden onderworpen aan besluiten van gegevensverwerkende organisaties die uitsluitend berusten op geautomatiseerde verwerking (waaronder profilering). Dit is het geval wanneer dit automatische besluit bijvoorbeeld rechtsgevolgen voor hen heeft.

Een beroep op dit recht geldt niet wanneer het automatisch genomen besluit noodzakelijk is voor:

  • De totstandkoming of uitvoering van een overeenkomst;
  • Wanneer dit is toegestaan bij een wettelijke bepaling op de verwerkingsverantwoordelijke;
  • In geval van uitdrukkelijke toestemming van de betrokkene.

Passende maatregelen

Als een geautomatiseerd besluit wordt genomen wegens de totstandkoming of uitvoering van een overeenkomst of de toestemming van de betrokkene, moet de verwerkingsverantwoordelijke wel passende maatregelen treffen om de rechten en vrijheden van de betrokkene zo goed mogelijk te garanderen. De betrokkene moet in deze gevallen ten minste de mogelijkheid krijgen om:

  • Menselijke tussenkomst van de verwerkingsverantwoordelijke te verkrijgen;
  • Zijn standpunt kenbaar te maken;
  • Het besluit aan te vechten.

Decentrale overheden moeten binnen een bepaalde termijn op een deze verzoeken reageren, en verifiëren dat degene die het verzoek indient ook daadwerkelijk de betrokkene is.

meer weten OVER deze rechten?

Werkt u bij een (decentrale) overheidsorganisatie en heeft u een vraag over de AVG? Neem dan contact op met onze helpdesk.

Stel direct uw vraag


X