Energieprestaties gebouwen

Richtlijn 2010/31/EU betreffende de energieprestatie van gebouwen is in 2018 gewijzigd door Richtlijn 2018/844/EU. De gewijzigde bepalingen moeten bijdragen aan het koolstofvrij en energie-efficiënt maken van gebouwen in de EU. De gebouwde omgeving zorgt voor ongeveer 40% van het energieverbruik en 36% van de CO2-uitstoot in de EU en is hiermee de grootste energieverbruiker in Europa.

Langetermijnrenovatiestrategie

Artikel 2a van de richtlijn stipuleert dat lidstaten een langetermijnstrategie moeten opstellen voor de renovatie van het nationale gebouwenbestand, zowel publiek als privaat. In deze lange strategie dienen de lidstaten een stappenplan op te nemen waarin maatregelen zijn opgenomen hoe de betreffende lidstaat een reductie van broeikasgassen van 80-95% ten opzichte van 1990 gaat realiseren.Ook moet de strategie een kosteneffectieve transformatie van bestaande gebouwen in bijna-energieneutrale gebouwen bevorderen.

Technische bouwsystemen

De vernieuwde richtlijn schrijft voor dat er systeemeisen worden gesteld voor nieuwe technische bouwsystemen en voor de vervanging of de verbetering van technische bouwsystemen waaronder ruimteverwarming, airconditioning of waterverwarming. Voor deze systemen dienen de lidstaten systeemeisen vast te stellen in verband met de algehele energieprestatie, het adequaat installeren, dimensioneren, afstellen en controleren van de technische bouwsystemen die in bestaande gebouwen worden geïnstalleerd. Een belangrijke verplichting die de vernieuwde richtlijn met zich meebrengt is de installatie van gebouwautomatiserings- en controlesystemen in utiliteitsgebouwen met verwarmings- of airconditioning-systemen met een nominaal vermogen vanaf 290 kW vóór eind 2025 (Artikel 14).  De Commissie zal ter ondersteuning werken aan een Smart Readiness Indicator. De Smart Readiness Indicator mogen lidstaten vanaf 2020 op vrijwillige basis toepassen.

Parkeerplaatsen

Voor nieuwe en gerenoveerde gebouwen die niet voor bewoning zijn bestemd dient volgens de richtlijn minimaal één oplaadpunt aanwezig te zijn voor parkeerterreinen met meer dan tien plaatsen. Hiernaast dient de infrastructuur aanwezig te zijn om later een oplaadpunt te kunnen creëren voor één op de vijf parkeerplaatsen. Deze bepalingen gelden voor parkeerterreinen binnenin gebouwen or direct gelegen aan een gebouw. In het geval van renovaties geldt deze beperking alleen als het parkeerterrein onderdeel is van die renovatie. Voor nieuwe en gerenoveerde woongebouwen met meer dan tien parkeerplaatsen dient op elke parkeerplaats de infrastructuur aanwezig te zijn om op een later moment een oplaadpunt te kunnen bouwen. Uiterlijk op 1 januari 2025 stellen lidstaten definitieve voorschriften vast voor de installatie van een minimumaantal oplaadpunten voor utiliteitsgebouwen met meer dan 20 parkeerplaatsen (Artikel 8).

Meer weten over dit onderwerp?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


Beleid Energieprestaties gebouwen

Energie-efficiëntie gebouwen

Beleid Duurzaamheid
Beleid Hernieuwbare energie

Nieuws Energieprestaties gebouwen

Europees Parlement stemt voor ambitieuze energiebesparingsplannen

De commissie voor Industrie, onderzoek en energie (ITRE) in het Europees Parlement heeft begin oktober 2017 ingestemd met nieuwe maatregelen die ervoor moeten zorgen dat gebouwen in de EU efficiënter omgaan met energie. Vooral het belang van renoveren wordt benadrukt. Deze energiemaatregelen vallen onder het ‘schone energie voor alle Europeanen’ pakket, dat in 2016 door de Commissie werd gepubliceerd. Lees het volledige bericht

Winterpakket Energie: naar een koolstofarme economie

Energie-efficiëntie moet volgens de Europese Commissie een prioriteit in Europa gaan zijn. Op 30 november presenteerde de Commissie een pakket met maatregelen om de omschakeling naar een koolstofarme economie te voltooien. De maatregelen zijn in drie hoofdlijnen onderverdeeld. Naast het prioriteren van energie-efficiëntie moet de EU wereldwijd een voortrekkersrol nemen op het gebied van hernieuwbare energie. Bovendien moet energie betaalbaar blijven voor de burger. De maatregelen genoemd in het pakket dragen bij aan het klimaat en energiebeleid 2030 en internationale klimaatafspraken.

Lees het volledige bericht

Regio’s en steden drijvende kracht in Europese energie transitie

2016 is hét jaar voor de Energie Unie, daar maakt Eurocommissaris Maros Šefčovič zich hard voor. Nieuwe voorstellen ter bevordering van de energietransitie en in lijn met de COP21 afspraken worden nog dit najaar gepresenteerd. Regio’s en steden vormen de drijvende kracht voor een succesvolle transitie. Tijdens het HNP seminar op 15 juni jl. stond een aantal kritieke succesfactoren op weg naar meer duurzaamheid en energie efficiëntie centraal. Lees het volledige bericht

Europese Commissie actief op het gebied van (duurzame) innovatie

De Europese Commissie probeert op meerdere fronten innovatie te stimuleren. Bijvoorbeeld door initiatieven omtrent innovatie en duurzaamheid aan te moedigen: door de toekenning van een subsidie of door het organiseren van de jaarlijkse Energy Week. Daarnaast wil de Commissie innovatie een nieuwe impuls geven door een European Innovation Council op te richten.
Lees het volledige bericht

Minister Blok moet kwaliteit energielabel garanderen van Europese Commissie

Om een boete van de Europese Commissie te voorkomen, moet minister Blok de kwaliteit en handhaving van het energielabel kunnen garanderen. De energielabels geven de energie-efficiëntie weer van gebouwen. Voor decentrale overheden, met hun voorbeeldrol op het gebied van energiebesparing, zijn de energielabels een bron van informatie over de energie-efficiëntie in de gemeente en van eigen gebouwen.
Lees het volledige bericht

Praktijkvragen Energieprestaties gebouwen

Geldt de verplichting voor een energielabel ook voor bestaande publieke gebouwen?

Vanaf 2013 moet volgens Europese regelgeving ook alle nieuwbouw van decentrale overheden bij oplevering beschikken over een energielabel. Overheden moeten bovendien energielabels ophangen in alle gebouwen vanaf 500 m2. Geldt de verplichting tot afgifte van een energielabel ook voor bestaande gemeentelijke gebouwen? En op welk vloeroppervlak is de richtlijn precies van toepassing?

Bekijk het antwoord

Publicaties Energieprestaties gebouwen

Wet- en regelgeving Energieprestaties gebouwen

Energie-efficiëntie gebouwen wet- en regelgeving

De Richtlijn Energieprestaties gebouwen uit 2010 volgt de oorspronkelijke richtlijn uit 2002 op. De richtlijn stelt energie-efficiëntiedoelen waar ook decentrale overheden zich aan moeten houden.

Doel richtlijn

De richtlijn stelt acties vast om het potentieel voor energiebesparingen in gebouwen te benutten. Klimatologische en plaatselijke omstandigheden buiten het gebouw en de eisen voor het binnenklimaat en kostenefficiëntie worden hierbij in acht genomen.

Een ander doel is om de grote verschillen tussen de resultaten van de lidstaten in deze sector te verminderen.

Verplichtingen

De richtlijn stelt voor decentrale overheden de volgende voorschriften:

– Het opstellen van nationale plannen om te zorgen voor een toename van het aantal bijna-energieneutrale gebouwen;
– De berekening van energieprestatie van gebouwen;
– Toepassing van minimumeisen op de energieprestatie van nieuwe gebouwen en bestaande gebouwen die renovatie ondergaan, van tot de bouwschil behorende onderdelen van gebouwen en van technische bouwsystemen;
– De energiecertificering van gebouwen;
– De regelmatige keuring van verwarming- en airconditioningsystemen;
– Onafhankelijke systemen voor de controle van energieprestatiecertificaten en inspectieverslagen.

Verplichtingen decentrale overheden

In de richtlijn wordt het cruciale belang van decentrale overheden als voortrekker en voor een succesvolle uitvoering van de richtlijn genoemd. Vanaf 2019 moeten alle nieuwe overheidsgebouwen bijna-energieneutraal zijn. Vanaf 31 december 2020 geldt dit voor alle nieuwe gebouwen. In 2013 moeten overheidsgebouwen aan een aantal minimumeisen voldoen.

Bijna energie-neutraal

De definitie van bijna-energieneutraal wordt bepaald in het nationale actieplan. Hierin moeten nationale, regionale of lokale omstandigheden in aanmerking genomen worden.

Bepalingen richtlijn

De richtlijn bevat de volgende bepalingen over decentrale overheden:

– Zij moeten worden betrokken bij planningkwesties, programmaontwikkeling voor informatievoorziening, opleiding en bewustmaking en regionale of nationale uitvoering van de richtlijn;
– Zij moeten architecten en stedenbouwkundigen in staat stellen een aanmoedigen, om zich bij het plannen, ontwerpen, bouwen en renoveren van industrie- en woongebieden, te beraden op de optimale combinatie van verbeteringen in energie-efficiëntie, gebruikmaking van energie uit hernieuwbare bronnen en stadsverwarming en -koeling;
– Zij moeten zorgen voor richtsnoeren en opleiding voor personen die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de richtlijn;
– Overheidsgebouwen met een oppervlakte van 500 m2 of meer moeten hun energieprestatiecertificaat op een opvallende plaats bevestigen;
– Energieprestatiecertificaten moeten meer kracht en kwaliteit krijgen, door een onafhankelijk controlemechanisme in te stellen. Hierin ligt de nadruk op de controle van verwarming- en airconditioningsystemen.

Comitologie

Er is een comité bevoegd om de aspecten die in aanmerking worden genomen bij de bepaling van de methodologie voor de energieprestatie van een gebouw en de aspecten met wiens positieve invloed rekening wordt gehouden bij de berekening. Ook stelt de richtlijn een Comité in dat betrokken is bij de evaluatie van de richtlijn op 1 januari 2017.

Implementatie in Nederland

De richtlijn wordt geïmplementeerd in de Wet kenbaarheid energieprestatie gebouwen. Op grond van deze wet worden het Besluit energieprestatie gebouwen, de Regeling energieprestatie gebouwen en het Bouwbesluit 2012 aangepast. De Wet kenbaarheid energieprestatie gebouwen is nog niet aangenomen door de Tweede en Eerste Kamer (het voorstel is in november 2012 verworpen en wordt waarschijnlijk aangepast).

De Rijksoverheid heeft een nationaal plan bijna-energieneutrale gebouwen opgesteld.

Belangrijke data

01-02-2012  Intrekking richtlijn 2002/91/EG
09-07-2012  Deadline omzetting art. 2 t/m 18 en aan de art. 20 en 27
09-01-2013  Deadline omzetting art. 2, 3, 9, 11, 12, 13, 17, 18, 20 en 27
09-01-2013  Deadline omzetting art. 4, 5, 6, 7, 8, 14, 15 en 16 overheid
09-07-2013  Deadline omzetting art. 4, 5, 6, 7, 8, 14, 15 en 16 andere gebouwen
09-07-2015  Verlaging drempel energieprestatiecertificaat overheidsgebouwen 250 m2
01-01-2017  Evaluatie richtlijn