Belemmeringen

Bij grensoverschrijdende samenwerkingen komen er regelmatig knelpunten aan het licht. Verschillende instanties houden zich bezig met het oplossen van deze knelpunten. Hieronder vindt u een overzicht van een aantal terreinen waar met regelmaat knelpunten waar te nemen zijn en wat voor oplossingen daar eventueel voor zijn.

Arbeid

Knelpunten rondom de grensoverschrijdende arbeidsmarkt liggen vooral in de nog bestaande verschillen tussen de grensregio’s. Verschillen in cultuur, taal, sociaal zekerheidsstelsel en de fiscale systemen zorgen ervoor dat de grensoverschrijdende arbeidsmarkt nog niet optimaal kan worden benut. Daarnaast zijn mensen niet voldoende op de hoogte van de kansen en mogelijkheden die deze arbeidsmarkt te bieden heeft.

Om deze problemen in kaart te brengen is in 2015 het Actieteam Grensoverschrijdende Economie en Arbeid opgericht door de ministers Plasterk en Kamp. Het Actieteam heeft een aantal onderwerpen op de agenda gezet om een arbeidsmarkt zonder grenzen te kunnen verwezenlijken. Het team richt zich op:

  • informatievoorziening
  • arbeidsbemiddeling
  • buurtaal en cultuur
  • diploma- erkenning
  • stages en leerwerkplekken
  • bereikbaarheid
  • ondernemerschap.

Het team ziet de hierboven genoemde punten als onderwerpen die op korte termijn kunnen worden aangepakt. Voor meer informatie kunt u een blik werpen op de rapportage van het Actieteam Grensoverschrijdende Economie en Arbeid.

Praktijkvraag: wat zijn de mogelijkheden om als gemeente grensoverschrijdende arbeid te stimuleren?
Onze gemeente is gevestigd in een grensregio. Vlak over de grens is er meer werkgelegenheid, waardoor onze gemeente grensoverschrijdende arbeid wil stimuleren. Welke belemmeringen en mogelijkheden zijn er daarbij voor onze gemeente?

Lees deze praktijkvraag

Wonen

Grensbelemmeringen op het gebied van wonen worden in eerste instantie vaak verklaard door hogere woonlasten, administratieve belemmeringen en taal. Mogelijke oplossingen liggen volgens de grensregio’s in het verbeteren van de grensoverschrijdende openbaarvervoerverbindingen. Kleine administratieve belemmeringen moeten worden afgeschaft en toegang tot gezondheidszorg en scholen moeten worden vergemakkelijkt. Voor meer informatie over de Duits-Nederlandse grenssituatie kunt u het rapport Wonen over de grens raadplegen, opgesteld door het Bouwfonds Property Development (BPD).

Sociale Zekerheid

Momenteel zijn er nog veel verschillen in het het sociaal zekerheidsrecht tussen de de grenslanden.  Bij het sociaal zekerheidsrecht moet u denken aan bijvoorbeeld volksverzekeringen, sociale voorzieningen en de werknemersverzekeringen. Deze rechten verschillen niet alleen per land, maar ook vaak per persoon. Informatie over deze verschillen is vaak moeilijk te vinden. Factoren die invloed hebben op de sociale zekerheidsrechten kunnen in de loop der tijd ook veranderen. Denk bijvoorbeeld aan leeftijd, burgerlijke staat, gezinsuitbreiding, vermogen, et cetera. Er wordt daarom gewerkt aan grensinformatiepunten, maar ook aan een dekkend netwerk voor persoonlijke informatievoorziening. Daarnaast zijn EU-landen verbonden aan afspraken omtrent grensoverschrijdende socialezekerheidswetten via verordeningen (de Europese socialezekerheidsverordeningen) en de landen waarmee Nederland een socialezekerheidsverdrag heeft afgesloten.

Praktijkvraag: hoe is de sociale zekerheid geregeld in regio's waar veel grensarbeiders werkzaam zijn?
Onze gemeente heeft veel te maken met grensarbeiders. Bestaat er Europese wet-en regelgeving waarin is vastgelegd hoe sociale zekerheid bij grensoverschrijdende arbeid is geregeld?

Lees deze praktijkvraag

Zorg

Met betrekking tot de zorg ligt de problematiek vooral in de onduidelijkheden omtrent aansprakelijkheid en financiën. In beginsel stond er niet vast wie aansprakelijk is voor het ingezette personeel, wie de kosten dekt voor het ingezette personeel en wat de bevoegdheden zijn wanneer het ingezette personeel over de grens actief is. Het verbeteren van de afstemming tussen de instanties blijft daarom noodzakelijk.

Via verschillende samenwerkingsverbanden en instanties wordt gewerkt aan verbetering van spoedeisende hulp. Daarnaast is er in Nederland een Contactpunt voor grensoverschrijdende zorg (NCP/CAK) opgezet. Uit de Special Eurobarometer 425 blijkt dat er weinig gebruik wordt gemaakt van de zorgmogelijkheden over de grens. Uit het onderzoek blijkt dat een van de redenen hiervoor is dat mensen te weinig toegang tot informatie hebben omtrent het recht op zorg in het buitenland. Het contactpunt is opgericht om informatie te verschaffen, maar ook om contact te leggen met contactpunten uit andere landen. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat het merendeel van de mensen binnen Europa tevreden zijn met de geleverde zorg in eigen land. Daarnaast blijkt dat men het vaak prettiger vindt om dicht bij huis te worden geholpen.

Praktijkvraag: wat zijn de meest actuele ontwikkelingen op het gebied van grensoverschrijdende zorg?
De Europese Patiëntenrichtlijn (2011/24/EU) voorziet erin dat er vergaande samenwerking op het gebied van grensoverschrijdende zorg plaatsvindt. Hoe is dit in de praktijk verder geregeld en is er ook sprake van een toename van grensoverschrijdende gezondheidszorg, waar we als gemeente mee te maken kunnen krijgen?

Lees deze praktijkvraag

Onderwijs

Ook op het gebied van onderwijs komen er vaak knelpunten voor. In de Europa-2020-strategie van de Commissie staan een aantal doelen ter verbetering van de grensoverschrijdende samenwerking op dit gebied. Onder andere diploma-erkenning speelt een grote rol binnen dit thema. In veel gevallen is het nu nog zo dat de werkgever over de grens beslist of het diploma van de werkzoekende goed genoeg is. Daarnaast zijn er beroepen waarvan het diploma officieel moet worden erkend.

Binnen de grensregio’s wordt gewerkt aan het vergroten van kennis over buurtaal en cultuur bij schoolbesturen, ouders en leerlingen. Het toevoegen van deze kennis aan het schoolbeleid van de scholen binnen de grensregio’s moet de grenzen tussen de buurlanden vervagen. Op deze manier moet worden voorkomen dat mensen wegens gebrek aan kennis vertrekken en buiten de grensregio’s gaan studeren en werken. Verder tracht het actieteam de procedure rondom de erkenning van diploma’s en de beroepskwalificaties binnen het mbo te verbeteren door middel van aanpassingen in de snelheid, vereenvoudiging, transparantie en kostenbesparing.

Praktijkvraag: mogen niet EU-studenten zich vestigen in onze gemeente, terwijl ze in een naburige lidstaat studeren?
Onze gemeente bevindt zich in een grensregio waar er sprake is van (bevolkings)krimp. Aan de andere kant van de grens is er echter veel activiteit op het gebied van onderwijs en onderzoek. Welke mogelijkheden zijn er voor onze gemeente – bijvoorbeeld op het gebied van het bieden van huisvesting aan buitenlandse studenten die aan de andere kant van de grens studeren –  om hier ook de vruchten van te plukken en met welke (Europese) regelgeving krijgen we te maken?

Lees deze praktijkvraag

Mobiliteit

Bij voorgenoemde thema’s is mobiliteit een terugkerend aspect. Een beperkte mobiliteit zorgt er namelijk voor dat zowel wonen, werken, studeren als ondernemen aanzienlijk minder aantrekkelijk worden. Het probleem ligt voornamelijk bij de minder en onregelmatige beschikbaarheid van het openbaar vervoer. Daarnaast is ook het wegennetwerk (met name de verbindingswegen) kleinschaliger aangelegd.

Door middel van een structureel grensoverschrijdend mobiliteitsoverleg kunnen oplossingen die reeds in werking zijn getreden in andere grensregio’s mogelijk ook een oplossing bieden voor andere grensregio’s. Verschillende belanghebbenden, zoals ondernemers en onderzoeks- en onderwijsinstellingen, hebben zich aangesloten bij het Gemeentelijk Netwerk voor Mobiliteit en Infrastructuur (GNMI). Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat kan op basis van de informatie afkomstig uit dit netwerk de grensoverschrijdende mobiliteit verbeteren. Denk bijvoorbeeld aan de plannen om een nieuwe verbinding te maken tussen Düsseldorf en de regio Eindhoven, tussen Emmen en Rheine en het inzetten van meer treinen op de reeds bestaande verbinding tussen Maastricht en Aken. Deze verbindingen moeten rond 2020 zijn gerealiseerd. Rondom dit thema is een samenwerkingsverband opgericht met de naam “EurekaRail’. Dit samenwerkingsverband zet zich in om snelle grensoverschrijdende treinverbindingen te creëren. Het verband neemt de belemmerende drempels weg en realiseert binnen korte termijnen de ontbrekende schakels voor onbegrensd reizen.

Voor informatie over de voortgang van de projecten en programma’s binnen deze terreinen verwijzen we u naar de voortgangsrapportage betreffende de actiepunten grensoverschrijdende economie en arbeid.


X