Onderzoek naar mogelijkheden beter inzicht voor burgers in verwerking van persoonsgegevens

11 september 2017Informatiemaatschappij

Een ieder heeft recht op inzage van zijn of haar persoonsgegevens. Ondanks dat burgers over dit recht beschikken, hebben zij vaak moeite om deze gegevens daadwerkelijk te ontvangen. Dit komt onder andere omdat het verstrekken hiervan nu niet eenduidig gebeurt en de gegevens vaak niet digitaal te vinden zijn. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft onderzoek laten doen naar de behoefte die burgers hebben als het gaat om digitale inzage in hun gegevens.

Privacy

De Europese Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is, na een lange onderhandelingsprocedure tussen de Raad, het Europees Parlement en de Europese Commissie op 25 mei 2016 in werking getreden. Decentrale overheden hebben echter nog ongeveer acht maanden om aan de verplichtingen uit de AVG te voldoen. De AVG is namelijk van toepassing met ingang van 25 mei 2018 (zie ook art. 99 AVG). Op onder andere de themapagina Privacy vindt u meer informatie over de verplichtingen voor decentrale overheden onder de AVG. Ook leest u in dit verdiepende artikel meer over deze verplichtingen.

Recht op inzage

Een betrokkene heeft het recht om van de verwerkingsverantwoordelijke te horen te krijgen of zijn/haar persoonsgegevens verwerkt worden (art. 15 AVG). Wanneer de persoonsgegevens worden verwerkt, heeft de betrokkene recht op informatie over deze gegevens. In artikel 35 van de Wet bescherming Persoonsgegevens (Wbp) is dit inzagerecht nu wettelijk geregeld. Dit proces verloopt echter moeizaam. Het is de vraag of de burger bij een inzageverzoek daadwerkelijk alle informatie krijgt die hij wilt hebben. U kunt hier meer over het recht op inzage vinden.

Onderzoek

Aanleiding voor dit onderzoek was een motie de leden van de Tweede kamer de Caluwé en Koşer Kaya, waarin onder meer wordt verzocht uit te zoeken binnen welke termijn en met welk budget gerealiseerd kan worden dat alle gebruikers regie krijgen over hun gegevens.

Het rapport schetst een aantal scenario’s met mogelijkheden waarmee gerealiseerd zou kunnen worden dat burgers zelf digitaal inzage kunnen krijgen in hun gegevens. Er worden drie scenario’s gepresenteerd:

  1. Scenario A: Digitale inzage in de verwerking van persoonlijke gegevens door overheden
  2. Scenario B: Digitale inzage in steeds meer inzage-informatie door steeds meer overheden
  3. Scenario C: Digitale inzage in alle inzage-informatie door alle overheden

Scenario A, het lichtste scenario, is een algemene website met algemene informatie. Het zwaarste scenario, C, betreft een volledig gedigitaliseerd centraal systeem dat automatisch burgers informeert wanneer er iets met hun gegevens gebeurt.

Het rapport adviseert om de weg van geleidelijkheid te volgen. De organisaties die persoonsgegevens verwerken van burgers als onderdeel van hun publieke taak, zouden eerst inzage kunnen bieden op een identieke wijze op een algemene website.

Door:

Fenna Eerenberg en Femke Salverda, Europa decentraal

Bron:

Onderzoek inzage persoonlijke gegevens, Rijksoverheid

Meer informatie:

Privacy: de Algemene Verordening Gegevensbeschermig (AVG) Europa decentraal
Rechtmatigheid en transparantie, Europa decentraal
Verwerken van persoonsgegevens, Europa decentraal