Politiek akkoord voor governance Energie-Unie

25 juni 2018

De onderhandelaars van de Europese Commissie, het Parlement en de Raad zijn het op 19 juni 2018 eens geworden over de verordening rond de governance van de Energie-Unie. Europa streeft ernaar om zo snel mogelijk te komen tot een koolstofvrije economie. De ontwerp verordening voor het bestuur van het energie- en klimaatbeleid van de EU voorziet in de langetermijnplanning en -coördinatie die de EU nodig heeft om te voldoen aan doelstellingen van de internationale klimaatovereenkomst van Parijs. Het doel is investeerders zekerheid en voorspelbaarheid op lange termijn te bieden én schone, betaalbare energie voor alle Europeanen te realiseren. Ook de decentrale praktijk komt hiermee op termijn in aanraking.

Nationale energie- en klimaatplannen voor 2050

In het kader van het gesloten politiek akkoord moet elke lidstaat uiterlijk op 31 december 2019 een geïntegreerd definitief Nationaal Energie- en Klimaatplan (INEK) indienen. Een tweede plan volgt uiterlijk op 1 januari 2029 en vervolgens dient om de tien jaar een plan ingediend te worden. De eerste plannen hebben betrekking op de periode 2021-2030, waarbij ook rekening zal worden gehouden met een langetermijnperspectief. De volgende plannen beslaan telkens de volgende periode van tien jaar.

“Gap-filler” voor hernieuwbare energiebronnen en energie-efficiëntie

De governance-regelgeving voorziet ook in een “traject” voor de bijdrage van de lidstaten aan de verwezenlijking van de EU-wijde doelstelling van het realiseren van 32% hernieuwbare energie tegen 2030. De 28 lidstaten moeten gezamenlijk 18% van de EU-brede doelstelling voor hernieuwbare energie tegen 2022 halen, 43% tegen 2025, 65% tegen 2027, om in 2030 100% van de doelstelling te bereiken.

Voor energie-efficiëntie, met een niet-bindende doelstelling van 32,5% op EU niveau (zie hierover ook het andere nieuwsbericht in de Ster), is een soortgelijk mechanisme voor het opvullen van de “gap” overeengekomen, met dezelfde tussentijdse referentiejaren als voor hernieuwbare energiebronnen: 2022, 2025 en 2027. Het grote verschil is dat de beoordeling van de kloof wordt overgelaten aan het oordeel van de Europese Commissie.

Als een lidstaat bovengenoemde doelstellingen niet bereikt dan moet zij aan de Europese Commissie rapporteren hoe zij die achterstand gaan inhalen. Het is op dit moment nog onduidelijk wat de Europese Commissie meer kan doen dan ‘naming and shaming’.

Voortgang Winterpakket

Door deze overeenstemming zijn er nu vier van de acht voorstellen van ‘Schone energie voor alle Europeanen’ ofwel het ‘Winterpakket’ aangenomen. Het ‘Winterpakket’ van november 2016 bevat voorstellen en mededelingen die de totstandkoming van de Energie Unie bewerkstelligen.

Vice-President Maroš Šefčovič van de Europese Commissie voor de Energie Unie zei: “With this ambitious agreement on the Energy Union’s governance, we put in place its cornerstone. It will enhance transparency for the benefit of all actors and investors, in particular. It will simplify monitoring and reporting of obligations under the Energy Union, prioritizing quality over quantity. And it will help us deliver on promises in the field of energy, climate and beyond. Now I am looking forward to the Member States’ draft energy and climate plans by the end of this year, as they send a strong signal to investors who need clarity and predictability. The Energy Union is on track, going from strength to strength.”

Relatie met het Nederlands Klimaatakkoord

Het Klimaatakkoord heeft één groot doel: om klimaatverandering tegen te gaan wil de lidstaat Nederland in 2030 bijna de helft (49%) minder broeikasgassen uitstoten dan in 1990. Dat is 48,7 megaton (48,7 miljard kilogram) minder broeikasgassen. Het belangrijkste broeikasgas is koolstofdioxide (CO2). Daarom richt Nederland zich vooral op het verminderen van de CO2-uitstoot in de lucht.

Het streven is om in de zomer van dit jaar tot afspraken op hoofdlijnen te komen. Dan kunnen eventuele maatregelen met budgettaire consequenties worden verwerkt in de Ontwerpbegroting 2019. Ook biedt dit tijdpad het kabinet de mogelijkheid de afspraken, aangevuld met andere maatregelen op het gebied van klimaat- en energiebeleid, op te nemen in de conceptversie van het Integraal Nationaal Energie- en Klimaatplan (INEK) dat Nederland eind 2018 moet indienen.

Voor het Klimaatakkoord zijn de daadkracht, investeringen en kennis en kunde van alle partijen in de maatschappij nodig. Daarom gaat het kabinet in gesprek met een groot aantal partijen waaronder provincies en gemeenten, over ieders eigen inzet en gezamenlijke acties. De afspraken in het Regeerakkoord vormen de basis. Besprekingen vinden plaats aan vijf sectortafels: gebouwde omgeving, industrie, landbouw en landgebruik, mobiliteit, elektriciteit.

Bron:

Persbericht, Europese Commissie 20 juni

Door:

Vivian Stribos, Huis van de Nederlandse Provincies

Meer informatie:

Klimaat- en energiebeleid voor 2030, Europa decentraal
Energie-efficiëntie, Europa decentraal
Europese raad stemt in met herziening richtlijn energieprestaties gebouwen, nieuwsbericht Europa decentraal
Europese overeenstemming over nieuwe hernieuwbare energiedoelstellingen, Europa decentraal

X