Hoe kan een buitenlands bedrijf voldoen aan de voorwaarde van een Gedragsverklaring bij een Europese aanbesteding?

november 2013

Bij een Europese aanbesteding heeft de provincie in de stukken opgenomen dat alle inschrijvers een Gedragsverklaring aanbesteden moeten verstrekken. Deze verklaring wordt door dienst Justis verstrekt. Buitenlandse bedrijven kunnen echter niet door dienst Justis gescreend worden en zij kunnen daarom geen Gedragsverklaring aanbesteden aanvragen. Een Duits bedrijf wil zich nu inschrijven op de aanbesteding en stelt de volgende vraag: hoe kunnen wij aan de voorwaarde gesteld in de aanbestedingsstukken aangaande het verstrekken van een Gedragsverklaring aanbesteden voldoen?

Antwoord in het kort

Het Duitse bedrijf kan, als er in Duitsland geen gelijkwaardig formulier bestaat, in plaats van de Gedragsverklaring aanbesteden een verklaring onder ede of een plechtige verklaring ten overstaan van een bevoegde rechterlijke of administratieve instantie, een notaris of een bevoegde beroepsorganisatie van Duitsland afleggen en deze verklaring overleggen aan de aanbestedende dienst.

Hieronder wordt nader ingegaan op de gedragsverklaring aanbesteden, de alternatieven hiervoor en over wat de aanbestedingswet 2012 hier verder over stelt.

Gedragsverklaring aanbesteden

Een aanbestedende dienst kan van de inschrijver op een (Europese) overheidsopdracht verlangen dat deze een gedragsverklaring aanbesteden (GVA) overlegt. Dienst Justis verstrekt in Nederland de GVA namens de minister van Veiligheid en Justitie.

Geen bezwaren

Een GVA is een verklaring dat uit een onderzoek is gebleken dat er geen bezwaren zijn dat een natuurlijke persoon of rechtspersoon inschrijft op een overheidsopdracht. Dienst Justis raadpleegt daartoe het Justitieel Documentatie Systeem en gaat na of sprake is van relevante beschikkingen van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) of de Europese Commissie. De GVA vervangt per 1 april 2013 de Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) bij aanbestedingen.

Alleen in Nederland

Het klopt inderdaad dat dienst Justis alleen in Nederland gevestigde bedrijven kan screenen. Het is daarom niet mogelijk voor een Duits bedrijf om een GVA bij dienst Justis aan te vragen.

Verklaring onder ede

De oplossing voor dit probleem kan worden gevonden via art. 45 lid 3 sub b van aanbestedingsrichtlijn 2004/18/EG:

Wanneer een document of getuigschrift niet door het betrokken land wordt afgegeven, of daarin niet alle in lid 1 en in lid 2, onder a), b) en c) (verplichte (art. 45 lid 1) en facultatieve (art. 45 lid 2) uitsluitingsgronden), bedoelde gevallen worden vermeld, kan dit worden vervangen door een verklaring onder ede — of, in de lidstaten waar niet in een eed is voorzien, door een plechtige verklaring — die door betrokkene ten overstaan van een bevoegde rechterlijke of administratieve instantie, een notaris of een bevoegde beroepsorganisatie van het land van oorsprong of herkomst wordt afgelegd.

Aanbestedingswet 2012

In de Aanbestedingswet 2012 wordt eveneens in artikel 4.2 ingegaan op de GVA en rechtspersonen naar buitenlands recht:

Voor de toepassing van de gedragsverklaring aanbesteden wordt dezelfde omschrijving van het begrip rechtspersoon gegeven als die in artikel 1, onderdeel d, van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens. Een gedragsverklaring aanbesteden kan derhalve, evenals een verklaring omtrent het gedrag, alleen worden aangevraagd voor rechtspersonen naar Nederlands recht. In de justitiële documentatie worden namelijk geen gegevens opgenomen van rechtspersonen naar buitenlands recht. Rechtspersonen naar buitenlands recht dienen op grond van artikel 2.89, vierde lid, desgevraagd aan de aanbestedende dienst of het speciale-sectorbedrijf de daar bedoelde gegevens over te leggen.

Artikel 2.89

Artikel 2.89 lid 4 van de Aanbestedingswet luidt:

Een aanbestedende dienst aan welke een gegadigde of inschrijver gegevens overlegt ten bewijze dat de uitsluitingsgronden, bedoeld in artikel 2.86 of artikel 2.87, niet op hem van toepassing zijn, aanvaardt ook gegevens en bescheiden uit een andere lidstaat die een gelijkwaardig doel dienen of waaruit blijkt dat de uitsluitingsgrond niet op hem van toepassing is.

Via bovenstaande weg kan via de uitsluitingsgrondensystematiek uit richtlijn 2004/18/EG worden afgeleid dat in een casus als onderhavige, bij het ontbreken van aan de Nederlandse GVA gelijkwaardige documenten, een verklaring onder ede of een plechtige verklaring afgelegd kan worden en kan worden overlegd om aan te tonen dat de uitsluitingsgronden niet van toepassing zijn.

Meer informatie:

Gedragsverklaring aanbesteden, Website Dienst Justis
Uitsluiting, Aanbestedingen, Europa decentraal
Hoofdstuk 7 Veelgestelde vragen aanbesteden, Europa decentraal
Gedragsverklaring aanbesteden, Website PIANOo

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

X