Kan onze gemeente de financiering van een cultuurhistorisch treintraject staatssteunproof maken?

juli 2013

Onze gemeente wil een cultuurhistorisch treintraject steunen voor de instandhouding van het cultureel erfgoed in de gemeente. Deze financiering zal verleend worden aan een culturele instelling die geen commerciële nevenactiviteit zal uitvoeren. Kan onze gemeente de financiering staatssteunproof maken?

Versie april 2013

Antwoord

Ja, deze financiering kan staatssteunproof gemaakt worden. U kunt staatssteun voorkomen via de cultuurexceptie of een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB).

Voorkomen van staatssteun

Als een gemeente compensatie verleent aan een culturele instelling, moet de vraag worden gesteld of aan alle criteria van art. 107 lid 1 VWEU wordt voldaan voordat er sprake is van staatssteun. Wordt er niet aan alle criteria voldaan, dan is er geen sprake van staatssteun. Bij het financieren van een cultuurhistorisch treintraject kunnen decentrale overheden staatssteun voorkomen door marktconform te handelen.

Commerciële activiteiten

Als de betreffende culturele instelling geen commerciële activiteiten ontplooit dan is er geen sprake van staatssteun. Dan krijgt de betreffende onderneming geen voordeel en wordt de concurrentie niet vervalst.

De minimissteun

Als het bedrag waarmee het treintraject gefinancierd wordt onder de € 200.000,= over drie belastingjaren blijft, kan worden overwogen om de steun te verlenen als de-minimissteun. Geringe steunbedragen beïnvloeden in de meeste gevallen het handelsverkeer tussen de lidstaten niet ongunstig en vervalsenn de mededinging niet.

Cultuurexceptie

Een ander alternatief is de toetsing aan de cultuurexceptie in het VWEU (art. 103 lid 3d). Steunmaatregelen om cultureel erfgoed te bevorderen, door middel van cultuurexceptie, kan een mogelijkheid zijn om de financiering staatssteunproof te maken. Een relevant voorbeeld hiervan is de Tsjechische zaak waarin de Commissie de subsidie voor de hele cultuursector van Praag goedkeurt. Deze zaak geeft aan dat grote culturele projecten aan de Commissie worden voorgelegd en kunnen worden goedgekeurd.

Dienst van Algemeen Economisch Belang

Gemeenten kunnen compensatie aan ondernemingen verstrekken voor het behoud van cultureel erfgoed in de vorm van een DAEB. Het opleggen van een DAEB is een manier om cultuursteun staatssteunproof vorm te geven.

Geen onevenredige verstoring interne markt

De gemeente mag een onderneming belasten met het uitvoeren van een taak in het publiek belang, voor zover de verhoudingen op de interne markt niet onevenredig verstoord worden. De instandhouding van het cultureel erfgoed kan als publiek belang worden aangemerkt wanneer het traject voor breed publiek opengesteld is. Bij het opleggen van een DAEB moet ook worden bezien of er sprake is van marktfalen.

Verder moet aan de Altmark-voorwaarden worden voldaan. Een van deze voorwaarden is dat een dienst vooraf duidelijk wordt gedefinieerd en afgebakend. Zo kan goed worden bepaald hoeveel het uitvoeren van die dienst kost en wat er precies moet worden gecompenseerd. DAEB-regels brengen vrij veel administratieve lasten met zich mee.

PSO-Verordening

Wanneer het gaat om de financiering van een vervoerstraject, kan men in eerste instantie ook denken aan de PSO-Verordening. Op grond van deze verordening kunnen decentrale overheden een compensatie verlenen zonder dat dit ongeoorloofde staatssteun is. Diensten die hoofdzakelijk de instandhouding van historisch erfgoed omvatten, zijn echter uitgezonderd van de verordening.

Meer informatie:

Voorkomen van staatssteun, Staatssteun, Europa decentraal
Cultuur, onderwijs en jeugd, Europa decentraal
Diensten van Algemeen Belang, Europa decentraal
Cultuur en Staatssteun, Praktijkvragen, Europa decentraal
Handreiking DAEB en Staatssteun
Tsjechische zaak (SA 32599, 2011/N)

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

X