Moet onze gemeente al rekening houden met de nieuwe MER-richtlijn?

mei 2014

Onze gemeente las dat op 15 mei 2014 de gewijzigde Europese richtlijn over milieueffectbeoordelingen (MER-richtlijn) in werking is getreden. Moet onze gemeente nu al rekening hiermee houden? En wat zijn de belangrijkste wijzigingen van de MER-richtlijn voor de gemeente?

Antwoord in het kort

Nee, uw gemeente hoeft momenteel nog geen rekening te houden met de nieuwe richtlijn.
De Lidstaten hebben 3 jaar de tijd, tot 16 mei 2017, om deze richtlijn te implementeren in hun nationale wetgeving. Vanaf die datum moeten ook decentrale overheden zich houden aan de nieuwe regels. Tot 16 mei 2017 gelden de bepalingen uit de oude MER-richtlijn, zoals die geïmplementeerd zijn in nationale wetgeving. Een belangrijke wijziging is dat bij een milieueffectbeoordeling rekening moet worden gehouden met nieuwe milieufactoren als biodiversiteit en klimaatverandering.

Wat is MER?

Bij fysieke projecten met een mogelijk grote impact op het milieu moet een milieueffectrapportage worden opgesteld. Deze milieueffecten moeten al tijdens de voorbereiding van de plannen en programma’s in beeld worden gebracht. Dit gebeurt in de vorm van een milieueffectrapport. Hierdoor moeten (decentrale) overheden rekening houden met milieueffecten voordat definitieve beslissingen worden genomen.

Achtergrond

De Europese Commissie publiceerde op 26 oktober 2012 een voorstel tot wijziging van de MER-richtlijn. De gewijzigde richtlijn moet de kwaliteit van de milieueffectbeoordelingen verbeteren, de procedures van die beoordelingen stroomlijnen en de samenhang met overige wetgeving versterken. De wijzigingen moeten leiden tot minder administratieve lasten. Ook moet de richtlijn leiden tot meer en betere milieubescherming.

Belangrijkste wijzigingen

Door de voorgestelde wijzigingen moet bij een milieueffectbeoordeling rekening worden gehouden met nieuwe milieufactoren als biodiversiteit en klimaatverandering. Daarnaast moet de nieuwe richtlijn de methodes voor het uitvoeren van een milieueffectbeoordeling verduidelijken. Verder moet het publiek bij een milieueffectbeoordeling worden betrokken via een centraal webportal.

Functionele scheiding

Lidstaten zullen een functionele scheiding moeten invoeren tussen de bevoegde autoriteit die vergunningen voor een project verleent en de projectontwikkelaar om de objectiviteit van een milieueffectbeoordeling te verzekeren. Verder moeten milieueffectbeoordelingen informatie gaan bevatten over bijvoorbeeld de cumulatie van projecten. Zo moet worden voorkomen dat ontwikkelaars grote projecten gaan splitsen in kleine projecten om zo onder de drempelwaarden voor een milieueffectbeoordeling te blijven.

Termijnen

Verder bevat de gewijzigde MER-richtlijn ook nieuwe termijnen voor de verschillende fases van een milieu effectbeoordeling. Zo moet de termijn waarbinnen het betrokken publiek wordt geraadpleegd over een milieueffectbeoordelingsrapport bijvoorbeeld minstens 30 dagen zijn.

Schaliegas

Ondanks het verzoek van het Europees Parlement is er in de richtlijn geen verplichting opgenomen om een milieueffectbeoordeling uit te voeren voor het boren naar schaliegas. Overheden moeten wel rekening gaan houden met bepaalde aspecten van gasprojecten. Met name moet rekening worden gehouden met gezondheidsrisico’s door watervervuiling, het gebruik van water en grond en de kwaliteit en herstelcapaciteiten van ondergronds water.

Meer informatie:

Richtlijn 2014/52, Europese Commissie
Review of the environmental impact assessment directive, Europese Commissie
Milieueffectrapportages , milieu en klimaat, Europa decentraal

Meer weten over dit onderwerp?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG