Hoe werkt de rechtstreekse werking van Europese richtlijnen?

juli 2013

Van een Europese richtlijn is de implementatietermijn verstreken. De betreffende richtlijn is niet op tijd door de Rijksoverheid omgezet in Nederlandse wetgeving. Gelden de verplichtingen uit de richtlijn dan toch voor decentrale overheden?

Antwoord

Ja, als de Nederlandse overheid een richtlijn te laat omzet, dan moeten decentrale overheden zich houden aan de richtlijnbepalingen. Richtlijnen staan namelijk bekend om hun mogelijke zogenaamde rechtstreekse werking. Decentrale overheden kunnen in een dergelijk geval dan dus niet wachten met toepassing van de richtlijn totdat de richtlijn is omgezet. Dit geldt ook als een richtlijn niet volledig of correct is geïmplementeerd in nationale wetgeving.

Implementatie

Richtlijnen worden in Nederland geïmplementeerd door nieuwe wetten of wetswijzigingen. Wanneer Nederland een richtlijn te laat omzet, of niet correct, dan kunnen richtlijnbepalingen rechtstreeks doorwerken als ze ‘voldoende duidelijk en nauwkeurig’ zijn en rechten toebedelen aan particulieren. Men dient deze rechtstreekse werking per richtlijn te bekijken. Onder inleiding Europees recht leest u meer over de werking van Europese regels.

Rechtstreekse werking

Richtlijnbepalingen kunnen rechtstreeks gaan werken zodra de implementatiedeadline is verstreken. Rechtstreekse werking wil zeggen dat ze particulieren en ondernemingen rechten geven waarop zij zich kunnen beroepen bij een nationale rechter. De rechter en de decentrale overheid zijn verplicht die bepalingen dan zelfstandig toe te passen. In ons factsheet Rechtstreekse Werking leest u meer hierover.

Niet altijd rechtstreekse werking

Richtlijnbepalingen werken overigens niet altijd rechtstreeks door. Dit gebeurt alleen wanneer ze ‘voldoende duidelijk en nauwkeurig’ zijn en rechten toebedelen aan particulieren. De bepalingen moeten precies zijn geformuleerd en geen afwijkingsmogelijkheden voor de lidstaten bevatten.

Te late omzetting

Wanneer er sprake is van te late omzetting van Europese richtlijnen dan dienen decentrale overheden dus zelf direct de Europese bepalingen na te leven of de nationale wetgeving richtlijnconform te interpreteren. Zij moeten het begrip ‘voldoende nauwkeurig en onvoorwaardelijk’ daarbij niet te beperkt opvatten. Dit volgt onder andere uit de zaak Fratelli Costanzo.

Fratelli Constanzo

Bepalingen van richtlijnen kunnen worden ingeroepen tegen alle overheidsorganen, dus ook tegen decentrale overheden. Dit heeft het Hof duidelijk gemaakt in de zaak Fratelli Costanzo uit 1989. In Fratelli Costanzo gaf het Hof aan dat als de bepalingen van een richtlijn inhoudelijk gezien onvoorwaardelijk en voldoende nauwkeurig zijn, particulieren zich voor de nationale rechter op die bepalingen kunnen beroepen tegenover de staat. Dit kan in het geval dat een lidstaat deze de richtlijn niet binnen de omzettingstermijn heeft geïmplementeerd of op onjuiste wijze heeft geïmplementeerd.

Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, zijn alle overheidsinstanties, inclusief gemeenten, provincies en waterschappen, verplicht deze rechtstreeks werkende bepalingen toe te passen. Bepalingen van nationaal recht die er niet mee verenigbaar zijn, moeten zij buiten toepassing te laten. Wanneer hier niet aan wordt voldaan, geldt er ook voor decentrale overheden een zekere aansprakelijkheid.

Inbreukprocedures

Lidstaten hebben de mogelijkheid om richtlijnen zelf in nationaal recht in te richten. Richtlijnen moeten wel op de juiste manier geïmplementeerd worden. Gebeurt dit niet, dan kan de Europese Commissie een zogenoemde inbreukprocedure starten tegen de lidstaat die de richtlijn niet correct nakomt. Als de Rijksoverheid een richtlijn niet of niet correct heeft geïmplementeerd, blijven decentrale overheden nog steeds zelf verplicht de Europeesrechtelijk juiste interpretatie toe te passen.

Wet NErpe

Ook in het geval dat een gemeente, provincie of waterschap een richtlijn onjuist uitvoert, kan de Commissie een inbreukprocedure starten. Deze procedure zal tegen de lidstaat gericht zijn. Door de Wet NErpe heeft de Rijksoverheid een instrument in handen om de naleving van Europese regelgeving af te dwingen bij organen en instanties (publieke entiteiten) die het Europese recht niet (correct) naleven.

Dit houdt bijvoorbeeld in dat de Rijksoverheid boetes die de Commissie oplegt aan Nederland wegens het niet naleven van Europese regelgeving, kan verhalen op de overheid die de fout gemaakt heeft.

Meer informatie:

Factsheet rechtstreekse werking richtlijnen, Europa decentraal
Aansprakelijkheid decentrale overheid, Europees recht en beleid decentraal, Europa decentraal
Rechtstreekse werking, Europees recht en beleid decentraal, Europa decentraal
Zaak Fratelli Costanzo, Hof van Justitie EU

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

X