Wanneer spelen de mededingingsregels een rol bij vergunningverstrekking?

mei 2013

Onze provincie wil het verlenen van vergunningen voor zandwinning doen in overeenstemming met de Europese mededingingsregels. Waar moeten wij op letten?

Versie april 2012

Antwoord

Het verlenen van vergunning geldt als een typische overheidstaak. Dit bekent dat de provincie hierbij in principe niet met de mededingingsregels van doen heeft, omdat zij in dit geval handelt als overheid en niet als onderneming.

Toch kan een overheid die niet als onderneming handelt onder bepaalde omstandigheden de mededinging vervalsen. Wij schetsen hieronder de belangrijkste situatie waarin dat voor kan komen.

Kartelregels en nuttig effect-norm

Een mogelijkheid is dat de provincie in aanraking komt met de kartelregels van art. 101 VWEU of art. 6 Mededingingswet. De provincie moet er op letten dat zij niet de zogenoemde nuttig-effect norm overtreedt.

Dit houdt in dat de provincie niet door middel van marktregulerende bevoegdheden marktpartijen de mogelijkheid mag geven om kartelafspraken te maken voor de markt voor zandwinning. De provincie maakt dan zelf geen kartelafspraken, maar zet ondernemingen er dan mogelijk toe aan om kartelafspraken te maken. Deze afspraken kunnen in strijd zijn met het Europese mededingingsrecht.

Praktijkzaken

De Nederlandse Mededingsautoriteit (NMa) heeft in een aantal besluiten vastgesteld dat provincies in het verleden de mededinging tussen partijen in de zandwinningsector negatief hebben beïnvloed door de markt voor zandwinning te verdelen. De provincies hadden aan enkele marktpartijen de eis gesteld om onderling uit te maken welke marktpartijen zandgebieden in concessie zou krijgen.

Zo werden de marktpartijen tot samenwerkingsafspraken gedwongen die onder het kartelverbod vallen. Hiermee werd door de provincies de nuttig effect norm overtreden.

Meer informatie:

Pluk de vruchten van de interne markt, ‘Beleidskansen in het mededingingsrecht’, A. Gerbrandy, Sdu 2011
Wanneer kunnen gemeenten met het mededingingsrecht te maken krijgen? de Gemeentestem 2005, 7221
Mededingingsrecht voor decentrale overheden, A. Gerbrandy en B. Hessel, Kluwer 2004
Zaak 617/18, NMa 21 augustus 2001, Heeswijkse Kampen
Zaak, 620/21, NMa 21 augustus 2011, Nederzand BV

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

X