Wat moet er met betrekking tot de LSP gebeuren voordat de overgangstermijn eindigt?

februari 2013

Met het in werking treding van de Dienstenrichtlijn heeft onze gemeente, voor alle vergunningstelsels die onder de reikwijdte van de richtlijn vallen, bepaald of de Lex Silencio Positivo (LSP) kon worden toegepast. Moet de gemeente nog verdere actie ondernemen voordat de overgangstermijn eind 2011 eindigt?

Versie juni 2011

Antwoord

Ja, er moet nog verdere actie worden ondernomen. Met het in werking treden van de Dienstenrichtlijn is een overgangstermijn van twee jaar vastgesteld die eind 2011 eindigt. Gedurende de overgangstermijn moeten decentrale overheden expliciet in het vergunningstelsel opnemen dat de LSP van toepassing was op dat stelsel, anders gold deze niet. Na de overgangstermijn moet de LSP expliciet van toepassing worden uitgesloten, anders is deze van toepassing op elk vergunningstelsel dat onder de Dienstenrichtlijn valt.

Expliciete uitsluiting LSP

Voor 2012 moet dus nog voor expliciete uitsluiting van de LSP gezorgd worden, wanneer deze door dwingende redenen van algemeen belang niet kan gelden. Doet een gemeente (of andere decentrale overheid) dit niet, dan geldt de LSP vanaf 2012 automatisch voor elk vergunningstelsel dat onder de reikwijdte van de Dienstenrichtlijn valt. Om gemeenten te helpen bij deze taak heeft de VNG voor al haar modelverordeningen bepaald of de LSP kan gelden.

LSP en de overgangsregeling

De LSP houdt in dat een vergunning wordt geacht te zijn verleend bij het uitblijven van een antwoord binnen een gestelde termijn door het bevoegde bestuursorgaan op een aanvraag van een vergunning. Dit wordt ook wel het van rechtswege (ofwel het na verloop van de beslistermijn automatisch) verlenen van vergunningen genoemd. Net voordat de Dienstenrichtlijn en de Dienstenwet (de Nederlandse implementatiewet) op 28 december 2009 in werking zouden treden, is door de Tweede Kamer een amendement aangenomen waardoor een overgangstermijn in het leven is geroepen met betrekking tot de toepassing van de LSP.

Artikel 13 lid 4 Dienstenrichtlijn

Art. 13 lid 4 Dienstenrichtlijn is eind 2009 in werking getreden, waardoor de LSP al vanaf die datum gold. In de Algemene wet Bestuursrecht (AwB) is met het in werking treden van de Dienstenrichtlijn een nieuwe paragraaf 4.1.3.3 ingevoerd voor de LSP. In deze paragraaf wordt geregeld hoe de LSP vorm krijgt.

Art. 28 Dienstenwet bepaalt dat deze paragraaf van toepassing is op een aanvraag voor een vergunning (onder de reikwijdte van de Dienstenrichtlijn), tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald. In art. 65 Dienstenwet is de overgangstermijn opgenomen. Dat artikel bepaalt dat art. 28 tot januari 2012 niet van toepassing is op vergunningen verleend krachtens de Provinciewet, de Gemeentewet, de Waterschapswet, de Wet gemeenteschappelijke regelingen en de Wet op de bedrijfsorganisatie.

Vormgeving LSP

De LSP kan zowel gelden voor vergunningen die onder de reikwijdte van de Dienstenrichtlijn vallen als voor vergunningstelsels die er niet onder vallen. De toepassing van de LSP kan dus langs twee wegen plaatsvinden:

1. Paragraaf 4.1.3.3 Awb kan van toepassing worden als een gemeente (of een andere decentrale overheid) de LSP invoert voor gemeentelijke vergunningstelsels, die niet onder de Dienstenrichtlijn vallen. Hierbij heeft een gemeente derhalve volledige vrijheid over de vraag of het wel of niet de LSP voor een vergunningstelsel wil invoeren (facultatieve toepassing van de LSP).

2. De LSP kan van toepassing worden als het gaat om een vergunningstelsel dat wel onder de Dienstenrichtlijn valt en waarvoor geen dwingende reden van algemeen belang bestaat om af te wijken van het beginsel van de LSP (art. 28 Dienstenwet en art. 13 lid 4 Dienstenrichtlijn). Hierbij is dan een onderscheid gemaakt tussen de periode vóór 1 januari 2012 en de periode ná 1 januari 2012.

Voor en na 1 januari 2012

Op grond van art. 65 Dienstenwet moet:

– Tot 2012 de LSP door een gemeente (of andere decentrale overheid) uitdrukkelijk van toepassing worden verklaard indien er geen dwingende reden van algemeen belang bestaat om af te wijken van het beginsel van LSP. Dit zal per vergunningstelsel moeten worden getoetst;
– Vanaf 2012 de LSP uitdrukkelijk worden uitgesloten als er dwingende reden van algemeen belang bestaan om af te wijken van het beginsel van LSP. Ook dit zal per vergunningstelsel moeten worden getoetst.

Meer informatie:

Hoe staat de Lex Silencio Positivo tegenover vergunningsstelsels die vallen onder de Dienstenrichtlijn? Praktijkvraag
Moet onze provincie bij medebewindstaken ook beslissen over het al dan niet toepassen van LSP? Praktijkvraag
Ministerie van BZK, over de Dienstenrichtlijn
Lex Silencio Positivo, Dienstenrichtlijn
Vergunningstelsels en eisen, Dienstenrichtlijn

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

X