Structuurfondsen worden Europese Structuur- en Investeringsfondsen

4 november 2013

De Raad en het Europees Parlement hebben op grote lijnen een akkoord bereikt over het cohesiepakket voor 2014-2020. Lange tijd was er een impasse omdat het Europees Parlement geen macro-economische conditionaliteit en performance reserve accepteerde. De naam ‘Structuurfondsen’ verandert in ‘Europese Structuur- en Investeringsfondsen’ (ESIF).

Macro-conditionaliteit bestaat uit de mogelijkheid om fondsen niet uit te keren als een lidstaat niet voldoet aan de afgesproken begrotingseisen. Het Parlement wilde dit uit de verordening schrappen omdat het wilde voorkomen dat regio’s het slachtoffer worden van het begrotingsbeleid van hun nationale overheid. De Raad hield hier echter aan vast. Het compromis dat gesloten is zorgt ervoor dat het moeilijker wordt om fondsen te blokkeren omdat het Europees Parlement bij die beslissing betrokken moet worden.

Ook de oppositie tegen de performance-reserve bleek niet houdbaar. Dit houdt in dat in de komende periode 6% van de fondsen ingehouden zullen worden en pas in 2019 uitgegeven worden aan de programma’s mits zij een aantal doelstellingen hebben behaald.

De komende maanden zal blijken of de onderhandelaars tot een definitief akkoord komen. De doelstelling is om een formeel akkoord te bereiken op het hele wetgevende pakket. De discussie over de hoogte van het Europees Sociaal Fonds kan nog roet in het eten gooien. De parlementaire commissie sociale zaken wil namelijk dat de envelop voor het ESF opgehoogd wordt. Ook zonder akkoord kunnen de nieuwe programma’s van start gaan op 1 januari 2014. Het enige is dat er dan nog niet kan worden overgegaan tot uitbetaling.

Door:

Milos Labovic, Huis van de Nederlandse Provincies, Brussel

Meer informatie:

Europese Commissie Cohesiebeleid 2014-2020
Europees Parlement Commissie Sociale Zaken
Europees Parlement Commissie Regionale Ontwikkeling