Tweede Kamer neemt Uitvoeringswet AVG aan

13 maart 2018Informatiemaatschappij, Overige onderwerpen, Privacy: gegevensbescherming en de AVG

Eind februari 2018 presenteerde de Europese Commissie de stand van zaken omtrent de implementatie van de Algemene Verordening Gegevensbescherming in de lidstaten. Hieruit bleek onder andere dat in nog maar twee lidstaten de relevante nationale wetgeving was aangenomen. Dit nationaal wettelijk kader moet in orde zijn voor de regels van de AVG op 25 mei 2018 van toepassing worden. Het wetsvoorstel voor de Nederlandse Uitvoeringswet AVG is in december 2017 bij de Tweede Kamer ingediend. Vandaag stemde de Tweede Kamer over het wetsvoorstel en de ingediende amendementen en moties. Het wetsvoorstel van de Uitvoeringswet is met 130 stemmen voor en 20 stemmen tegen (PVV) aangenomen.

Per 25 mei 2018 moeten onder andere decentrale overheden voldoen aan de regels van de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De AVG vervangt de Europese richtlijn bescherming persoonsgegevens. In Nederland was deze richtlijn geïmplementeerd in de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Meer informatie over de AVG kunt u op onze website vinden.

Waarom de Uitvoeringswet?

De AVG is een Europese verordening. Dit betekent dat decentrale overheden en betrokkenen rechtstreeks aan de regels gebonden zijn en zich ook direct op de bepalingen kunnen beroepen. In tegenstelling tot de richtlijn hoeft de verordening niet te worden omgezet in nationale wetgeving. De AVG biedt de lidstaten echter nog wel ruimte om bepaalde keuzes te maken. In Nederland zijn deze uitgewerkt in de Uitvoeringswet AVG, waarmee ook de huidige Wet bescherming persoonsgegevens wordt ingetrokken. Over het conceptwetsvoorstel van deze Uitvoeringswet kunt u in dit nieuwsbericht meer lezen.

Het wetsproces

Na een internetconsultatie en adviezen van zowel de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) als de Raad van State is het conceptwetsvoorstel voor de Uitvoeringswet op 12 december 2017 ingediend bij de Tweede Kamer. Naar aanleiding van vragen van Kamerleden is het wetsvoorstel twee keer gewijzigd.

  • Met de eerste wetswijziging van de Uitvoeringswet van 14 februari 2018 zijn een aantal veranderingen doorgevoerd. Bijvoorbeeld om ervoor te zorgen dat een minderjarige of onder curatele gestelde contact op kan nemen met niet-commerciële hulp of adviesdiensten, zonder dat daar toestemming van de wettelijke vertegenwoordiger voor nodig is. Daarnaast zijn met deze wetswijziging ook een aantal bevoegdheden van de AP verduidelijkt en is de Uitvoeringswet in bepaalde gevallen aangescherpt om deze meer beleidsneutraal te maken. Dit houdt in dat de bepalingen van de AVG nog beter zijn aangesloten bij de regels die onder de Wbp golden.
  • De tweede wetswijziging op 9 maart 2018 gaf de AP rechtspersoonlijkheid en verduidelijkte onder meer regels over de begroting van de AP.

Het gewijzigd voorstel van wet is hier terug te vinden.

Overige amendementen en moties

Bij de stemming op 13 maart 2018 werd naast het wetsvoorstel ook gestemd over zeven amendementen en zeven moties. Daarbij zijn twee amendementen aangenomen. De eerste neemt een bepaling in de Uitvoeringswet op waarin de AP wordt aangespoord om bij de toepassing van de AVG rekening te houden met kleine ondernemingen. Het tweede amendement heeft tot gevolg dat het College van de AP altijd uit drie leden moet bestaan.

Ook zijn vier moties aangenomen en is er een motie overgenomen. Middels deze moties wordt de regering bijvoorbeeld gevraagd om een half jaar na inwerkingtreding van de UAVG te rapporteren over verschillende onderwerpen, waaronder de eerste ervaringen met de behandeling van individuele klachten door de AP en de verwerking van gezondheidsgegevens van werknemers in geval van ziekte.

Verdere verloop wetsproces

In het Kamerdebat van 8 maart heeft minister Dekker benadrukt dat de prioriteit ligt op de afronding van het wetsproces. Vanwege de beperkte tijd voor 25 mei 2018 is ervoor gekozen de Uitvoeringswet beleidsneutraal op te stellen. De minister erkent wel dat er daarom nog bepaalde onderwerpen zijn waar langer over gediscussieerd kan worden. Deze zijn ook door de Kamerleden in amendementen, de voorgenoemde motie of in het debat aangedragen. De minister stelt dan ook voor om direct na afronding van het wetsvoorstel te beginnen met een modernisering van de Uitvoeringswet. Dan is er meer tijd om de gevolgen van verdergaande wijzigingsvoorstellen te onderzoeken en om de nodige belangenafwegingen te maken. Hij gaf aan dat de tweede versie van de Uitvoeringswet dan in 2019 in consultatie zou kunnen gaan.

Nu het wetsvoorstel voor de Uitvoeringswet door de Tweede Kamer is aangenomen, zal de Eerste Kamer nog over het wetsvoorstel stemmen. Hierbij kunnen echter geen amendementen meer worden ingediend. De Eerste Kamercommissie voor Justitie en Veiligheid zal op 20 maart de procedure hiervoor besproken. Daarbij wordt bepaald op welke manier het voorbereidend onderzoek zal plaatsvinden en hoe de verdere voorbereiding zal verlopen.

Als het wetsvoorstel ook door de Eerste Kamer wordt aangenomen, kan de wettekst ondertekend worden en wordt de Uitvoeringswet gepubliceerd in het Staatsblad. Volgens artikel 53 van de Uitvoeringswet zal deze daarna op een door bij koninklijk besluit bepaald tijdstip in werking treden.

Door:

Juliëtte Fredriksz, Europa decentraal

Bronnen:

Wetsvoorstel Uitvoeringswet AVG (gewijzigd voorstel van wet, 13 maart 2018).
Wetsvoorstel Uitvoeringswet AVG
(versie december 2017).

Meer informatie:

Themapagina Privacy, Europa decentraal
De Algemene Verordening Gegevensbescherming, Europa decentraal
Nieuw voorstel voor Uitvoeringswet AVG gepubliceerd, Nieuwsbericht Europa decentraal
Nieuwe mededeling Europese Commissie en Handleiding Ministerie van Justitie en Veiligheid, Nieuwsbericht Europa decentraal Nota van wijziging UAVG, 13 februari 2018
Tweede nota van wijziging UAVG, 8 maart 2018
Wetsvoorstel UAVG, Tweede Kamer
Wetsvoorstel UAVG, Eerste Kamer

X