Nieuws

Publicatie: 26 oktober 2026

Door:


De Raad van de EU nam op 19 oktober een aanbeveling aan over de aanpak van huisvestingsuitsluiting en dakloosheid. Dit raakt gemeenten: zij voeren opvang en preventie uit en krijgen nu een Europees kader naast het Nationaal Actieplan Dakloosheid. Lidstaten moeten een nationale strategie opstellen met meetbare doelen, vroegsignalering en wonen eerst, met inbreng van decentrale overheden.

Eén miljoen mensen zonder thuis

Dakloosheid treft naar schatting meer dan een miljoen mensen in de EU. De Raad noemt het de meest extreme en zichtbare vorm van armoede. De aanbeveling hoort bij het Europees plan voor betaalbare huisvesting en de eerste Europese armoedestrategie, die de Commissie in mei presenteerde. Het begrip huisvestingsuitsluiting is breder dan dakloosheid: het omvat ook mensen die wel een dak hebben, maar in een ongeschikte of onzekere woonsituatie zitten, bijvoorbeeld door dreigende uitzetting of huiselijk geweld.

Dit vraagt de Raad van de lidstaten

De aanbeveling richt zich op vier onderdelen. Ten eerste een strategisch kader op nationaal en regionaal niveau, met tijdgebonden en meetbare doelen. Ten tweede vroegsignalering en preventie: huishoudens met een risico op dakloosheid vroeg in beeld krijgen, met schuldhulp, bescherming tegen gedwongen uitzetting, noodhuurbijstand en bemiddeling. Geen kind mag zonder passende woonruimte zitten en kinderen en jongvolwassenen die een zorginstelling of pleegzorg verlaten moeten op huisvesting kunnen rekenen. Ten derde moeten dakloze mensen op één plek terechtkunnen voor hulp bij uitkeringen, zorg en begeleiding. Een persoonlijk ondersteuningsplan en hulpverleners die actief contact zoeken met mensen op straat kunnen daarbij helpen. Ten vierde meer sociale en betaalbare woningen, via nieuwbouw, renovatie, beter gebruik van bestaande voorraad en non-profit woonvormen.

Wonen eerst als uitgangspunt

De Raad kiest voor een persoonsgerichte en woongerichte aanpak. Eerst een stabiele woning, dan begeleiding, in plaats van een lang traject door opvang en tussenvoorzieningen. De aanbeveling noemt Housing First als voorbeeld en verwijst naar de Verklaring van Lissabon, waarin de EU-instellingen en de lidstaten afspraken toe te werken naar het beëindigen van dakloosheid in 2030. Dat jaartal staat alleen in de overwegingen. De aanbeveling zelf vraagt om tijdgebonden doelen in lijn met de Verklaring van Lissabon, maar legt geen datum vast.

Decentrale overheden in de tekst

De aanbeveling richt zich tot de lidstaten, maar benoemt decentrale overheden op meerdere plekken. Regionale en lokale overheden moeten betrokken zijn bij het opstellen van de nationale strategie. De Raad vraagt om meerlagig bestuur en coördinatie tussen nationaal, regionaal en lokaal niveau, om technische ondersteuning voor lokale en regionale overheden bij het ontwikkelen van woonprojecten, en om snellere planologische en vergunningprocedures op alle bestuursniveaus. Mensen met ervaring met dakloosheid moeten vooral lokaal meepraten over beleid.

Geen nieuw fonds

De aanbeveling komt zonder eigen budget. De Raad vraagt lidstaten de bestaande Europese instrumenten volledig te gebruiken en wijst op de ruimte die de tussentijdse herziening van het cohesiebeleid biedt om middelen naar huisvesting te verschuiven. Ook verwijst de tekst naar het aangekondigde pan-Europese investeringsplatform voor betaalbaar wonen. Concrete fondsen zoals het ESF+ of het EFRO noemt de aanbeveling niet.

Vijfjaarlijkse verantwoording

Een aanbeveling is niet bindend. Lidstaten rapporteren elke vijf jaar aan de Commissie over de voortgang. De Commissie beoordeelt die rapportages en doet vijf jaar na aanname verslag aan de Raad. Harde sancties of tussendoelen ontbreken, de druk komt van onderlinge vergelijking tussen lidstaten.

Wat betekent dit voor Nederlandse gemeenten?

Nederland werkt sinds 2022 met het Nationaal Actieplan Dakloosheid, met wonen eerst als uitgangspunt en het doel dat iedereen in 2030 een thuis heeft. De Nederlandse aanpak sluit dus inhoudelijk aan op de Europese lijn. De aanbeveling geeft gemeenten drie handvatten. U kunt via de nationale strategie, waar de Raad decentrale betrokkenheid bij vraagt, uw lokale knelpunten op tafel leggen. U kunt de Europese nadruk op vroegsignalering, één loket en data over moeilijk bereikbare groepen gebruiken om uw eigen aanpak te toetsen. En bij het verschuiven van cohesiemiddelen naar huisvesting biedt de aanbeveling een extra argument richting het Rijk en de managementautoriteiten van de EFRO-programma’s.

Hoe verder

De Raad heeft de aanbeveling aangenomen, publicatie in het Publicatieblad volgt. Lidstaten rapporteren binnen vijf jaar aan de Commissie, die daarna verslag doet aan de Raad. Verwacht op korte termijn geen nieuwe Europese verplichtingen: de aanbeveling is niet bindend. Voor gemeenten zijn twee ontwikkelingen van belang. Ten eerste de uitwerking van de nationale strategie. De aanbeveling vraagt het Rijk om meetbare doelen en om betrokkenheid van decentrale overheden. Let erop of het Rijk het Nationaal Actieplan Dakloosheid hierop aanpast en op welk moment u als gemeente kunt meepraten. Ten tweede de verdeling van Europese middelen. De tussentijdse herziening van het cohesiebeleid maakt het mogelijk geld te verschuiven naar huisvesting. Het Rijk en de managementautoriteiten van de EFRO-programma’s beslissen daarover. Heeft u woonprojecten voor dakloze mensen, breng die dan nu bij hen onder de aandacht.

Bron

A place to call home: Council adopts recommendation on addressing housing exclusion and homelessness, Raad van de EU
Tekst van de aanbeveling, Raadsdocument ST 14650/26, Raad van de EU
Commission proposes new measures to address poverty and the housing crisis, Europese Commissie

Meer informatie

Wat kan de EU doen aan het woningtekort in Nederland?, Kenniscentrum Europa Decentraal
European Affordable Housing Plan, Europese Commissie
European Platform on Combatting Homelessness, Europese Commissie
Woonruimte en begeleiding voor dakloze mensen, Rijksoverheid