Computer Resources International (Luxembourg) SA v. Europese Commissie

HvJ-EU, 5 november 2014. Zaak T-422/11. In het arrest Computer Resources International heeft het Gerecht van Eerste Aanleg uitleg gegeven over de te volgen procedure voor aanbestedende diensten bij abnormaal lage inschrijvingen. De Commissie heeft een ondernemer van een aanbesteding uitgesloten, waarnaar de ondernemer beroep aantekent. Vervolgens heeft het Gerecht uitleg gegeven over de motiveringsplicht van de aanbestedende dienst, de procedurele voorschriften en het begrip misbruik van bevoegdheid.

Feitenverloop

Op 5 april 2011 heeft de Europese Commissie heeft een aankondiging van opdracht voor ‘computerdiensten, softwareontwikkeling, onderhoud, consultancy en bijstand voor verschillende soorten IT-applicaties’ uitgeschreven. De aanbesteding diende de aflopende raamovereenkomsten voor IT diensten te vervangen. Het bedrijf Computer Resources International (Luxembourg) SA (hierna: CRI) heeft een offerte ingediend voor twee percelen binnen de aanbesteding, namelijk voor de percelen 1 ‘Ondersteuning en gespecialiseerde administratieve applicaties’ en 3 ‘Productie- en ontvangstketens’.

De Commissie heeft SRI in eerste instantie verzocht om inlichtingen te sturen over de berekeningswijze van de prijs voor de inhuur van personeel in haar offertes, omdat zij van mening was dat de opgegeven prijs kon worden gezien als abnormaal laag. Zij was niet tevreden met het antwoord van SRI en heeft de offertes alsnog afgewezen. Vervolgens is SRI een procedure gestart voor het Europees Gerecht waarin zij betwist dat de offertes abnormaal laag waren. SRI stelde dat de Commissie ten onrechte geen onderscheid had gemaakt tussen de kosten van manuren van het bedrijf vanuit Luxemburg en vanuit Roemenië. Daarnaast stelt SRI in dat de opgestelde prijzen in de onderhavige aanbestedingsprocedure hoger waren dan de gemiddelde prijzen die zij had voorgelegd in een eerdere aanbestedingsprocedure aan de Commissie. In deze eerdere procedures zijn de opgestelde prijzen niet als abnormaal laag gekwalificeerd door de Commissie.

Rechtsvragen

  1. Op welke gronden mag een aanbestedende dienst ondernemers uitsluiten van een aanbestedingsprocedure wegens een abnormaal lage inschrijving?
  2. Dient een aanbestedende dienst daarbij rekening te houden met de behandeling van offertes in eerdere aanbestedingen?

Uitspraak van het Gerecht

Het Gerecht overweegt dat de Commissie als aanbestedende dienst over een ruime beoordelingsvrijheid beschikt en dat het Gerecht zich dient te beperken tot de toetsing of de procedure- en motiveringsvoorschriften in acht zijn genomen, de feiten juist zijn vastgesteld en er geen sprake is van een kennelijke ernstige beoordelingsfout of misbruik van bevoegdheid.

Motiveringsplicht

Met betrekking tot de motiveringsplicht overweegt het Gerecht dat de Commissie aan haar plicht heeft voldaan. Zij heeft de redenen medegedeeld waarom haar offertes waren afgewezen, namelijk omdat zij abnormaal laag waren. Daaropvolgend heeft de Commissie overtuigend aangetoond aan SRI dat haar offertes niet vergelijkbaar waren met de offertes voor eerdere aanbestedingsprocedures. De vergelijkingen die SRI trok waren onjuist. Voor bepaalde profielen waren de genoemde tarieven lager dan het minimumdagtarief in Luxemburg, terwijl het voor andere profielen geen marktconform salaris voor personeelskosten in Luxemburg betrof.

Gevolgde procedure

Met betrekking tot de procedure overweegt het Gerecht dat de Commissie heeft voldaan aan de verplichting de inschrijver zijn offerte toe te lichten bij een offerte met een schijnbaar abnormaal lage prijs. Door SRI te verzoeken om inlichtingen te sturen over de berekeningswijze van de personeelskosten in haar offertes was voldoende. Daarnaast verwerpt het Gerecht het argument van SRI dat de Commissie niet kon vaststellen dat de offertes een abnormaal lage prijzen bevat, omdat zij vergelijkbare prijzen niet heeft afgewezen in eerdere procedures. Het Gerecht stelt dat er geen verplichtingen voortvloeien voor een aanbestedende partij om de prijzen van de verzoekster in haar offertes te vergelijken met prijzen in eerdere aanbestedingsprocedures van dezelfde aanbestedende dienst.

Beoordeling van de feiten

Het Gerecht overweegt dat de Commissie voldoende heeft aangetoond dat de prijzen van de offerte abnormaal laag waren. De voorgestelde personeelsleden van SRI hadden allen hun standplaats in Luxemburg en SRI stelde in de offerte dat de voorgestelde personen allen op forensafstand van de standplaats van de Commissie werkten. Het punt dat een deel van de personeelskosten in Roemenië gemaakt zouden worden, waar de personeelskosten aanzienlijk lager liggen dan in Luxemburg hoefde de Commissie daarom niet mee te nemen in haar beoordeling.

Misbruik van bevoegdheid

Tot slot overweegt het Gerecht dat de Commissie geen misbruik van haar bevoegdheid heeft gemaakt. Het Gerecht stelt het begrip misbruik van bevoegdheid ziet op het geval dat een overheidsinstantie gebruik heeft gemaakt van haar bevoegdheden ter verwezenlijking van een ander doel dan waarvoor haar die bevoegdheden werden verleend. Misbruik volgt wanneer kan worden aangetoond uit objectieve aanwijzingen dat een besluit met een dergelijk doel is genomen.

Conclusie

Een aanbestedende dienst moet bij een abnormaal lage inschrijving de ondernemer de mogelijkheid geven zijn offerte te verantwoorden. De ondernemer kan zich echter niet beroepen op eerder goedgekeurde offertes door dezelfde aanbestedende dienst. Een niet-uitsluiting in een eerdere aanbesteding schept dus geen verplichtingen voor een aanbestedende dienst bepaalde inschrijvingen verplicht mee te nemen.

X