Nieuws

Publicatie: 14 juli 2025

Door: en


Hoe houdt de gemeente Den Haag zich bezig met Europese thema’s? En hoe ziet de decentrale praktijk er in de dagelijkse realiteit uit? Om hier meer inzicht in te krijgen, vond er een bijzondere samenwerking plaats: vanuit KED liep collega Mart drie maanden lang één dag per week mee met Evelyn en het Team Europa van de gemeente Den Haag. In dit interview delen zij hun ervaringen en bespreken we wat deze detachering voor hen beide heeft opgeleverd.

Evelyn, kun je uitleggen hoe de gemeente Den Haag zich met Europa bezighoudt?

Evelyn: “Vanuit onze afdeling Europa kijken we naar wat er gebeurt binnen Europa op het gebied van wet- en regelgeving, maar ook op subsidielandschap. We monitoren wat er uit de Europese Unie komt en maken analyses hoe we daar het beste gebruik van kunnen maken binnen onze organisatie. Bovendien houden we ons bezig met de belangenbehartiging van de gemeente Den Haag richting de EU. We zijn een soort brugfunctie waarin we onze collega’s informeren over subsidiekansen of laten weten wanneer er Europese ontwikkelingen zijn op een bepaald thema.”

Wat was de aanleiding voor een detachering?

Mart: “Vanuit mijn functie kende ik twee medewerkers van Team Europa, waaronder Evelyn. We hebben regelmatig overleg om kennis uit te wisselen over Europa en digitalisering. Tijdens deze gesprekken vraag ik vooral wat er speelt binnen de gemeente, waar ze tegenaan lopen en welke vragen er leven. Bij KED is het altijd essentieel om te weten wat er speelt bij de decentrale overheden, zodat we daar ook op kunnen inspelen en hopelijk iets kunnen teruggeven.”

“Uit onze gesprekken bleek dat we het regelmatige overleg allebei als heel waardevol ervaren en merkten dat hier nog meer uit te halen valt. Zo ontstond het idee van een detachering. Dit was natuurlijk bij één gemeente, maar sommige lessen kun je ook breder toepassen. Zo is mij opgevallen hoe belangrijk het is dat de hele gemeente – van top tot teen – gezamenlijk optrekt richting Europa.

Door Europa een prioriteit te maken kun je er meer uithalen.

Het bestuur speelt hierin een essentiële rol. Bij KED adviseren we vaak dat leiderschap cruciaal is om Europese ambities te realiseren. Gemeente Den Haag probeert hier actief invulling aan te geven en laat zien: door Europa een prioriteit te maken kun je er meer uithalen.”

Kunnen jullie uitleggen hoe de samenwerking eruitzag tussen KED en de gemeente Den Haag?

Evelyn: “Mart was één dag per week bij ons op kantoor. Vanuit zijn rol bij KED heeft Mart een breder perspectief over het EU-landschap, wat ons heeft geholpen om die vertaalslag naar de gemeente heel concreet te maken. En doordat Mart fysiek aanwezig was, kwamen collega’s spontaan met vragen als: ‘Wie is Mart?’ en ‘Wat doet KED eigenlijk?’. Zo konden we breder binnen de gemeente laten zien wie KED is en wat zij doen. Die verbinding was veel makkelijker te leggen dan wanneer alles digitaal zou zijn gegaan. Collega’s leerden niet alleen Mart als persoon kennen, maar ook de organisatie. Zo werd duidelijk wat we aan elkaar hebben.”

Mart: “Ik werd overal bij betrokken, kon meelezen op diverse dossiers en vragen stellen. Ondanks dat de detachering relatief kort was, werd dat nooit als reden gezien om terughoudend te zijn. Daarnaast vond ik het waardevol om in de praktijk te zien hoe een gemeente werkt: memo’s schrijven, annotaties meelezen, vergaderen en afstemmen tussen verschillende partijen. Leerzaam en gewoon ontzettend leuk!”

Fijn om te horen dat fysieke aanwezigheid zoveel heeft opgeleverd. Wat is jullie opgevallen aan elkaars kennisgebied?

Mart: “Ik was echt onder de indruk van Team Europa’s capaciteit om goed af te stemmen en doelgericht bezig te zijn. Er is een duidelijke splitsing tussen de beleidskant en fondsenkant, maar tegelijkertijd zie je dat daar actief verbinding tussen wordt gezocht. De organisatie is lerend en open: er is ruimte voor reflectie en verandering. Dat maakte het voor mij als buitenstaander prettig om kritisch mee te kijken en suggesties te doen.”

Evelyn: “Mart bracht structuur en verdieping vanuit het Europese speelveld. Voor ons was het heel waardevol dat hij kon aangeven welke stappen je moet zetten en waar je op moet letten. Hij stelde ook vragen die wij zelf niet meer stellen, omdat we zo gewend zijn geraakt aan onze werkwijzen. Dat heeft ons geholpen processen te optimaliseren en onze interne communicatie over Europa aan te scherpen.”

Mart: “Ik merkte hierin ook veel synergie: de combinatie van een kritische, nieuwe blik van buiten met een organisatie die bereid is te leren en te veranderen. Dat versterkt elkaar enorm.”

De combinatie van een kritische, nieuwe blik van buiten met een organisatie die bereid is te leren en te veranderen, versterkt elkaar enorm.

Gemeente Den Haag heeft ook een Europastrategie. Evelyn, kun je daar wat meer over vertellen en heeft de detachering daarbij geholpen?

Evelyn: “Sinds een half jaar hebben wij een Europastrategie, waarin we de focus leggen op drie hoofdthema’s: digitalisering, duurzaamheid en toekomstbestendige economie. Het geeft richting aan de doelen die we de komende vijf jaar willen realiseren. De strategie is vastgelegd door het college en gaat nog naar de raad. Het is echt een product waar collega’s uit de hele gemeente aan mee hebben gewerkt, waarin Team Europa een coördinerende rol heeft. De focus ligt op het verbinden van Europese en Haagse ambities, waarbij gebruik gemaakt wordt van Europese fondsen en netwerken om deze ambities te realiseren.”

“Mart kon vanuit zijn kennis invulling geven aan deze ambities. Dankzij zijn ervaring op het gebied van fondsen kon hij aangeven wat de voordelen en uitdagingen zijn voor het deelnemen in samenwerkingsverbanden zoals Eurocities en G4-verband. Gebaseerd op deze analyse hebben we als gemeente de keuze gemaakt om lid te worden van ‘Living in EU’.”

“Bovendien is op 16 mei het volledige college van de gemeente Den Haag gezamenlijk naar Brussel gereisd. Elke bestuurder had een eigen programma met gesprekken bij onder meer de Europese Commissie. De reis diende zowel om Den Haag te positioneren als Europese stad van vrede en recht, als een stad dat actief is binnen het Europese domein. De reis was succesvol en smaakt naar meer. Mart heeft ons bijgestaan met de voorbereiding, vooral met het opstellen van annotaties.”

De focus ligt op het verbinden van Europese en Haagse ambities, waarbij gebruik gemaakt wordt van Europese fondsen en netwerken om deze ambities te realiseren.

Mart, hoe heb jij het ervaren om vanuit jouw rol bij KED tijdelijk bij een G4 gemeente te werken?

Mart: “Bij KED zijn we voornamelijk bezig met kennisproductie op Europees niveau. Dat betekent dat de concrete toepassing soms nog een extra stap vergt. Die vertaalslag naar de praktijk is iets waar wij altijd aandacht voor moeten hebben. Bij een gemeente werkt dat eigenlijk net andersom. Zij hebben hele concrete taken en zoeken naar de Europese koppeling daarbij. Eigenlijk zet dat de vraag op zijn kop. Voor mij was het heel leuk om bij een organisatie te zitten met een missie die iets tastbaars neerzet voor haar inwoners. Zo kon ik een presentatie van Smart Grid in Scheveningen bijwonen, wat liet zien hoe het Europees initiatief ‘100 Climate-Neutral and Smart Cities’ zich lokaal vertaalt.”

Hoe zien jullie de samenwerking in de toekomst tussen KED en gemeente Den Haag?

Mart: “Hoe dan ook pakken wij ons reguliere overleg weer op. Het mooie na deze detachering is dat we elkaar echt goed hebben leren kennen en is de stap om elkaar gewoon eens op te bellen een stuk kleiner is. Ik hoop dat als KED dit ook met andere decentrale overheden gaat doen de verbinding tussen alle delen van het land kleiner wordt. KED zal actief moeten blijven in het opzoeken van de verbinding tussen lokale uitdagingen en Europese wetgeving.”

KED zal actief moeten blijven in het opzoeken van de verbinding tussen lokale uitdagingen en Europese wetgeving.

Wat hoopt de gemeente Den Haag verder met Europa te bereiken?

Evelyn: “We zijn momenteel nog volop bezig met de europeanisering van de organisatie. De afdeling Europa groeit, waardoor we meer slagkracht hebben om de hele organisatie mee te nemen en te ondersteunen in dit proces. Waar eerst vaker de vraag werd gesteld waarom je iets met Europa zou moeten doen, komen we dat steeds minder tegen.”

“Ik hoop voor de toekomst dat Europa een vast onderdeel wordt van iedere functie binnen de gemeente, ongeacht welk team of op welke afdeling. Nu zijn wij ‘afdeling Europa’, en als het over Europa gaat, dan kijkt men naar ons. Maar ik hoop dat dit thema breder gedragen wordt in de organisatie en andere collega’s nog vaker die koppeling met Europa kunnen maken. Dat vraagt iets qua capaciteit, maar ook qua bewustzijn. Niet meer de vraag ‘Waarom Europa?’ maar ‘Natuurlijk Europa!’”