Nieuws

Publicatie: 19 oktober 2026

Door:


Van 12 tot en met 14 oktober stond Brussel in het teken van de Europese Week van Regio’s en Steden. Onder het motto ‘Strong regions, strong Europe’ kwamen bestuurders, volksvertegenwoordigers en experts uit heel Europa bijeen om ervaringen uit te wisselen over regionale ontwikkeling, Europese investeringen en de uitvoering van EU-beleid. Namens Kenniscentrum Europa Decentraal was Barend Tensen, teamleider en plaatsvervangend directeur-bestuurder, aanwezig. Twee thema’s sprongen eruit: betaalbaar wonen en de toekomst van het Europese cohesiebeleid.

Europese uitdagingen en lokale oplossingen

De bijeenkomst De kracht van Dichtbij: decentrale oplossingen voor Europese uitdagingen maakte indruk met de nadruk op de rol van gemeenten, provincies en waterschappen bij het aanpakken van Europese uitdagingen. De bijeenkomst werd georganiseerd door onder meer de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), het Huis van de Nederlandse Provincies, de Unie van Waterschappen, de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de EU en de Vertegenwoordiging van de Europese Commissie in Nederland. Na een openingswoord van Cecilia Thorfinn, hoofd van de vertegenwoordiging van de Europese Commissie in Nederland, sprak Matthew Baldwin (foto), hoofd van de Housing Task Force van de Europese Commissie, over de Europese woningbouwopgave. De wooncrisis raakt niet alleen inwoners die moeilijk een betaalbare woning vinden, maar ook de arbeidsmobiliteit en het concurrentievermogen van Europa. Het vereenvoudigen van bouwprocessen en het wegnemen van onnodige belemmeringen zijn daarom belangrijke aandachtspunten.

Tijdens de bijeenkomst kwamen daarnaast de circulaire economie en het nieuwe Meerjarig Financieel Kader (MFK) aan bod. In de panels over deze onderwerpen gingen onder anderen Eva Maria Bille, Jeannette Baljeu, Henriette Gleau, Mathias Kirkegaard, Sarina Motmans, Thomas Wobben, Lisette Steins en Marie Donnay met elkaar in gesprek. VNG-voorzitter Sharon Dijksma benadrukte het belang van Europa als waardengemeenschap, en niet als technocratie pur sang. Die boodschap sloot aan bij een terugkerende vraag tijdens de hele week: hoe zorgen we ervoor dat Europese ambities aansluiten bij wat inwoners, gemeenten en regio’s daadwerkelijk nodig hebben?

Wie beslist over het regiogeld?

Die vraag stond centraal in de discussie over het MFK voor 2028–2034. De Europese Commissie wil verschillende Europese fondsen samenbrengen in nationale en regionale partnerschapsplannen. Daarmee wil zij investeringen beter op elkaar afstemmen en de uitvoering vereenvoudigen.

Dit roept ontzettend veel vragen op over de rol van regio’s en steden. Als verschillende fondsen in één plan worden samengebracht, hoe wordt dan geborgd dat lokale en regionale overheden invloed houden op de besteding van middelen? En blijft er voldoende ruimte voor maatwerk, zodat investeringen aansluiten bij de specifieke uitdagingen en kansen van een gebied? Voor decentrale overheden is dit een belangrijk discussiepunt. Gemeenten, provincies en waterschappen zijn vaak verantwoordelijk voor de uitvoering van Europees beleid en kennen de lokale omstandigheden.

Cohesiebeleid én concurrentiekracht

Tijdens de ‘Regions Weeks’ zijn er ook tal van internationale sessies, waar vertegenwoordigers uit alle Europese regio’s ervaringen uitwisselen. Zo ook de high-levelsessie A Cohesion Policy for a Competitive Union (foto). En ook daar stond de toekomst van het cohesiebeleid centraal. Raffaele Fitto, uitvoerend vicevoorzitter van de Europese Commissie voor Cohesie en Hervormingen, ging in gesprek met onder anderen Attilio Fontana, president van de regio Lombardije, Monika Kirbiš Rojs, Sloveens minister voor lokaal bestuur, cohesie en regionale ontwikkeling, Rūta Carik, viceminister van Financiën van Litouwen, Marie-Antoinette Maupertuis, voorzitter van de Assemblee van Corsica, en Lúcio Vinhas de Souza, hoofdeconoom van BusinessEurope.

De discussie draaide om de vraag hoe Europese regio’s kunnen bijdragen aan een concurrerender Europa. Fitto benadrukte dat de Europese economie niet op enkele economische centra kan steunen: de kracht van Europa zit in de ontwikkeling van al zijn regio’s. Ook de bijdrage namens Lombardije maakte duidelijk dat cohesiebeleid en concurrentiekracht elkaar niet hoeven tegen te spreken. Investeringen in regionale innovatie, vaardigheden en ondernemerschap kunnen juist helpen om het economische potentieel van gebieden beter te benutten. De uitdaging is om Europese investeringen af te stemmen op de uiteenlopende kenmerken en behoeften van regio’s.

Daarbij speelt ook de geopolitieke context een rol. Europa wil innovatie versnellen, strategische afhankelijkheden verkleinen en economisch sterker staan. Dat vraagt om investeringen in technologie en bedrijvigheid, maar ook om goede infrastructuur, voldoende woningen en sterke publieke voorzieningen.

Regio’s moeten daarom niet alleen ontvangers van Europese middelen zijn, maar ook betrokken worden bij de keuzes die aan die investeringen ten grondslag liggen, klonk het eensluidende devies.

Historisch erfgoed

Een ander perspectief kwam aan bod tijdens A Shared Past, Stronger Futures: Historical Heritage as a Strategic Lever for Territorial Cooperation and Competitiveness. Deze sessie liet zien hoe historisch erfgoed kan bijdragen aan regionale samenwerking en aantrekkelijkheid. Het gesprek bouwde voort op het Millenium-project van de regio Normandië. Daarbij wordt cultureel erfgoed niet alleen gezien als iets om te bewaren, maar ook als een manier om Europese regio’s met elkaar te verbinden, gezamenlijke projecten te ontwikkelen en de Europese identiteit te versterken.

Aan de discussie namen onder anderen François-Xavier Priollaud, vicevoorzitter van de regio Normandië, Bridín Murphy van Wexford County Council, Audun Lysbakken van West Norway en Paolo Ponzio van Puglia Culture deel. De sessie onderstreepte dat samenwerking over grenzen heen ook kan ontstaan vanuit gedeelde geschiedenis en cultuur.

REGIOSTARS: impact begint dicht bij inwoners

Tijdens de finale van de REGIOSTARS-categorie A Europe Closer to the Citizens presenteerden Europese projecten hun aanpak voor duurzame ontwikkeling van uiteenlopende gebieden. De projecten werden in korte pitches aan een publiek en jury voorgesteld. Een opvallend voorbeeld was BSR Cultural Pearls, een initiatief dat kleinere gemeenschappen rond de Baltische Zee versterkt met kunst en cultuur. Het project laat zien hoe culturele activiteiten kunnen bijdragen aan sociale veerkracht, lokale trots en sterkere gemeenschappen. Innovatie hoeft dus niet altijd hightech te zijn om verschil te maken. De uiteindelijke winnaar was Together in Žďár uit Tsjechië, waar een bibliotheek is uitgegroeid tot een levendig ontmoetingscentrum met activiteiten voor verschillende generaties.

Bouwen aan sterke regio’s

De Europese Week van Regio’s en Steden bood opnieuw volop gelegenheid om ervaringen uit te wisselen met Europese collega’s en decentrale bestuurders, naast alle netwerkbijeenkomsten. De gesprekken over woningbouw, concurrentiekracht en de toekomst van het regiogeld lieten zien hoe nauw Europese keuzes verbonden zijn met de dagelijkse praktijk van decentrale overheden.

Voor KED en onze dienstverlening zijn dit relevante ontwikkelingen. Europese regels en financiering bieden kansen, maar vragen ook om kennis van de mogelijkheden, voorwaarden en gevolgen voor decentrale overheden. De rode draad van deze editie was dan ook helder: een sterker Europa vraagt om sterke regio’s, met voldoende ruimte om Europese ambities te vertalen naar oplossingen die lokaal werken.

De European Week of Regions and Cities brengt ook volgend jaar Europese regio’s en steden samen om kennis te delen en nieuwe ideeën op te doen. Wil je erbij zijn? Houd onze website en die van het Europees Comité van de Regio’s in de gaten voor meer informatie over de volgende editie en de inschrijving.