Nieuws

Publicatie: 2 februari 2026

Door: en


De Europese Commissie (hierna Commissie) heeft op 9 januari 2026 richtsnoeren gepubliceerd bij de Verordening Buitenlandse Subsidies (Verordening 2022/2560, VBR), ook bekend als de Foreign Subsidies Regulation. Deze richtsnoeren zijn relevant voor decentrale overheden, omdat deze de prioritering aangeeft voor aanbestedende diensten bij abnormaal lage inschrijvingen.

Kern VBR

Buitenlandse subsidies kunnen ondernemingen oneigenlijke voordelen geven bij het meedingen naar opdrachten van gemeenten, provincies en waterschappen, bijvoorbeeld doordat zij inschrijven tegen voorwaarden die zonder die subsidie niet haalbaar zouden zijn. Dat kan gevolgen hebben voor de wijze waarop aanbestedende diensten inschrijvingen beoordelen en hun gunningsbesluiten motiveren. Zie hiervoor onze Recht en Beleidpagina over de VBR.

Richtsnoeren

De Richtsnoeren gaan in op de volgende drie punten:

  1. de beoordeling of een buitenlandse subsidie leidt tot een verstoring van de interne markt, waaronder het indienen van een onrechtmatig voordelige inschrijving in aanbestedingen,
  2. de afweging van negatieve en positieve effecten door de Commissie, en
  3. de bevoegdheid van de Commissie om ook onder de meldingsdrempels een voorafgaande aanmelding te verlangen.

De richtsnoeren verduidelijken voor wat betreft aanbestedingsprocedures hoe de Commissie de toets voor buitenlandse subsidies moet uitvoeren, en hoe deze zich onderscheidt van de toets in het kader van abnormaal lage inschrijvingen die aanbestedende diensten binnen een lidstaat uitvoeren (zie bijvoorbeeld artikel 69 van Richtlijn 2014/24).

Procedurele rol van aanbestedende diensten

Aanbestedende diensten moeten in lijn met de VBR meldingen en verklaringen van inschrijvers ontvangen en de Commissie informeren wanneer er aanwijzingen zijn dat een inschrijving uitsluitend dankzij een buitenlandse subsidie mogelijk is of om die reden wordt afgewezen (zie artikel 29 lid 7 van de VBR, en punt 96 van de Richtsnoeren).

De Richtsnoeren geven aan dat aanbestedende diensten bij abnormaal lage inschrijvingen eerst moeten checken op vermoedens van buitenlandse subsidies. Als zij dit vermoeden hebben, moeten zij afzien van eigen onderzoek en de Commissie informeren. Een aanbestedende dienst mag niet overgaan tot gunnen, tot nadat de Europese Commissie een besluit heeft genomen. Als dit een besluit betreft dat de gunning van de opdracht verbiedt, moet de aanbestedende dienst de inschrijving afwijzen en automatisch aan de volgende in de rangorde gunnen.

Onrechtmatig voordelige inschrijving

Een inschrijving kan onrechtmatig zijn wanneer het voordeel in belangrijke mate voortvloeit uit een buitenlandse subsidie die, gelet op factoren zoals aard, omvang en gebruik, het voordeel veroorzaakt. Daarbij hoeft die subsidie niet de enige verklarende factor voor het voordeel te zijn. Dit sluit aan bij het aanbestedingsrechtelijke kader rond abnormaal lage inschrijvingen: een lage prijs is op zich niet verboden, maar vormt aanleiding om nadere vragen te stellen.

Bronnen

Richtsnoeren met betrekking tot Verordening Buitenlandse Subsidies – Europese Commissie

Verordening Buitenlandse Subsidies (VBR) – Europese Commissie