Introductie
Op 19 mei heeft de Europese Commissie (hierna: Commissie) een actieplan voor het gebruik van meststoffen goedgekeurd. In het actieplan worden maatregelen aangekondigd om de beschikbaarheid en betaalbaarheid van meststoffen te vergroten en de Europese productie van meststoffen te stimuleren, met het oog op bescherming van de Europese voedselzekerheid.
Het actieplan is een reactie op de wereldwijd stijgende prijzen van meststoffen, mede als gevolg van de oorlogen in Oekraïne en in het Midden-Oosten. Globale ontwikkelingen hebben grote impact op de betaalbaarheid van meststoffen, omdat 35% van de wereldwijde productie van stikstofmeststoffen in de Golfregio plaatsvindt komt, waarvan de export momenteel beperkt is.
Het actieplan bouwt voort op de eerdere communicatie uit 2022 waarbij de Commissie maatregelen introduceerde om de beschikbaarheid van voldoende meststoffen binnen de EU te garanderen. Daarbij heeft de Commissie op 29 april 2026 de METSAF-regeling aangenomen die het toekennen van staatssteun door lidstaten (tijdelijk) versoepelt.
Wat houdt het actieplan in?
Het actieplan heeft drie doelstellingen:
- Het op de korte termijn vergroten van de beschikbaarheid en betaalbaarheid van meststoffen;
- Het versterken van de strategische autonomie (het zelfvoorzienend vermogen) van de Europese Unie door de productie van meststoffen stimuleren, het aanbod van meststoffen te diversifiëren en toegang tot duurzame voedingsstoffen te verzekeren;
- Het verbeteren van transparantie en (open) dialoog langs de gehele productieketen van meststoffen.
1. De korte termijn: het vergroten van de beschikbaarheid en de betaalbaarheid van meststoffen
De Commissie stelt voor om op de korte termijn de landbouwreserves van het EU-budget (het meerjarig financieel kader) te verhogen om landbouwproducenten die hogere meststoffenkosten moeten betalen direct te compenseren. Daarbij introduceert de Commissie een wetsvoorstel wat het voor lidstaten eenvoudiger maakt om landbouwproducenten van aanvullende steun te voorzien op grond van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB).
2. De middellange termijn: het versterken van de strategische autonomie
Op de middellange termijn stuurt de Commissie aan op het verminderen van de Europese afhankelijkheid van geïmporteerde meststoffen en het versterken van de eigen meststoffenproductie, met een focus op het gebruik en de productie van organische en gerecyclede stoffen. Dit komt in verschillende maatregelen tot uiting, waaronder maatregelen die genomen worden onder het strategisch kader voor een Europese en duurzame(re) bio-economie; de implementatie van de richtlijn voor behandeling van stedelijk afvalwater en de aankomende Circulaire Economiewet, waaronder gestreefd wordt het Europese circulariteitspercentage te verhogen. De Commissie werkt daarbij aan duidelijke definities voor bio-based meststoffen en aan maatregelen om de markttoegang voor deze stoffen te versoepelen. Onder deze maatregelen kunnen lidstaten eenvoudiger steunmaatregelen toekennen onder de Richtsnoeren voor staatssteun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden en de Landbouwvrijstellingsverordening.
3. De lange termijn: afspraken binnen de productieketen
Om de Europese voedselproductie op de lange termijn strategisch veilig te stellen introduceert de Commissie het ‘EU fertilisers value chain Partnership’ tussen meststoffenproducenten, boeren en andere belanghebbenden, met de doelen om
1: de beschikbaarheid en betaalbaarheid van zelfgeproduceerde meststoffen voor Europese boeren te verbeteren;
2: de voorspelbaarheid hiervan zowel voor producenten als gebruikers te vergroten, en;
3: de CO2-impact van het gebruik van meststoffen te verkleinen in lijn met Europees klimaatbeleid.
Decentrale relevantie
Financiering
De door de Commissie geïntroduceerde wetsvoorstellen zullen het eenvoudiger maken voor lidstaten om landbouwproducenten van financiering te voorzien onder de nationale strategische GBL-plannen. Daarnaast raadt de Commissie lidstaten aan om bestaande staatssteuninstrumenten in te zetten om boeren te ondersteunen bij het gebruik van meststoffen met een relatief lagere CO2-uitstoot.
Gezondheids-, natuur- en milieunormen
Het actieplan van de Commissie omvat zowel maatregelen om de productie van bio-based en ‘circulaire’ meststoffen als op fossiele brandstoffen gebaseerde kunstmest te bevorderen. Milieuorganisaties waarschuwen echter voor de milieu-, natuur- en klimaatimpact van de productie en het gebruik van meststoffen.
Decentrale overheden handhaven wet- en regelgeving op het gebied van meststoffen. Provincies en waterschappen zijn in Nederland verantwoordelijk voor de waarborging van de kwaliteit van het grond- en het oppervlaktewater, onder meer op grond van de verplichtingen die voortvloeien uit de Nitraatrichtlijn, de Grondwaterrichtlijn, de Kaderrichtlijn Water en de Richtlijn Industriële Emissies. Provincies zijn daarbij verantwoordelijk voor het afgeven van natuurvergunningen waarbij EU-normen moeten worden aangehouden. Gemeenten zijn in de regel verantwoordelijk voor toezicht op het bewerken, verwerken, opslaan van mest, en moeten regels over bodemkwaliteit opnemen in hun omgevingsplannen en rekening houden met verontreinigende stoffen.
Decentrale overheden moeten daarom in het oog houden hoe versoepelde regels rondom de productie en het gebruik van meststoffen zich verhouden tot op hun rustende verplichtingen om gezondheids-, milieu- en natuurnormen te beschermen.
Bronnen
- Actieplan voor meststoffen, Europese Commissie.
- Persbericht actieplan meststoffen 19 mei 2026, Europese Commissie.
- Questions and answers on the Fertiliser Action Plan, Europese Commissie.
- Joint letter EU Fertiliser Action Plan 12 May, European Environmental Bureau.