Altmark-arrest
Compensatiesteun door (decentrale) overheden aan een onderneming voor het verrichten van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) kan noodzakelijk zijn voor het waarborgen van publieke dienstverlening.
Ondernemingen moeten binnen de interne markt van de Europese Unie op een eerlijke manier met elkaar te concurreren. Als decentrale overheden zich op de markt begeven, dienen zij rekening te houden met de mededingingsregels. Dit geldt voor zowel de Europese als de Nederlandse mededingingsregels, zoals de Wet Markt & Overheid.
Compensatiesteun door (decentrale) overheden aan een onderneming voor het verrichten van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) kan noodzakelijk zijn voor het waarborgen van publieke dienstverlening.
Decentrale overheden mogen op basis van Europese regelgeving economische activiteiten in het algemeen belang beleggen bij een onderneming, als de markt de diensten onvoldoende oppakt of deze niet tegen maatschappelijk aanvaardbare voorwaarden verricht. De overheid mag de onderneming daarna compenseren voor het uitvoeren van de dienst.
In deze zaak heeft het Europees Hof van Justitie een vraag beantwoord van een Oostenrijkse rechter. Ter discussie stond de vraag of een entiteit die indirect schade heeft geleden van een inbreuk op het kartelverbod (artikel 101 VWEU) deze schade vergoed kan krijgen. De zaak is relevant voor decentrale overheden omdat er sprake is van een publieke entiteit die subsidie heeft verstrekt aan gedupeerden van de kartelactiviteiten.
Gemeenten hebben verantwoordelijkheden op het gebied van zorg. Deze raken Europees mededingingsrecht. Op deze pagina leest u daar meer over.
Gemeenten hebben onder wetgeving in het sociale domein de verantwoordelijkheid ondersteuning te bieden aan inwoners. Bijvoorbeeld onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Jeugdwet en de Participatiewet.
Gemeenten, provincies en waterschappen moeten zich in principe houden aan de regels vastgelegd in de Wet Markt en Overheid (Wet M&O). Deze wet is echter niet van toepassing op economische activiteiten die plaatsvinden in het algemeen belang.
Decentrale overheden die na privatisering van publieke taken met overheidsingrijpen publieke belangen willen waarborgen, moeten rekening blijven houden met de mededingingsregels. Dit kan geconcludeerd worden uit zaak C-518/11 UPC Nederland BV tegen de gemeente Hilversum. Advocaat-Generaal (AG) Villalón heeft hierover eind april 2013 het Hof van Justitie EU geadviseerd.
Het Europese mededingingsrecht focust zich primair op het gedrag van ondernemingen. Denk hierbij aan het kartelverbod van artikel 101 VWEU en het misbruikverbod van artikel 102 VWEU.
Decentrale overheden die als onderneming op de markt treden, kunnen samenwerken met andere ondernemingen. Bijvoorbeeld door middel van technologieoverdracht of inkoopafspraken. Hierdoor kan er sprake zijn van een schending van het kartelverbod.
Decentrale overheden die economische activiteiten verrichten moeten zich houden aan de gedragsregels Markt en Overheid, die zijn opgenomen in de Mededingingswet