Inkoopcontracten met dienstverleners uit het VK, wat verandert er na de Brexit?

oktober 2019

Onze gemeente heeft inkoopcontracten voor dienstverlening uit het VK, en we zijn mogelijk voornemens om in de toekomst nieuwe inkoopcontracten af te sluiten bij dienstverleners uit het VK. Wat gaat er veranderen na de overgangsperiode van de Brexit? En kan hier op worden voorbereid?

De EU en het VK hebben afspraken gemaakt over de uittreding van het VK uit de EU in het terugtrekkingsakkoord. In dit akkoord is een overgangsperiode afgesproken tot en met 31 december 2020. Er verandert in deze periode vrijwel niets: alle relevante EU-wet- en regelgeving blijft van toepassing op het VK. In principe kan deze overgangsperiode éénmalig worden verlengd met één of twee jaar mits het VK en de EU dit besluiten vóór 1 juli 2020. Naar verwachting zullen het VK en de EU in deze periode afspraken maken over de toekomstige betrekkingen na 31 december 2020. Wanneer er geen nadere afspraken gemaakt worden tussen het VK en de EU voor het aflopen van de overgangsperiode kan dat betekenen dat er een nieuw no-deal-scenario zal plaatsvinden en zal alle relevante EU-wetgeving na de overgangsperiode niet langer gelden in het VK. Het is daarom raadzaam uw huidige en toekomstige inkoopcontracten te bestuderen en mogelijke die kunnen ontstaan bij een no-deal scenario in kaart te brengen.

Huidige contracten

De geldigheid van een contract wordt in beginsel niet door de Brexit aangetast. Een contract is bindend. Dat blijft ook zo na de overgangsperiode. Bestaande contracten moeten door de contractspartijen worden nagekomen. Het kan wel zo zijn dat wanneer er geen akkoord is over de toekomstige betrekkingen tussen het VK en de EU dit tot problemen kan leiden bij de uitvoering van het contract. Douaneformaliteiten kunnen bijvoorbeeld leiden tot overschrijding van contractueel overeengekomen levertijden, hogere kosten en geschillen over daardoor geleden schade. U kunt overwegen om bestaande contracten met het oog op dergelijke problemen in overleg met leveranciers tijdig – dus voor het einde van de overgangsperiode – aan te passen.

Tijdens de overgangsperiode
Nu er een terugtrekkingsakkoord is gesloten, is er sprake van een overgangsperiode. Tijdens de overgangsperiode blijven alle relevante EU-verordeningen geldig. Naar verwachting zullen het VK en de EU in deze periode afspraken maken over de toekomstige betrekkingen.

Na de overgangsperiode: geen akkoord over de toekomstige betrekkingen tussen het VK en de EU
Het kan in een no-deal scenario voor uw (diensten)leveranciers uit het VK lastiger worden om lopende (dienstverlenings)contracten na te komen. Het vrij verkeer van goederen, personen, diensten en kapitaal tussen het VK en de EU-lidstaten is door de Brexit niet meer vanzelfsprekend. Als er geen akkoord gesloten over de toekomstige betrekkingen tussen het VK en de EU gesloten wordt, zullen voor het VK dezelfde douaneformaliteiten gaan gelden als voor andere derde landen. Voor diensten wordt in het geval van een no-deal-Brexit teruggevallen op WTO-afspraken in de General Agreement on Trade in Services (GATS). Dat betekent dat de wederzijdse markttoegang voor grensoverschrijdende dienstverlening zeer wordt ingeperkt. Het is in dat geval niet meer vanzelfsprekend dat Britse dienstverleners hun diensten op de Europese interne markt kunnen blijven aanbieden. Ga na of dat voor de door u afgenomen dienst het geval is.

Meer informatie
Voor meer informatie over de inkoop en invoer van goederen uit het VK kunt u terecht bij de website van de douane. Indien u vermoedt dat de Brexit een impact zal hebben op lopende of toekomstige contracten, dan is het raadzaam om advies in te winnen bij een jurist die is gespecialiseerd in het (internationaal) contractenrecht. Er kan niet in het algemeen worden gesteld welke contractsbepalingen mogelijk tot problemen leiden. Dat zal per geval bekeken moeten worden.

Herziening bestaande contracten

Indien u ervoor kiest om voor het einde van de overgangsperiode bestaande contracten in overleg met leveranciers uit het VK te herzien, dient u er rekening mee te houden dat het VK door de Brexit een ‘derde land’ (een land buiten de EU) is geworden.

Tijdens de overgangsperiode
Tot en met 31 december 2020 zullen alle relevante EU-verordeningen geldig blijven. Naar verwachting zullen het VK en de EU in deze periode afspraken maken over de toekomstige betrekkingen.

Na de overgangsperiode: geen akkoord over de toekomstige betrekkingen tussen het VK en de EU
Wanneer er geen nadere afspraken gemaakt worden tussen het VK en de EU voor het aflopen van de overgangsperiode kan dat betekenen dat er een nieuw no-deal-scenario zal plaatsvinden.

In het no-deal-scenario zullen na de overgangsperiode alle relevante EU-verordeningen na de Brexit niet langer gelden in het VK.

Het is daarom raadzaam om met de wederpartij in gesprek te gaan om na te denken over eventuele nadelige gevolgen door de Brexit en contractueel af te spreken om deze nadelige gevolgen zo redelijk mogelijk op te lossen. Denk bijvoorbeeld aan het opnemen van een heronderhandelingsclausule die de mogelijkheid biedt om contracten te heroveren en aan te passen bij ingrijpende veranderingen ten gevolge van de Brexit

Toekomstige contracten ná de Brexit

Tijdens de overgangsperiode
Wanneer u na de Brexit contracten sluit met leveranciers uit het VK dient u er rekening mee te houden dat het VK een ‘derde land’ (een land buiten de EU) wordt. Tot en met 31 december 2020 zullen alle relevante EU-verordeningen geldig blijven. Naar verwachting zullen het VK en de EU in deze periode afspraken maken over de toekomstige betrekkingen.

Na de overgangsperiode: geen akkoord over de toekomstige betrekkingen tussen het VK en de EU
Wanneer er geen nadere afspraken gemaakt worden tussen het VK en de EU voor het aflopen van de overgangsperiode kan dat betekenen dat er een nieuw no-deal-scenario zal plaatsvinden. In het no-deal-scenario zullen na de overgangsperiode alle relevante EU-verordeningen na de Brexit niet langer gelden in het VK.

In contracten die u na de Brexit opstelt met bedrijven uit het VK is het daarom verstandig om op te nemen dat geschillen worden beslecht naar het Nederlands recht en door de Nederlandse rechter.

Voor Rijksoverheidsorganisaties die na de Brexit contracten opstellen met ondernemers uit het VK is het aan te bevelen de ARVODI (Algemene Rijksvoorwaarden voor het verstrekken van opdrachten tot het verrichten van diensten) van toepassing te verklaren. In de ARVODI is opgenomen dat geschillen naar Nederlands recht worden beslecht.

Zorg ervoor dat u met het oog op de gewijzigde omstandigheden in uw contracten duidelijke afspraken maakt over de wederzijdse (leverings)verplichtingen en of u deze nog wel waar kunt maken en u de kosten kunt dragen/doorberekenen. Wees daarbij extra alert op (oudere) langetermijncontracten die doorlopen na de Brexit.

Let op als de contracten over gereguleerde producten gaan. Het is nog niet bekend of wetgeving in het VK hieromtrent mogelijk gaat veranderen na de overgangsperiode.  Houd bovendien rekening met douaneformaliteiten en kosten die eventuele douanerechten met zich meebrengen en maak hierover duidelijke afspraken met uw leveranciers.

Het is verstandig om met de wederpartij in gesprek te gaan over eventuele nadelige gevolgen door de Brexit en contractueel af te spreken om deze nadelige gevolgen zo redelijk mogelijk op te lossen. Zo kan het opnemen van een heronderhandelingsclausule u de mogelijkheid bieden om contracten aan te passen wanneer er ingrijpende veranderingen optreden ten gevolge van de Brexit.

Meer informatie:

Brexit-loket voor decentrale overheden, Europa decentraal
Brexit Impact Scan voor overheden, Europa decentraal