Praktijkvraag

Laatste update: 12 oktober 2026

Contact:


Het huidige openbaarvervoerscontract van onze provincie met de busmaatschappij loopt af en wij willen een nieuw contract sluiten. Moet onze provincie diensten voor openbaar (bus)vervoer verplicht aanbesteden via een concessie?
Antwoord in het kort

Ja. Uw provincie moet openbaar busvervoer aanbesteden via concessieverlening. Dat volgt uit artikel 61 van de Wet personenvervoer 2000 (Wp2000). Op EU-niveau geldt hiervoor de PSO-verordening (Verordening 1370/2007), niet de Concessierichtlijn. Daarnaast past u de Wp2000, het Besluit personenvervoer 2000 (Bp2000) en, afhankelijk van de contractvorm, de Aanbestedingswet 2012 toe.

Welke EU-regels gelden

Voor openbaar personenvervoer geldt de PSO-verordening (Public Service Obligations, Verordening 1370/2007). Die regelt vervoer per spoor, bus, tram en metro via openbaredienstcontracten. Artikel 3 bepaalt dat u een openbaredienstcontract sluit zodra u een vervoerder een exclusief recht geeft om openbaar vervoer te verrichten.

De Concessierichtlijn 2014/23/EU is hier niet van toepassing. Artikel 10, derde lid, van die richtlijn sluit concessies voor openbaar personenvervoer in de zin van de PSO-verordening uit. Concessies voor openbaar personenvervoer vallen daarom uitsluitend onder de PSO-verordening, ongeacht de vervoerswijze. Dat bevestigen de interpretatieve richtsnoeren bij de PSO-verordening.

Concessie of opdracht?

De contractvorm bepaalt het aanbestedingsregime. Neemt het contract de vorm van een dienstenopdracht aan, dan gunt u volgens de aanbestedingsrichtlijnen, in Nederland de Aanbestedingswet 2012. Neemt het de vorm van een concessie aan, dan geldt het regime van artikel 5 van de PSO-verordening. Openbaar busvervoer wordt in Nederland in de regel als concessie vergeven. Artikel 5, derde lid, van de PSO-verordening schrijft dan een openbare aanbesteding voor die daadwerkelijke mededinging oproept.

De maximale looptijd van een concessie is tien jaar voor busvervoer en vijftien jaar voor spoorvervoer. Dat staat in artikel 4, derde lid, van de PSO-verordening.

Nationale regels

De verplichtingen uit de PSO-verordening zijn uitgewerkt in de Wp2000 en het Bp2000. Artikel 19 Wp2000 verbiedt openbaar busvervoer zonder concessie. Hoofdstuk III regelt het verdere aanbestedingsregime voor busconcessies. Artikel 61 legt de aanbestedingsplicht vast. De Wp2000 kent enkele uitzonderingen, bijvoorbeeld voor vervoer dat dreigt uit te vallen (artikel 19, tweede lid) en voor tijdelijke verlenging (artikel 20).

Aanvullende nationale verplichtingen

Hoofdstuk III Wp2000 stelt eisen die bovenop de Aanbestedingswet 2012 komen. Volgens artikel 44 Wp2000 stelt u een programma van eisen op in de aankondiging. Daarin beschrijft u onder meer de bereikbaarheid, de functie van het openbaar vervoer, de algemene eisen, de afstemming met aangrenzende gebieden, de milieudoelstellingen en de infrastructurele voorzieningen. Volgens artikel 27 Wp2000 wint u vooraf advies in bij consumentenorganisaties over de voorschriften bij de concessie.

Staatssteun

De PSO-verordening stelt ook voorwaarden aan exploitatiesubsidie als compensatie voor openbaredienstverplichtingen. Die compensatie moet voldoen aan de staatssteunregels. De voorwaarden staan in artikel 6 en de bijlage bij de PSO-verordening.

Meer informatie

Aanbestedingen, Kenniscentrum Europa Decentraal
Vervoer en aanbesteden, Kenniscentrum Europa Decentraal
Concessies, Kenniscentrum Europa Decentraal
PSO-verordening (Verordening 1370/2007), EUR-Lex
Interpretatieve richtsnoeren bij de PSO-verordening, EUR-Lex