Hoe ver strekt de bescherming van een voortplantingsplaats van een beschermde diersoort in de zin van de Habitatrichtlijn?
In deze zaak heeft het Hof van Justitie van de EU vier vragen beantwoord over de beschadiging of de vernieling van de voortplantings- en rustplaatsen van de Cricetus cricetus , de veldhamster. De verwijzende rechter in deze zaak vroeg onder andere meer uitleg over het begrip “voortplantingsplaats” uit artikel 12, lid 1 van de Habitatrichtlijn. Voor welke periode moet een dergelijke plaats beschermd worden en wanneer is er sprake van beschadiging of vernieling van deze plaats?
Milieubeheer
Gemeenten, provincies en waterschappen spelen een belangrijke rol in de bescherming van het milieu en handhaving van de milieuregels. Verschillende belangrijke principes liggen ten grondslag aan het Europees milieubeleid.
Meststoffen en stikstof
In de agrarische sector worden mest en kunstmest gebruikt om gewassen te laten groeien. Kunstmest bevat stikstofverbindingen zoals nitraat, maar ook fosfaat. Dit zijn essentiële voedingsstoffen voor planten. Teveel mest op en in de bodem heeft echter nadelige gevolgen voor het oppervlaktewater en grondwater en voor andere soorten natuur en milieu. Om milieurisico’s van mestgebruik te beperken hanteert de Europese Unie regels voor meststoffen.
Aan welke voorwaarden moet de publieke inspraak voor een milieueffectrapportage voldoen?
Het Europese Hof van Justitie heeft op 7 november 2019 uitspraak gedaan over de door Griekse rechter gestelde prejudiciële vragen over de publieke inspraak bij een milieueffectrapportage. Hierbij gaat het Hof in op voorwaarden waaraan de procedure omtrent publieke inspraak moet voldoen. Daarnaast geeft het Hof antwoord op een tweede vraag over een nationale regeling over het instellen van een termijn van beroep.
Milieubeleid
Het milieubeleid van de Europese Unie is er op gericht om het milieu te beschermen, te herstellen en te verbeteren. Het milieubeleid raakt dan ook aan diverse thema’s zoals vogelbescherming, schoon drinkwater en het verminderen van afval. Hier vindt u de Europese wet- en regelgeving op het gebied van milieu die van belang is voor decentrale overheden.
Circulaire economie
De circulaire economie is een economisch systeem waarin producten en grondstoffen zo veel mogelijk worden hergebruikt. Het is bedoeld om de waarde van stoffen zo veel mogelijk te maximaliseren en waardevernietiging te minimaliseren.
Mogen overheden een vergoeding vragen voor verstrekken milieu-informatie?
Overheden mogen een vergoeding vragen voor het verstrekken van milieu-informatie. Het Hof van Justitie legt uit dat er aan twee voorwaarden moet worden voldaan voor het opleggen van een dergelijke vergoeding.
Pesticiden
Pesticiden kunnen schadelijke chemische stoffen bevatten. Deze kunnen terecht komen in het oppervlaktewater, de bodem of in levensmiddelen. Daarom gelden er eisen voor de toelating en het gebruik van deze middelen. Ook moet het duurzaam gebruik van pesticiden worden bevorderd.
Milieueffectrapportage
De aanleg van een snelweg of vluchthaven, de bouw van een dam of de bouw van een windturbinepark kan impact hebben op natuur en milieu. Bij de voorbereiding van plannen en besluiten van zulke activiteiten dient mogelijk een procedure voor een milieueffectrapportage (m.e.r.) gevolgd te worden om de (schadelijke) effecten van deze activiteiten op het milieu in kaart te brengen.
Milieu-informatie
Wat is de toestand van een groot stuk natuurgebied in een bepaalde provincie? Kan een waterschap iets vertellen over het effect van lozingen op water in een bepaald gebied? Of welke plannen of voorstellen heeft de gemeente die een effect hebben op de bodem? Dit zijn vragen die kunnen spelen bij burgers of bedrijven. Decentrale overheden dienen hier informatie over te verstrekken. Burgers en bedrijven hebben namelijk recht op toegang tot deze milieu-informatie.
Kunnen milieubesluiten van EU-instellingen, die gericht zijn op de lidstaten en hun decentrale overheden, worden aangevochten?
Milieuorganisaties kunnen voortaan milieubesluiten van EU-instellingen, die gericht zijn op de lidstaten en hun decentrale overheden, aanvechten. Het Gerecht verklaart in deze zaak dat de voorwaarde (rechtstreeks en individueel geraakt worden) van art. 263 VWEU ook geldt voor maatregelen die niet tot de verzoeker zijn gericht, maar hem wel rechtstreeks raken. Europese milieuregels worden uiteindelijk via nationale wetgeving op decentraal niveau geïmplementeerd.