De Europese afhankelijkheid van Russische fossiele energie is sinds de start van het
REPowerEU-plan aanzienlijk afgenomen. Tegelijkertijd verloopt de uitvoering van het plan niet snel en doelgericht genoeg. Dat concludeert de Europese Rekenkamer (ERK) in het Speciaal verslag 21/2026. Vooral de monitoring, financiering en grensoverschrijdende energie-infrastructuur schieten volgens de ERK tekort.
Het REPowerEU-plan werd in 2022 gelanceerd als reactie op de energiecrisis na de Russische invasie van Oekraïne. Het plan moet onder meer de invoer van Russische fossiele brandstoffen afbouwen.
Achtergrond REPowerEU-plan
Doelstellingen
Om de Europese afhankelijkheid van Russische fossiele brandstoffen te verminderen, focust het REPowerEU-plan op de besparing van energie, het diversifiëren van energievoorzieningen, het versnellen van de Europese transitie naar schone energie en de versterking van paraatheid. Slimme investeringen en hervormingen zijn volgens het REPowerEU-plan nodig om bij te dragen aan de doelstellingen ervan.
RRF
Om extra middelen vrij te maken om de investeringsbehoeften van REPowerEU te dekken, stelde de Commissie in 2022 een wijziging van de herstel- en veerkrachtfaciliteit (RRF) voor. Lidstaten moeten in hun bestaande plannen voor herstel en veerkracht een specifiek hoofdstuk toevoegen met nieuwe maatregelen om de REPowerEU-doelstellingen te verwezenlijken om in aanmerking te komen voor RRF-financiering. Zo heeft Nederland een REPowerEU-hoofdstuk toegevoegd als onderdeel van het gewijzigde Nederlandse Herstel- en Veerkrachtplan (HPV).
NECP’s en tweejaarlijkse voortgangsverslagen
De nationale energie- en klimaatplannen (NECP’s) van lidstaten zijn volgens het REPowerEU-plan van belang voor de verwezenlijking van de doelstellingen ervan. Op grond van de governanceverordening moeten lidstaten hun NECP’s voor de periode van 2021-2030 indienen bij de Commissie. Zo heeft Nederland in 2024 zijn NECP, de update van het Integraal Nationaal Energie en Klimaatplan, ingediend. Bovendien verstrekken lidstaten tweejaarlijkse voortgangsverslagen over de status van de NECP’s aan de Commissie. De Commissie beoordeelt of de NECP’s voldoen aan de governanceverordening en zij doet niet-bindende aanbevelingen.
Beoordeling
De Commissie brengt jaarlijks verslag uit over de status van de energie-unie en klimaatactie, waaronder de voortgang van RePowerEU. De Commissie baseert de beoordeling in deze “stand van de energie-unie”-verslagen voornamelijk op basis van de NECP-voortgangsverslagen van lidstaten.
Observaties van de Europese Rekenkamer
Hoewel de ERK constateert dat de EU haar afhankelijkheid van Russische fossiele brandstoffen aanzienlijk heeft verminderd, stelt de ERK onder meer de volgende tekortkomingen vast:
De tweejaarlijkse NECP-voortgangsverslagen waarborgen niet dat de Commissie de uitvoering van het REPowerEU-plan doeltreffend kan monitoren en sturen.
De Commissie is niet verplicht de betrouwbaarheid van de gegevens in de voortgangsrapporten te verifiëren, terwijl zij deze wel gebruikt om de voortgang te beoordelen. Bovendien dienden slechts drie lidstaten hun voortgangsverslag over 2025 op tijd in. Ook zijn significante inconsistenties aangetroffen in acht tweejaarlijkse voortgangsverslagen, waaronder het Nederlandse tweejaarlijkse voortgangsverslag (p. 32).
De herziene NECP’s en de REPowerEU-hoofdstukken van de RRF volstaan niet om alle (streef)doelen van het REPowerEU-plan te verwezenlijken.
Zo hebben niet alle lidstaten hun NECP’s herzien om te voldoen aan de REPowerEU-behoeften. Bovendien werd in een aantal van de herziene NECP’s onvoldoende informatie verschaft over maatregelen en financiering in het kader van REPowerEU. Ook hebben slechts enkele lidstaten, waaronder Nederland, in hun NECP’s duidelijke koppelingen gemaakt met alle maatregelen in hun REPowerEU-hoofdstukken (p. 26). Dit staat in de weg van de beoordeling of lidstaten de (streef)doelen van het REPowerEU-plan kunnen behalen.
De beoordeling van de Commissie heeft beperkte invloed gehad op de herziene NECP’s.
De Commissie heeft voor twintig lidstaten aanbevelingen gedaan over de herziene NECP’s voor 2023. Lidstaten hebben zich slechts gedeeltelijk aan de aanbevelingen gehouden, omdat deze niet bindend waren.
Extra investeringen ter uitvoering van het REPowerEU-plan zijn tot nu toe aanzienlijk achtergebleven bij de geraamde 300 miljard EUR investeringen die tegen 2030 nodig zijn.
Lidstaten hebben in de REPowerEU-hoofdstukken slechts 65 miljard EUR (22 %) van de beschikbaar gestelde 300 miljard EUR vastgelegd, waarvan 25 miljard EUR in de vorm van subsidies, hoofdzakelijk uit ETS-veilingen.
De REPowerEU-maatregelen in de RRF zorgen slechts voor een beperkte toename van de productiecapaciteit voor hernieuwbare energie, vooral gericht op zonne-energie.
De RRF-maatregelen in de REPowerEU-hoofdstukken leveren naar verwachting tegen 2026 ten minste 20 GW aan extra capaciteit voor hernieuwbare energie op. Dit is minder dan 20 % van het streefdoel in het REPowerEU-plan van 103 GW.
REPower-EU-hoofdstukken van de RRF besteden onvoldoende aandacht aan grensoverschrijdende interconnectieprojecten, terwijl deze de efficiëntie en integratie van de interne elektriciteitsmarkt kunnen vergroten.
De meeste REPowerEU-maatregelen dragen bij aan een verminderde afhankelijkheid van fossiele brandstoffen of een lagere vraag naar energie zonder een direct grensoverschrijdend element. Slechts twee lidstaten namen REPowerEU-maatregelen voor grensoverschrijdende interconnectoren op.
De bewijsbasis van de Commissie voor de beoordeling van het REPowerEU-plan is zwak, vanwege het ontbreken van relevante REPowerEU-indicatoren en betrouwbare prestatiegegevens.
Het prestatiekader van de RRF is niet specifiek gekoppeld aan de relevante doelstellingen van het REPowerEU-plan en is ook niet voldoende duidelijk en kwantificeerbaar.
Aanbevelingen
Op basis van de observaties doet de ERK de volgende aanbevelingen. De Commissie moet:
- uitvoeringsmechanismen versterken voor het REPowerEU-plan;
- uitgebreide, tijdige en betrouwbare informatie inwinnen over financieringstekorten van alle acties ter uitvoering van het REPowerEU-plan;
- zorgen dat EU-financiering doeltreffend wordt gebruikt om de doelstellingen van het REPowerEU-plan te verwezenlijken;
- de definitie en het beheer van belangrijke grensoverschrijdende investeringen verbeteren;
- robuuste prestatie‑indicatoren ontwikkelen en gebruiken voor het beoordelen van de bereikte resultaten.
Decentrale relevantie
De energiecrisis als gevolg van geopolitieke spanningen, waaronder de oorlog in Oekraïne, raakt Nederlandse burgers, bedrijven en consumenten als gevolg van onder meer de hoge energiekosten en de onzekerheid over leveringszekerheid. De Europese verplichtingen en de doelstellingen uit het REPowerEU-plan werken door in de update van het Integraal Nationaal Energie en Klimaatplan. Decentrale overheden spelen een belangrijke rol bij de uitvoering van het Europese en nationale energiebeleid, zoals ook beschreven op onze (hernieuwbare) energie-pagina’s.
Het rapport benadrukt het belang van doeltreffende financiering om maatregelen te steunen die gericht zijn op het behalen van energie- en klimaatdoelstellingen voor schone energieopwekking of netverzwaring. Decentrale overheden kunnen het gebruik van EU-fondsen overwegen, zoals het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO) en Connecting Europe Facility (CEF). Voor meer informatie over deze en andere fondsen kunt u onze fondsenwijzer raadplegen. Let er wel op dat steun aan ondernemingen overeenkomstig de Europese staatssteunregels moet worden verleend. De Commissie onderzoekt volgens het REPowerEU-plan hoe het staatssteuntoezicht op REPowerEU-maatregelen kan worden vergemakkelijkt, terwijl tegelijkertijd concurrentieverstoringen worden beperkt.
Bronnen
REPowerEU, Europese Commissie
REPowerEU-plan, Europese Commissie
Speciaal verslag 21/2026, Europese Rekenkamer
Energiemarkt & Infrastructuur, Kenniscentrum Europa Decentraal
Hernieuwbare energie – Europa decentraal, Kenniscentrum Europa Decentraal