Altmark-arrest
Compensatiesteun door (decentrale) overheden aan een onderneming voor het verrichten van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) kan noodzakelijk zijn voor het waarborgen van publieke dienstverlening.
Sinds 1 januari 2026 zijn lidstaten verplicht om verleende de-minimissteun te registreren. Nederland maakt gebruik van het centrale EU-register, het eAidRegister (hierna: eAir).
OntdekkenCompensatiesteun door (decentrale) overheden aan een onderneming voor het verrichten van een Dienst van Algemeen Economisch Belang (DAEB) kan noodzakelijk zijn voor het waarborgen van publieke dienstverlening.
Het vierde criterium waar aan moet worden voldaan om van ‘staatssteun’ te spreken, is selectiviteit. Om aan dit criterium te voldoen, moet een overheidsmaatregel ‘bepaalde ondernemingen of bepaalde producties’ begunstigen. Wanneer is er sprake van selectiviteit?
De Dienstenrichtlijn brengt in het kader van administratieve vereenvoudiging, naast de verplichting voor decentrale overheden om hun wet- en regelgeving op mogelijke belemmeringen te screenen en zo nodig aan te passen, ook andere gevolgen met zich mee. Eén daarvan is de inrichting van een centraal elektronisch loket.
De Europese Unie stelt doelstellingen voor het scheiden, het voorbereiden voor hergebruik en de recycling van stedelijk afval. Daarnaast beoogt de EU het storten van al het stedelijk afval verder te beperken.
Decentrale overheden die steun verlenen onder toepassing van een vrijstellingsverordening, hoeven die steun niet bij de Europese Commissie te melden.
Europese regels over asiel en migratie hebben gevolgen voor gemeenten en provincies, onder meer bij de opvang van asielzoekers, de huisvesting van statushouders en de uitvoering van integratie- en terugkeerbeleid.
Decentrale overheden moeten zorgen dat diensterverleners zich onbelemmerd in Nederland kunnen vestigen of tijdelijk diensten kunnen verrichten.
Omdat veel overstromingsgevoelige gebieden zijn verspreid over meerdere landen, is coördinatie en samenwerking tussen EU-lidstaten vereist. De EU heeft daarom de Richtlijn Overstromingsrisico’s (ROR-richtlijn; Richtlijn 2007/60/EG) opgesteld met als doel om de overstromingsrisico’s te beperken.
Er is in Europa een groeiende vraag naar water voor huishoudens en economische en industriële activiteiten. Tegelijkertijd zetten watervervuiling en klimaatverandering de waterkwaliteit en -kwantiteit steeds meer onder druk. Er zullen steeds meer extreme weersomstandigheden optreden die te maken hebben met water, zoals droogte en overstromingen. Waterbeheer is bij uitstek grensoverstijgend, daarom heeft de Europese Unie regels opgesteld voor waterbeheer en de bescherming van waterkwaliteit.
Bioafval omvat gft-afval van huishoudens, organisch afval van bedrijven en groenafval. Bij het storten van bioafval kunnen broeikasgasemissies vrijkomen. De Europese Unie stelt daarom dat bioafval gescheiden moet worden ingezameld.
In de agrarische sector worden mest en kunstmest gebruikt om gewassen te laten groeien. Kunstmest bevat stikstofverbindingen zoals nitraat, maar ook fosfaat. Dit zijn essentiële voedingsstoffen voor planten. Teveel mest op en in de bodem heeft echter nadelige gevolgen voor het oppervlaktewater en grondwater en voor andere soorten natuur en milieu. Om milieurisico’s van mestgebruik te beperken hanteert de Europese Unie regels voor meststoffen.
Het afvangen en opslaan van CO2 kan bijdragen aan het verminderen van CO2 uitstoot. De CCS-richtlijn is een wettelijk kader voor de veilige afvang en opslag van CO2.