Zoeken

ALTIJD OP DE HOOGTE?

Welke ontwikkelingen in de EU zijn van belang voor gemeenten, provincies en waterschappen? En wat betekent dat voor de dagelijkse praktijk?

Zorg over de grens blijkt in de praktijk nog moeizaam te verlopen

16 november 2015Overige onderwerpen, Vrij verkeer

In navolging van de Europese Commissie komt nu ook de European Public Health Alliance (EPHA) met een kritisch rapport over de werking van de Europese Patiëntenrichtlijn 2011/24/EU. Hierin wordt uiteengezet dat de richtlijn vooralsnog niet het gewenste effect bereikt heeft. Grensoverschrijdende zorg vindt in de praktijk nog weinig plaats en er bestaat nog tal van regelgeving die de werking van de richtlijn belemmert. Voor decentrale overheden is dit relevant, omdat ook zij een rol kunnen spelen in verschillende vormen van grensoverschrijdende samenwerking in de zorg waar de richtlijn in voorziet.

Patiëntenrichtlijn 2011

De Patiëntenrichtlijn uit 2011 is voortgekomen uit de doelstelling tot het wegnemen van belemmeringen voor het vrije verkeer van (gezondheids)diensten en van goederen. Het hoofddoel van de richtlijn is het zekerstellen van de toegang tot veilige, kwalitatief hoogwaardige gezondheidszorg. Dit moet plaatsvinden door middel van het faciliteren van patiëntenmobiliteit en door samenwerking tussen lidstaten op het gebied van gezondheidszorg. De richtlijn voorziet in een verplichting tot onderzoek over de voortgang van de doelstellingen van de richtlijn en zodoende heeft de Europese Commissie dit najaar een rapport gepubliceerd. Dit rapport is kritisch van aard.

Meest relevante uitkomsten

Het rapport van de EPHA sluit aan op de bevinding van de Europese Commissie, maar het benadrukt nog sterker dat het verschil in welvaartsniveau tussen lidstaten een effectieve werking van de richtlijn in de weg staat. De studie van de Commissie laat zien dat patiënten niet of nauwelijks op de hoogte zijn van de mogelijkheden om over de grens zorg te ontvangen. Dit leidt ertoe dat er weinig gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheden die de Patiëntenrichtlijn biedt. Voor decentrale overheden is de Patiëntenrichtlijn van belang, omdat ook zij indirect betrokken zijn bij grensoverschrijdende zorgverlening. De belangrijkste conclusies van de Commissie, waar het EPHA rapport zich op baseert, zijn hieronder te lezen.

Kosten vergoeding en bureaucratie

De richtlijn bevat bepalingen over de vergoeding van zorg die patiënten hebben ontvangen voor behandeling in een andere lidstaat. Patiënten hebben conform de richtlijn namelijk recht op eenzelfde vergoeding van de kosten als in de lidstaat van herkomst. De Commissie toont echter aan dat er voor een dergelijke vergoeding vaak lastige (verzekerings)procedures en administratieve vereisten gelden. Dit alles kan ervoor zorgen dat patiënten worden ontmoedigd om gebruik te maken van zorg in andere lidstaten. Voor decentrale overheden betekend dit concreet dat er mogelijk minder zorginstroom vanuit andere lidstaten komt maar ook dat de uitstroom van patiënten over de grens wordt belemmerd.

Financiële en mobiliteitsbarrières

Uit het rapport blijkt tevens dat de richtlijn in de praktijk vooral van toepassing is op patiënten die zich makkelijk kunnen verplaatsen (door lichamelijke mogelijkheden, vervoer of financiële middelen). Hierdoor wordt een groot deel van de Europese burger die in het algemeen minder welvarend zijn, niet gediend. Gezien de welvaartsverschillen in de nabije regio niet aanzienlijk verschillen, speelt dit vooral ten aanzien van de specialistische zorg.

Voorafgaande toestemming

Een belangrijk aspect van de richtlijn is dat de zorgsector in de betreffende lidstaat geen ‘voorafgaande toestemming’ hoeft te verlenen wanneer een patiënt voor een behandeling naar het buitenland uitwijkt. Alleen op grond van ‘zwaarwegende redenen van algemeen belang’ kan het recht op medische vergoeding in een andere EU-lidstaat worden beperkt. In dergelijke gevallen mag toestemming alleen vergoed worden wanneer er geen sprake is van ‘onnodige vertraging’.

Het rapport wijst erop dat er geen definitie van dit genoemde begrip ‘onnodige vertraging’ bestaat wat in de praktijk leidt tot vele afwijzingen van aanvragen. Nederland en Denemarken zijn overigens de enige uitzonderingen aangezien daar wel een duidelijkheid bestaat over de duur van wachtlijsten.

Decentrale relevantie

Voor decentrale overheden (vooral in grensgebieden) is het van belang om op de hoogte te zijn van de inhoud van de richtlijn en van de Nederlandse wetgeving ter implementatie daarvan. Hoewel de richtlijn niet van toepassing is op de huidige decentralisaties in de zorg (zie ook praktijkvraag), voorziet de richtlijn wel in het stimuleren van verschillende vormen van grensoverschrijdende samenwerking op het gebied van de zorg. Gemeenten kunnen hier bijvoorbeeld wel een actieve rol in spelen.

Door:

Paul Zondag, Europa decentraal

Bron:

EPHA report on the Implementation of the Crossborder Healthcare Directive (2015)

Meer informatie:

Vrij Verkeer, Europa decentraal
Grensoverschrijdende samenwerking, Europa decentraal
Praktijkvraag patiëntenrichtlijn (september 2014), Europa decentraal
Patiëntenrichtlijn 2011/24/EU, Publicatieblad van de Europese Unie
Report on the operation of Directive 2011/24/EU, Europese Commissie
Informatie over patiëntenrechten en grensoverschrijdende zorg, Europese Commissie
Nationale Contactpunt grensoverschrijdende zorg (NCP) website, Zorginstituut Nederland

 

X