Zoeken

ALTIJD OP DE HOOGTE?

Welke ontwikkelingen in de EU zijn van belang voor gemeenten, provincies en waterschappen? En wat betekent dat voor de dagelijkse praktijk?

De Single Digital Gateway: Europees Parlement stemt voor nieuwe regels omtrent grensoverschrijdende publieke diensten

17 september 2018Informatiemaatschappij

Woensdag 13 september heeft het Europees Parlement het wetsvoorstel voor de Verordening over de Single Digital Gateway goedgekeurd. Met de nieuwe wet wordt een online centraal punt ingesteld van waaruit burgers en bedrijven alle relevante informatie, procedures en diensten kunnen vinden die zij nodig hebben om van de interne markt gebruik te maken. Wanneer het voorstel ook door de vertegenwoordigers van de lidstaten – de Raad van Ministers – wordt aangenomen krijgen decentrale overheden een aantal jaar de tijd om verschillende administratieve procedures online aan te bieden volgens de vereisten van de Verordening.

Wat beoogt de EU te bereiken?

Het wetsvoorstel voor de Single Digital Gateway (SDG) is onderdeel van een handhavingspakket voor de interne markt. In dit pakket presenteerde de Europese Commissie drie maatregelen om de werking van de interne markt te verbeteren en verdere stappen te zetten om de digitale interne markt te voltooien. De ontwikkeling van de SDG moet bijdragen aan het verbeteren van het contact tussen burgers, bedrijven en publieke autoriteiten. Via het centrale webportaal kunnen zij gemakkelijk de informatie, procedures en documentatie vinden die nodig is om te wonen, studeren of werken in een andere EU-lidstaat. Daarnaast kan de EU via de statistieken van het gebruik van de SDG meer inzicht verkrijgen over obstakels in de interne markt.

Welke informatie moet worden verstrekt?

De SDG wordt ondergebracht in het huidige Your Europe-portaal. Dit portaal bevat momenteel al informatie voor burgers en bedrijven die grensoverschrijdende activiteiten willen verrichten. Via de SDG worden gebruikers straks doorgelinkt naar de juiste webpagina’s op de overheidswebsite van de betrokken lidstaat. Gebruikers kunnen op de SDG terecht voor informatie binnen drie categorieën: rechten en plichten, online procedures en hulpdiensten.

Informatie over rechten en plichten

De lidstaten en de Europese Commissie moeten er voor zorgen dat gebruikers van de SDG toegang hebben tot informatie over de rechten en verplichtingen die burgers en bedrijven ondervinden in het kader van de interne markt. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om het reis- en verblijfsrecht in de EU, maar ook informatie over de gezondheidszorg, consumentenrecht en arbeidsrecht.

Online procedures

Ook moeten de lidstaten gebruikers toegang geven tot verschillende procedures die hen in staat stellen van deze rechten gebruik te maken en aan hun verplichtingen te voldoen. Het betreft procedures variërend van het aanvragen van een geboortecertificaat of een Europese gezondheidskaart tot procedures nodig voor het starten of beëindigen van een eigen bedrijf.

Decentrale overheden hoeven alleen de procedures genoemd in de Verordening grensoverschrijdend aan te bieden wanneer deze reeds wordt aangeboden in de eigen lidstaat. Burgers en bedrijven uit andere EU-lidstaten moeten de procedure dan online kunnen voltooien. Wanneer hierbij een elektronische handtekening nodig kan gebruik worden gemaakt van het eIDAS-framework. De eIDAS-verordening maakt het mogelijk voor burgers en bedrijven om bij overheidsdiensten van andere lidstaten in te loggen met hun eigen nationaal identificatiemiddel. Decentrale overheden moeten vanaf 29 september 2018 eIDAS-compliant zijn.

De lidstaat kan wel onder bepaalde voorwaarden eisen dat fysieke aanwezigheid verplicht is voor een gedeelte van de procedure. Deze eis mag geen discriminerende situatie opleveren tussen inwoners van de eigen lidstaat en die uit andere EU-landen. Er moet voor een dergelijke eis dan sprake zijn van dwingende redenen van algemeen belang op het gebied van publieke veiligheid, publieke gezondheid of fraudebestrijding.

De Verordening stelt ook het zogeheten ‘once-only’ principe in. Dit houdt in dat burgers en bedrijven bepaalde informatie en documenten maar eenmalig aan een publieke autoriteit hoeven te verstrekken en deze gelijk kunnen gebruiken bij procedures in andere lidstaten. Voor overheidsorganisaties betekent dit dat zij deze documenten daarom geschikt moeten maken voor uitwisseling met andere lidstaten. Het technische systeem dat nodig is om de echtheid van deze documenten te verifiëren wordt door de Europese Commissie – in samenspraak met de lidstaten – ingesteld. Mocht dit systeem nog niet beschikbaar zijn, of niet worden ingeschakeld door de gebruiker, hebben overheidsorganisaties de mogelijkheid om het IMI-systeem te gebruiken voor deze controle. Bij de ontwikkeling van het controlesysteem en het uiteindelijk uitwisselen van de informatie wordt ook rekening gehouden met de Europese vereisten op het gebied van privacy en gegevensbescherming.

Hulpdiensten

Als laatste moeten de betrokken autoriteiten en de Commissie er voor zorgen dat burgers en bedrijven via de SDG terecht kunnen komen bij de relevante organisaties met vragen of voor ondersteuning bij het nakomen van hun verplichtingen of het uitoefenen van hun rechten. Onder deze hulpdiensten vallen bijvoorbeeld de Centrale contactpunten die informeren over het opstarten van een bedrijf of aanbieden van diensten in een andere lidstaat.

Wat betekent dit voor uw overheidsorganisatie?

Decentrale overheden zullen verschillende webpagina’s met informatie en online procedures moeten kunnen aanbieden aan burgers en bedrijven uit andere lidstaten. Alle informatie en de uitleg over de procedures die via de SDG bereikbaar zijn moet beschikbaar zijn in een taal die begrepen kan worden door het grootste gedeelte van de grensoverschrijdende gebruikers. Het kan per situatie en groep gebruikers verschillen welke officiële taal van de EU hiervoor het best geschikt is. Er kan ondersteuning worden gevraagd aan de Commissie bij het vertalen van deze teksten. De Verordening stelt expliciet dat het niet vereist is dat alle informatie wordt vertaald: alleen dat wat burgers en bedrijven nodig hebben om de regels te begrijpen die op hun situatie van toepassing zijn. Ook is het niet nodig de procedures zelf in een andere taal aan te bieden.

Daarnaast worden de betrokken autoriteiten geacht om (anonieme) statistieken te verzamelen over de bezoekers van de SDG die op de nationale websites terechtkomen en de hulpverzoeken die zij indienen. De data die hieruit wordt vergaard wordt door de Commissie openbaar beschikbaar gemaakt. Informatie over eventuele obstakels in de interne markt, die de Commissie van gebruikers van de SDG verzamelt via een feedback-tool op het portaal, wordt ook beschikbaar gesteld aan de betrokken autoriteiten.

Momenteel voert ICTU in opdracht van het Ministerie van BZK en EZK een impactanalyse uit naar de gevolgen van de Verordening. Hierbij zijn onder meer de VNG, het Ondernemersplein en verschillende uitvoeringsorganisaties betrokken.

Verdere verloop wetgevingsprocedure

Nu het Europees Parlement het voorstel heeft aangenomen is het aan de Raad van Ministers om zich over het voorstel te buigen. Verwachting is dat de vertegenwoordigers van de lidstaten ook positief over het voorstel zullen stemmen, waarna de Verordening officieel aangenomen is in eerste lezing. Het EP, de Raad en de Europese Commissie bereikten deze zomer in de zogeheten ‘triloog-overleggen’ reeds consensus over de tekst van het wetsvoorstel.

Nadat de Verordening officieel in werking is getreden, krijgen decentrale overheden een aantal jaar de tijd om hun webpagina’s en procedures aan de nieuwe regels te laten voldoen. De bepalingen in de Verordening worden op verschillende tijdstippen van toepassing, variërend van twee tot vijf jaar. Voor de lidstaten en de Commissie gaan de meeste bepalingen van de Verordening twee jaar na inwerkingtreding van de wet in. Voor gemeenten is er een uitzondering gemaakt: de (vertaalde) informatie en instructie over de procedures die moeten worden aangeboden moet uiterlijk vier jaar na de inwerkingtreding van de Verordening beschikbaar zijn. Voor het grensoverschrijdend aanbieden van de online procedures krijgen de betrokken partijen nog een jaar extra de tijd. Voor zowel centrale als decentrale overheid geldt dat dit vijf jaar na inwerkingtreding van de Verordening in orde moet zijn.

Door:

Juliëtte Fredriksz, Europa decentraal

Bron:

Resolutie van het Europees Parlement van 13 september 2018 over het voorstel voor een Verordening over de Single Digital Gateway, Europees Parlement

Meer informatie:

Proceduredossier Single Digital Gateway, Europees Parlement
Nieuwe Europese verordening raakt Nederlandse dienstverlening, Digitale overheid
Fiche Verordening voor het creëren van een Single Digital Gateway, Werkgroep Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen
Commissie publiceert handhavingspakket voor EU interne markt, nieuwsbericht Europa decentraal
Voldoet uw overheidsorganisatie al aan de eIDAS-verordening?, nieuwsbericht Europa decentraal

X