Risico niet-naleving
Decentrale overheden zijn zelf verantwoordelijk voor de naleving van staatssteunregels. Worden deze regels overtreden, dan kleven hier een aantal risico’s aan.
Sinds 1 januari 2026 zijn lidstaten verplicht om verleende de-minimissteun te registreren. Nederland maakt gebruik van het centrale EU-register, het eAidRegister (hierna: eAir).
OntdekkenDecentrale overheden zijn zelf verantwoordelijk voor de naleving van staatssteunregels. Worden deze regels overtreden, dan kleven hier een aantal risico’s aan.
Wanneer staatssteun onrechtmatig wordt verleend, kan de Commissie een procedure voor onrechtmatige steun starten, de zogenaamde non-notificéprocedure. Het is een complexe en langdurige procedure, die is neergelegd in hoofdstuk III van de Procedureverordening 2015/1589.
De klachtprocedure is een route die gevolgd kan worden wanneer het vermoeden bestaat dat er sprake is van onrechtmatig verleende steun. Deze procedure betreft echter een zwaar middel en is alleen ontvankelijk wanneer de steun niet is aangemeld bij de Europese Commissie.
Wanneer een decentrale overheid steun heeft verleend en de Europese Commissie twijfelt over de verenigbaarheid daarvan met de interne markt, start de Commissie een formele onderzoeksprocedure.
Als decentrale overheden steunmaatregelen niet binnen een vrijstellingsverordening kunnen brengen, moeten zij deze via State Aid Notifications Interactive systeem ter goedkeuring aan de Europese Commissie melden.
Als een steunmaatregel aan alle staatssteuncriteria voldoet, is er sprake van staatssteun. Decentrale overheden dienen deze in beginsel te melden bij de Europese Commissie, tenzij één van de vrijstellingsmogelijkheden van toepassing is.
In het kader van duurzaam financieren kunnen decentrale overheden ook steun verlenen in de vorm van een ‘revolving fund’ of revolverend fonds. Bij een revolverend fonds is er sprake van een constructie waarbij financiële middelen beschikbaar worden gesteld in een zodanige vorm dat de middelen terugbetaald dienen te worden en er rente betaald moet worden over de middelen.
Midden- en kleinbedrijven (mkb) die zich in de vroege fasen van hun ontwikkeling bevinden, kunnen moeite hebben om toegang tot financiering te krijgen. Gemeenten, provincies en waterschappen kunnen deze ondernemingen steunen door middel van risicofinancieringsinvesteringen.
Een decentrale overheid kan een onderneming steunen door middel van een garantie. De overheid staat garant voor de lening die is afgesloten bij een investeerder. Evenals andere transacties kunnen door overheidsinstanties verstrekte garanties staatssteun behelzen indien deze niet op marktvoorwaarden plaatsvinden.
Decentrale overheden kunnen leningen verstrekken aan ondernemingen. Wanneer een lening onder gunstige voorwaarden wordt verstrekt, kan er sprake zijn van ongeoorloofde staatssteun.
Steunverleningen door (decentrale) overheden kunnen verschillende vormen aannemen. Zo kunnen gemeenten, provincies en waterschappen subsidies verlenen om bepaalde projecten te ondersteunen. Ook bij subsidieverleningen kan er sprake zijn van staatssteun.
Er zijn verschillende manieren waarop decentrale overheden ondernemingen financieel kunnen ondersteunen. Het meest voorkomende financieringsinstrument is het verstrekken van een subsidie, ad hoc of in de vorm van een regeling.