Grondtransacties
Gaat een decentrale overheid een grondtransactie aan met een onderneming voor een prijs die afwijkt van de marktprijs? Dan is er al gauw sprake van staatssteun, want deze onderneming verkrijgt zo een economisch voordeel.
Sinds 1 januari 2026 zijn lidstaten verplicht om verleende de-minimissteun te registreren. Nederland maakt gebruik van het centrale EU-register, het eAidRegister (hierna: eAir).
OntdekkenGaat een decentrale overheid een grondtransactie aan met een onderneming voor een prijs die afwijkt van de marktprijs? Dan is er al gauw sprake van staatssteun, want deze onderneming verkrijgt zo een economisch voordeel.
De Europese Unie beschikt over een rijk en divers cultureel aanbod en erfgoed. Op grond van artikel 167, lid 1, VWEU dient de Unie bij te dragen aan ‘de ontplooiing van de culturen van de lidstaten onder eerbiediging van de nationale en regionale verscheidenheid van die culturen, maar tegelijk ook de nadruk leggend op het gemeenschappelijk cultureel erfgoed’.
Decentrale overheden dienen op een groot aantal beleidsterreinen rekening te houden met de Europese staatssteunregels. Dit is bijvoorbeeld het geval als een decentrale overheid staatssteun wil verlenen aan een onderneming in het kader van zorg, cultuur, landbouw of onderzoek.
Transparantie van staatssteun is essentieel voor de correcte toepassing van de staatssteunregels, voor meer rechtszekerheid en betere verantwoording. Daarom heeft de Europese Commissie transparantieverplichtingen opgesteld die onder meer terug te vinden zijn in een aantal staatssteunvrijstellingen.
Decentrale overheden zijn zelf verantwoordelijk voor de naleving van staatssteunregels. Worden deze regels overtreden, dan kleven hier een aantal risico’s aan.
Wanneer staatssteun onrechtmatig wordt verleend, kan de Commissie een procedure voor onrechtmatige steun starten, de zogenaamde non-notificéprocedure. Het is een complexe en langdurige procedure, die is neergelegd in hoofdstuk III van de Procedureverordening 2015/1589.
De klachtprocedure is een route die gevolgd kan worden wanneer het vermoeden bestaat dat er sprake is van onrechtmatig verleende steun. Deze procedure betreft echter een zwaar middel en is alleen ontvankelijk wanneer de steun niet is aangemeld bij de Europese Commissie.
Wanneer een decentrale overheid steun heeft verleend en de Europese Commissie twijfelt over de verenigbaarheid daarvan met de interne markt, start de Commissie een formele onderzoeksprocedure.
Als decentrale overheden steunmaatregelen niet binnen een vrijstellingsverordening kunnen brengen, moeten zij deze via State Aid Notifications Interactive systeem ter goedkeuring aan de Europese Commissie melden.
Als een steunmaatregel aan alle staatssteuncriteria voldoet, is er sprake van staatssteun. Decentrale overheden dienen deze in beginsel te melden bij de Europese Commissie, tenzij één van de vrijstellingsmogelijkheden van toepassing is.
In het kader van duurzaam financieren kunnen decentrale overheden ook steun verlenen in de vorm van een ‘revolving fund’ of revolverend fonds. Bij een revolverend fonds is er sprake van een constructie waarbij financiële middelen beschikbaar worden gesteld in een zodanige vorm dat de middelen terugbetaald dienen te worden en er rente betaald moet worden over de middelen.
Midden- en kleinbedrijven (mkb) die zich in de vroege fasen van hun ontwikkeling bevinden, kunnen moeite hebben om toegang tot financiering te krijgen. Gemeenten, provincies en waterschappen kunnen deze ondernemingen steunen door middel van risicofinancieringsinvesteringen.