Zoeken
Staatssteun
Subonderwerpen

Klachtprocedure

Wanneer het vermoeden bestaat dat er sprake is van onrechtmatig verleende steun, bestaat de mogelijkheid om een klachtprocedure te starten. Dit is echter een zwaar middel en een dergelijke procedure is alleen ontvankelijk wanneer de steun niet is aangemeld bij de Europese Commissie. Ook decentrale overheden kunnen te maken krijgen met klachtprocedures (zowel in de hoedanigheid van klager als beklaagde) en de mogelijke gevolgen van onrechtmatigheid.

Ontvankelijkheid voor klachten

Het is voor een lidstaat, persoon, onderneming of ondernemersvereniging waarvan de belangen door de toekenning van steun kunnen worden getroffen, mogelijk om bij de Europese Commissie te klagen over door (decentrale) overheden verleende staatssteun. Dit geldt in het bijzonder voor, concurrerende ondernemingen en beroepsverenigingen (art. 1 lid h Pocedureverordening 2015/1589).

Belanghebbenden

De Commissie neemt alleen klachten van ‘belanghebbenden’ in behandeling. Klagers moeten kunnen aantonen dat hun  belangen door de toekenning van steun kunnen worden aangetast. Ook dient een wettig belang te worden aangetoond om de zaak door de Commissie te laten behandelen.

Klachtenformulier

Indien een belanghebbende een klacht wil indienen, kan van dit formulier van de Commissie gebruik worden gemaakt. Het formulier kan zowel elektronisch als per post worden verstuurd.

Aanvang klachtprocedure

De Commissie onderzoekt een ontvangen klacht zo snel mogelijk en zorgt ervoor dat de betrokken lidstaat van de voortgang en het resultaat van het onderzoek op de hoogte wordt gehouden. De Commissie tracht een klacht binnen twaalf maanden af te handelen. Als de Commissie het nodig acht, kan zij een lidstaat vragen commentaar te leveren op de klacht. Als het een decentrale zaak betreft, neemt het Coördinatiepunt Staatssteun van het ministerie van BZK contact op met de betrokken overheid.

Prioritering

De Commissie is bevoegd om klachten te prioriteren. De prioriteit die aan een klacht wordt gegeven kan afhangen van de reikwijdte van de vermeende inbreuk, de omvang van de begunstigde onderneming, de betrokken economische sector of de aanwezigheid van soortgelijke klachten.

Vervolg klachtprocedure

De behandeling van klachten die geen hoge prioriteit hebben gekregen mag de Commissie in de tweede fase van de klacht uitstellen, maar binnen twee maanden moet de Commissie tot een besluit (als bedoeld in art. 4) komen of de klager een voorlopig oordeel sturen.

Opmerkingen indienen

De klager heeft dan één maand om inhoudelijke opmerkingen in te dienen. Gebeurt dit niet, dan wordt de klacht geacht te zijn ingetrokken. De Commissie brengt de betrokken lidstaat hiervan op de hoogte (art. 20 lid 2 Verordening).

Vermoeden van staatssteun

Als de Commissie twijfelt of de maatregel waarover wordt geklaagd verenigbaar is met de interne markt en de steun nog niet verleend is, kan de maatregel, na informeel overleg, alsnog worden aangemeld bij de Commissie. Tot de Commissie een besluit heeft genomen, mag de steun niet worden verleend (standstill bepaling).

Als de steun wel al is verleend, wordt deze als ‘non-notified’ aangeduid. Heeft de Commissie ernstige twijfel of de steun verenigbaar is, dan kan zij de formele onderzoeksprocedure inleiden.

MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG


X