Cultuur en Monumenten

De Europese Unie beschikt over een rijk en divers cultureel aanbod en erfgoed. Op grond van artikel 167, lid 1, VWEU dient de Unie bij te dragen aan ‘de ontplooiing van de culturen van de lidstaten onder eerbiediging van de nationale en regionale verscheidenheid van die culturen, maar tegelijk ook de nadruk leggend op het gemeenschappelijk cultureel erfgoed’.

De Europese staatssteunregels maken het mogelijk steun voor cultuur en de instandhouding van cultureel erfgoed te verlenen. Daarnaast is het mogelijk voor decentrale overheden om steun te verlenen op grond van het nationale staatssteunkader voor monumentenzorg (hierna: Monumentenregeling). De opties daartoe worden hieronder beschreven.

Staatssteun

Decentrale overheden die steun voor cultuur en de instandhouding van het erfgoed willen verlenen, kunnen met de staatssteunregels te maken krijgen indien de steunverlening voldoet aan alle staatssteuncriteria uit artikel 107, lid 1, VWEU.

Steun voor cultuur of de instandhouding van cultureel erfgoed levert in sommige gevallen geen staatssteun op, omdat de steun geen ongunstige beïnvloeding van het interstatelijk handelsverkeer met zich meebrengt. Dit is het geval als de gesteunde activiteiten slechts een puur lokaal karakter hebben. Factoren waar in dat kader rekening mee moet worden gehouden zijn o.a. de hoogte van de steun, de geografische locatie van de activiteiten, de taal waarin de activiteiten worden verricht en de grootte van de markt voor dit soort activiteiten.

Daarnaast zijn sommige culturele activiteiten niet economisch van aard gezien hun bijzondere karakter. Een voorbeeld hiervan is een activiteit op het gebied van cultuur of instandhouding van erfgoed die kosteloos toegankelijk is voor het publiek. In soortgelijke gevallen vormt die culturele activiteit mogelijk geen staatssteun omdat er geen sprake is van steun die verleend wordt aan een onderneming die economische activiteiten verricht. Zie paragraaf 2.6 van de Mededeling betreffende het begrip ‘staatssteun’ voor meer informatie.

Uitzondering op het staatssteunverbod

Indien een steunmaatregel wel aan alle voorwaarden uit het Europees staatssteunverbod voldoet, is in artikel 107, lid 3, sub (d) VWEU een uitzondering op dit verbod opgenomen voor maatregelen met een culturele doelstelling. Deze uitzondering is specifiek voor steunmaatregelen om de cultuur en de instandhouding van het culturele erfgoed te bevorderen.

Uit artikel 107, lid 3, sub (d) VWEU volgt dat maatregelen die (1) een daadwerkelijke culturele doelstelling hebben, (2) noodzakelijk en (3) proportioneel zijn om dit doel te bereiken na aanmelding door de Europese Commissie als verenigbaar met de interne markt kunnen worden verklaard.

Algemene groepsvrijstellingsverordening (agvv)

Met ingang van 1 juli 2014 is het voor decentrale overheden mogelijk geworden om steun voor cultuur en de instandhouding van cultureel erfgoed te verlenen zonder dat deze eerst bij de Europese Commissie moet worden aangemeld. Indien van de AGVV gebruik wordt gemaakt, kan met een kennisgeving worden volstaan. Er zijn twee opties voor het verlenen van steun op grond van de AGVV:

  • Artikel 53 AGVV is van toepassing op steun voor diverse culturele doelstellingen en activiteiten. Dit zijn bijvoorbeeld musea, archieven en concerthallen. Over het verlenen van steun aan een museum door een gemeente is een praktijkvraag. Er kan, in een aantal situaties, zowel investeringssteun als exploitatiesteun verleend worden. Deze situaties worden in lid 4 verder toegelicht. In het geval van investeringssteun mag het steunbedrag niet hoger zijn dan het verschil tussen de in aanmerking komende kosten en de exploitatiewinst van de investering. Exploitatiesteun mag niet hoger zijn dan wat nodig is om de exploitatietekorten (met een redelijke winst) over de betrokken periode te trekken. Als het steunbedrag niet hoger ligt dan € 2 miljoen, mag het maximale steunbedrag worden vastgesteld op 80% van de in aanmerking komende kosten.
  • Artikel 54 AGVV, betreffende steunregelingen voor audiovisuele werken. Deze steun is specifiek bestemd voor een cultureel product, bijvoorbeeld voor het schrijven van scenario’s of de productie van audiovisuele werken. Zie bijvoorbeeld steunmaatregel SA.101208 voor een subsidie aan een film over Van Gogh.

Nationale monumentenregeling

Decentrale overheden kunnen de Monumentenregeling – ook wel Monumentenkader genoemd – gebruiken voor steun voor monumenten. Deze regeling biedt een juridisch kader, waarmee decentrale overheden steun aan monumenten staatssteunproof kunnen maken. Steunmaatregelen op basis van deze regeling hoeven niet aangemeld te worden bij de Europese  Commissie; de Monumentenregeling is door het ministerie van OCW kennisgegeven bij de Europese Commissie onder artikel 53 AGVV.

De Monumentenregeling is alleen van toepassing op compensatiesteun voor extra kosten voor de instandhouding en het herstel van monumenten. Als uw provincie, gemeente of waterschap steun staatssteunproof wil maken op basis van de Monumentenregeling, verwijst u in de subsidieregeling of de beschikking naar de Monumentenregeling en het nummer van de kennisgeving. Dit nummer is sinds 10 februari 2022 SA.101899.

Decentrale overheden die gebruik hebben gemaakt van de Monumentenregeling, dienen jaarlijks over de uitgaven te rapporteren. Hierover ontvangt uw provincie of gemeente een brief van het ministerie van BZK.

Voorwaarden

Monumentensteun van decentrale overheden moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • Net als rijksmonumenten moeten de provinciale of gemeentelijke monumenten worden ingeschreven in een register met provinciale of gemeentelijke monumenten alvorens het onroerend goed kan worden gekwalificeerd als een officieel (beschermd) monument;
  • De werkzaamheden zijn vanuit technisch oogpunt noodzakelijk voor de instandhouding van het monument;
  • De steun mag niet ingezet worden voor commerciële en/of operationele activiteiten. Monumenten met een functie (zoals een hotel) komen alleen in aanmerking voor de meerkosten van restauratie of herstelwerkzaamheden;
  • Kosten ter verbetering van comfort of uitbreidingen van de gebouwen komen niet in aanmerking;
  • Cumulatie met andere steunmaatregelen is toegestaan, mits de steunintensiteit niet boven 100% van de totale kosten gaat.

De maximale steundrempel voor de toepassing van het Monumentenkader zijn 150 miljoen euro per project voor investeringssteun en 75 miljoen euro per onderneming per jaar voor exploitatiesteun. Voor toepassing van het Monumentenkader (en de AGVV) zijn er maximale drempelbedragen, die voor Nederlandse begrippen heel hoog liggen. Toch worden steunverleners dringend aanbevolen om een bepaling in hun subsidiebeschikking op te nemen om er zeker van te zijn dat bovengenoemde drempelbedragen niet overschreden worden.

Gevolgen handelsverkeer en mededinging

Steun voor het restaureren en conserveren van monumenten is bedoeld voor een zeer specifieke categorie projecten, die zonder staatssteun niet haalbaar zou zijn. De gevolgen voor het handelsverkeer en de mededinging zijn niet schadelijk indien de begunstigden actief zijn op de lokale markt of als de concurrentie met vastgoedondernemingen zeer beperkt is. De begunstigden op de markt van verhuur van monumenten moeten overigens marktconform diensten aanbieden.

Jurisprudentie Cultuur en Monumenten

Investering van de gemeente Rotterdam in het Ahoy-complex

Europese Commissie tegen Nederland, 21 oktober 2008. Besluit C4/2008 (ex N 97/2007, ex CP 91/2007). Deze beschikking is interessant voor decentrale overheden die investeren in accommodaties voor culturele, sport- en recreatie-evenementen.De Europese Commissie keurde op 21 oktober 2008 een investering van € 42 miljoen van Rotterdam goed. De investering ging naar de renovatie en uitbreiding van het Sportpaleis, een onderdeel van Ahoy’. Onderzoek heeft uitgewezen dat de investering geen onrechtmatig voordeel toekent aan de exploitant van het complex of aan een andere onderneming. De overeenkomsten met Rotterdam zijn namelijk tegen marktvoorwaarden (MEIP) gesloten. Deze maatregel houdt geen staatssteun in.

Lees meer

National Institute of Music and Performing Arts

Europese Commissie tegen Spanje, 4 april 2011.  Besluit SA.32119 (2011/N). Spanje melde culturele activiteiten in de theater- en circussector direct aan op de cultuuruitzondering van het VWEU. Het National Institute of Music and Performing Arts (INAEM) stelde een subsidieregeling in voor artiesten in deze sector.

Lees meer

Schadevergoeding voor federale musea

Europese Commissie tegen Oostenrijk, 10 oktober 2007. Besluit NN50/2007. Deze regeling voorziet in overheidsgaranties die federale musea in staat stellen om tentoonstellingen te organiseren die ook door andere internationale, voor toeristen aantrekkelijke musea interessant kunnen zijn.

Lees meer

Staatssteun aan dans, muziek en dichtkunst en Baskische film staatssteunregeling

Europese Commissie tegen Spanje, 4 april 2011. Besluiten 32144 (N/2001) en SA.32585 (2011/N). In deze zaken over een steunregeling ten behoeve van theater, dans, muziek en audiovisuele activiteiten in Baskenland, stelt de Europese Commissie dat de genoemde activiteiten uitgeoefend kunnen worden door ondernemingen.

Lees meer

Nieuws Cultuur en Monumenten

Europese Commissie keurt steun aan Grieks museum goed

Voor decentrale overheden is het mogelijk steun aan een museum met een lokaal karakter te verlenen, zonder dat dit (verboden) staatssteun oplevert. Dit volgt uit een recente uitspraak van de Europese Commissie waarin zij oordeelt dat steun aan de bouw van een archeologisch museum op het Griekse eiland Kreta geen staatssteun behelst. De Commissie kwam tot deze conclusie omdat de steun geen ongunstige invloed heeft op het interstatelijke handelsverkeer. Dit is één van de vereisten om een maatregel als staatssteun te kunnen kwalificeren.
Lees het volledige bericht

Commissie presenteert nieuwe mededeling voor steun aan films en audiovisuele werken

De Europese Commissie heeft onlangs een nieuwe mededeling gepresenteerd voor steun aan films en audiovisuele werken. Hierdoor krijgen decentrale overheden meer ruimte om steun te verlenen aan producenten van films en andere audiovisuele werken. Naast steun voor producenten, zijn ook de mogelijkheden voor het steunen van scenarioschrijvers, filmfestivals, distributeurs en bioscopen vergroot.
Lees het volledige bericht

Op de hoogte in 10 stappen: Stap 1: de AGVV en cultuur

Zoals aangekondigd in de vorige Europese Ster, behandelt Europa decentraal in 10 stappen de belangrijkste voorstellen voor herziening van de staatssteunregels. Deze week starten we met de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) en steun voor cultuur en de instandhouding van cultureel erfgoed. Belangrijkste verandering is dat decentrale overheden dergelijke steun per 1 juli 2014 waarschijnlijk niet meer ter beoordeling bij de Commissie hoeven aan te melden: een kennisgeving is voldoende.

Lees het volledige bericht

Praktijkvragen Cultuur en Monumenten

Kan de DAEB-regelgeving worden toegepast voor steun aan een lokale publieke omroep?

Onze gemeente kent een publieke omroep, die onder meer de inwoners van de gemeente attendeert op kwesties van lokaal belang. De gemeente wil graag deze lokale publieke omroep financiële steun verlenen om dergelijke diensten (het attenderen van lokale kwesties) aan te kunnen (blijven) bieden. Is het dan bijvoorbeeld mogelijk de publieke omroep (voor bepaalde diensten) aan te wijzen als dienst van algemeen economisch belang (DAEB) om zo geoorloofd steun te kunnen verlenen? Zo ja, wat zijn dan eventuele gevolgen voor de omroep qua inkomsten uit reclame; mogen zij die dan nog steeds verkrijgen?

Bekijk het antwoord

Kan de gemeente staatssteunproof steun verlenen aan een orkest?

Onze gemeente heeft een subsidieaanvraag van een orkest ontvangen. Het orkest wil de aangevraagde subsidie aanwenden om een nieuwe en beter uitgeruste oefenruimte te huren. Gezien de culturele en maatschappelijke functie die het orkest vervult, wil de gemeente graag aan het subsidieverzoek van het orkest voldoen. De gemeente vraagt zich echter af of een dergelijke subsidie staatssteun oplevert en, zo ja, of de voorgenomen steun zogezegd ‘staatssteunproof’ kan worden verleend.

Bekijk het antwoord

Publicaties Cultuur en Monumenten

Cultuur

Informatiewijzer Staatssteun, Europa decentraal en ministerie van BZK
‘Pluk de vruchten van de interne markt’, Europa decentraal en Universiteit Utrecht, december 2011
‘1001 vragen over staatssteun’, Europa decentraal, 2008

Wet- en regelgeving Cultuur en Monumenten

Cultuur

Art. 107 lid 3d VWEU zondert cultuursteun uit van het staatssteunverbod. Steun om de cultuur en de instandhouding van het culturele erfgoed te bevorderen is verenigbaar met de interne markt.

Voorwaarden

Uit de beschikkingspraktijk van de Europese Commissie kunnen de volgende voorwaarden voor cultuursteun worden afgeleid:

– Voldoet de culturele instelling aan de definitie van onderneming en internationaal publiek, dan moet de staatssteun mogelijk worden gemeld. Heeft de instelling alleen lokaal bereik, dan is dat niet het geval;
– De Commissie past de cultuuruitzondering strikt toe. Een decentrale overheid moet daarom een goede onderbouwing van het cultureel belang van de steunmaatregel geven;
– Kruissubsidiëring met puur commerciële activiteiten moet voorkomen worden. Dat kan door een gescheiden boekhouding. Dit aspect wordt steeds relevanter. Culturele instellingen ontplooien steeds vaker commerciële (neven)activiteiten.

In de beschikking over steun aan het luchtvaartmuseum Aviodrome komen deze voorwaarden duidelijk naar voren (zie jurisprudentie).

Melding verplicht

Het voornemen om staatssteun aan cultuur te verlenen, moet vooraf gemeld worden bij de Commissie.

Uitzondering melding

De meldingsplicht is niet op alle culturele subsidies van toepassing. Cultuursubsidies zijn vaak bedoeld voor culturele instellingen die puur lokaal actief zijn of niet worden beschouwd als onderneming naar Europees recht. De subsidie voldoet in die gevallen niet aan alle criteria van het staatssteunverbod en kan worden verleend. Zie voor meer informatie over steun voor puur lokale activiteiten de pagina Grensoverschrijdend effect.