Visserijvrijstellings­verordening

Voldoet een steunmaatregel aan de vijf cumulatieve staatssteuncriteria, dan moet volgens de Europese staatssteunregels deze maatregel worden aangemeld bij de Europese Commissie (artikel 108, lid 3 VwEU). Een gemeente, provincie of waterschap kan echter onderzoeken of de steun mogelijk vrijgesteld kan worden van deze aanmeldingsplicht. Wordt er steun verleend in de visserij- of aquacultuursector? Dan kan de gemeente, provincie of waterschap mogelijk gebruik maken van de Visserijvrijstellingsverordening of VVV (Verordening (EU) nr. 1388/2014).

Maar wanneer kan voor steun aan deze sector de VVV toegepast worden? En welke voorwaarden worden er in deze Verordening gesteld? En als steun niet hoeft te worden gemeld bij de Europese Commissie, welke procedure dient er dan wel gevolgd te worden? Op deze pagina vindt u een antwoord op deze vragen.

Wanneer kan de VVV toegepast worden?

De VVV is, volgens artikel 1, lid 1 daarvan, van toepassing op steun aan kleine en middelgrote ondernemingen die actief zijn in de productie, de verwerking en de afzet van visserij- en aquacultuurproducten.

Volgens lid 2 is de Verordening ook van toepassing op steun die overeenkomstig artikel 44 voor het herstel van door natuurrampen veroorzaakte schade wordt toegekend aan ondernemingen die actief zijn in de productie, de verwerking en de afzet van visserij- en aquacultuurproducten, ongeacht de omvang van de onderneming van de begunstigde van de steun.

De VVV kan niet toegepast worden op steun voor projecten waarvan de subsidiabele kosten meer dan 2 miljoen euro bedragen of wanneer het steunbedrag meer dan 1 miljoen euro per begunstigde per jaar bedraagt, zo bepaalt artikel 2.

Welke voorwaarden stelt de VVV aan het verlenen van steun?

Om steun te verlenen op basis van één van de steuncategorieën uit de VVV dient er te worden voldaan aan de algemene voorwaarden van de VVV, die in hoofdstuk 1 zijn opgenomen, en aan de specifieke voorwaarden van het toepasselijke artikel uit hoofdstuk 3, zo bepaalt artikel 4. Steun onder de VVV kan in verschillende vormen toegepast worden, waaronder rentesubsidies, leningen en garantieregelingen. Zowel ad-hocsteun als steunregelingen kunnen staatssteunproof worden gemaakt met de VVV.

Artikel 4, lid 2 bepaalt tevens dat steunmaatregelen op grond van deze Verordening slechts worden vrijgesteld indien daarin uitdrukkelijk is bepaald dat de begunstigden van de steun tijdens de steunverleningsperiode de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moeten naleven en dat, als tijdens deze periode wordt geconstateerd dat zij dit niet doen, de steun moet worden terugbetaald in verhouding tot de ernst van de inbreuk.

Algemene voorwaarden

In hoofdstuk 1 van de VVV worden een aantal algemene voorwaarden genoemd waaraan steunverlening onder de VVV aan moet voldoen:

  • Steun is alleen toegestaan indien dit transparant is en kan worden toegepast zonder dat er een risicoanalyse hoeft te worden uitgevoerd. Een aantal categorieën wordt hoe dan ook als transparant beschouwd (artikel 5);
  • Bij de meeste vormen van steunverlening moet er sprake zijn van een stimulerend effect (artikel 6). Steun wordt geacht een stimulerend effect te hebben wanneer de begunstigde ervan, voordat de werkzaamheden aan het project of de activiteit aanvangen, bij de betrokken lidstaat een schriftelijke steunaanvraag heeft ingediend;
  • Er wordt uitgegaan van brutobedragen, dus voor aftrek van de belasting. In het geval er geen sprake is van een subsidie moet het brutosubsidie-equivalent (BSE) gebruikt worden (artikel 7). Voor bijzondere vormen van steun gelden nog overige voorwaarden die in dit artikel zijn terug te vinden. Voor het berekenen van het steunelement kan gebruik worden gemaakt van de Staatssteun Calculator van Kenniscentrum Europa decentraal;
  • De decentrale overheid dient rekening te houden met cumulatie (artikel 8). Als er voor dezelfde kosten steun is toegekend door bijvoorbeeld andere overheden, dan mag het totale bedrag het toepasselijke plafond niet overschrijden;
  • Er mag geen steun worden verleend aan ondernemingen in financiële moeilijkheden (artikel 1, lid 2, sub d);
  • Er mag geen steun worden verleend aan ondernemingen waarbij er een bevel tot terugvordering uitstaat (artikel 1, lid 2 sub e, Deggendorf-clausule).

Procedurele voorwaarden

De volgende procedurele voorwaarden gelden voor het verlenen van steun op grond van de VVV:

  • Termijnen
    Onder de VVV moet steun tien werkdagen vóór de datum van de verlening van de adhoc-steun of de inwerkingtreding van de steunregeling worden kennisgegeven (artikel 9). Kenniscentrum Europa decentraal ondersteunt, in opdracht van het ministerie van BZK, provincies en gemeenten bij het doen van een kennisgevingsprocedure;
  • Clausules
    In de steunregelingen en beschikkingen van ad-hocsteunmaatregelen moet de zogenaamde ‘Deggendorf-clausule’ worden opgenomen. Hierin wordt betaling van steun aan een onderneming uitgesloten wanneer eerdere steun onrechtmatig en onverenigbaar is verklaard met de interne markt (artikel 1, lid 2, sub e). Tegen de onderneming is in dit geval een terugvorderingsbevel gegeven. Ontbreekt deze clausule, dan kan er geen beroep gedaan worden op de VVV;
  • Publicatie
    Bij de inwerkingtreding van een steunmaatregel, moet de decentrale overheid de tekst van de steunmaatregel op haar website of digitaal publicatieblad publiceren. Dat geldt ook voor beschikkingen van ad-hocsteun (artikel 9);
  • Verslaglegging
    Decentrale overheden moeten over een periode van tien jaar een dossier bijhouden over steunmaatregelen die onder de VVV worden gebracht (artikel 13);
  • Rapportage
    Verder moeten decentrale overheden jaarlijks over de uitgaven rapporteren(artikel 12);
  • Transparantie
    In het kader van transparantie moet bij steunverlening op grond van een beschikking of een regeling, waarbij de drempels worden overschreden die in artikel 9, lid 2, sub c zijn vastgelegd, de aanvullende gegevens genoemd in bijlage III eveneens gepubliceerd worden. Hiervoor kan gebruik worden gemaakt van de transparency aid module(TAM);
  • Verwijzing

Wanneer er van de VVV gebruik gemaakt wordt, moet expliciet worden verwezen naar het Publicatieblad van de Europese Unie (artikel 9, lid 5). Concreet wil dit zeggen dat in de subsidieregeling of ad-hocbeschikking het volgende moet worden vermeld: Verordening (EU) nr. 702/2014 van de Commissie van 25 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard, PBEU L193/1 van 1.7.214.

Specifieke voorwaarden

Steunverlening onder de VVV dient vervolgens ook te voldoen aan de specifieke voorwaarden gesteld in de toepasselijke bepaling uit de VVV. Voor iedere categorie gelden afzonderlijke bepalingen ten aanzien van de steunintensiteiten, de hoogte van de steun en de criteria waaraan moet worden voldaan.

Welke procedure dient er te worden gevolgd bij steunverlening op grond van de VVV?

Steunmaatregelen die onder de VVV vallen, hoeven niet ter goedkeuring gemeld te worden bij de Commissie. Kennisgeving en rapportage zijn echter wel verplicht. Uiterlijk tien werkdagen voordat de steunmaatregel in werking treedt of verleend wordt, moet de kennisgeving bij de Europese Commissie zijn afgerond. Als een gemeente of provincie tot de conclusie komt dat steun verleend kan worden op grond van de VVV en er een kennisgevingsprocedure gestart moet worden, moet er contact worden opgenomen met Kenniscentrum Europa decentraal.

Europese Commissie verlengt vrijstellings­verordeningen staatssteun: Wat zijn de gevolgen voor nieuwe en bestaande kennisgevingen?

Meer weten over de Visserijvrijstellingsverordening?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en heeft u een vraag over de Visserijvrijstellingsverordening? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG