Leningen
Decentrale overheden kunnen leningen verstrekken aan ondernemingen. Wanneer een lening onder gunstige voorwaarden wordt verstrekt, kan er sprake zijn van ongeoorloofde staatssteun.
Decentrale overheden die steun willen verlenen, moeten rekening houden met de staatssteunregels. De Europese Unie (EU) wil gelijke concurrentievoorwaarden scheppen voor alle ondernemingen op de interne markt. Vanwege de mogelijke verstoring van de mededinging op de Europese markt, is staatssteun in principe verboden. Er gelden echter vele uitzonderingen op het staatssteunverbod.
Decentrale overheden kunnen leningen verstrekken aan ondernemingen. Wanneer een lening onder gunstige voorwaarden wordt verstrekt, kan er sprake zijn van ongeoorloofde staatssteun.
Een decentrale overheid kan een onderneming steunen door middel van een garantie. De overheid staat garant voor de lening die is afgesloten bij een investeerder. Evenals andere transacties kunnen door overheidsinstanties verstrekte garanties staatssteun behelzen indien deze niet op marktvoorwaarden plaatsvinden.
In het kader van duurzaam financieren kunnen decentrale overheden ook steun verlenen in de vorm van een ‘revolving fund’ of revolverend fonds. Bij een revolverend fonds is er sprake van een constructie waarbij financiële middelen beschikbaar worden gesteld in een zodanige vorm dat de middelen terugbetaald dienen te worden en er rente betaald moet worden over de middelen.
Decentrale overheden die reddings- en herstructureringssteun aan ondernemingen in moeilijkheden willen verlenen, moeten rekening houden met de Richtsnoeren voor reddings- en herstructureringssteun aan niet-financiële ondernemingen in moeilijkheden.
Wilt uw overheidsorganisatie aan een school subsidie verlenen voor het moderniseren van het schoolgebouw? Geeft uw overheidsorganisatie subsidie aan een onderneming om een bepaalde cursus aan te bieden aan haar werknemers? Dan is het van belang dat uw overheidsorganisatie voorafgaand aan de steunverlening toetst of er sprake is van staatssteun.
Decentrale overheden kunnen bij het verlenen van overheidssteun voor onderzoeksprojecten, innovatieve plannen en het ontwikkelen van prototypes te maken krijgen met de Europese staatssteunregels voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie (O&O&I).
Op basis van de Europese staatssteunregels is het mogelijk om steun te verlenen aan ondernemingen die zich bevinden in regio’s met een economische achterstand. Om welke regio’s het gaat, is […]
De Europese Unie beschikt over een rijk en divers cultureel aanbod en erfgoed. Op grond van artikel 167, lid 1, VWEU dient de Unie bij te dragen aan ‘de ontplooiing van de culturen van de lidstaten onder eerbiediging van de nationale en regionale verscheidenheid van die culturen, maar tegelijk ook de nadruk leggend op het gemeenschappelijk cultureel erfgoed’.
Wilt u als decentrale overheid een relatief laag steunbedrag verlenen aan een onderneming? Afhankelijk van de hoogte van het steunbedrag en de betrokken sector, kunnen decentrale overheden steun verlenen op basis van een van de drie de-minimisverordeningen.
Om van staatssteun te kunnen spreken, moet een maatregel toerekenbaar zijn aan de staat en (zijdelings) worden bekostigd met staatsmiddelen. Steunmaatregelen die decentrale overheden financieren, omvatten staatsmiddelen en kunnen in de meeste gevallen worden toegerekend aan de staat.
Het vierde criterium waar aan moet worden voldaan om van ‘staatssteun’ te spreken, is selectiviteit. Om aan dit criterium te voldoen, moet een overheidsmaatregel ‘bepaalde ondernemingen of bepaalde producties’ begunstigen. Wanneer is er sprake van selectiviteit?
Levert de steunmaatregel een economisch voordeel op voor een onderneming? Alleen dan zijn de staatsteunregels van toepassing. Gaat een decentrale overheid op marktconforme wijze een transactie aan met een onderneming? Dan is staatssteun uitgesloten.