Uitvoeringswet AVG aangenomen door Eerste Kamer

16 mei 2018Informatiemaatschappij, Justitie, vrijheid en veiligheid

De Eerste Kamer heeft op 15 mei 2018 de Nederlandse Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming aangenomen. Half maart stemde de Tweede Kamer al in met de Uitvoeringswet. Na ondertekening zal de wet in het Staatsblad worden gepubliceerd en naar verwachting door koninklijk besluit per 25 mei 2018 in werking treden. De Uitvoeringswet is dan door Nederland op tijd aangenomen voor de Europese Algemene verordening gegevensbescherming op diezelfde datum van toepassing wordt.

Wat regelt de Uitvoeringswet AVG?

De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is een Europese verordening. Dit betekent dat decentrale overheden en betrokkenen rechtstreeks aan de regels gebonden zijn en zich ook direct op de bepalingen kunnen beroepen. In tegenstelling tot een richtlijn hoeft een verordening niet te worden omgezet in nationale wetgeving. De AVG biedt, net als de meeste Europese verordeningen, de lidstaten echter nog wel ruimte om bepaalde keuzes te maken. In Nederland zijn deze uitgewerkt in de Uitvoeringswet AVG, waarmee ook de huidige Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) zal worden ingetrokken. Over het conceptwetsvoorstel van deze uitvoeringswet kunt u in dit nieuwsbericht meer lezen.

Het wetsproces

Het wetsvoorstel voor de Nederlandse Uitvoeringswet AVG is in december 2017 bij de Tweede Kamer ingediend. Naar aanleiding van vragen van Kamerleden is het wetsvoorstel twee keer gewijzigd. Bij de stemming van de Tweede Kamer op 13 maart 2018 zijn twee amendementen en vier moties aangenomen en is een motie overgenomen. Het eerste amendement neemt een bepaling in de Uitvoeringswet op waarin de AP wordt aangespoord om bij de toepassing van de AVG rekening te houden met kleine ondernemingen. Het tweede amendement heeft tot gevolg dat het College van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) altijd uit drie leden moet bestaan. Middels de vier moties wordt de regering bijvoorbeeld gevraagd om een half jaar na inwerkingtreding van de UAVG te rapporteren over verschillende onderwerpen, waaronder de eerste ervaringen met de behandeling van individuele klachten door de AP en de verwerking van gezondheidsgegevens van werknemers in geval van ziekte.

Na de beantwoording van vragen van Eerste Kamerleden achtte de Eerste Kamercommissie J&V het wetsvoorstel van de Uitvoeringswet AVG op 24 april 2018 als voldoende voorbereid. Bij de plenaire vergadering van 15 mei is het wetsvoorstel daarom zonder stemming (bij hamerstuk) aanvaard. De fractie van de PVV is daarbij aantekening verleend. Met het vragen van aantekening kunnen leden aangeven dat zij tegen een wetsvoorstel zouden hebben gestemd als er wel een stemming zou hebben plaatsgevonden.

Bij de eerdere behandeling in de Tweede Kamer heeft minister Dekker voor Rechtsbescherming aangegeven dat de regering prioriteit heeft gegeven aan het tijdig aannemen van de Uitvoeringswet. Daarom is gekozen voor een beleidsneutrale implementatie. Dit houdt in dat het huidige beschermingsniveau van de Wbp is gehandhaafd, waar de AVG hier de ruimte voor biedt. Het is echter goed mogelijk dat de Uitvoeringswet op bepaalde punten verbeterd kan worden ten opzichte van de Wbp. Om deze reden heeft de regering een motie van Tweede Kamerleden overgenomen. Binnen een half jaar na inwerkingtreding van de AVG en Uitvoeringswet zal de regering daarom de Tweede Kamer berichten over de uitwerking van de wetgeving ten opzichte van in elk geval elf punten. Ook moet hierbij worden ingegaan op eventuele voornemens voor verbetering van de wet.

Voortgang Europese lidstaten

In januari 2018 gaf de Europese Commissie aan dat nog maar twee lidstaten het vereiste nationaal wettelijk kader ten uitvoering van de AVG hadden vastgesteld. Met de aanname in de Eerste Kamer van de Uitvoeringswet voegt Nederland zich bij de lidstaten die naar verwachting de benodigde wetgeving voor de deadline van 25 mei 2018 op orde hebben. Bij een aantal lidstaten was in februari 2018 echter zelfs nog geen definitief voorstel voor de wetgeving bekend. Hoewel de AVG per 25 mei in deze landen wel van toepassing is, is een nationale Uitvoeringswet noodzakelijk voor de uniforme toepassing van het gegevensbeschermingskader in Europa. Middels de Uitvoeringswet wordt bijvoorbeeld de nationale toezichthouder aangewezen en zijn bevoegdheden uitgebreid.

Aanpassingswet AVG

Naast de Uitvoeringswet AVG heeft het Kabinet op 16 april 2018 een wetsvoorstel voor de Aanpassingswet AVG ingediend. Dit wetsvoorstel heeft onder meer ten doel ongeveer 40 bestaande wetten te wijzigen zodat ze correct verwijzen naar de AVG in plaats van naar de Wbp. Daarnaast worden in de Aanpassingswet bepaalde artikelen uit de AVG niet van toepassing verklaard op wetten zoals de Wet basisregistratie personen en de Kieswet. Het wetsvoorstel voor de Aanpassingswet AVG wordt op 17 mei 2018 behandeld in de Tweede Kamer.

Door:

Matthijs Binnema en Juliëtte Fredriksz, Europa decentraal

Bron:

Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming, Eerste Kamer

Meer informatie:

Algemene Verordening Gegevensbescherming, Europa decentraal
Wetsvoorstel Uitvoeringswet AVG (gewijzigd voorstel van wet, 13 maart 2018)
Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming, Tweede Kamer
Eindverslag van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid, Eerste Kamer
Vragen Eerste Kamer – Memorie van antwoord S. Dekker, Eerste Kamer
Tweede Kamer neemt Uitvoeringswet AVG aan, Nieuwsbericht Europa decentraal
Nieuw voorstel voor Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming gepubliceerd, Europa decentraal
Aanpassingswet Algemene verordening gegevensbescherming, Tweede Kamer

X