Zoeken
Staatssteun
Subonderwerpen

Regionale steun

Decentrale overheden die op de regionale steunkaart staan, kunnen achterstandsregio’s steun geven ter bevordering van de economische ontwikkeling. Volgens het VWEU (art. 107 lid 3a en c) is deze staatssteun verenigbaar met de gemeenschappelijke markt. De steun kan worden toegekend in de vorm van investeringssteun of exploitatiesteun aan ondernemingen in de achterstandsregio’s.

Staatssteunrichtsnoeren

De Europese Commissie heeft op 19 april 2021 nieuwe staatssteunrichtsnoeren gepubliceerd voor steun aan regionale ontwikkeling in achterstandsgebieden. Deze treden in werking op 1 januari 2022. Tot 31 december 2021 blijven de Richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen 2014-2020 van kracht.

Belangrijkste veranderingen 2022-2027

De belangrijkste veranderingen zijn dat het totale maximale deel van het bevolkingsaandeel van steungebieden met het vertrek van het Verenigd Koninkrijk is verhoogd van 47% naar 48%. Het bevolkingsaandeel vormt één van de criteria voor het afbakenen van de steungebieden. Daarnaast zijn de maximale steunintensiteiten verhoogd ter ondersteuning van de doelstellingen van de Green Deal en de digitale strategie. Ook zijn de maximale steunintensiteiten voor verschillende begunstigden verhoogd, waaronder de steunintensiteit voor verafgelegen (‘ultraperifere’) gebieden, grensregio’s en gebieden die kampen met bevolkingskrimp. Lees meer hierover in dit artikel.

Regels

De regels voor steun aan achterstandsregio’s staan in de Algemene Groepsvrijstellingsverordening en de Richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen.

Regionale steunkaart

De Nederlandse regionale steunkaart geeft aan welke regio’s in aanmerking komen voor regionale steun. De steunkaart wordt vastgesteld op basis van de richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen. De regionale steunkaart 2014 – 2020 is vastgesteld op basis van de Richtsnoeren inzake regionale steunmaatregelen 2014-2020. De Europese Commissie heeft eind 2020 besloten de Nederlandse steunkaart voor 2014-2020 te verlengen tot en met 31 december 2021. De regionale steunkaart voor de periode 2022-2027 dient in 2021 te worden voorgelegd aan de Commissie voor goedkeuring.

Maximale steun

Op de regionale steunkaarten staan de maximale toegestane steunintensiteiten per regio. Aan kleine ondernemingen kunnen de steunintensiteiten met maximaal 20% worden verhoogd en aan middelgrote ondernemingen met maximaal 10%.

Meer weten over dit onderwerp?

Werkt u voor een decentrale overheid of het Rijk en hebt u een vraag over dit onderwerp? Neem dan contact op met de helpdesk van Europa decentraal:

STEL UW VRAAG

Nieuws Regionale steun

Aanleg recreatieve jachthaven infrastructuur geen staatssteun

Steun voor de aanleg van infrastructuur voor recreatief gebruik in de jachthaven van Leixões (Portugal) houdt geen staatssteun in. Dit oordeelde de Commissie in een in februari 2016 verschenen besluit. De steun heeft volgens de Commissie namelijk hooguit een marginaal effect op het handelsverkeer tussen de lidstaten. Steun voor de aanleg van een cruiseschip terminal leverde volgens de Commissie wel, overigens verenigbare, staatssteun op.
Lees het volledige bericht

Nieuwe staatssteunrichtsnoeren goedgekeurd door de Europese Commissie

Decentrale overheden die vanaf 1 juli 2014 ondernemingen in achtergebleven regio’s willen steunen krijgen te maken met nieuwe Europese regels. De Europese Commissie heeft op 19 juni een nieuw pakket staatssteunrichtsnoeren aangenomen die per 1 juli 2014 van kracht worden. Op sommige punten laten de richtsnoeren een verruiming van de mogelijkheden voor decentrale overheden, maar in Nederland zijn maar weinig regio’s die binnen de bepalingen van de richtsnoeren vallen.

Lees het volledige bericht

Nieuwe staatssteunrichtsnoeren bevordering regionale ontwikkeling

De Europese Commissie presenteert op 19 juni 2013 nieuwe staatssteunrichtsnoeren. Het doel hiervan is het bevorderen van de regionale ontwikkeling in achterstandsgebieden. Op dit moment is nog niet duidelijk of decentrale overheden in Nederland ook gebruik kunnen maken van de mogelijkheden die de richtsnoeren bieden. Dit hangt af van de eventuele verlenging/aanpassing van de regionale steunkaart.

Lees het volledige bericht

Publicaties Regionale steun

Wet- en regelgeving Regionale steun

Regionale steun wet- en regelgeving

In de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) en de Richtsnoeren regionale steunmaatregelen zijn de regels voor steun aan achterstandsregio’s opgenomen. Deze regels worden tot 30 juni 2014 toegepast op toegekende regionale steun. Per 1 juli 2014 treden de nieuwe AGVV en richtsnoeren in werking.

1. Algemene Groepsvrijstellingsverordening

De volgende steunvormen zijn volgens art. 13 en 14 AGVV verenigbaar met het VWEU:

– Regionale investering- en werkgelegenheidssteun;
– Regionale steun voor nieuw opgerichte kleine ondernemingen.

Voorwaarden

Als de steun aan onder andere de volgende voorwaarden voldoet, is het verenigbaar met het VWEU:

– De gegeven steun wordt verleend aan gebieden genoemd in de Regionale steunkaart;
– De investering moet minimaal vijf jaar behouden blijven voor de regio. Voor kleine of middelgrote ondernemingen (KMO’s) is dit drie jaar;
– De steunintensiteit mag de regionale steundrempel niet overschrijden;
– Steun voor nieuw opgerichte kleine ondernemingen is niet meer dan 2 miljoen euro. Komt de regio niet voor op de regionale steunkaart, is het maximale steunbedrag € 1 miljoen.

Overige voorwaarden leest u in de AGVV.

Decentrale overheden kunnen ad-hoc steun geven ter aanvulling van eerder toegekende regionale investering- en werkgelegenheidssteun. Deze steun mag niet meer dan 50% van de totale steun bedragen en moet voldoen aan de voorwaarden van de AGVV.

Reikwijdte

De AGVV is niet van toepassing op regionale steun ten behoeve van werkzaamheden in de:

– IJzer- en staalindustrie;
– Scheepsbouwsector;
– Synthetische vezelindustrie;
– Specifieke economische sectoren in de bewerkende en verwerkende industrie of dienstsector (toerisme, breedbandinfrastructuur en de verwerking en verkoop van landbouwproducten wordt niet geacht te zijn gericht op specifieke sectoren).

2. Richtsnoeren regionale staatssteun

De Richtsnoeren regionale steunmaatregelen bevatten bepalingen over:

– Investeringssteun voor materiële activa (bijvoorbeeld grond, gebouwen en installaties);
– Investeringssteun voor immateriële activa (bijvoorbeeld technologieoverdracht);
– Steun voor nieuw opgerichte kleine ondernemingen;
– Steun voor werkgelegenheidsgroei.

Reikwijdte

De richtsnoeren zijn niet van toepassing op de sector visserij en de kolenindustrie. In de landbouwsector gelden deze richtsnoeren niet voor de productie van landbouwproducten in de zin van Bijlage I VWEU. Zij gelden wel voor de verwerking en de afzet van deze producten, voor zover dat vastgelegd is in de communautaire richtsnoeren voor staatssteun in de landbouwsector.

Voor steun aan vervoer en de scheepsbouw geldt hiernaast sectorspecifieke regelgeving. De bepalingen uit de richtlijn over exploitatiesteun, die is bedoeld om de lopende kosten van een onderneming te dekken, zijn niet van toepassing op Nederlandse steunkaartgebieden.

Voorwaarden

In de richtsnoeren zijn bepalingen uit de multisectorale kaderregeling voor grote investeringsprojecten opgenomen. Van een groot investeringsproject is sprake als de voor steun in aanmerking komende uitgaven minimaal € 50 miljoen zijn.

Melden en notificeren

Staatssteun die volgens de richtsnoeren is vormgegeven, moet vooraf gemeld worden bij de Commissie. Steunmaatregelen die voldoen aan de voorwaarden van de AGVV volstaan met een kennisgeving. Voor regionale steun kunnen deze meldingsformulieren gebruikt worden.